Weblog maken?


MaakEenWebsite.nl (tip)
Totaal slechts 10 euro per maand incl. domeinnaam en gratis overzetten van uw bestaande weblog bij Bloggers.nl 100 MB ruimte
emailadres
Lees meer..... en bestel
Gratis geld verdienen met e-mails lezen? Meld je aan bij
Zinngeld, Surfrace, Qassa en Euroclix !

Op zoek naar God?

Anneliefs

Life is what happens to you while you're busy making other plans...

Niet zeiken maar doen

Mijn verhuizing is een feit. Het was een fluitje van een cent. Inmiddels zit er zelfs al wat behang tegen de muur. Om jullie naar mijn nieuwe onderkomen te lokken, heb ik er speciaal wat ontboezemingen op geplaatst. Van die dingen die niemand van mij weet. Ik ben me ervan bewust dat alles wat ik vertel tegen mij gebruikt kan (en zál) worden, maar dat neem ik dan maar voor lief.

Dus kom gerust regelmatig langs op mijn nieuwe weblog, want ik hou enorm van bezoek! De thee en de koffie staan al te prutten.

Pas het ook even aan in je favorieten. Voor de duidelijkheid: http://www.anneliefs.blogspot.com. Zo, en nu staat de link hier al twee keer, dus het kan niet mislukken lijkt mij.

We zien elkaar daar!

Verhuisplannen (2)

Who needs Maurice de Hond when you have Anne?

Dank voor alle reacties op mijn mini-enquete! En vooral ook dank voor de veren die julie en passent in mijn bips hebben gestoken. Ik kan jullie vertellen: dat zit heerlijk zacht.

Ik heb de antwoorden de afgelopen dagen ens goed op me in laten werken. We zijn het er met z'n allen over eens dat de uitstraling van mijn blog momenteel niet echt jofel is. Dat bevestigde mijn eigen mening in dezen. Plaatjes blijken niet gemist te worden en last but not least: jullie verhuizen allemaal met me mee! 

Eén respondent wil ik nog even in het bijzonder highlighten, namelijk Jan. Hij gaf enkele doorslaggevende argumenten. Ten eerste over het gebruik van plaatjes - dat je dat toch ook niet doet als je een roman gaat schrijven. Kijk, dan heb je me dus te pakken, want een roman schrijven staat nog hoog op mijn to do list en inderdaad: daar hoeven geen plaatjes in. Het wordt een roman, geen prentenboek. Ten tweede merkte hij iets op over het doorlinken vanaf bloggers naar pornosites. Dat is natuurlijk niets voor 'ons soort mensen'. Ik hou me daar het liefst verre van. In mijn hele leven heb ik één keer een poging gedaan tot het kijken van een pornofilm en toen viel ik in slaap. Het was een film, zoals Acda (van De Munnik) het eens zei: "waarin je een dikbuikige Griek op tennissokken een bos schaamhaar te lijf ziet gaan, waarachter hij kennelijk een vrouw schijnt te vermoeden..." Dat deed mij hoegenaamd niks en ik wil er derhalve op geen enkele manier mee in verband worden gebracht.

Op basis van de uitkomsten van mijn onderzoekje heb ik nu dus besloten om mijn virtuele verhuizing inderdaad door te gaan zetten. Ik heb al een nieuw 'huis' gevonden. Ik wacht nog wel even met het doorgeven van de adreswijziging, want er staat nu nog geen barst op die nieuwe blog. Ik wil eerst even beginnen met de inrichting en dan zet ik hier een officieel verhuisbericht neer.

Tot slot nog even over de verloting. Ik zou met veel liefde en plezier het cadeautje willen toekennen aan Jan. Wegens doorslaggevende argumentatie en natuurlijk ook om de familiebanden warm te houden. Dat is een belangrijk iets. Het brengt alleen wat logistieke rompslomp met zich mee om het niet nader gedefinieerde object in huize Jan te krijgen. Hier wordt nog over nagedacht.

Nader bericht volgt!

Verhuisplannen

In een hoekje van mijn hoofd is het idee ontstaan om te verhuizen. Voordat jullie nu gaan roepen van: “Jij bent écht raar!” en “Krijg je daar nou nooit genoeg van?” zal ik dit plan even wat nader specificeren. Het gaat niet om een échte verhuizing met dozen en busjes en huilbuien. Wees gerust. Mijn huis, mijn verhuisploeg en ikzelf zijn allemaal nog druk bezig met het bijkomen van mijn vorige move. Sterker nog: er loopt nog een innovatietraject voor mijn appartementje, iets met plankjes. Dus ik kán daar nog helemaal niet weg, want ik heb het nog niet optimaal bewoond.

 

Neen, waar ik op zinspeel is een virtuele verhuizing. Ik wil mijn blog in een doos stoppen en die doos dan versjouwen naar een andere blogsite en hem daar weer uitpakken. De reden daarvoor is dat ik mijn huidige blog toch wel een gevalletje ‘bordkarton’ vind. Bovendien zou het wel aardig zijn als ik zo nu en dan eens een plaatje of een foto zou kunnen neerpoten. Na twee jaar bij bloggers ben ik gewoon weer toe aan iets nieuws.

Uit het oogpunt van jurisprudentie wil ik wel graag jullie mening over deze kwestie. Nu kan ik best een kwalitatieve enquête opstellen en die verspreiden onder mijn lezers. Na de sluitingsdatum kan ik de binnengekomen reacties statistisch weergeven en aan de hand daarvan mijn eigen conclusies en aanbevelingen schrijven. Maar dat vind ik zo’n gedoe, zeker gezien het feit dat mijn lezerspubliek deels anoniem is. Dus dat gaat ‘m niet worden. Daarom vraag ik maar gewoon om jullie reacties alhier. De vragen die ik graag beantwoord zou zien:


1. Hoe zouden jullie mijn huidige blog typeren als het gaat om “vormgeving” en “uitstraling”?

2. Is er behoefte aan illustratieve ondersteuning van mijn schrijfsels?

3. Verhuizen jullie mee?

 

Reageren kan in de comments. Onder de niet-anonieme inzenders verloot ik een leuk hebbeding (ter stimulatie van deelname aan dit onderzoek).  

Diefje met verlos

Veel vrouwen hebben een schoenentic. Ik ontbeer dat, maar ik ben gezegend met een lingerie-fetisj. Ik ben gek op lingerie, heb dus ook grote hoeveelheden in een mandje liggen en ik breid mijn collectie regelmatig uit.

Zo ook afgelopen woensdag. Tegen sluitingstijd liep ik nog even bij Esprit naar binnen en stuitte daar op een prachtig zwart setje waar bij wijze van spreken met grote letters mijn naam op stond. Die moest ik hebben! Dus ik naar de kassa om af te rekenen en verguld met mijn nieuwe aanwinst liep ik even later de winkel uit. Thuisgekomen haalde ik de aankoop uit het zakje en keek er toen enigszins beteuterd naar. De verkoopster was vergeten om die grijze beveiligingsdingen eraf te halen.

Gisteren ging ik dus maar weer naar Esprit. Nu hou ik er wel van om af en toe even iets uit te proberen en een beetje "on the edge" te leven, dus ik ging niet gewoon mijn verhaal doen. Nee, ik liep de winkel binnen, het alarm begon te loeien, een verkoper kwam naar me toe en vroeg me of ik toevallig net iets gekocht had ergens. Toen ontspon zich het volgende gesprek:

Ik: "Nou kijk, eigenlijk zit het zo. Vorige week heb ik dit hier gejat, maar ik vind het toch niet zo lekker zitten met die harde labels."
Hij: "Gejat?"
Ik: "Jaha."
Hij: "Juist. Zit het bonnetje erbij?"
Ik (zuchtend): "Ja."

Wat heeft mevrouw Stemband nu geleerd?
1. Ik ben geen geloofwaardige winkeldief
2. Ik ben ook nog eens een slechte leugenaar.

De beveiligingsdingen zijn er nu wel vanaf, dat is dan wel weer gunstig. Maar als ik wat meer spanning in mijn leven wil brengen, moet ik het duidelijk in een andere hoek zoeken dan in die van ladelichter.

Al begrijp ik nu wel weer wat beter waarom lingerie soms omschreven wordt als 'spannend'.

Hanneke

Soms word je ineens met je neus op de feiten gedrukt. Dan wordt alles relatief en dan telt er eigenlijk vooral nog één ding. Vandaag gebeurde dat bij mij. Want vandaag hoorde ik dat Hanneke is overleden.

Hanneke, de “afdelingsmoeder” van SSB. Hanneke, één van de leukste mensen die ik heb mogen kennen. Ze was ziek, heel erg ziek, en misschien is het daarom maar beter zo. Misschien. Maar het is vooral erg verdrietig. Ik hield er wel rekening mee dat dit kon gaan gebeuren, maar toch komt de klap nog onverwacht. “Niet nu al…” zette ik net in een sms en in een mail. Er leek nog tijd te zijn. Maar nee… toch niet…

Ik ben blij dat ik Hanneke gekend heb. Anders zou ik de Fleur Op bloemist nooit de “Pleur Op” zijn gaan noemen, wat toch een woordspeling is die ik niet graag had willen missen. Bovendien zou ik dan vorig jaar regelmatig een paar armen om me heen zijn misgelopen, die ik toen nodig had en die Hanneke steeds op het juiste moment om me heen sloeg. Dat ik mijn armen niet meer om haar heen heb kunnen slaan is wrang, maar ze weet wel dat ik veel aan haar gedacht heb de laatste maanden.

Wat zijn dat toch voor rotgeintjes van het lot, of God, of wie-of-wat-dan-ook, dat altijd de liefste mensen uit je leven verdwijnen?

Lieve Hanneke, bedankt voor wie je was.
Ik zal je nooit vergeten.

Koning Midas: de ontknoping

Nee.
Ik heb geen huis gekocht. Er is geen trouwpartij op handen. Ik ben zelfs niet verliefd (de status-quo van mijn liefdesleven is zó complex dat ik het zelf niet eens meer snap) en ik ben ook geen Albert Heijn hamsters gaan fokken. Dank voor al deze suggesties, maar jullie hebben het allemaal mis.

Bovenal – en daar wil ik graag een officieel statement van maken – ben ik Niet Zwanger. Ik weet niet waarom deze suggestie zo massaal werd aangedragen maar er schuilt niks in mij dat ook maar in de verste verte op een embryo lijkt of daar binnen nu en afzienbare tijd op gáát lijken. Niks! Als je iets hoort rammelen als ik je passeer dan zijn dat niet mijn eierstokken, maar gewoon mijn op elkaar kletterende gewrichtsdelen. Bovendien had ik in mijn laatste update gewag gemaakt van een fles champagne en als je zwanger bent staat dat drankje op de blacklist. Dus hoe komen jullie erbij dat ik mijzelf zou gaan reproduceren? Kan iemand mij dat uitleggen?

Inmiddels zijn de resterende twee gesprekken met succes gevoerd en heb ik die vooraangekondigde fles champagne nog niet in huis. Dat actiepunt staat morgen hoog op mijn prioriteitenlijstje. De ontknoping van het Koning Midas mysterie, de reden dat ik het gevoel heb dat álles mij lukt, is….

(tromgeroffel)

Ik Heb Een Nieuwe Baan!!!

(einde tromgeroffel, nu zo’n confetti-explosie en een feestband)

 

En ik ben daar zo verschrikkelijk blij mee! Want in mijn huidige baan word ik langzaam maar zeker ongelukkig en krijg ik steeds meer het gevoel alsof ik met een roltoeter een crematie op moet fleuren. Onbegonnen werk, overdrachtelijk gezien dan.

Dus met ingang van 1 januari 2009 word ik weer ambtenaar, ditmaal bij de gemeente Rijswijk. Ik kan niet wachten! En ik ben trots op het feit dat ik maar één sollicitatiebrief heb hoeven versturen om een nieuwe job te scoren. Dan ben je goed bezig, zeg nou zelf.

Over de situatie op mijn huidige werk laat ik nog niet teveel los. Ik heb gemerkt dat cliffhangers een goede vorm van lezersbinding zijn, dus ik beloof jullie dat ik nog een keer ga leeglopen over de toestanden in Rotterdam. Een tipje van de sluier: “Captain Iglooo!”

Hou mijn blog dus wederom in de gaten. Felicitaties en confetti mogen in de comments ;-)

Hart voor Huub

Afgelopen zaterdag was ik bij een concert van één van Neerlands beste bands:  De Dijk! Goede wijn behoeft geen krans, dus in feite kan ik volstaan met de mededeling dat Huub en consorten weer ouderwets goed waren. Maar door twee voorvallen kreeg de avond toch nog een blogwaardig karakter.

Ten eerste had ik weer eens te kampen met een fenomeen waar ik bij bijna elk concert mee te maken heb: de persoon voor mij. Iedereen die bij zo’n concert aanwezig is vind ik leuk en gezellig, maar degene voor mij is per definitie irritant of te lang, te springerig, voorzien van een te uitbundige coiffure, maar in elk geval nooit goed. Alleen als ik de persoon in kwestie ken, ben ik minder hard in mijn oordeel.
Bij De Dijk stond ik eerst achter twee compromismoeders die ook eens een avondje uit gingen. Aanvankelijk waren ze vooral druk met kwekken en om elkaars nek hangen, maar gaandeweg het concert kwam hun focus steeds meer bij Huub te liggen. Bij één van deze twee dames hoorde ook een meneer. Een lange meneer. Eerst stond hij gewoon waar hij stond en zong hij mee met De Dijk. Ik kon toen ook nog precies om hem heen kijken zodat ik geen last van hem had. Maar ineens kreeg hij de geest en zette hij zichzelf in zijn achteruit. Ik weet niet of hij het zelf in de gaten had, maar hij kwam steeds dichter bij ons staan en dreef Marjolein en mij uiteen. Eerst vond ik het vervelend, toen ging ik er maar grapjes over maken. Zo maakte ik achter de rug van de meneer het gebaar dat je ook maakt als je iemand helpt met achteruit inparkeren (“kom maar, kom maar, klein stukje nog…”). Daarna had ik de neiging om bij elke stap die de man nog achterwaarts zette “tuut tuut tuut” te gaan zeggen, zoals bij een achteruitrijdende vrachtwagen. Tenslotte merkte ik op dat we gewoon even geduld moesten hebben, omdat hij ons vanzelf ingehaald zou hebben en achter ons zou staan. Gelukkig had een andere meneer in de gaten wat er aan de hand was en hij herenigde Marjolein en mij door te zeggen dat we voor hem mochten komen staan. Dat was lief. Aan het eind van het concert stond de achteruitman drie rijen verder dan waar hij eerst stond.

Gelukkig gebeurde er ook nog iets dat de avond voor mij onvergetelijk maakte. Tijdens “Wat een vrouw” maakte ik met mijn handen een hartje naar Huub. Gewoon, omdat Huub sexappeal heeft en ons de hele tijd al stond te verleiden met zijn billen en omdat hij ook nog een mooi vrouwvriendelijk liedje zong. Dus ik maakte een hartje. En Huub zag dat! Daarop strekte hij zijn beide armen in mijn richting en trok een “Ach-gossie-toch-wat-lief”-gezicht. Naar mij! Ergo: ik had sjans met Huub van der Lubbe!

Dat ik de rest van het weekend heb lopen jubelen over dit succesje, dat mag duidelijk zijn. Nu is Huub weer alleen maar een man op de radio, maar toch voel ik wel een bepaalde verbintenis met hem sinds zaterdagavond.

En hij zingt het
En zo is het
Zo en niet anders
is het bedoeld
Om respect gaat het
en liefde
Het gaat alleen maar
om gevoel

Suikervrij

Sommige dingen zijn gewoon niet leuk.

Vanochtend, bijvoorbeeld, had ik een niet-leuke ervaring. Er zat namelijk zout in mijn cappuccino. Ik vond dat ik die cappuccino heel erg verdiende, vanwege kou en het feit dat ik nog maar half wakker was. Op het station ging ik naar het cappuccinoverkooppunt en daar had dus één of andere grapjas zout in de suikerstrooier gedaan.

Ik ontdekte het nog voordat ik in de trein stapte, want anders had ik er maar mooi mee gezeten. Nu nam ik twee slokken en dacht ik meteen: “Gadverdamme!!” Dus ik op mijn speciaal voor zulk soort akkefietjes ontworpen hoge poten terug naar het cappuccinoverkooppunt om verhaal en nieuwe cappuccino te halen. Gelukkig reageerden ze daar wel begripvol en kreeg ik een gratis nieuwe cappuccino mèt suiker en toen hadden mijn poten algauw weer hun normale lengte. Maar het was geen goed begin van de dag.

Koning Midas update: nog een week geduld! Een weekje maar, dat moet toch om door te komen zijn? In die week ga ik even wat laatste puntjes op i’s zetten en dan een fles champagne kopen en het geheimpje verklappen. Nog even geduld dus.

Knopen in draden, een queeste

Kerstverlichting en MP3-spelers, het is één pot nat. In mijn wereld wel tenminste.

Het is algemeen bekend dat kerstverlichting de onhebbelijke gewoonte heeft om in de knoop te raken. Niemand weet hoe dat kan, maar dat het gebeurt staat als een paal boven water. Op Driekoningen doe je de lampjes in de kerstdoos, gesystematiseerd en netjes, zonder knopen en draaien en gedoe. Als Sinterklaas nog niet koud de kont heeft gekeerd haal je de lichtjes weer tevoorschijn, en dan blijkt dat het zichzelf heeft omgevormd tot structuurloze kluwen draad en lampjes. Vervolgens ben je minimaal een uur aan het prutsen om de hele zooi weer uit elkaar te krijgen, dan moet die ellende nog de boom in en dan ben je afgepeigerd, zitten je haren en je sokken vol met dennennaalden en vervloek je alles wat met kerstboomverlichting te maken heeft. Daarom heb ik nooit een boom. Ik drapeer mijn lampjes gewoon ergens rond heen (het raamkozijn bijvoorbeeld) en dat scheelt in elk geval de  dennennaalden. Ik kan het iedereen aanbevelen.

Dan nu mijn MP3-speler. Ik heb een haat-liefdeverhouding met dat apparaatje. De haat zit ‘m erin dat mijn eerste MP3-speler klinisch dood is en de tweede regelmatig aan het levenselixer moet om functioneel te blijven. Die klinisch dode heeft af en toe nog een opleving, maar over het algemeen gaat hij ofwel aan en dan nooit meer uit (tenzij je de batterij eruit haalt), ofwel hij gaat niet eens aan en geeft een lichtshow cadeau waarvan je spontaan epilepsie zou krijgen. Er komt blauw flitslicht uit het ding en volgens de gebruiksaanwijzing kán dat niet eens. In beide gevallen komt er verrekte weinig muziek uit het ding, zelfs als hij wel aan is en niet meer uit wil.
De andere speler is piepklein en in principe heb ik er weinig over te klagen (behalve dan een heleboel tekortkomingen zoals dat hij geen schermpje heeft waarop ik kan zien welk liedje hij afspeelt, maar dan had ik maar wat kritischer moeten zijn bij het aankoopproces). Dit apparaatje heeft geen batterij maar moet via de USB-port in de computer worden opgeladen. Vervolgens is ie binnen de kortste keren weer leeg. Dat is niet handig. Maar in dat alles zit geen overeenkomst met kerstboomverlichting. Die overeenkomst heeft namelijk meer met het koptelefoontje te maken dan met de MP3-speler. Want altijd, altijd, hoe zorgvuldig ik het snoertje ook oprol of om mijn speler wikkel, raakt dat snoer in de knoop. Ik rol het snoertje keurig op, leg het ding op tafel, en als ik hem dan weer wil gebruiken dan *TSJAK!* 12 knopen. En dan heb ik dus niks geks gedaan hè. Het zijn niet eens zomaar knopen, maar echt inventieve creaties waarbij hogere wiskunde vereist is om ze er weer uit te krijgen.

Dit blogje heeft verder geen ontknoping, maar dat past wel in de context. Ik snap het gewoon niet en dat wilde ik alleen maar even zeggen. Bij deze.

Snot

Afgelopen zaterdag ben ik 24,5 geworden. Ik kreeg die dag een doos confetti thuisgestuurd, wat weliswaar niks met deze halfjaardag te maken had, maar er desalniettemin van getuigde dat mijn vrienden (Marjolein* in dit geval) weten hoe ze me blij moeten maken. Een fijne verrassing.  

Ook mijn eigen lichaam kan me, zelfs na 24,5 jaar, nog steeds verrassen. Zo wist ik tot vandaag werkelijk niet dat er zoveel snot in mijn hoofd paste. Als ik alle zakdoekjes die ik vandaag al gebruikt heb zou uitwringen, zou ik al een flinke knapzak vol hebben en nog steeds stromen mijn holtes na elke snuitpartij weer gestaag vol.

Ik ben nu naarstig op zoek naar een methode om dit kwaad zo snel en efficiënt mogelijk te bestrijden. Want geloof me: ik word niet gezelliger van zo’n verkoudheid. En als je naar me kijkt, zie ik er ook niet zo appetijtelijk uit als jullie van me gewend zijn. Ik lijk een beetje op Bassie door mijn rode neus. Mijn ogen staan ook wat lodderig en als ik zit te eten moet je al helemaal verhoeden dat je een blik op me werpt, want de aanblik is ronduit onsmakelijk. Omdat mijn neus namelijk volledig is afgesloten voor invloeden van buitenaf, krijg ik geen lucht tijdens het kauwen en als ik dan onverhoeds een iets te grote hap neem, moet ik halverwege het kauwproces even ademhalen omdat ik anders stik. Maar dan zit het te kauwen voedsel dus nog in mijn mond. Het is, zoals ik al zei, onsmakelijk. Net als het eten zelf, want alles heeft momenteel een nasmaak van snot.


Mijn vaste commentator UB46 suggereerde dat ik een ui op mijn bureau moest leggen. Maar dat meurt als een bunzing en ik denk dat mijn collegae dat niet zullen kunnen waarderen. Verder heb ik in de strijd tegen de verkoudheid momenteel slechts de beschikking over één doos Kleenex, drie mandarijntjes en zeven heel erg vieze eucalyptussnoepjes. Ik heb er een hard hoofd in dat dit een toereikende wapenrusting is, dus het blijft nog even afzien. Misschien dat ik straks bij de apotheek even een flesje neusspray ga halen en als ik vanavond thuis ben, ga ik mijn verkoudheid te lijf met een stoompotje en kamillosan.

Als iemand nog andere tips heeft om zo’n verkoudheid de kop in te drukken, dan hoor ik dat graag. Want het bevalt me niks, zo’n neus als een pulserende snotpuist, een instant spraakgebrek en de looks van een frauduleuze clown met lekkage.

Zoals ik net geheel terecht opmerkte: “Het komt me mijn neus uit.”
En neem dat maar letterlijk.  

*
Over Marjolein nog even dit: elke keer dat ik haar naam noem, mag je dat opvatten als sluikreclame voor haar bestaan. Dit geldt overigens ook voor anderen die ik hier noem. Zoals UB46 of Ella. Maar die is op vakantie en houdt om die reden zelf een blog bij (kijk maar), zodat ze mij kennelijk niet meer nodig heeft. Dat steekt, mensen. Echt.  

Wakker

Vannacht is me iets tamelijk bijzonders overkomen. Niet echt leuk, maar wel iets wat een mens echt maar één keer per jaar kan doen, waarbij het dan zelfs nog vrij lastig voor elkaar te krijgen is. Mij is het gelukt, ook al was het niet de bedoeling.
Ik heb in één nacht twee keer van twee tot drie wakker gelegen.

De klok ging natuurlijk naar de wintertijd en ik werd geheel tegen al mijn gewoontes in om iets voor twee uur wakker. Ik lag een tijdje in het donker om me heen te kijken. Ik moest plassen, maar wilde niet uit bed, dus ik wachtte af of het "moeten-plassen-gevoel" misschien vanzelf weer zou verdwijnen. Dat gebeurde natuurlijk niet. Dus ik ging toch maar even naar de WC en toen ik terug in bed kroop, veronderstelde ik dat ik wel weer in slaap zou vallen.

Om drie uur pakte ik mijn telefoon om de tijd maar een uurtje terug te zetten. Toen was het dus weer twee uur. Het was best een beetje raar om de klok buiten eerst half drie te horen slaan en daarna twee uur. Alsof hij achteruit liep. Ik kon nog steeds niet slapen en aangezien ik mijn telefoon toch in mijn handen had, besloot ik het nuttige met het onaangename te combineren en ging ik mijn SMS inbox redigeren. En daarna mijn outbox. En daarna was ik toch wel weer een beetje moe. Maar nog niet moe genoeg. Uiteindelijk duurde het tot even na drie (vier) uur voor ik weer in slaap kukelde. Mijn SMS inbox werd nog verrijkt met een nieuw SMS'je (ik hou van vrienden die gaan stappen), daar werd ik nog even wakker van, maar daarna heb ik toch nog heerlijk geslapen. Maar het blijft verwarrend dat één uur op de klok, twee uur in de praktijk kan zijn. Het is bijna knap om het zo uit te mikken dat ik precies op dát moment wakker was.

Maar om nou te zeggen: "Volgend jaar weer!"
Nou, nee. Zo leuk was het nou ook weer niet.

Vallen en Breken

Er hangen nieuwe posters in de abri’s op de stations. Ik denk dat ze van de bond tegen het vloeken zijn, want er staat op: “Als er een vloek valt, breekt er iets”. Een intrigerende bewering. Ik heb dat namelijk nog nooit meegemaakt. Het is me nog nooit overkomen dat ik vloekte en dat mijn theekopje pardoes tegen de plavuizen in stukken sloeg.

Andersom wel. Als mijn theekopje tegen de plavuizen smakt, dan wil ik naast het kopje ook wel eens een vloek laten vallen. Want ik vloek wel, zeker wanneer er vliegend vaatwerk aan te pas komt. Of wanneer ik me bezeer, dan vloek ik ook. En ook als de trein voor mijn neus wegrijdt. Wat bijna gebeurde omdat ik was afgeleid door die malle posters.


Ik dacht aanvankelijk nog dat er een heel blogje in dit voorval zat, maar het valt tegen. Ik heb het geprobeerd, maar het werd gelul in de ruimte over dat je “appeltaart” moet zeggen in plaats van “Jezus” en dat mij dat niet lukt. Compleet met hypothetische rampscenario’s waarin ik een goedgemikte vloek volledig terecht zou vinden.

Maar ik denk dat jullie vooral wachten op mijn scoop, met betrekking tot het koning Midas-verhaal. En die kan ik jullie nog steeds niet geven.

Ik vind het zelf ook fucking lang duren.
Potverdikkeme.

(mijn verzekering dekt de schade, mocht er nu door mijn toedoen iets gebroken zijn in jullie directe omgeving).

Koning Midas, maar dan anders

In de Griekse mythologie bestaat een verhaal over koning Midas. Omdat hij de dronken sater Silenus gered had, verleende de wijngod Dionysus hem de kracht om alles wat hij aanraakte in goud te veranderen. Zeg nou zelf: dat is een bijzondere gave. Ik was er een tijdje van overtuigd dat ik een omgekeerde handelswijze had, volgens het credo "wat mijn ogen zien, mollen mijn handen". Maar dat was vooral omdat ik niet de allerhandigste persoon op deze globe ben.

Maar nu! Tijden veranderen en ik voel me sinds vanmiddag een beetje koning Midas. Alsof alles wat ik aanraak in goud verandert. Al heb ik nog geen goud geproduceerd, maar alles wat ik doe lúkt gewoon! Alsof er een engeltje, in coöperatie met mij natuurlijk, even wat orde op zaken aan het stellen is en de dingen die nog niet helemaal goed waren in rap tempo aan het fiksen is. Ik doe wat ik denk dat goed is, en tadááá, het wordt ook goed.

Waarom ik dit gevoel heb, kan ik nog niet precies uitleggen. Er rust nog even wat embargo op. Voor het eerst sinds ik deze blog heb, laat ik mijn lezers dus achter met een cliffhanger. Dus hou mijn blog in de gaten en binnenkort lees je dan vanzelf de reden voor mijn koning Midas-gevoel. Ik kan jullie nog wel vertellen dat ik enigszins hyper ben momenteel en dat mijn gezicht bijna in een totaalruptuur scheurt door de lach die er sinds vanmiddag werkelijk waar niet af te sláán is.

Maar ja, waarom dat is...
Dat vertel ik nog wel.

Wordt vervolgd, dus. Spannend hè?

Niet huilen

Er is iets vreemds met mij aan de hand. Vreemder dan normaal, bedoel ik. Ik realiseerde het me al eerder, maar het wordt steeds extremer en dus opvallender. Ik ben in een situatie beland die ik een jaar geleden nog niet voor mogelijk hield, maar nu is er geen ontkennen meer aan: Ik heb al maanden niet meer gesnotterd.

 

Over het algemeen kan ik het goed hoor, snotteren. Mijn verdrietjes zijn van het kaliber “als ze er zijn, dan moeten ze er ook uit” dus dan wordt er flink gesnuft. Er was een tijd dat ik er nog net geen dagsport van maakte, maar ik huilde wel veel en hard. De neiging om als een peuter op de grond te gaan liggen en met mijn vuistjes op het laminaat te trommelen onderdrukte ik, maar bij vlagen leek het me heerlijk om weer eens op die manier tekeer te gaan. Gisteren lag er zo’n kind in de supermarkt en eerlijk gezegd vind ik het best stoer om je zo ongegeneerd te laten gaan. Maar ja, in mijn huidige functie van volwassene zou dat toch een beetje raar zijn, ik ben bang dat ik du moment word afgevoerd naar het gekkenpaviljoen. Bovendien zou ik niet weten waarover ik met een roodaanlopend hoofd op de vloer zou gaan moeten liggen krijsen. Ik weet gewoon niks te huilen. En huilen om het huilen is niet echt my cup of tea, dus dan huil ik maar niet. 

Ik ben niet bang dat ik emotioneel ben afgevlakt, want lachen doe ik wel veel en overtuigend hard. Dat heb ik van mijn opa, die lachte ook altijd heel hard. Ook alle andere emoties komen nog in mijn standaardrepertoire voor, dus er is niks aan de hand met mijn emotioneel spectrum. Alleen dat verdriet hè.
Een enkel keertje vallen er heus nog wel een paar echte waterlanders, maar dat is dan om stomme redenen. Om het huwelijk van Phoebe uit Friends bijvoorbeeld. Nou vráág ik je! Wie huilt er nou om Friends?! Nou ja, dat ben ik dus zelf, maar geloof me: dan moet er voor de rest echt wel heel weinig huilwaardigs zijn in je leven.

Eergisteren werd de situatie helemaal vreemd, toen ik op de radio het liedje “Geen kind meer” van Karin Bloemen hoorde en ik het hele nummer traanloos heb meegezongen. Traanloos! Er kwam zelfs geen brokje in mijn keel, geen moeizame slikbeweging, niks. Terwijl ik het tot dusver nooit droog hield bij dat lied en de sluizen zich bij de prelude al openden. Wat zeg ik, de prelude? Bij de aankondiging begon ik al te sniffen, bij wijze van anticipatie. Het is ook gewoon een heel zielig liedje, maar ik bleef er ineens stoïcijns onder en zong onbekommerd een liedje over een dode moeder. Raar toch?

Niet dat ik het een probleem vind hoor. Het is opmerkelijk en een beetje vreemd, maar het bevalt me prima. Lachen is gezond en het maakt je nog mooier ook. Van mij mag het nog wel even voortduren op deze manier.

Vooral omdat ik er van overtuigd ben dat het is iets met ‘gelukkig zijn’ te maken heeft.

Kat in het nauw

Mensen die mij een beetje kennen weten het: ik ben geen kattenliefhebber. Ik tolereer ze bij een ander, maar krijg al de kriebels van het idee dat er van dat miauwende gespuis in mijn eigen huis zou wonen. Katten stinken, zijn sterren in het trekken van negatieve aandacht, hebben bedenkelijke methoden om hun genegenheid te tonen (kadavers van muizen en vogels naar binnen sjouwen, de nagels in je kleding zetten) en ze slopen. Ze slopen álles. Misschien niet altijd opzettelijk, maar slopen zullen ze.

Een gevolg van mijn antipathie tegen dit diersoort, is dat ik enorm van katgerelateerde humor houd, vooral wanneer deze humor ten koste van de kat gaat. Denk aan Arie en Silvester die een denkbeeldige kat uit een dito flatgebouw kieperen om zijn geheugenspanne (van de kat dus) te testen en het liedje waarin "Geachte familie De Lange" wordt aangeschreven over het feit dat oma - die de hongerwinter nog heeft meegemaakt - een einde heeft gemaakt aan het bestaan van hun kat.

Natuurlijk zou ik zo'n beest zelf nooit iets aan willen doen. Dat mijn affectie voor katten niet verder gaat dan een gedoogbeleid, maakt mij nog geen kattenmepper. Bovendien straft kwaad zichzelf, daar hebben ze mij niet voor nodig. Toch had ik woensdagavond ineens bijna het stempel van dierenmishandelaar op mijn smetteloze blazoen. Dit kwam door een vorm van miscommunicatie tussen Didi, de kat van Jessica, en mij. Ik was daar die avond op visite en Didi en ik hadden elkaar alleen maar een beetje achterdochtig aan zitten kijken. Op een gegeven moment deed de poes een toenaderingspoging. Op dat moment begreep Didi mij nog volledig - met name dat mijn schoot niet om op te liggen was - en dus vleide ze zich naast mij op de bank. Met een pootje op mijn voet. Dat ging allemaal prima, tot Didi ging uittesten of er wellicht een diepere vriendschap inzat en derhalve haar nagels door mijn sok en in mijn voet boorde. Dat ging me toch te ver, ik verwenste het beest en hielp haar een beetje om ergens anders te gaan zitten.

Op een gegeven moment was het tijd om weer naar huis te gaan. Ik trok mijn jas aan en met de deurklink in mijn hand kletste ik nog even met Jessica. En toen gebeurde het.
Ik deed de deur open. Didi kwam als een duveltje uit een doosje ik-weet-niet-waar vandaan schieten en zette in rap tempo koers richting deur. Ik merkte dit aan als officiële ontsnappingspoging en dacht dit te voorkomen door een even simpele als doeltreffende handeling: het sluiten van de deur. Goed verzonnen, maar één probleem: Didi zat er nog tussen. "Ooooh!!!" riepen Jessica en ik geschrokken uit. Didi droop af naar de woonkamer waar ze beduusd en verontwaardigd op een stoel plaatsnam. We gingen even poolshoogte nemen, maar de conclusie was dat alle partijen met de schrik waren vrijgekomen. Jessica tilde haar huisdier op en zei tegen mij:"Ik wíst dat je niet van katten hield, maar dat het zó erg was...."

Gelukkig ging deze opmerking vergezeld met een lach en een knipoog, anders had ik me pas echt schuldig gevoeld. Maar hopelijk heb ik één ding goed duidelijk gemaakt aan Didi: ik ben niet voor de poes.

Pinokkio

Het was al lang geleden dat ik op zaterdagavond gewoon thuis was. Afgelopen weekend was het weer eens zover en dat heb ik gevierd met een oud-Hollandsch televisieavondje. Ik keek 'Kinderen Geen Bezwaar', het Journaal en daarna 'Mooi! Weer De Leeuw'. Toen dat programma was afgelopen, zapte ik om onduidelijke redenen naar RTL4 en belandde aldaar in een wanstaltig programma van Robert ten Brink. 'Het Moment Van De Waarheid', heette het en het zou supersimpel moeten zijn. Deelnemers krijgen van tevoren 50 vragen die ze naar waarheid moeten beantwoorden. Of ze ook echt de waarheid spreken, wordt gecheckt met een leugendetector. Voor de camera moeten ze vervolgens 21 vragen nogmaals beantwoorden, maar dan ten overstaan van Robert ten Brink, een afvaardiging van de familie en oh ja, ook nog eens een paar honderdduizend kijkers. Jullie zullen begrijpen dat het niet gaat om stellingen als 'Jij had vanochtend hagelslag op je brood", want dat is niet schokkend genoeg. Nee, het gaat over dingen waarmee je jezelf of een ander in een negatief daglicht stelt of waarmee je toch tenminste kleine deukjes in ego's en imago's veroorzaakt.

Zaterdag mochten de kijkers zich allereerst verdiepen in de eerlijkheid van ene Ayaan. Dat is tenminste hoe ik de naam verstond. En echt hoor, als het gaat over eerlijkheid in combinatie met de naam Ayaan, dan heb ik er überhaupt al geen vertrouwen meer in. Maar goed, het was niet díé Ayaan, dit was namelijk een man. En deze man biechtte achtereenvolgens op dat hij wel eens verdovende middelen had gebruikt in het huis van zijn ouders, dat hij nog gevoelens had voor zijn ex (detail: zijn kersverse verloofde zat op de bank toe te kijken) en dat zijn moeder de belangrijkste vrouw in zijn leven was. So far, so good. Tussen de "officiële" vragen door, vroeg Robert ook af en toe naar andere zaken en zo kwam de kijker erachter dat deze frisse jongeman een dochtertje had uit een eerder huwelijk en dat hij had dochtertje niet zoveel zag. Robert vroeg hem naar de reden hiervoor. "Mwoah, ja... ach... druk met mijn werk enzo hè..." Deze opmerking bracht bij mij een allergische reactie teweeg. Ik vind het namelijk bloediirritant als mensen hun zelf gecoproduceerde kinderen niet of weinig zien om arbeidstechnische redenen. Dat heeft te maken met prioriteiten stellen. En het ergste vond ik nog de 'matter of fact' - toon waarop hij dit wereldkundig maakte.

Maar enfin, het was tijd voor een nieuwe vraag. Deze vraag luidde: "Vind jij het uiterlijk van je vriendin belangrijker dan het innerlijk". Ayaan probeerde hier een mooi verhaal van te maken en eindigde dit gelul in de ruimte met "Nee, innerlijk is belangrijker." Daarna sprongen alle lichten op rood, want dit antwoord was NIET waar!! Zijn verloofde keek hem ontsteld aan. Ayaan vond uiterlijk dus belangrijker. Zijn aanstaande was duidelijk not amused en het viel nèt buiten beeld, maar ik ben er vrij zeker van dat ik haar liefde voor deze knul via een zijdeur de RTL-studio zag verlaten.

Zoals Drs P.zou zingen (ongeveer dan): "Toen was Sonja aan de beurt". Sonja, maatschappelijk werkster, getrouwd en moeder van een olijk duo, vertelde ons dat zij haar schoonfamilie minder ontwikkeld vindt, dat ze graag over haar beste vriendin mag roddelen en dat ze haar kroost zo nu en dan wel eens een mep verkoopt. Haar man was hiervan op de hoogte, maar zocht toch wat bevestiging bij Robert ten Brink door hem te vragen: "Nou ja, dat zal jij toch ook wel herkennen, met vijf dochters?" Robert antwoordde: "Nou en of. Ik lel er wat op los thuis." En ik denk dat dat antwoord niet waar was, maar ja, het ging niet om zíjn antwoorden.

Natuurlijk, je moet lef hebben om jezelf zo bloot te geven voor een groot publiek. Maar eerlijkheid mag toch eigenlijk niet moeilijk zijn? Als je daar dan toch zo nodig wil gaan zitten, dan ga je er toch ook gewoon helemaal voor? Je weet immers van tevoren dat er persoonlijke vragen gesteld gaan worden en dat je mensen kunt kwetsen met je antwoorden. Daar heb je voor getekend, dus dan lijkt het me dat je die gewetensbezwaren opzij kan zetten. Daarbij: als je een sociaal wenselijk antwoord geeft of een ander probeert te sparen, weet iedereen alsnog hoe de vork werkelijk in de steel zit omdat je dan onmiddellijk uit het spel ligt. Kijk maar naar Ayaan.

Ik zou nooit meedoen aan zo'n programma. Niet omdat ik niet eerlijk durf te zijn, wel omdat ik geloof dat je niet altijd alles hoeft te vertellen aan mensen. Dat vind ik niet hetzelfde als liegen. Liegen is de waarheid tegenspreken, niet alles vertellen is misschien zelfs tact. Je voorkomt er bovendien mee dat je mensen onnodig tegen je in het harnas jaagt, want wat niet weet, wat niet deert. Als ik van mening ben dat iemand minder ontwikkeld is dan ik, dan is dat voor mij een constatering die geen afbreuk doet aan het feit of ik die persoon graag zie. Door het te delen, kan je onbedoeld kwetsend zijn en zet je een vriendschap op het spel. Dat is het mij niet waard. Echter, als het me op de man af gevraagd zou worden, zou ik er niet omheen draaien. Want dat is eerlijkheid voor mij. En eerlijkheid gaat verder dan alleen de mening "zij is minder ontwikkeld". Als je écht eerlijk bent, kijk je ook  naar wat die ander dan wél is. Ieder mens heeft namelijk kwaliteiten.

De programmatitel vind ik niet helemaal goed gekozen. Waarheid en eerlijkheid zijn namelijk twee verschillende dingen. Over waarheid valt te twisten, over eerlijkheid niet.

Hoe kijken jullie hier tegenaan? Moet eerlijkheid voor alles gaan of is het beter om mensen af en toe te sparen? En vinden jullie dat het liegen is wanneer ik niet alles vertel wat ik denk?
Wees eens eerlijk...

Meer mogelijk maken

Vanochtend stonden er in Metro vier bijzonder waardeloze tips om de economische crisis te overleven. Ze waren echt van bedroevend schoolkrantniveau en zeg nou zelf: elke zichzelf respecterende krant zou zoiets weigeren te plaatsen omdat ze dat niveau ontstegen zijn. Metro niet. Metro poot het neer met een frivoliteit die alleen maar een gradatie toevoegt aan de mate van tenenkrommendheid. Ik weet het zeker: die krant neemt zichzelf niet serieus. Eén van de tips was bijvoorbeeld: “Neem al je spaargeld op en geef het uit, dan kan je niks meer verliezen.” For crying out loud!!! Doe niet zo dom!!!

Ik denk dat ik de economische situatie sowieso zal kunnen doorstaan, maar zo nu en dan is het toch nodig om je financiën eens onder de loep te nemen. Dus dat deed ik. Ik was eigenlijk wel content met mijn liquiditeit, maar stilstand is zeker in deze tijden achteruitgang, dus ik zette een klein innovatietrajectje op poten. Op mijn telefoonrekening viel namelijk nog best iets te besparen. Niet dat die rekeningen nou zo buitensporig hoog waren – dat was alleen toen ik verliefd was en mijn lief en ik elkaar van elke scheet die we lieten op de hoogte hielden. De liefde is bekoeld, maar feit blijft dat ik graag mag SMS’en en dat zie je dus wel aan die rekeningen af.  

 

Mijn bezuinigingsoperatie bestond niet uit zelfkastijding in de vorm van ‘niet meer mogen SMS’en’, want dat zou me toch niet lukken. De crux zat in het abonnement, dat moest aangepast worden. Dus ik belde de HI klantenservice en sloot daar een fantastische deal. Vanaf mijn volgende factuur (zo zei de klantenservicemevrouw dat) heb ik 240 belminuten c.q. SMS’jes per maand, voor de somma van € 9,95! Goed geregeld hè? Vooral als je bedenkt dat ik per maand zo’n 100 SMS’jes verstuur en lang niet altijd twee uur bel, zodat ik riant ga uitkomen met deze bundel! Ik zeg: berg je maar Marjolein*, want wat jij kan, kan ik ook!

En dat is dus mijn methode om dit laagwater van de conjunctuur zonder kleerscheuren door te komen. Ondertussen laat ik mijn spaargeld lekker staan waar het staat (‘staat’ dubbelzinnig opvatten a.u.b.) en zal ik er geen boterham minder om eten. Ik heb zelfs nog budget over voor de aanschaf van een kwaliteitskrant. Want Metro is wel gratis, maar ze bleken mij vanochtend toch een tikkeltje té goedkoop.

*Even voor de mensen die niet Marjolein en niet Anne zijn wat uitleg hierbij: Marjolein kon vijf telefoonnummers opgeven die ze onbeperkt kan SMS’en en ik ben één van deze lucky bastards, zodat ik nu heel veel SMS’jes van haar krijg. Want ze doet het hoor, onbeperkt SMS’en. Echt!

Stel je voor

Gisteren zat ik in de trein tegenover een oude man. Ik had hem op het perron al gezien, op dat moment samen met zijn vrouw. Ze zeiden niet zoveel, zijn hand rustte op haar rug en ze keken allebei niet erg blij. Toen de trein kwam, kusten ze elkaar en stapte hij in. Bij het wegrijden zwaaiden ze naar elkaar. Daarna wierp hij haar een kushand toe, op een manier die het midden hield tussen geagiteerd en schuchter. Een kushand die ook duidelijk liet zien dat hij haar met die hand het liefst zó door het raam van onze stiltecoupé had willen trekken, zodat hij niet bij haar weg hoefde.

Hij had een weekendtas bij zich. Dat kon betekenen dat hij wegging om terug te komen, of dat hij terugging naar waar hij eerder vandaan was gekomen. Ik denk het eerste, maar dat kan ik natuurlijk niet zeker weten. Wat ik wel zeker weet, is dat toen de trein vaart maakte en zijn geliefde op het perron steeds kleiner werd, de man een hand tegen zijn mond hield en geluidloos een beetje moest huilen. Met zijn vrije hand wreef hij de tranen van zijn wangen en daarna vermande hij zich. Maar zijn blik bleef somber.

Het was de tweede keer in mijn leven dat ik een oude man zag huilen. De eerste keer maakte het veel indruk, maar kon ik tenminste meehuilen en de hand van die oude man vasthouden, omdat die man mijn opa was. Deze keer maakte het ook indruk, maar kon ik alleen maar kijken en een mengeling van medeleven en – eerlijk is eerlijk – nieuwsgierigheid ervaren. Wat was het verhaal van deze man? Wie was die vrouw en, belangrijker, wie was die vrouw voor hem? Als het gewoon zijn vrouw was en hij gewoon een paar dagen weg moest, wat was het dan onbeschrijfelijk mooi dat er tranen vloeiden bij het afscheid. Dat moet wel liefde zijn. Echte liefde.

Stel je eens voor dat jij op het perron staat. Je geliefde stapt in de trein en jij zou het liefst meegaan, maar dat kan niet. Vanaf het moment dat de treindeuren sluiten, smacht je naar het moment dat ze weer zullen openen en je de ander weer in je armen kunt sluiten. Want dat moment zal altijd komen. Afscheid nemen en terugkeren horen bij elkaar. Voor jullie wel. Stel je dat eens voor.

En stel je dan eens voor dat ik die ander was.

Bed opmaken

De wetenschap kan tegenwoordig heel erg veel. Iemand een nieuw gezicht geven, mensen in een baan om de aarde schieten (ik heb nog wel wat kandidaten die best mee mogen op zo'n ruimtereis), kunststof hartkleppen installeren, stamcellen inzetten om allerlei tot voor kort ongeneeslijke kwalen te verhelpen.... Verzin het en ze kunnen het. Of ze doen er onderzoek naar en dan komt er ook een handige oplossing voor. Behalve...

...voor het opmaken van je bed.

Kan iemand mij uitleggen waarom dat altijd zo'n beproeving is? Althans, ik weet niet hoe dat bij jullie zit, maar ik vind mezelf altijd terug terwijl ik samen met mijn dekbedovertrek tot muizentrap ben gevouwen. Of terwijl niet het dekbed, maar ík ineens gekleed ga in een Ikea-bollenmotief. 

En echt hoor, ik kén de theorieën. Over punten die je vast moet pakken terwijl je je dekbed binnenstebuiten houdt, zodat je het er zó omheen kan schudden. Over wasknijpers die je op de punten zet om het dekbed op z'n plek te houden.  Maar bij mij vliegen die wasknijpers altijd door het raam naar buiten als ik één verkeerde beweging maak. En dat binnenstebuiten-concept wordt gesaboteerd door het dekbed dat zich altijd tot wokkel vormt terwijl ik de hoes er omheen sta te wurmen.  Waardoor ik alsnog met mijn hoofd in het overtrek moet om te kijken waar het fout is gegaan. Waarna ik moet gaan sumoworstelen met zowel de hoes als het dekbed.

En mijn dekbedden hebben zelfs buiten het bed de neiging zich te misdragen. Bij voorkeur in de wasmachine. Niet zelden als ik mijn was uit de machine haal, heeft mijn dekbed al het overige wasgoed gevangen. Dat moet ik er dan allemaal weer uit staan schudden, waarbij er meestal wel een sok of een string in een hoekje blijft zitten en die vind ik dan pas terug als ik weer eens in mijn dekbed zit in een poging om een aardige deken te creëren.

Mijn vraag aan de wetenschappers: verzin hier nou eens iets op. Dát is iets waar de wereld op zit te wachten!

Of geef me een kamermeisje. Dat vind ik ook goed.  

Anne weet 't

Vroeger las ik weleens de Libelle. Dit huisvrouwentijdschrift werd door mijn oma ons huis binnengesmokkeld, of eigenlijk vooral via mijn oma. Zij ruilde haar Margriet tegen de Libelle van mijn tante en daarna confisqueerde mijn moeder die Libelle dan weer. Het was dan wel zaak om de Margrieten bij oma thuis te lezen, want anders zagen we die helemaal niet. Terwijl de Margriet dus eigenlijk heus veel leuker was dan de Libelle. Voor zover deze tijdschriften voor de kwalificatie ‘leuk’ in aanmerking komen tenminste, want In allebei de bladen is het toch vooral een hoop treurigheid, schimmelnagels, echtelijke twisten, jeugdsentiment, bakerpraatjes, strips en horoscopen wat de klok slaat. Die strips waren wel goed, trouwens.

 

Maar waarom begin ik hierover? Welnu, ik wil graag een rubriek in herinnering roepen die in vroeger tijden in de Libelle stond. De zwaar ondergewaardeerde rubriek “Libelle weet ‘t”. Lezeressen konden hun huishoudtips opsturen en als die dan in “Libelle weet ‘t” werden opgenomen, werd de beste tip beloond met een zilveren theelepeltje. En oh, voor zo’n theelepeltje deden de dames het wel! Verhalen over halve aardappels waar je ik-weet-niet-wat mee moest doen, over het opstofzuigen (ha! dat is echt een woord!) van waspoeder en dat je huis daar frisser van gaat ruiken, over het sprayen van deodorant in de asbak, noem maar op. En het is dat de rubriek dus niet meer bestaat, want anders weet ik heel zeker dat ik deze week de winnares van het zilveren theelepeltje was geweest. Want ik heb een tip!! Maar echt eentje waarvan je denkt: “Nou, poeh, dat heeft die Anne eens even goed bedacht!” En om het huisvrouwengehalte van mijn weblog een beetje op te krikken, ga ik die tip nu met jullie delen.

 

De probleemschets

Het is rond vijf uur ’s middags en je hebt nog geen boodschappen gedaan terwijl je die avond wel iets moet koken. Maar ja, eigenlijk weet je ook niet echt waar je zin in hebt. Bij alle opties denk je “ja, dat kan” (lusteloos uitgesproken), en de vriend / vriendin / geliefde die bij je komt eten heeft ook nergens in het bijzonder zin in. Wat doe je dan? Welnu:

De oplossing
Je gaat gewoon naar de supermarkt. Het maakt niets uit dat je geen idee hebt wat je moet eten, want de oplossing ligt al op je te wachten. In een mandje. Er zijn namelijk altijd van die mensen die boodschappen doen met een boodschappenlijstje en bij de kassa dat lijstje in hun mandje achterlaten. En dat is dus de oplossing! Feitelijk laat je iemand anders het denkwerk verrichten. Het enige wat je hoeft te doen is:

a. beoordelen of je hetgeen dat op het lijstje staat wel lust
b. indien nee: ander mandje met ander lijstje pakken / indien ja: de winkel in
c. bij akkoord: de producten die op het briefje staan in je mandje leggen
d. naar de kassa en afrekenen

Nou ja, en dan thuis nog koken en eten natuurlijk, maar dat spreekt voor zich. Op deze manier heb ik vorige week bijvoorbeeld chicken tonight gegeten, maar ook een salade met spekjes en feta en pijnboompitten. Ik weet niet of ik het goed had gedaan (alleen de ingrediënten staan op zo’n lijstje, niet het recept natuurlijk hè), maar ik heb mijn boodschappen in willekeurige volgorde door elkaar geflikkerd en ik moet zeggen dat het goed smaakte.

Noot 1: scan het lijstje op zinvolle ingrediënten. Dat je niet een dressing gaat staan maken met een fles wasverzachter ofzo.

Noot 2: wees kritisch. Twee zakken paprikachips en een fles cola is géén avondeten.

Noot 3: schakel nooit volledig over op deze lijstjestactiek, want echt, je geest slaat dood en voor je het weet ben je afhankelijk van die briefjes. Probeer dus ook af en toe nog eens iets zelf te verzinnen.

 

Mochten alle mandjes trouwens lijstjesvrij zijn, dan heb ik nog een bonustip. Kies een medeklant uit en imiteer die persoon. Leg gewoon globaal hetzelfde in je mandje als hij of zij. Wel met dezelfde kanttekeningen als bij de lijstjestactiek. En als dat ook niet lukt, dan heb je bij Albert Heijn ook altijd nog die receptenkaartjes.

Zo. Kom maar op met dat theelepeltje.


<- Last Page :: Next Page ->
Hosting door HQ ICT Systeembeheer