Weblog maken?


MaakEenWebsite.nl (tip)
Totaal slechts 10 euro per maand incl. domeinnaam en gratis overzetten van uw bestaande weblog bij Bloggers.nl 100 MB ruimte
emailadres
Lees meer..... en bestel
Gratis geld verdienen met e-mails lezen? Meld je aan bij
Zinngeld, Surfrace, Qassa en Euroclix !

Op zoek naar God?
Media gebruik en/of effecten

Home - Profile - Archives - Friends

Social Media is een moderne skinner box

Posted on 6/9/2013 at 11:17 - 0 Comments - Post Comment - Link

Tegenwoordig kunnen jongeren niet meer zonder hun smartphone. Dit is een gevolg van de drang om op elk moment actief te kunnen zijn in de Social Media. De smartphone werkt dus als een eerste stimulus van de Social Media (Nationale Academie voor Media & Maatschappij, 2012). 86% van de jongeren heeft zijn smartphone altijd bij zich en bij 87% van de jongeren staat zijn smartphone altijd aan (‘Hartkloppingen door’, 2013).

 

De smartphone is voor jongeren altijd beschikbaar en is daarom een continu doorgeefluik van de stimuli van de Social Media. Dit komt door de geluiden als er een bericht of reactie binnen komt en door de pushberichten die in het scherm verschijnen. Uit het onderzoek van de Nationale Academie voor Media & Maatschappij (2012) blijkt dat jongeren het moeilijk vinden om deze meldingen te negeren. Ook veroorzaken deze meldingen een onrustig gevoel, vooral wanneer zij niet kunnen kijken wie de afzender is en niet kunnen reageren. Daarmee zijn de geluiden en pushberichten van de Social Media een stimuli die continu het gedrag van jongeren beïnvloeden (Nationale Academie voor Media & Maatschappij, 2012).

 

Social Media Stress (SMS) komt bij jongeren steeds vaker voor. Het lijkt misschien heel onschuldig maar volgens Liesbeth Hop, directeur van de Nationale Academie voor Media en Maatschappij, is het absoluut niet onschuldig. Een smartphone verslaving kan leiden tot hartkloppingen. Dit wordt veroorzaakt door het beeldscherm, die verstoort de aanmaak van melatonine, dat is een stof waardoor je in slaap valt. (‘Hartkloppingen door’, 2013).

 

Jongeren vergelijken hun eigen leven met dat van andere leden van hun vriendengroep ook via de Social Media. Ook blijkt dat jongeren zich niet alleen vergelijken met leden van hun vriendengroep maar ook met pop- en filmsterren. Zij zijn tegenwoordig ook gemakkelijk te volgens via Twitter of Facebook. Wel is opvallend dat jongeren tijdens het onderzoek hebben aangegeven dat zij vinden dat anderen opscheppen over hun leven via de Social Media. Maar tegelijk geven zij ook aan dat ze het zelf ook belangrijk vinden om op een bepaalde manier over te komen in de Social Media. (Nationale Academie voor Media & Maatschappij, 2012)

 

Tijdens het onderzoek gaven de jongeren ook aan dat de Social Media ook negatieve effecten hebben op hun leven, bijvoorbeeld concentratievermogen, schoolresultaten, beweging en sport, contact met familieleden en zelfs slaap. Dit wordt door de jongeren wel als problematisch ervaren, maar zij weten niet hoe ze daar anders mee om kunnen gaan. (Nationale Academie voor Media & Maatschappij, 2012)

 

Natuurlijk is er ook een positieve kant van Social Media. Uit het onderzoek blijkt dat de jongeren via de Social Media zich meer in contact voelen met mensen die normaal verder van hen afstaan. Ook wordt de Social Media gebruikt om informatie te krijgen over concerten, feesten en films. De jongeren komen hierdoor op ideeën en ze worden aangezet tot actie en gezelligheid. (Nationale Academie voor Media & Maatschappij, 2012)

 

  

 

MijnRendement. (2012). Neem de smartphone af en de onrust slaat toe. Retrieved from http://www.u-center.nl/content/user/1/files/MIJN%20RENDEMENT.pdf

 

Redactie gezondheid en co. (2013). Hartkloppingen door Social Media en smartphone verslaving. Retrieved from http://www.gezondheidenco.nl/hartkloppingen-door-socialmedia-en-smartphone-verslaving/

 

Redactie gezondheid en co. (2013). Help, ik kan geen moment zonder mijn smartphone! Verslaafd aan je telefoon. Retrieved from http://www.gezondheidenco.nl/help-ik-kan-geen-moment-zonder-mijn-smartphone-verslaafd-aan-je-telefoon/

 

L. Hop en B. Delver. (2012). Jongeren lijden aan Social Media Stress (SMS). Retrieved from http://www.ikbenoffline.org/images/artikelen/PDF/Onderzoekrapportage%20Jongeren%20lijden%20aan%20Social%20Media%20Stress%20(SMS),%20mei%202012.pdf

 


Hulp van social media in de strijd tegen zinloos geweld?

Posted on 4/9/2013 at 10:38 - 0 Comments - Post Comment - Link

In Nederland laait de discussie steeds vaker op over zinloos geweld. De laatste maanden kwamen talloze voorbeelden van zinloos geweld in het nieuws. Vaak zijn het groepjes jongeren die samen een slachtoffer in elkaar slaan en/of trappen. Vervolgens zijn deze daders niet te vinden door de politie, waarna de beelden diverse tv kanalen getoond worden. Daarna worden de beelden opgepikt door de social media en daaronder verspreid. Bijvoorbeeld bij het programma Opsporing Verzocht worden beelden van misdrijven getoond. Dit programma verhoogt het oplossen van misdrijven van 25 naar 40% (“Opsporing Verzocht verhoogt,” 2012). Hierdoor zijn er steeds meer lokale omroepen die ook een vergelijkbaar programma uit gaan zenden. Bijvoorbeeld ‘Bureau Brabant’, zij lieten de beelden van de mishandeling uit Eindhoven zien. Deze beelden zijn daarna verspreid via Facebook. (Tom, 2013)

Op Facebook ontstond er een jacht naar de daders van de mishandeling. De daders werden hierdoor binnen 24 uur gepakt. Dit laat gelijk het vermogen zien van social media, als de politie op een dood spoor zit kan social media een grote rol spelen. (Tom, 2013)

Natuurlijk zijn er ook nadelen aan zo’n jacht via het internet. Het is namelijk mogelijk om iemand verdacht te maken, die er niks mee te maken heeft. Wanneer een naam van iemand gepost word op een nieuwssite, dan wordt door veel mensen de conclusie getrokken dat hij/zij de dader is. Een anders nadeel is dat de rechter strafvermindering kan toepassen, omdat de verdachte al publiekelijk gestraft is via het internet. (Tom, 2013)

 

Persoonlijk denk ik dat het opsporen van daders via de social media een handig hulpmiddel is voor de politie. Wel moet iedereen voorzichtiger zijn met het posten van namen. Ook denk ik dat als je iemand mishandeld en er wordt naar je gezocht door de politie, maar je geeft jezelf niet aan. Dan is het je eigen schuld als je met je gezicht op tv komt. Eigen schuld, dikke bult.

 

 

Tom. (2013). De hulp van social media in de strijd tegen zinloos geweld. Retrieved from http://www.markethings.net/de-hulp-van-social-media-in-de-strijd-tegen-zinloos-geweld/

 

 

Opsporing Verzocht verhoogt oplossingskans aanzienlijk. (2012). Retrieved from  http://www.mediacourant.nl/?p=136433

 


Schaliegas veilig of onveilig?

Posted on 3/9/2013 at 14:09 - 0 Comments - Post Comment - Link

Schaliegas is een soort aardgas, maar het is moeilijker te winnen als aardgas. Het gas zit kilometers onder de grond in een gesteente dat schalie heet. Het gesteente moet gekraakt worden om het schaliegas eruit te laten komen. Met een mengsel van zand, water en chemicaliën wordt het gesteente gekraakt.

 

Witteveen+Bos (2013) heeft in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken onderzoek gedaan naar risico’s van schaliegas boringen.

  • Vervuiling grond- en drinkwater
    Door zorgvuldig werken en adequate handhaving kan het lekken van methaan tegen gehouden worden. Ook is het door de diepte waarop in Nederland schaliegas gewonnen kan worden, de kans klein dat het overgebleven methaan weglegt naar kwetsbare grondlagen (Witteveen+Bos, 2013).
  •  Bodembeweging
    Het winnen van schaliegas veroorzaakt geen inzakkingen van gesteente waaruit het schaliegas wordt geboord. Het winnen van Schaliegas leidt dus ook niet tot bodemdalingen. Wel is het mogelijk dat er tijdens het winnen va schaliegas aardbevingen ontstaan. De maximale kracht van een aardbeving zal niet hoger zijn dan 3,0 op de schaal van Richter (Witteveen+Bos, 2013).
  •  Ruimtebeslag
    Doordat er meer boorlocaties nodig zijn heeft het winnen van schaliegas meer ruimte nodig. Per locatie is de hinder anders, dit diens per locatie aan de orde te komen in locatiespecifiek milieuonderzoek (Witteveen+Bos, 2013).
     
  • Veiligheid
    Bij het winnen van schaliegas zijn de veiligheidsrisico’s niet heel anders dan bij het winnen van conventioneel gas. Het winnen van schaliegas heeft meer activiteiten nodig, hierdoor kunnen er wel verschillen ontstaan in de aard van de risico’s (Witteveen+Bos, 2013).

 Volgens het onderzoek van Witteveen+Bos (2013) is het veilig om naar schaliegas, omdat de risico’s tegengehouden kunnen worden.

In andere landen wordt er al wel geboord naar schaliegas, bijvoorbeeld in de Verenigde Staten en Polen. In deze landen is ook, net als in Nederland, veel weerstand tegen het winnen van schaliegas. Recentelijk nog in Argentinië waar de demonstraties uit de hand liepen. Ook in Nederland zijn er protestgroepen die zich in zetten tegen schaliegas. Dit komt omdat er veel risico’s verbonden zijn aan het winnen van schaliegas. De New York Times heeft op een rijtje gezet waarmee zij te maken hebben in de VS. (St. Maarten, 2011)

  • Giftige chemicaliën in het oppervlakte water
    Doordat het radioactieve materiaal niet gezuiverd kan worden door waterzuiveringapparatuur blijft het water in bv. meren gevaarlijk. (St. Maarten, 2011)
  • Verontreinigd grondwater
    De industrie zegt dat het boren naar schaliegas geen gevaar kan voor het grondwater. Maar de New York Times heeft al één geval gevonden waar het wel is gebeurd. (St. Maarten, 2011)
  • Kelderende huizen- en grondprijzen
  • Hoge CO2 uitstoot
    Nieuwe studies laten zien dat er bij winning van schaliegas wel methaan vrij komt. Hierdoor is de klimaatimpact flink hoger. (St. Maarten, 2011)
     
  • Financieel debacle door moeilijk te schatten voorraden
    Het inschatten van de hoeveelheid gas is lastig. In de VS is de hoeveelheid schaliegas met 80% naar beneden geschroefd. (St. Maarten, 2011)


Witteveen+Bos. (2013). Aanvullend onderzoek naar mogelijke risico’s en gevolgen van de opsporing en winning van schalie- en steenkoolgas in Nederland. Retrieved from http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/schaliegas/documenten-en-publicaties/kamerstukken/2013/08/26/brief-aan-de-tweede-kamer-schaliegas-resultaten-onderzoek-en-verdere-voortgang.html

St. Maarten. (2011). De 6 gevaren van schaliegas. Retrieved from http://www.hetkanwel.net/2011/10/21/de-6-gevaren-van-schaliegas/

 

 


Campagne voeren of propaganda?

Posted on 30/8/2013 at 09:34 - 0 Comments - Post Comment - Link

Het verschil tussen propaganda en campagne voeren is klein. Met beide processen wordt geprobeerd om via de massamedia het publiek te beïnvloeden.

 

Propaganda= het probeert mensen te overreden en te overtuigen door middel van beïnvloedingstechnieken. Vaak wordt daarbij gebruik gemaakt van massamedia.

 

Er zijn 2 soorten propaganda, totalitaire propaganda en partijpropaganda in een democratische samenleving.

 

Totalitaire propaganda

Het begrip ‘totalitaire staat’ heeft te maken met het woord ‘totaal’: het is de bedoeling dat de ideeën van die staat helemaal doordringen in de samenleving. Als een staat niet die samenhangende ideeën of ‘ideologie’ heeft, is het gewoon een dictatuur (Dick Brents, 2007). Voorbeelden van een dergelijke staat: Nazi Duitsland, de Sovjet-Unie en China onder Mao Zedong.

Kenmerken van totalitaire propaganda:

  • het dringt in de hele samenleving door, beperkt zich niet tot één levensterrein.
  • de massamedia zijn ‘gelijkgeschakeld’, in één (staats)hand.
  • er wordt gebruikt gemaakt van dwang, terreur om de propaganda kracht bij te zetten.

(SchoolTV, n.d.)

 

Politieke propaganda

Je kunt politieke propaganda herkennen aan de technieken die gebruikt worden. Het zijn er veel en het gebruik van sommige hangt samen met politieke ideologieën en strategieën.

  • Afleiden van de aandacht van belangrijke gebeurtenissen (tijdens de verkiezingsstrijd de aandacht vooral richten op de persoon van de lijsttrekker van de tegenpartij).
    • Bandwagon: een soort ‘achter de muziek aangaan’. Tijdens de Amerikaanse verkiezingen hebben parades een belangrijke functie om mensen over te halen zich aan te sluiten.
    • Canvassing: persoonlijk benaderen van de bevolking door politici. Bezoek aan bejaardencentrum of het op de arm nemen van kleine kinderen.
    • Overdrijven en het gebruik van leuzen: ‘Een groot karwei, vraagt om een sterke partij’ of ‘Dit is het moment’ of 'Change we can believe in'.
    • Beeldvorming van de leider: moderne verkiezingscampagnes zijn tot op zekere hoogte in staat om een leider te ‘maken’.
    • Oppositie en zondebok: de andere partij duidelijk aangeven en de schuld geven van wat er allemaal mis is.
    • Gebruik maken van mythes: Servische propaganda berust voor een groot deel op gebeurtenissen en (niet bewezen) verhalen uit het ‘roemrijke’ verleden.

(SchoolTV, n.d.)

 

Verkiezingscampagnes

Een moderne verkiezingscampagne maakt veelvuldig gebruik van bovenstaande technieken. Deze campagne hangt natuurlijk sterk samen met de politieke structuur en cultuur in een land. Zo wordt in de Verenigde Staten gebruik gemaakt van verkooptechnieken die hier ondenkbaar zijn. Toch hebben moderne verkiezingscampagnes, zowel in de VS als in Europa, een aantal karakteristieken gemeenschappelijk:

1. Op basis van wetenschappelijk onderzoek worden doelgroepen onderscheiden, waar de strategie op wordt afgestemd (zwevende kiezer).
2. Een professionele campagneorganisatie, gekenmerkt door één lijsttrekker met 1 of enkele centrale thema’s maakt gebruik van in de reclame en marketing ontwikkelde communicatietechnieken, veelal gebaseerd op onderzoek, advisering door communicatiedeskundigen en een vooral op de televisie gerichte massamedia-benadering.

(SchoolTV, n.d.)

 

 


Media en politiek, haat-liefdeverhouding?

Posted on 29/8/2013 at 12:09 - 0 Comments - Post Comment - Link

Een goed voorbeeld van haat-liefdeverhouding is de ‘relatie’ tussen politici en de media. Wie het goed doet in de media kan zijn succes daarmee op een positieve manier beïnvloeden. Voorbeelden die dat uitstekend doen of gedaan hebben zijn Pim Fortuyn, Barack Obama en Emile Roemer. Als je als politici minder mediageniek ben kan de camera en microfoon maar beter ontwijken. Een duidelijk voorbeeld daarvan is Ella Vogelaar. Haar ondergang was niet meer te stoppen na haar zwijgzame confrontatie met Rutger Castricum, verslaggever van GeenStijl.

Dat de media invloed hebben op de politiek is bekend. Maar kan de media ook bepalen welke politici het halen en welke falen? Is mediageniek zijn voldoende om het publiek achter je te krijgen? Niemand wil dat het alleen nog maar over de vorm gaat en de inhoud zoek is. Hoe is dat te voorkomen? (R. Berends, 2011)

 

Window of opportunity

Media bieden een ‘window of opportunity’(dr. Thomas Schillemans). Dit houdt in dat kranten, radio, tv en internet een mogelijkheid scheppen om onderwerpen naar voren te brengen. Op deze manier hebben ze invloed op de agenda. Als bijvoorbeeld Mauro het gesprek van de dag is, geeft dit een window of opportunity om het over asielbeleid te hebben. Tegelijkertijd is er dan minder ruimte voor andere onderwerpen. (B. Kolen, 2009)

 

Maken of kraken

Als je naar het geval Vogelaar kijkt, dan lijkt het alsof media wel degelijk kunnen kraken. Campagnestrateeg Kirsten Verdel nuanceert dit beeld. Vogelaar was een typisch geval van symptoomduiding door de media. GeenStijl was niet de ziekte, maar degene die het symptoom aanwees. Dat ook het verhaal van de politici van belang blijft, zie je bijvoorbeeld aan Wouter Bos. Hij was zeker mediageniek en dat sorteerde effect op de korte termijn. Op de lange termijn gaan mensen toch het gebrek aan een verhaal missen. Beide zijn nodig. (R. Berend, 2011)

 

Gekleurde termen

Dat media niet zelfstandig maken of kraken, wil niet zeggen dat ze objectief zijn. Vele beperkingen dwingen journalisten keuzes te maken die nieuws een bepaalde vorm en toon meegeven. Zo legt Peter Kee, politiek redacteur bij Pauw en Witteman, uit dat men soms niet om gekleurde termen heen kan, als die nu eenmaal door het publiek gehanteerd worden. Als een ‘politiemissie’ in Afghanistan geen politiemissie is, maar iedereen noemt de missie een ‘politiemissie’, dan kun je als programmamaker niet om die term heen. (R. Berends, 2011)

 

 


Mediagebruik door kinderen en jongeren

Posted on 28/8/2013 at 15:38 - 0 Comments - Post Comment - Link

Kinderen brengen heel wat uren met audiovisuele media door. Kinderen en jongeren maken tegenwoordig veel meer gebruik van deze media, daarentegen lezen jongeren nog geen half uur per dag (De Vries, 2007).

Hoeveel tijd er door kinderen en jongeren dagelijks aan audiovisuele media besteed wordt is moeilijk aan te geven. Alle verschillende soorten audiovisuele media worden apart gemeten. Ook zijn er veel verschillende leeftijdscategorieën die het onderzoeken moeilijk maken. Men weet dus niet hoeveel tijd er totaal per dag aan deze media besteed wordt. Het HBSC-onderzoek heeft gekeken naar 2 overzichtstudies. Daarin is gekeken naar het gebruik van verschillende media op een gemiddelde dag voor kinderen en jongeren. Het HBSC-project (Health-Behavior-School-Children) is een vierjaarlijks Europees onderzoek naar de gezondheid en leefstijl van scholieren. In Nederland wordt dit onderzoek uitgevoerd door de Universiteit Utrecht, SCP en het Trimbos0instituut. Het onderzoek wordt landelijk afgenomen in groep 8 van het basisonderwijs en de klassen 1 tot en met 4 van het voortgezet onderwijs.

Het SPOT-onderzoek is de tweede overzichtstudie. SPOT is een stichting die door adverteerders is ontstaan. Zij houden via dagboekjes bij aan welke ‘media-activiteit’ tijd besteed wordt door de Nederlandse bevolking. (Nederlands Jeugd Instituut, n.d.)

Televisiekijken

Het HBSC-onderzoek liet zien dat kinderen en jongeren van 11 tot 18 jaar ongeveer tweeënhalf uur per dag tv-kijken. Dat is meer dan uit latere studies blijkt zoals die van het SPOT. (Nederlands Jeugd Instituut, n.d.)

Stichting KijkOnderzoek (SKO), houdt dagelijks bij welke tv-programma’s bekeken worden. Dit onderzoek heeft uitgewezen dat kinderen van 6 tot 12 jaar gemiddeld 112 minuten per dag tv kijken. Jongeren van 13 tot 19 jaar keken volgens SKO ook gemiddeld 112 minuten per dag. (SKO, 2009)

 

Gamen

Volgens het HBSC-onderzoek nam het gamen bij kinderen en jongeren ruim anderhalf uur per dag in beslag.  Volgens het SPOT-onderzoek varieert de tijd besteed aan gamen op de pc, console of gameboy tussen twintig minuten en een halfuur per dag. (Nederlands Jeugd Instituut, n.d.)

 

Internetten

Per dag internetten kinderen en jongeren ruim tweeënhalfuur volgend HBSC. Het SPOT-onderzoek komt tot lagere cijfers. Volgens hun internetten kinderen nog geen uur per dag en besteden alleen jongeren van 13 tot 16 jaar dagelijks anderhalf uur aan internetten. (Nederlands Jeugd Instituut, n.d.)

 

Verschillen per kind

Het gebruik van audiovisuele media kan per kind verschillen. Het media gebruik neemt toe naarmate kinderen ouder worden. SPOT heeft onderzocht dat kinderen van 6 tot 9 jaar ruim 2 uur per dag aan audiovisuele media besteden. Jongeren van 13 tot 16 jaar maken dagelijks 5 uur gebruik van audiovisuele media. (Nederlands Jeugd Instituut, n.d.)

 

  •  Vries, N. de (2007). Lezen we nog? Een inventarisatie van onderzoek op het gebied van lezen en leesbevordering. Amsterdam, Stichting Lezen.
  • Nederlands Jeugd Instituut (n.d.). Mediagebruik door kinderen en jongeren. Nederlands Jeugd Instituut. Retrieved October 8, 2012, from http://www.nji.nl/eCache/DEF/1/15/594.html
  • Nikken, P. (2003), 'Ouderlijke zorgen over het "gamen" van hun kinderen', in: 'Pedagogiek', 23, p.303-317. SKO (2009), 'Jaarrapport 2008'. Hilversum, Stichting KijkOnderzoek

Hosting door HQ ICT Systeembeheer