Duits Praten.......
Een middel om Duits zo makkelijk mogelijk op te vatten.
De Duitse taal is zeer makkelijk te begrijpen.Dat is zo, omdat de duitse taal veel op de nederlandse taal lijkt.Sommige woorden hebben wij ,Nederlanders, zelfs geleend van de duitsers,zoals Uberhaupt,Knackebrood en nog veel andere woorden.Zulke woorden noem je leenwoorden.Zie je..Nu heb je al wat geleerd.Maar nu ga je iets makkelijkers leren.In deze stof die we geleerd hebben van de docent Thomas Nas,zul je duits bijna als je eigen taal beschouwen.We beginnen maar eerst met in het duits tellen.
Duits tellen tot honderd:
1=eins
2=zwei
3=drei
4=vier
5=funf
6=sechs
7=sieben
8=acht
9=neun
10=zehn
20=zwanzig 30=dreissig 40=vierzig 50=funfzig 60=sechzig 70=siebzig
80=achtzig 90=neunzig 100=hunderd
Makkelijk he!!!!!!Stel dat je wilt weten wat "een en twintig" betekent in het duits,
Dan neem je de twee getallen bij elkaar dus:ein en zwanzig.Je hebt het al in de goede volgorde ,maar nu moet je nog weten wat " en " betekent."En" betekent "Und" in het duits.Dus een en twintig = ein und zwanzig.Goed zo!!!!!!Weer wat geleerd,dankzij onze slimme docent Thomas Nas.Maar we hebben nog een klein probleempje!!!Als je van 11 tot en met negentien wilt tellen is dat bijv.niet zehn und ein=11.Zo tel je vanaf 11 tot en met 19.
11=elf 12=zwolf 13=dreizehn 14=vierzehn 15=funfzehn 16=sechszehn 17=siebzehn 18=achtzehn en 19=neunzehn.
|