Wat een rare week hebben we achter de rug. Een Koninginnedag die de geschiedenis ingaat als de dag waarop er een aanslag op de Koninklijke familie der Nederlanden gepleegd werd en het tevens de 100ste geboortedag van Juliana was. De dag waarop het, volgens mijn vermoedens, best eens de dag had kunnen zijn waarop Beatrix, staand op het bordes na het defilé, zou aankondigen dat.... Maar zover kwam het niet dus zullen we het nooit weten. Net zomin als we ooit zullen weten wat er in het hoofd van ene Karst T. ging op het moment dat hij moedwillig een mensenmassa in reed. Ik word al panisch als er een vogel of een ander beest te dichtbij in de berm zit, hoe moet het voelen om willens en wetens in te rijden op mensen die niet eens zien aankomen dat jij zulke plannen hebt. Ik heb er met ongeloof verbijstering (ik heb er geen woorden voor) naar zitten kijken.
De dag begon zo mooi. Ik reed om een uur of 10 zonder jas het dorp in om te zien hoever het stond met de vrijmarkt. In de krant had immers gestaan dat de kinderbraderie(?) om 13.00 zou beginnen en het opbouwen en inrichten van de kraampjes om 12.00. Maar tot mijn grote verbazing zaten alle beschikbare plekken vol met mensen op kleedjes, dus ik ben als de sodemieter weer naar huis gereden, heb mijn spullen in de auto gegooid, ben naar een plek aan de rand van de kinderbraderie (waarvan ik nog steeds niet weet wat het is, en wat het verschil is met die vrijmarkt) gereden, mijn instant kraampje uitgeladen, ingericht en gaan zitten.

De zon scheen, het was prachtig, het was gezellig en aan het eind van het liedje was ik acht tientjes rijker. Dus het was ook nog eens nuttig.
Op zaterdag ging ik met de trein naar Amsterdam. Het was mijn laatste kans om een Kruidvatkaartje te gebruiken voordat de geldigheidsdatum zou verstrijken. In de loop van de week kwam ik erachter dat het ook de zaterdag was van de uitvaart en herdenking van Martin Bril. Het houdt me nog steeds een beetje bezig en ik vond dat ik even naar De Duif moest gaan om daar in elk geval te kijken of de herdenkingsdienst besloten zou zijn. Dat was het inderdaad maar ik heb op een gepaste afstand een poos staan kijken, zon op mijn rug, op de brug. En een heel zwik bekende Nederlanders in hun strakste pakken voorbij zien komen. Om er een paar te noemen: Felix Rottenberg, Freek de Jonge, Bart Chabot, Jan Mulder, Tommy Wieringa, Michiel Borstlap, Eric Vloeimans, Job Cohen, Aaf Brandt Corstius, Henk Spaan, Gijs Groenteman, Gijs van de Westelaken en natuurlijk Matthijs van Nieuwkerk. Ik heb nog nooit eerder zoveel BN'ers bij elkaar gezien, sterker nog, ik zie vrijwel nooit BN'ers omdat ik er nooit op let. Als ik in Amsterdam loop kijk ik wel om me heen maar maak ik zelden oogcontact en kijk ik meestal niet naar de gezichten van mensen. Overgehouden van jarenlang in een andere grote stad wonen. Oogcontact betekent vaak een reden om iemand aan te spreken en de ervaring leert dat het meestal niet de meest gezonden van geest zijn die je dan aan je fiets hebt hangen. Dat terzijde.
Ik zag af en toe dat de grote deuren van De Duif openden en mensen naar buiten kwamen om een sigaret te roken, later namen ze ook hun glazen wijn mee naar buiten dus ik neem aan dat het een bijeenkomst geweest was 'in de geest van Martin Bril' (lees; met veel drank) maar zeker weten doe ik dat natuurlijk niet. Ik wandelde verder omdat ik niet wist hoe het scenario van de uitvaart zou zijn. Ben nog even op de Albert Cuijpmarkt geweest en heb daar een heel leuk rood-wit geblokte stof gekocht voor een nieuw übertruttig tafelkleed. Übertruttigheid is het helemaal en ik wil er wel een klein eindje in mee gaan. Ergens diep in mij schuilt vast en zeker ook een übertrut. En ik vind het niet eens erg.
Nog vlug even langs mijn vaste adresje op de Haarlemmerdijk waar ik altijd een paar ons Kalamata-olijven koop voor mijn lief. Ik doe hem daar zo'n groot plezier mee dat ik er graag even voor omloop. Toen weer naar huis. Manlief was ook net weer thuis, die heeft zijn vrije zaterdag besteed aan heel veel overwerk, het oplossen van storingen. Niet al te laat naar bed want vanochtend moesten we weer vroeg uit de veren. En dat op zondag!
Om acht uur ging de wekker. Zondagochtend, geen Kwebbel in huis (die zat tot vandaag met haar moeder en diens kant van de familie in de Ardennen voor de meivakantie) maar toch vroeg op. Manlief had het namelijk voor elkaar gekregen om via een Vara-actie twee vrijkaarten voor de voorpremière van de nieuwe film van Alex van Warmerdam te krijgen. Om half 11 werden we verwacht in Kriterion, in Amsterdam. Alweer in Mokum dus. Het was een hilarische, geniale maar zeker ook bizarre film. Heel knap hoe zijn stijl ontwikkeld is naar een échte Van Warmerdam. Het laat zich niet makkelijk uitleggen en daarom zeg ik: Gaat dat zien, 'De laatste dagen van Emma Blank". Echt de moeite waard.
Tja en omdat we nu toch al vroeg in Amsterdam waren hebben we de kans aangegrepen om even naar de bekende (overigens prachtige) begraafplaats Zorgvlied te rijden en een bloemetje te zetten op het graf van Martin Bril. Ik zal er hierna ook niet meer zo veelvuldig over bloggen, het is afgesloten, er ligt letterlijk zand over maar ik besluit graag nog met een gedicht dat mevrouw Bril, als ik het goed begrepen heb, voordroeg onder de bloeiende kastanje waar hij zijn laatste rustplaats heeft gevonden.
Zo godvergeten
De zon ging stralend onder
De zon kwam stralend op
Daar lag het dus niet aan
Dat ik zo godvergeten was.
Martin Bril |