Weblog maken?


MaakEenWebsite.nl (tip)
Totaal slechts 10 euro per maand incl. domeinnaam en gratis overzetten van uw bestaande weblog bij Bloggers.nl 100 MB ruimte
emailadres
Lees meer..... en bestel
Gratis geld verdienen met e-mails lezen? Meld je aan bij
Zinngeld, Surfrace, Qassa en Euroclix !

Op zoek naar God?
Astrid Dämmler

Ik ben verhuisd.

Posted on 20/5/2013 at 19:53
Omdat bloggers zo langzaam werkt ben ik overgestapt naar mijn eigen website. Je kunt daar al mijn nieuwe verhalen vinden. www.conviva.nu Ik hoop dat ook daar veel reacties geplaatst zullen worden! Je kunt snel naar de website door rechts op CONVIVA de klikken.

Niet doelloos maar zinvol!

Posted on 13/5/2013 at 15:41
De uitslag van de botscan laat hetzelfde zien als in december 2012. Evenveel activiteit, niet meer en niet minder. Mijn longen en lever zijn schoon (kan dat na jaren kroegbezoek?), dus wordt er gesproken van een positieve uitslag. De oncoloog heeft voor mij een print gemaakt van de scan, want ze weet hoe ik het graag heb. Met de zwart-witfoto in mijn hand bekijk ik mijn eigen botten. Mijn skelet zit van kop tot staart onder de zwarte vlekken. Ik word er droevig van.
Ik had stiekem gehoopt dat ik met sporten de kanker terug zou kunnen dringen. Heb ik me daar maandenlang voor uit de naad gewerkt? Harder en harder wilde ik gaan om het tegendeel te bewijzen. Wat nou moe, sporten! Ik heb er geen spijt van, morgen ga ik weer. Het is alleen naïef te denken dat bewegen het medicijn is tegen alles. In het, tegen beter weten in, vasthouden aan deze gedachte, heb ik mezelf teleurgesteld.
Het is alsof ik nu pas besef wat het fotootje in mijn hand betekent, welke het gevolgen het heeft. Ik zal nooit meer juf of docent zijn, geen onderwijsadviseur meer, niet meer actief uitvoerend in ieder geval. En kom nou niet met de troostende dooddoener dat ik altijd een juf of onderwijsadviseur zal blijven, want dat helpt niet. Voor de klas staan met echte kinderen was en is mijn lust en mijn leven en werken met leerkrachten de kers op de slagroom. Het gaat er nu even niet om wat een ander denkt, maar om wat ik op dit moment voel. Ik zal nooit meer actief deelnemen aan een werkmaatschappij. En dat komt nu (hard en rauw) binnen. Ik wil ertoe doen, ik wil nog bijdragen, want dan heeft het leven voor mij zin.
Gelukkig blijf ik meubelstoffeerder en kan ik altijd mijn verhalen blijven schrijven. Ik ben toegerust met meerdere talenten en dat maakt me een rijk mens. Waar de behoefte om iets over te dragen en na te laten toch vandaan komt, ik weet het niet. Als ik sommige mensen inspiratieloos zie werken of sporten, snap ik er niets van.
Al schrijvende probeer ik tevreden te zijn met de uitslag. Joepie, de kanker is niet erger geworden. Even probeer ik mijn altijd niet aflatende positivisme naar boven te halen. Maar toch blijf ik van binnen nog wat misselijk. ‘Astrid bewandel je pad en doe je ding, ga er tegenaan’ zegt de stem.
Afgelopen vrijdag had ik een overleg met de stichting ‘Bewegen tegen kanker’ in het MCH. Het gesprek ging over mijn idee om oncogym (zo noem ik sport voor kankerpatiënten)  op een verantwoorde wijze onder te brengen in een gewone sportschool, in een normale omgeving waar het mogelijk is om leuke contacten op te doen en te bewegen. De man die ik sprak was enthousiast over mijn plan, hij heeft beloofd het plan te financieren en de mensen die ervoor nodig zijn (oncologisch fysiotherapeut en andere ziekenhuis bobo’s) bij elkaar te roepen voor een volgend overleg. Mijn enige missie is om de manager van Sportcity mee te krijgen voor het plan. Ik heb gezegd dat ik daar achteraan ga en als het aan mij ligt dat ik over een half jaar bij Koffietijd zit om live voor de buis iedere nog twijfelende persoon met de diagnose kanker van de bank af te praten, hup de sportschool in. Want ook al verdwijnt er blijkbaar geen tumor met sporten voor een krachtige geest is het het beste medicijn.

Moederdag

Posted on 12/5/2013 at 16:30

Gisteren waren we op de Rijswijkse markt, daar doen we op zaterdag met veel plezier boodschappen, gezellig kletsen en mensen ontmoeten. Elke zaterdag is het weer leuk, van de bakker tot de kaasboer. Bij de bakker werd ik, al wachtende op mijn beurt, zeer geraakt door een hele confronterende zin, die eigenlijk ook zo simpel is. ‘Een hele fijne moederdag morgen! Op dat moment rolde de tranen over mijn wangen. Wat als M. dit hoort die net haar moeder verloren is? Hoe moet zij zich voelen?
Ik heb moederdag altijd een commercieel uit de kluiten gewassen feestje gevonden. Kinderen kopen van hun zakgeld de meest gruwelijke geuren, zeepjes en overbodige prullaria. Leuker  vind ik de zelf geknutselde pollepels, kralen hartjes, geverfde wc-rollen om pennen in te zetten etc. Ook al heb je niets aan de voorwerpen, ze maken je bewust van je moederschap. Iedere keer als ik in de kast een dergelijk ‘creatief met wc-rollen’ knutselwerk tegenkom, moet ik glimlachen. De tijd vliegt, vandaag kreeg ik een grote bos bloemen en twee sleutelhangers met een foto van mijn knappe zoon.
Achttien jaar geleden was ik bezig met een marathonbevalling. De weeën waren om vier uur ’s nachts (op 14 mei het was toen moederdag) begonnen. De aanstaande jonge vader was vissen en had een pieper van de PPT bij zich waar helaas lege batterijen in zaten. Hij kwam pas  rond de lunch  thuis en had geen idee in welke onmogelijke standen, al kreunend hij mij zou aantreffen. Ondertussen had ik de hulp ingeroepen van mijn zus (ervaren in het baren) en een vriendin. Pas op maandagnacht (15 mei 1995) om 2.02 uur werd onze zoon Owen geboren. Ik heb dus eerlijk gezegd mijn eerste echte moederdag pas een jaar later  beleefd.
Vanaf het moment dat ik zelf moeder ben geworden heb ik het altijd leuk gevonden om er even extra bij stil te staan dat het zo een bijzondere taak is. Een taak die ik tot de komst van Arnout grotendeels alleen heb vervuld, ik vond het niet erg en ook wel fijn. De eindeloze vermoeidheid die ik in de eerste jaren voelde ebde langzaam weg. Ik heb zo ontzettend genoten van mijn super vrolijke kind. Het genieten neemt andere vormen aan naarmate ze ouder worden. Owen is meer van huis dan thuis. Hij creëert kledingbelten die je zou kunnen beklimmen bij gebrek aan bergen. Hij lijkt af en toe verdomd veel op zijn vader. Ook als het duidelijk mijn eigenschappen zijn, dicht ik ze graag aan een ander toe.
Woensdag wordt Owen volwassen zegt de wetgeving. Ik verheug me enorm op die omslag. Ik ben heel benieuwd of het onmiddellijk merkbaar is. Ik denk dat ik hem om klokslag twaalf uur maar even wakker maak om het verschil te bekijken.
Iedereen heeft een moeder, niet iedereen is een moeder of gedraagt zich als een moeder. Ik kan me voorstellen dat niet iedereen zal juichen bij het denken aan de persoon die hem of haar op de wereld heeft gezet. Toen ik gisteravond de film ‘Precious’ zag, werd ik me daar nogmaals erg bewust van.
Owen heeft mij een moeder gemaakt, hij heeft ook van mijn lieve vriendinnen mede-moeders gemaakt. Ze hebben de afgelopen jaren meegedacht en mee gezorgd. Mijn dankbaarheid aan hen is groot, zonder deze kanjers had ik het niet op dezelfde manier kunnen doen.
Morgen krijg ik in het ziekenhuis de uitslag van de botscan. Je kunt het zien als het opmaken van de tussenbalans. Wat heeft de chemo gedaan en hoe staat het ervoor? Ik kan dan weer beter inschatten hoelang ik nog moeder mag blijven. Want ondanks al het zware werk van het moederschap, vervul ik de taak graag en met veel liefde en wil ik dat nog lang blijven doen.

Precious: Based on the Novel "Push" by Sapphire is een Amerikaanse film uit 2009 van regisseur Lee Daniels.

Koekje erbij?

Posted on 8/5/2013 at 17:38

Het zijn bijzondere tijden. Zeker nu het verleden regelmatig zeer dichtbij is. Mijn allerbeste vriendin van de basisschool en ‘mijn vriendje’ Heintje waren gisteren op bezoek. We hebben elkaar gevonden met behulp van FB (Facebook) en waren toch erg nieuwsgierig naar elkaars welbevinden. M.v.d.K uit D. kom ik nog regelmatig tegen, meestal op de markt, omdat zij nog in Den Haag woont. Ze woont slechts enkele honderden meters van de plek waar onze jeugd gekenmerkt werkt door het spelen met Barbies en gebukt gaan onder de terreur van enkele klasgenoten, in het Engels bullies genoemd.
De Barbies waren leuk en beleefden fantastische avonturen. Ze werden minstens tien keer per dag omgekleed. Gelukkig  werd dit met de komst van buigbare benen door Mattel vergemakkelijkt.
We hebben gister veel gelachen en gesproken over onze (toen nog) lagere school. Heintje had weinig te lijden gehad onder de bullies. Hij was toen al lekker (mega) druk en ongrijpbaar omdat hij in het ‘betere Rijswijk’ woonde. Zijn verjaardagsfeesten waren fantastisch, hij deelde echte zakjes chips uit (!) en we gingen altijd naar de bioscoop, ik weet zelfs nog welke film.
Met M.v.d.K deelde  ik het leed van gebukt gaan onder de permanente bedreiging gepakt te zullen worden na schooltijd door de bullies. Ik zal hun namen niet noemen omdat ik ze misschien op een dag vergeef en dan zou het toch lullig zijn. Maar voor vergeving is tot nu toe nog geen plek. Toen iedereen gisteravond hier het pand verlaten had, heb ik de fiets gepakt om langs het huis van de hoofdbullie te fietsen. Ik had ’s middags zelfs met haar aan de telefoon gezeten om haar op de hoogte te brengen van een op hande zijnde reünie. Ze kon zich mijn naam, noch die van M.v.d.K niet herinneren. Ze moest zelfs even nadenken of ze wel op de Prins Willem Alexander had gezeten! Ze wist gelukkig wel waar ze op dit moment woont en zodoende kwam ik er dus achter dat ze nog in dezelfde straat woont als vroeger.
Op weg naar haar huis fietsend laadde ik mezelf steeds meer op. In gedachte wilde ik haar ramen ingooien, haar de huid volschelden, haar terugpakken, haren uittrekken enzovoort. Maar wat heb ik eraan als ze niet eens meer weet wie ik ben? Ik ben drie keer heen en weer gereden. Eén keer ging de deur open, door de opening kon ik net niet genoeg zien. Ik bedacht me dat ruiten ingooien niet slim is en bovendien had ze dubbel glas. Het heeft me goed gedaan om in mijn hoofd de wraakgedachtes een podium te bieden. Vermoeid ben ik naar huis gegaan en heb een warme douche genomen de negatieve energie gleed van me af.
Vervuld van veel leukere gedachtes ben ik vanmorgen gaan sporten. Ik kwam ‘koekje erbij’ tegen. Ik noem hem zo omdat hij een allemansvriend is en interesse heeft voor iedereen en daardoor veel in gesprek is.  Hij is voor de tweede keer opa geworden. We zaten samen op de fiets (ieder één hometrainer voor de duidelijkheid) en hebben gesproken over leuke en positieve dingen. Net als ik geniet hij van alle dingen in het leven, iemand met een juiste levenshouding. 
‘Koekje erbij’ vertelde me dat hij van het begin tot het einde mijn blog gelezen had, zelfs twee keer. Wat heerlijk om te horen dat mijn teksten gelezen worden. Het geeft me een gevoel van zijn, van bestaan. Ik vind het een eer om gelezen te worden. Schrijven is nog meer dan voorheen een behoefte die me helpt om alles in kaart te brengen. Ik zou het bijna therapeutisch willen noemen. Het hebben van een klankbord, in de vorm van lezerspubliek, maakt dat anderen weten wat er in me leeft. Gelezen worden is een warme vorm van belangstelling. Het is voor mij even waardevol als een telefoontje of een kaart. Dank dus voor het lezen.

Golden Oldies

Posted on 7/5/2013 at 10:26


Zondag was er bevrijdingsfestival op het Malieveld. Ik wilde perse de ‘Golden Oldies’ zien optreden.
Informatie over de Golden Oldies (website BNN)
Ze zijn grijs, gestopt met werken, reizen al tijden op een roze-strippenkaart en... ze willen nog één keer vlammen! In Golden Oldies stelt Ruben Nicolai een koor van veertig bejaarde Hagenezen samen om toe te werken naar een knallend concert in Koninklijk Theater Carré.
Niks geraniums
Niks geraniums, deze koorleden blazen met hun rockmuziek alles en iedereen van het podium. Ze duiken voor meer dan 100% in dit voor hun misschien wel laatste grote avontuur. Maar dit alles niet zonder slag of stoot. Zijn de Golden Oldies bereid om het rock-repertoire uit te voeren en zijn ze in staat het hele avontuur vol te houden?@
De reden waarom ik zo gek ben van de Golden Oldies en ze me tot tranen toe kunnen beroeren, is simpel. Ze willen leven, ze willen ondanks hun fysieke beperkingen en beperkte houdbaarheid een avontuur beleven. Ik voel me verbonden met deze mensen. Ik weet net als zij dat het nu of nooit is.
Op het Malieveld stonden hekken waar medewerkers bij de poort controleerden of we geen flessen of blik mee naar binnen zouden nemen. Voor mij een uitdaging om dit natuurlijk wel voor elkaar de te krijgen. Als een stel pubers zijn Arnout en ik rond het veld gelopen om de mazen in het net te ontdekken. De zwakke schakel vonden we bij de nooduitgang aan de achterzijde. Geen bewaker in zicht, dus daar lag de kans. Ik bleef daar op die plek achter terwijl Arnout omliep om aan de binnenzijde de rugtas met bier en flessen fris aan te pakken. Dit soort ondeugende (maar onschuldige) daden blijven voor mij noodzakelijk kwaad. Het zit in mijn karakter om op kleine schaal opstandig te zijn.
Eenmaal veilig op het terrein hebben we netjes twee drankjes gekocht zodat we de drank incognito konden nuttigen. Ondertussen had Leentje en een nog onbekende vriend (zie foto’s Facebook) zich bij ons aangesloten. Leentje is zo gek als een deur en naast de nodige zelfspot beschikt hij over een briljant gevoel voor humor. Zijn zwangere zus M.H. uit Den Haag probeert ons altijd tevergeefs bij elkaar weg te houden omdat hij en ik een vlek op vlek reactie veroorzaken. Zodra er elkaar zien vliegen de macabere grappen met een snelheid van meer dan 200 km per uur om je oren. En geloof me, zowel hij als ik blijven niet gespaard.
Voordat de jeugdige grijsaards gingen zingen was er een afvaardiging van de vroegere band ‘Simple Minds’ aan het spelen. Hoogtepunt het nummer ‘Don’t you forget about me’. Voor jongeren is er de mogelijkheid om deze naoorlogse beelden te bekijken op YouTube. Ik stond naast een wat jongere broer van de vriend van Leentje luidkeels te zingen. Hij keek me aan alsof ik gek was. Hij had het lied nog nooit gehoord. ‘Ben ik toch nog oud geworden’ dacht ik.
Tijdens het dansen en springen werd ik op mijn schouder getikt door mijn nurse practitioner. Een nurse practitioner is een verpleegkundige functie die zich qua bevoegdheid bevindt tussen arts en verpleegkundige. Zij kan verschillende taken van de arts overnemen en in bepaalde gevallen zelf diagnoses stellen en medicatie voorschrijven. Barbara (zo heet ze echt) omhelsde me met trots. Ze liet me weten zeer veel bewondering te hebben voor het feit dat ik zo oprecht aan het genieten was. Heerlijk om in zekere zin toch een opvallende patiënt te zijn ( een golden boldy.)
De Golden Oldies kwamen op voor hun laatste optreden als gelegenheidsband. Wat een levenskracht, wat een feest. De broer van de vriend van Leentje, die overigens door drank en drugs een zekere staat van ontbinding was, begreep niets van mijn enthousiasme. Ik riep hem toe dat het toch geweldig was als mensen zo konden genieten. Zijn antwoord: ‘Dat hadden ze dertig jaar geleden toch kunnen doen?’ ‘Mijn hemel, de knul moet nog veel leren’: dacht ik. Ik riep hem toe: ‘Dat maakt niet uit, ze doen het nu! Het is nooit te laat om je te gaan leven, hoe beperkt je tijd ook is’.
Ach, weet die goser veel…….(nee, blijkbaar nog niet).
http://www.youtube.com/watch?v=CdqoNKCCt7A

Rake klappen

Posted on 3/5/2013 at 17:48

Rake klappen

Een volle week met veel feest en actie. Ondanks het feit dat bijna alle dingen die ik doe leuk zijn om te doen, kom ik erachter dat ik met steeds minder energie mijn activiteiten moet voltooien. Ik heb er grote moeite mee om me te beperken tot het doen van slechts één of twee dingen op een dag. Ik plan mijn dagen nog steeds onverminderd vol en moet daar steeds vaker tol voor betalen.
Zondag was ik met Arnout Angels (J, S, I en S) naar de sauna. Er werd mij een verwenarrangement aangeboden. Nog voor de lunch lag ik op de tafel bij een masseuse die mijn zenuwknopen fanatiek, gelijk een moeder die eindelijk de toestemming krijgt om een mee-eter van haar puberzoon uit te knijpen, aanviel. Mijn hemel, ze heeft me niet gespaard. Gelukkig heb ik van haar behandeling de afgelopen week wel profijt gehad. Niet echt lekker, wel nuttig. De hele saunadag was geweldig en ik ben de Angels dankbaar, wat een supervrouwen.
Koninginnedag was een succes en erg gezellig omdat het bij uitstek een koopjesdag is. En daar word ik blij van! Met kilo’s babykleding voor Femmy en Jelle en een heuse nieuwe ‘tweedehands’ tweelingbuggy ging K. S. uit Rijswijk, stralend huiswaarts. Arnout en ik gingen nog even naar de Oude Molstraat om verder te feesten. Ik had mezelf zodanig toegetakeld met oranjekleding, oranje wimpers (van veren gemaakt), oranjerode pruik en een diadeem met de Nederlandse vlag, dat mensen me nauwelijks herkenden. Fijn om weer een dag undercover te zijn, alhoewel ik mijn vrienden natuurlijk wel wilde herkennen…..
Mijn allerliefste Annie is altijd jarig op deze feestdag, dus ook volgende jaar hebben wij op 30 april nog wel iets te vieren. Ik schrok  van mijn eigen gedachten dat ik volgend jaar er waarschijnlijk toch wel heel anders bijsta. Dat we dan alweer een jaar verder zijn en dat hetgeen de toekomst brengt zo onduidelijk is. Onder invloed van deze gedachten en port vermengd met bier heb ik mijn tranen rijkelijk laten vloeien. Het lucht ook wel op om de emotie een podium te bieden.
Gisteren zag ik, in de sportschool mijn geliefde Shirley Temple met twee fitte mannen op leeftijd boksen. Ik vroeg of ik mee mocht doen. Natuurlijk werd ik van harte welkom geheten en voor ik het wist heb ik onverwacht nog een manier gevonden om mijn emoties te kanaliseren. Ik deelde (voor mijn gevoel) rake klappen uit. Voor elke chemo, voor elke naald, voor een te korte toekomst etc. Heerlijk om zo bezig te zijn. Ik ging moe naar Sportcity en kwam als een herboren mens terug.
De komende weken staan in het teken van de voorbereidingen voor Australië. Maar er zijn ook nog spannende medische onderzoeken. Deze week is er al een longfoto gemaakt, maandag een echo van mijn lever er vervolgens nog een botscan. De oncoloog heeft gevraagd of we de uitslag van de onderzoeken voor onze reis willen hebben, een lastig dilemma. De onderzoeken zullen inzicht geven over de stand van zaken in mijn lijf. Het is zoals het is, we willen het weten, nog voor de reis. We zullen er samen (met steun van iedereen) wel weer een weg voor vinden.
In mijn koffer naar Australië neem ik een paar bokshandschoenen en stootkussens mee voor de broodnodige uitlaatklep voor mij en mijn mannen…..

Muts

Posted on 27/4/2013 at 11:25

Woensdag is de moeder van M.(en van de andere drie kinderen) begraven. Owen en ik zijn samen naar Hooglanderveen gereden. Omdat we de Tomtom niet konden vinden en dus met de Iphone moesten navigeren leverde dat wat stress op. Het begon al met het feit dat ik per ongeluk richting Amsterdam reed, gelukkig is afbuigen door de aanleg van de N11 makkelijk. We hebben weinig minuten verloren. Doordat (ja wat zal ik zeggen, ik zal de apparatuur maar beschuldigen) de Iphone niet duidelijk aangaf waar we heen moesten belandden we direct in de straat waar het ouderlijk huis was en de haag van mensen begon. De kist werd onder begeleiding van de kinderen, man en familie door de straten naar de kerk gereden. Bijna 500 meter lang stonden er mensen langs de route. Overal hingen de vlaggen half stok. Veel leeftijdgenoten van mij en van Owen passeerden. Met een drom van meer dan vier honderd mensen liepen we achter de kist aan.
De moeder van M. bleek veel, heel veel overeenkomst te hebben met mij. Ze had de sociale academie gedaan, daarna de Pabo, vervolgens in het onderwijs gewerkt en hield zich de afgelopen jaren bezig met leesbevorderingsprojecten voor het vmbo. Owen hield mijn hand vast, steeds steviger naarmate de herkenning groter bleek. We spraken veel, doch zonder woorden.
Omdat er voortdurend foto’s te zien waren van de moeder van/vrouw van /kind van /vriendin van /buurvrouw van /collega van etc., had ik het gevoel haar steeds beter te kennen. We zaten steeds bewuster in de zaal om de familie te steunen en niet om mijn eigen ‘feestje’ te zien. De kinderen spraken mooi, haar man was ongelooflijk helder en in staat de bijeenkomst te leiden. Hij had van zijn vrouw de opdracht gekregen om het lied ‘Have a little faith in me’ van John Hiatt te zingen. Loepzuiver met zijn ogen gesloten zong hij het lied vol overgave terwijl hij aan het hoofd van haar kist stond. Toen hij klaar was stonden we en masse op om hem een staande ovatie te geven. Het was zoals ‘de moeder van’ gevraagd had, de mooiste dood en ceremonie die zij zich kon wensen.
We hadden ‘s morgens in de gauwigheid twee rozen uit de vaas gehaald om mee te nemen die dag. Ik legde de roos bij het graf, Owen was zo stoer om de roos aan M. te geven met een zoen op haar wang. Daarna legde hij weer een arm om mij heen en liepen we het pad af. Ik heb veel gemopperd op het gebrek aan didactische vaardigheden bij mijn kind, aan gebrek aan discipline. Voor de grap zeg ik wel eens dat hij zo hoog begaafd is dat zelfs een test het niet kan vaststellen, en ook de docenten niet en ook zijn omgeving niet. Maar ik kan wel zeggen dat hij op sociaal emotioneel gebied een zeer begaafd mens is. God, wat ben ik trots op hem!
Bij de high-tea die aansluitend gehouden werd kwam een vrouw bij ons staan. Aan ons gesprek merkte ze dat er bij ons iets bijzonders was. Ik bracht haar even op de hoogte (as you do) van onze situatie. Zij ging allerlei vragen stellen over mijn toekomstverwachtingen etc. Iets waar ik op dat moment niet voor gekomen was en ook geen zin in had. Ik probeerde het gesprek op haar reden van komst te brengen. Ze bleek bij de bibliotheek Utrecht te werken. Toen ik een aantal namen noemde van de Stichting Lezen en of ze die ook kende, was er geen houden meer aan. We hadden hier duidelijk met een beroeps gedeformeerde  boekenwurm te maken. Owen en ik wisten niet hoe we haar kwijt moesten raken.
Gelukkig zag de fleurig in het Desigual geklede vrouw de directeur van de bibliotheek van Amersfoort. Ze bood meteen aan om het gat dat de overledene achterliet te vullen met mankracht vanuit Utrecht. Je kan er maar op tijd bij zijn hè? Even kwam ze nog terug aan onze statafel om te vragen of wij ook actief waren met lezen. Ik antwoordde: ‘Ik heb even geen tijd voor boeken, ik lees het leven.’ Weg waren we, bevrijd van deze mega muts.

Songwriters: HIATT, JOHN

When the road gets dark
And you can no longer see
Just let my love throw a spark
An' have a little faith in me

An' when the tears you cry
Are all you can believe
Just give these loving arms a try, baby
An' have a little faith in me

CHORUS:
Have a little faith in me
Have a little faith in me
Have a little faith in me
Have a little faith in me

An' when your secret heart
Cannot speak so easily
Come here darlin' from a whisper start
Have a little faith in me

Duet: An' when your back's against the wall
Just turn around an' a you will see
Duet: I'll be there, I'll be there to catch your fall
So have a little faith in me

 

De moeder van

Posted on 22/4/2013 at 13:01

Tot een zekere leeftijd ben ik altijd gewoon Astrid geweest. Zelden mevrouw Dämmler (en gelukkig maar), dat voelt zo oud. Toen ik mijn zoon kreeg en ik moeder werd, gebeurde het steeds vaker dat ik de moeder van Owen werd genoemd, zeker toen hij naar de basisschool ging en hij kinderen mee naar huis nam om te spelen. Geen kind dat je bij je voornaam noemt, je krijgt de eervolle titel van moeder letterlijk in de schoot geworpen of je het nou verdient of niet.
De afgelopen tijd ben ik natuurlijk veel bezig met het leven, toch onbewust/bewust meer dan voorheen. Kan het nog meer? Ja, dat kan. Ik observeer ouders die ik door het raam van de sportschool hun kinderen zie begeleiden. Ik stel mezelf vragen over ouderschap. Vroeger, bij de generatie van mijn ouders, leken ouders meer op douanebeambten. Ze bewaakten de grenzen van het leven meer en veel dingen werden goed of slecht bevonden met minder ruimte voor discussie.
Nu is er veel meer ruimte voor gesprek en zijn we veel meer een gids dan douane. Misschien is er in de ogen van de oudere generatie wel teveel ruimte voor gesprek en zouden we meer grenzen moeten stellen.
Gids zijn is niet eenvoudig, een goede gids leeft voor. Tja, doe ik dat wel voldoende? Zou ik niet meer grenzen moeten stellen en een balans moeten vinden tussen het één en het ander? Voorlopig houd ik het toch maar op gidsen, ik kom regelmatig op een  tweesprong en leg mijn kind de mogelijkheden voor. Door samen het leven en alle mogelijkheden regelmatig onder de loep te nemen is onze band sterk.
Openheid is een kernwoord hier in huis. Soms zelf zo open dat ik zaken in geuren en kleuren te horen krijg die misschien beter met vrienden kunnen worden gedeeld. Als ik dat er dan bij zeg, is het commentaar : ‘Ja, jij hebt me zo opgevoed om overal over te praten!’ Daar heeft hij dan wel weer gelijk in. Het is niet altijd makkelijk die ruimte voor discussie. Soms is het wenselijk als zaken gewoon in een keer gebeuren, dan mis ik een ouder-ritair karakter.
Op het werk van mijn zoon praat hij over mij, daar ben ik blij mee. Hij kan daar delen wat misschien met mij niet bespreekbaar is. Hij vindt herkenning, met name bij een lotgenote waarvan haar moeder in dezelfde situatie zit/zat als ik. Sinds een aantal dagen is het ‘in de situatie zat’. De moeder van M. is overleden. De serial killer heeft haar te pakken genomen en weggehaald uit ons bestaan. Weer is er een  ‘moeder van’ gestorven. Het raakt me diep. Ik voel pijn in mijn hart als ik denk aan het verdriet dat het meisje doormaakt. Ik voel angst omdat de confrontatie voor mijn zoon hard kan aankomen. Hoe gaat een mens om met wat er op zijn pad komt?
Ik probeer positief te blijven en ook deze gelegenheid te lezen. Wat kan ik hieruit halen? Ik wil er zijn voor mijn kind en voor het kind van ‘de moeder van’. Woensdag ga ik mee naar de begrafenis. Ik hoop mijn zoon te kunnen gidsen bij deze ervaring. Ik hoop dat hij blij zal zijn dat hij M. zijn steun laat voelen. Ik denk aan alle ‘moeders van’ die te vroeg gaan en waarvan de geschiedenis nog niet af was.

Het hoogste bod

Posted on 19/4/2013 at 16:31

Zoals vele mensen doe ik regelmatig een bod bij Vakantieveilingen. Ik kies vaak korte reizen en weekenden uit. Het liefst naar Duitsland of Frankrijk zodat we meteen boodschappen kunnen doen. Ook richt ik mijn pijlen graag op steden waar ik gewoond heb om dan als van ouds de kroegen te bezoeken waar ik vele avonden doorbracht op jacht naar leuke mannen. Ik reis dan, al mijmerend met een biertje in mijn hand, terug in de tijd en vertel Arnout over mijn heroïsche kroegendaden.
Deze keer was mijn vinger op een veilingknop blijven hangen die ons wederom naar Winterberg bracht. De stad waar wij eerder drie dagen verbleven en waar toen net de eerste heftige sneeuw gevallen was. We hadden net een aantal dagen ervoor gehoord van de uitzaaiingen en bevonden ons nog bij tijd en wijlen in een verslagen toestand, waar ongeloof ook nog wel eens de kop op stak.
Nu waren we weer in dezelfde stad. Geen sneeuw dit keer, helaas ook nog geen echte lente. De zon scheen wel, maar de bladeren waren er nog niet om het gebied sprookjesachtig te versieren. Vijf maanden na het nieuws, vijf maanden behandelingen en dertien chemo’s verder, vijf maanden leven met het idee dat het leven een beperkte houdbaarheidsdatum heeft.
We dachten in december dat ik nooit meer naar Winterberg zou komen, dat ik misschien niet meer zo mobiel zou zijn. Enfin, ondanks alle positieve gedachtes en geloven in eigen kracht dachten we toch dat ik eerder beperkt zou worden in mijn bewegingsapparaat. Prachtig is het om nu te zien dat de serial killer mij er niet zomaar onder krijgt. (Gister had ik nog twee pr’s op de sportschool!)
We hebben in Duitsland veel bubbels gekocht om veel te kunnen vieren. We hebben een keer een verantwoorde lunch ingeruild voor Duitse Kuchen en zelfs een keer ijs gegeten als middagmaal. We waren optimaal aan het genieten.
Ik probeerde niet teveel aan de calorieën te denken (iets dat niet eenvoudig is). Ik denk en weet dat ik daarom gister zo hard gesport heb. Iedereen kan denken en zeggen wat hij of zij wil, maar het blijft lastig. Ik heb mezelf toegesproken en gegund om het leven te omarmen.
In de gang naar de kleedkamer van de sportschool kwam ik gister mijn niet-eten meisje tegen. Over haar heb ik eerder verteld omdat ik het een zeer bijzondere ontmoeting vond. Ik had er daarna nooit meer gezien en ging twijfelen of ze wel bestaan had en ik niet tegen mezelf had staan praten. Nee, ze bestaat echt. Het lijkt wel of ik haar weer op dit moment tegen het lijf ben gelopen om mezelf niet te vermanend toe te spreken over taart, ijs of wat dan ook.
Met plezier denk ik terug aan onze afgelopen dagen, aan het hotel waar we verbleven dat overal naar kaasmakerij rook, waar de vloeren bekleed waren met restanten Heugaveld tegels in alle kleuren van de regenboog (waarschijnlijk van een failliete inboedel), waar de eigenaar ons voor twintig euro meer een andere kamer aan wilde bieden zodat we nog een tweepersoonsbed erbij hadden (?), waar een kegelbaan was ( waar ik me op verheugd had) die zo oud was dat ik bijna in de kegels de symbolen van het Derde Rijk meende te herkennen, waar het eten op menukaart allemaal Nederlands was en medegasten allemaal zwaar vergrijsde medeburgers waren. Kortom bieden op Vakantieveilingen brengt je op de meest geweldige plaatsen, de volgende keer gaan we naar Parijs. Ben benieuwd wat we daar aantreffen……

Schzus = Dota

Posted on 12/4/2013 at 13:14

Omdat K.S. uit R. moest werken maar haar kinderen DVVV (dikke vieze vette verloofde) en Terror F. al bijna een week aan de diarree waren, gingen mijn schzus en ik samen naar de huisarts om toch even voor de zekerheid te laten controleren of de tweeling niet teveel uitgedroogd was.
Mijn schzus heet zo omdat zij meer is dan een schoonzus en ik graag namen bedenk die het meest passen. DVVV eigenlijk J. heet zo omdat hij om de woordgroep ‘dikke vieze vette verloofde’ voor het eerst lachte naar mij toen ik die uitsprak. Terror F. eigenlijk F. wordt zo genoemd door Arnout omdat ze heel bijdehand is, overal bij wil zijn en van zich laat horen met hoge kreten.
Maar hoe komt het nou dat schzus en ik samen met de kids op pad gingen?
Nu K.S. uit R. een uitgebreid interview heeft gegeven in het blad ‘Wij jonge ouders’, kan ik ook uit de kast komen (figuurlijk dan, anders kan ik niet schrijven) . Alhoewel de meest mensen wel weten wat ik nu ga vertellen, leg ik de constructie toch nog even uit.
In 2011 leerden wij K.S. uit R. kennen. Zij werd meteen opgenomen in ons bestaan en we deelden veel. Zij had een kinderwens die zij spoedig in vervulling wilde laten gaan. Bij gebrek aan een leuke partner moest er gedacht worden aan donorschap. Maar ja, hoe kom je aan een leuke donor? Je kunt tegenwoordig zaad bestellen via internet, maar dan heb je meestal een Deen te pakken en zal je kind in de toekomst bij het op zoek gaan naar de vader hooguit een keer naar Legoland gaan. Wie geduld heeft kan ook wachten op een Nederlandse celletjes, maar dan is de wachttijd drieënhalf jaar. Waar die donoren zo lang over doen is mij een raadsel….
Op een vrijdagavond in juni ontsprong één van mijn vele ideeën in mijn hoofd. Arnout had uit het verleden nog een kinderwens. Met allerlei kunstgrepen bleek helaas het verlangen niet beantwoord te worden.  Enfin, om een lang verhaal kort te maken. Ik zag in mijn man de toekomstige donor. Toen ik het hem voorstelde zag ik voorzichtig zijn mondhoeken omhoog krullen. Ik wist dat het zou gaan lukken. Voorzichtig heb ik K.S. uit R. gevraagd of zij een donor als Arnout zou zien zitten. Zij beantwoordde deze vraag met enthousiasme. Met behulp van het ziekenhuis (een beetje van jezelf en een beetje van Maggi) is het tot een uitgevoerd plan gekomen. Zo is het dus gekomen dat ik Doma ben (donormama) Arnout is Dopa geworden en Owen Dobro. Zie legenda aan het eind van deze tekst.
Dat schzus en ik samen naar de huisarts gingen was dus niet gek, er was immers familie aanwezig. De huisarts vroeg aan ons wie de moeder was. Aangezien schzus en ik allebei biologisch afgeschreven modellen zijn en beide tegelijkertijd opvliegers hadden, zag de huisarts ook wel in dat wij niet de moeder konden zijn. Omdat we niet beschuldigd wilden worden van ontvoering hebben we het ware verhaal even uit de doeken gedaan. Ook de namen van Doma en Dopa kwamen aan de orde en zo werd schus dus Dota. Een rol die ze met liefde en zorg vervuld.
Na het bezoek aan de huisarts moesten we nog even voor de zekerheid naar het ziekenhuis om een kinderarts te laten kijken naar DVVV. Schzus en ik met opvliegers en een kind in de armen liepen naar gebouw H, waar K.S. uit R. zich al snel aansloot bij onze optocht. Drie vrouwen en twee baby’s. leg dat maar eens uit. De arts-assistent sprak keurig tot ons allemaal zonder een van ons te discrimineren. DVVV zag er goed genoeg uit om weer mee huiswaarts te gaan. Schzus en ik kropen snel bij elkaar in de auto. Pfff, het was een intensieve maar wederom leuke middag. ‘Moeten we vaker doen’ zeiden we tegen elkaar. ‘Ja’ zeiden we allebei. Lieve schzus bedankt!

Legenda:
Dopa= donor papa
Doma= donor mama
Dobro= donor broer
Dozus= donor zus
Doop= donor opa
Doom= donor oma
Dota= donor tante
Do-oom= donor oom
etc.

 

Hoeve Windlust

Posted on 9/4/2013 at 11:56

Amper een dag na mijn ontslag uit het ziekenhuis had ik weer sterk de behoefte om me onder de mensen te begeven. Natuurlijk wist ik zaterdag waar mijn vrienden zich begaven dus hebben we de tandem beklommen en zijn naar de stad gereden om traditioneel de Grand National te kijken, een onzinnige paardenrace in Groot Brittannië waar we met z'n allen blind lootjes voor trekken á vijf euro per stuk. Vervolgens volgen er een aantal spannende minuten en winnen een aantal mensen de pot die we bij elkaar hebben gelegd. Vroeger kwamen er zoveel mensen om te gokken dan was er spannend wie er zou winnen, maar omdat er inmiddels mensen kinderen hebben gekregen (en dus elders verplichtingen hebben) en sommigen zijn overleden, moeten we hetzelfde aantal lootjes verkopen onder een kleinere groep. De kans dat je wint is dus vele malen groter. Arnout en ik hadden het paard dat als derde binnenkwam waardoor we onze inleg gelukkig weer terug hadden. Mijn lieve vriendin A.P. uit D. won de hoofdprijs,  traditioneel moet je dan iedereen een biertje geven om te vieren waarop het gewonnen bedrag als sneeuw voor de zon verdwijnt.
Bovenstaand 'avontuur' deed ons het ziekenhuis vergeten. Een bezoek dat toch een behoorlijke impact op ons had. Van onsterfelijkheid bleek geen sprake meer toen de arts ons laat in de avond de vraag stelde die hij volgens het protocol aan iedereen met uitzaaiingen moest vragen. Na de zinnen: ' Dit soort situaties (koorts en andere tegenvallers) kunnen vanaf nu af aan vaker voorkomen.' Vroeg hij: ' Wilt u gereanimeerd worden, indien de keuze zich voordoet?' Boem, bam, dat komt binnen! Waar hadden we het over? Hij vroeg of deze vraag al eerder aan de orde was gekomen bij de oncoloog. En nee, dat was niet het geval..... Weer iets om voortaan rekening mee te houden. Maar natuurlijk was het antwoord nu ontkennend. Tuurlijk zou ik gereanimeerd willen worden. ‘Als jullie het maar voorzichtig doen’: antwoordde ik.
Toen het zondag lekker weer bleek te zijn hebben we wederom de tandem gepakt en zijn via onze leuke vriendinnen P. en C. te D, die in blijde verwachting zijn van een tweeling, doorgefietst naar Hoeve Windlust. Daar hebben we koffie gedronken bij een heerlijk hartelijke hartverwarmende familie. Dan heb ik het niet over vier mensen, maar over tien mensen uit drie generaties. We kunnen er altijd verschrikkelijk lachen omdat de humor ontzettend overeenkomt. Arnout zou een broer kunnen zijn van de twee broers A. en E. die samen met hun ouders daar al hun hele leven wonen. In de loop der jaren zijn daar hun geweldige echtgenotes bij gekomen. Ze hebben een bijzondere schare kinderen. Ik kan wel zeggen dat ik zelden zulke heerlijke meiden heb gezien.
Het gespreksonderwerp was hoofdzakelijk de reis naar Australië die E. en L. samen hadden gemaakt, toevallig hetzelfde gebied als waar wij over krap zes weken naartoe zullen afreizen. De warmte die middag was niet alleen veroorzaakt door de zon, maar ook door de ontvangst van deze heerlijke familie. We hebben nu nog meer zin in de vakantie en kijken vooruit. Samen met de meiden hebben we de eerste kersverse lammetjes beetgehouden en het nieuwe leven een knuffel gegeven. Voor energie zijn we de lange oprijlaan afgereden.........

Ziekenhuisavonturen

Posted on 6/4/2013 at 10:42

Mijn conditie kon niet stuk, dacht ik. Ik kreeg het nog steeds voor elkaar om pr's (persoonlijk records) te halen op verschillende apparaten van de sportschool. Opgezweept door muziek en mooie gedachten kon ik mezelf motiveren om harder en harder te gaan. Een heerlijk gevoel dat me deed denken onoverwinnelijk te zijn. Toch blijk ook ik kwetsbaar te zijn. Dat ik dat op emotioneel vak ben, is geen verrassing maar op conditionele gebied  durfde ik weer steeds meer op mezelf te bouwen ondanks mijn diagnose. Ik heb de afgelopen weken regelmatig getwijfeld of ik met sport het proces van kanker zou kunnen stoppen. En misschien is dat ook wel zo, maar met een persoon is het een te klein onderzoek. Woensdag had ik 's morgens al meer last van mijn rug dan de dagen ervoor. Tegen de middag gaf ik mijn vader al aan af en toe even te moeten gaan zitten. Aan het einde van de middag kreeg ik koorts en wist ik dat ik bij 38,5 graden of hoger het ziekenhuis moest bellen. Het advies aan de andere kant van de lijn was om naar de EHBO, tegenwoordig SEH (spoedeisende hulp) genoemd, te komen.
Thuis lag ik op de bank met twee dekens te shaken van de kou, dus erg aantrekkelijk vond ik hun voorstel niet. Bij de SEH aangekomen trof ik gelukkig een mensen-mens verpleegkundige. Zij regelde ondanks de drukte een bed/kar waar ik op kon liggen. Het was inmiddels 20.15 uur. Ik werd samen met Arnout, bij gebrek aan een kamer, op de gang gezet vlakbij de balie. Het bleek het zenuwcentrum van de SEH te zijn. Artsen overlegden vlak voor onze plek en zo kregen we in de vele uren die we er zaten een gratis cursus LOI "Nederland wordt steeds slimmer!".
De mensen-mens verpleegkundige kwam bij mij bloed afnemen voor onderzoek. Ondertussen was mijn koorts opgelopen tot 41 nog iets. Ik had met gemak onderkoelde patiënten kunnen ontdooien. Ik heb heel wat patiënten zien passeren, maar niet een om mijn lichaamswarmte aan over te dragen. Er werden veel ouderen heen en weer gereden. Een meneer had een bebloed gezicht alsof hij flink in elkaar geslagen was. Een ander was weer alleen. Ik had die avond met iedereen medelijden. Ik zou nooit op de SEH kunnen werken, mijn hart zou breken. Dus het enige dat ik vanuit mijn plek die avond kon doen is iedereen bemoedigend toespreken en succes wensen. Tja, wat moet je anders de hele avond doen? Inmiddels was het al bijna 24.00 uur. Bloed was afgenomen, longfoto's gemaakt en mijn PICC-katheter is eruit gehaald al vermoedelijke boosdoener van een infectie. Gevolg: het darttoernooi was weer begonnen.
Even na twaalven kwam een kamertje vrij. De arts had eindelijk tijd er kwam zijn bevindingen melden. Ik moest blijven en wachten (!) op een plek in het ziekenhuis. We pikten op dat door gebekvecht tussen verschillende afdelingen en disciplines dit allemaal niet makkelijk verliep. Ach, dan wachten we toch nog even...... Na drie keer te zijn geprikt voor mijn infuus (waar is Barney als je hem nodig hebt?), werden we om 13.30 uur naar zaal gebracht, niet op een afdeling waar ik hoorde te liggen, maar als gast bij de neurologie.
Arnout kon naar huis en ik naar bed. Ik deelde de kamer met een oudere Turkse mevrouw met een voor mij nog onbekende aandoening. Symptomen, zwaar hoesten, rochelen en het sputum (min of meer succesvol) in een bakje spugen. Vele bakjes werden die nacht door haar gevuld. Ik zorgde ervoor dat de verpleegkundige op tijd gebeld werd om overstroming te voorkomen.....
Mijn ziekenhuiskamercollega bleek geen Nederlands te spreken, toen ze de volgende ochtend werd meegenomen wist ze niet wat er met haar ging gebeuren, ondanks de luide uitleg van de arts. "Kunt u mij horen?" vroeg de arts. Natuurlijk kon de vrouw haar horen, iedereen kon haar horen, ook aan de overkant. De zieke vrouw kon haar alleen niet begrijpen, interessant proces om naar te kijken (en te luisteren) als taalfreak.
Toen de Blauwbilrochel weer terug was, kwam haar familie in rijen van vier op visite. Aan de emoties te zien hing haar leven aan een zijden draadje. Ik vroeg me af ze misschien een BT'er (Bekende Turkse) was. Met zoveel mensen op bezoek moet je wel heel veel familie hebben en bekend zijn in de buurt en omstreken. Van de zorg en betrokkenheid kunnen wij misschien nog wat leren. Van de hoeveelheid mensen op bezoek kunnen zij (ik wil niet teveel generaliseren, dus ik hou het bij die familie en leefgemeenschap) nog iets leren.
Enfin, na twee nachten rochelen en een volle dag visite mocht ik naar huis. Ik denk met plezier en weemoed terug aan mijn ziekenhuisavonturen. Nu zit ik in bed met mijn Ipad op schoot. Ik geniet even van de rust. Even bijkomen van het ziekenhuis.

Kika

Posted on 2/4/2013 at 13:58

De paasdagen waren druk en vol. Veel leuke gebeurtenissen met minstens even leuke mensen. Op zulke dagen vraag ik me regelmatig af of mijn diagnose wel klopt. Of mijn bewust toeleven naar een afgebakende levensverwachting een grap is om me nog meer met een loep het leven te doen beschouwen.
De weerspiegeling van het beeldscherm van de computer laat echter zien dat er wel degelijk signalen zijn van mijn lot. Het aantal haren in mijn wenkbrauwen kan ik tellen. Mijn mascara blijft nog aan slechts enkele wimperharen plakken. Zonder make-up kan ik echt wel doorgaan voor een doorsnee kankerpatiënt.
Met  C.T. uit A. (een criminele omschrijving voor iemand die ruim dertig jaar geleden mijn vriendinnenhart gestolen heeft) ben ik naar een voorstelling voor Kika geweest. Zij had mij erop geattendeerd omdat zij een van de theatermakers kent. Dat alles van de voorstelling in het teken van kanker stond, hadden we toen niet gedacht. Een aangename verrassing dus ….
Veel muziek, veel zang en dans aan elkaar gepraat door twee jonge jongens die met behulp van vleeskleurige badmutsen kaal gemaakt waren. Ik wilde bijna mijn hoofddoek afdoen om naar mijn lotgenoten te zwaaien (bij wijze van). De jonge acteurs speelden samen met Frits Lambregts (wie is er niet mee groot geworden?) een aangrijpend verhaal over kinderkanker.
Frits speelde opa en begon te vertellen over het verschil tussen de impact van kanker bij kinderen en volwassenen. Daar doelde hij niet zozeer op  jong volwassenen (waar ik mezelf graag onder schaar),  het ging over verschil tussen sterven op een respectabele leeftijd en een leeftijd waarbij we allemaal vinden dat het leven niet eerlijk is. Zijn verhaal zette mij aan het denken.
Wat nou als mijn kind kanker zou hebben? Wat nou als ik van hem afscheid zou moeten nemen? Wat nou als je machteloos moet toezien als je kind pijn heeft? Wat zou mijn leven betekenen zonder zijn bestaan? Hoe positief en opbeurend zou ik dan spreken?
Dan zou ik willen dat ik zijn plek ik kon nemen. Dan zou is smeken om deze deal. Misschien heb ik deze deal al gesloten met het leven. Misschien blijft mijn kind gespaard en offer ik me op. Ik wil deze afspraak wel graag op papier hebben. Dan heeft mijn offer zin. Laat ik afspreken met het leven dat deze deal rond is, dan ben ik tevreden met mijn lot. Het pijnlijke van deze overeenkomst is dat ik ook weer een kind ben van mijn ouders. Ook zij zitten niet te wachten op deze constructie en zouden het zo graag anders zien.
C.T. uit A. en ik (A.D. uit R.) hielden elkaar vast toen een van de twee hoofdrolspelers stierf. Hij sprak de overlevende en achterblijvende jongen toe (in gedachte of als geest). Hij moedigde hem aan niet bij de pakken neer te zitten. Te blijven genieten van het leven en niet steeds stil te staan bij zijn afwezigheid. Dat het bij het maken van een doelpunt toegestaan is om te juichen, dat een verjaardag  een reden is voor feest. Een visie die ik al zo lang voel en ook graag zou willen uitdragen. Laat het verlies van een dierbare geen blijvende rem zijn op je bestaan. Lach als je kunt lachen. Juich als je kunt juichen. Je verraadt er niemand mee, je leeft.
C.T. uit A. en ik hebben genoten, gelachen en gehuild. Stevig gearmd zijn we naar huis gelopen. We begrijpen elkaar goed. Ik hou van deze crimineel die al zoveel jaren mijn hart steelt!

Black

Posted on 30/3/2013 at 17:26

In deze chemovrije week heb ik meer gedaan dan in alle andere weken bij elkaar. Ik heb twee dagen gestoffeerd in Andijk en samen met mijn vriendin Duvelse zaken gedaan. We droegen tijdens het stofferen allebei een Duvelschort en hebben de eerste dag daarom ook maar afgesloten met een biertje van dat merk.
Omdat ik op zondagavond al richting het West-Friese dorp was gereden heb ik twee nachten en twee volle dagen bij het gezin door kunnen brengen. Wat een heerlijke kinderen en een liefdevolle kersverse echtgenoot. Zichtbaar gelukkig, de liefde voelbaar als een dikke deken bij elke activiteit in het huis Nanne Prins.
We hebben veel gesproken en geen onderwerp vermeden. De dood en de weg ernaartoe kwam regelmatig aan de orde. Mijn vriendin heeft het van heel dichtbij meegemaakt, zij heeft de vader van haar kinderen en partner jarenlang bijgestaan in de strijd tegen kanker. Uiteindelijk was er geen houden meer aan en wist het gezin dat het einde naderde. Het is mooi en goed om te zien dat hij een blijvende plaats inneemt. Dat zijn naam niet onbesproken blijft en  dat er ruimte is voor rouw.
Minstens even bijzonder is het om te zien dat het leven ook gewoon doorgaat. Dat er nieuw geluk is met een heel eigen identiteit. Dat het niet een kwestie is van beter, maar van anders en dus ook heel welkom. Mooie mensen die elkaar verdienen en met aandacht voor het verleden het heden omarmen.
Deze week was ook een week van afscheid. Afscheid van Black (geen bijnaam deze keer), een hele goede vriendin van mijn vader. Een vriendin in het kwadraat. Mijn vader heeft de afgelopen twaalf jaar meerdere dagen per week voor haar gezorgd en gewerkt. De vriendschap werd gekenmerkt door wederzijdse interesse, betrokkenheid en zorg. Mijn vader voelde zich helemaal thuis in haar wereld en genoot van de boerderij waar ze woonde en het verzorgen van de tuin.
Vele vakanties zijn er geweest naar Kroatië waar zij zich lieten verwennen in een kuuroord en regelmatig in badjas aan tafel schoven. Soms ging mijn tante mee en een enkele keer ook mijn moeder. Black heeft genoten van de vakanties  en van de gesprekken met mijn vader. Mijn vader heeft evenzeer genoten en zal haar dus erg missen. Ik voel het verdriet dat hij voelt. Missen is geen fijne emotie. Zeker niet als er geen sprake is van weerzien.

De mens wikt de mens beschikt

Posted on 24/3/2013 at 13:19

Afgelopen week ben ik met de oncoloog overeengekomen dat ik het medicijn Dexamethason niet meer bij mijn chemo toegediend krijg. Belangrijkste reden ‘het plofkipgevoel’ en de stress met bijbehorende gedrag op vrijdag en zaterdag. Ik heb er steeds bewust op gelet maar ik had het gevoel dat ik als een prop in een vulkaan mijn stroom lava tegen moest houden, alsof ik ongesteld was in het kwadraat.
Risico van het niet toedienen van Dexamethason is een allergische reactie met een mega opvlieger en acute rugpijn. Het was dus spannend. Naarmate de tijd verstreek en de gevreesde reactie uitbleef, wist ik dat mijn experiment geslaagd was. Alsof een  raket een goede lancering heeft gehad. Ik besef steeds meer dat ik als ‘patiënt’ mee wil denken over mijn behandeling. Schijnbaar is het nog steeds niet gebruikelijk dat mensen dergelijke voorstellen doen…….Vele patiënten zouden dus zonder het middel kunnen mits er geen negatieve reactie volgt. Ik zou zo zeggen, geef het middel niet, tenzij het echt nodig is. Maar goed, protocollen staan vast en flexibel ermee omspringen is dus afhankelijk van de assertiviteit van de patiënt.
Ondertussen is na vele weken tumormarker in kaart te hebben gebracht een dalende lijn te zien. De behandeling slaat dus aan en we gaan door met de kuren. Ik heb de oncoloog gevraagd of er geen grafiek is waarop ik de daling kon zien. En natuurlijk is in het registratiesysteem een grafiek voorhanden. Je moet er wel even zelf om vragen! Kortom wie goed nadenkt en meedenkt krijgt uiteindelijk alle kaarten wel op tafel. Maar wie niet assertief is zal het moeten doen met wat wordt aangeboden.
Mijn weekend is dus goed begonnen. Zaterdagmorgen alweer vroeg in de sportschool en ook vanmorgen er  nog even een bezoekje gebracht. Ik kan maandag en dinsdag niet aan de bak omdat ik zo meteen naar mijn Skatje ga, mijn lieve stoffeervriend en één van de grappigste mensen die ik ken. Samen gaan we scharrelen op een stoffenfestival op zoek naar meubelstoffen voor leuke prijzen. Nadat ik bij hem ben geweest ga ik naar een vriendin in Andijk en ga ik eindelijk de stoel van een collega afmaken. Ik heb zin twee volle dagen met mijn ambacht bezig zijn. Daarnaast ik het fijn om even weg te zijn. Ver van het ziekenhuis en stapels recepten.

Niet te laat

Posted on 20/3/2013 at 16:41

Ik had bezoek van een vriendin/studiegenoot,/überjuf. Ik had haar bijna anderhalf jaar niet gezien. Te lang naar ons beider smaak, zeker voor zo’n warm contact. Nou woont ze niet naast de deur, dus argument nummer één is al snel gevonden. Verder zijn er de legitieme standaardargumenten van ‘een druk bestaan’, ‘familie eerst’ etc. Toch wil ik een bijzonder argument noemen. De belangrijkste reden was dat ze mij niet durfde te zien. Ze gaf aan geen afscheid te willen nemen.
Jaren geleden is een vriendin van haar in coma geraakt. Aanvankelijk zat ze zeer frequent aan haar bed en las haar voor uit boeken. Naarmate de tijd verstreek werden haar bezoeken minder (zo gaat dat in het normale leven). De vriendin is jarenlang in dezelfde situatie in het ziekenhuis gebleven. Voorlezen was er niet meer bij en regelmatige bezoeken ook niet. Bij het zien van de plaatsnaam (waar haar vriendin woonde) bij de afrit op de snelweg bekroop haar steeds weer datzelfde vervelende gevoel. Het gevoel van nalatig te zijn geweest, maar de drempel om dit te doorbreken was te hoog. Via via hoorde ze dat ze vriendin zwaar gehandicapt uit de diepe slaap was gekomen. Ook toen was de barrière de hoog om te nemen. Uiteindelijk is de vriendin gestorven zonder dat zij haar nog gezien heeft. Het gevoel van onmacht, van gefaald te hebben, van angst om te verliezen en geen afscheid te willen nemen is gebleven.
Mijn vriendin en überjuf is een warme lieve en zeer zorgzaam mens, daar ligt het dus niet aan. Als haar dochter haar niet had geholpen, had ze de stap naar mij ook misschien nog niet gemaakt. Chapeau voor haar dochter! Evenzo chapeau voor haar, ze heeft zich over het gevoel heengezet en de stap genomen. Bovendien is ze zo eerlijk geweest het verhaal aan mij te vertellen. Wat een openheid en leren van het verleden.
We hebben een heerlijke middag gehad met wederzijdse verhalen waar de rauwheid van het bestaan van afspatte. We hebben elkaar allebei iets geleerd. Ik heb haar gerust weten te stellen dat de stap (ook al komt die voor haar gevoel laat) nog steeds altijd een stap is. Je moet het maar durven als er eigenlijk zo’n lading opligt. Ik heb geleerd dat het schijnbaar niet altijd makkelijk is om op mij (of een ander mens met een levensbedreigende diagnose) af te stappen. Dat daar meer achter zit dan geen tijd hebben of vergeten zijn. Mochten er in mijn kring mensen zijn die zich voelen aangesproken, schroom niet, je bent niet te laat. En bovendien ben ik de laatste tijd extra in de ‘vergevingsmood’.
Na het vertrek van de überjuf (zij is echt leerkracht in hart en nieren) kreeg ik van mijn overbuurvrouw een prachtige kaart van de leerkrachten uit mijn coachingsgroep.  In de kaart zaten ook nog eens cadeaubonnen voor een flinke lunch (jee, wat kan ik daar veel van eten). Ontroerd door de lieve teksten bedacht ik me dat het weer zo’n mooie dag was die veel te snel voorbij ging.

Fester

Posted on 18/3/2013 at 14:20

Mijn eerste maandag vrij van werk, tenminste als ik de email even de email laat en me niet weer laat verleiden tot het geven van oplossingen. Ik heb tot een uur of negen in bed gelegen om de vermoeidheid van gister van me af te slapen. Met een suikervrij dropje in mijn mond haal ik het bed af, lucht de dekens en luister ondertussen naar Dr. Phil. Die man heeft echt overal antwoord op. De formule is simpel. Hij vindt dat hij de waarheid in pacht heeft en daarom heeft hij altijd gelijk. Even heb ik weer het gevoel in mijn eerste huwelijk te zijn beland.
Ik weet dat ik rustiger aan moet doen, maar vanwege achterstallig onderhoud besluit ik toch maar alle huishoudelijke taken tegelijk aan te pakken. Matrassen draaien (sorry Arnout, ik kan het niet laten), met mijn favoriete spray stof afnemen en de was strijken. Tijdens het strijken bekijk ik ieder kledingstuk en heb zo steeds een ander verhaal dat in me opkomt. Bij het strijken van mijn pyjamabroek denk ik aan vier jaar geleden. Het is warempel precies vier jaar en één dag geleden dat mijn linker borst werd geamputeerd. Wat een tijd was dat!
Ik denk terug aan de mensen op mijn kamer. Al onze namen begonnen met een A en het duurde niet lang of we hadden de amputatieclub opgericht. Met mijn buurvrouw bedacht ik midden in de nacht de meest bizarre bezigheden die bij onze club hoorde. Zo hadden we drainslingeren als favoriet onderdeel. We voelden ons een stel tieners die op kamp waren en maakten er (ook toen) het beste van. Ik had veel pijn maar onze humor zorgde ervoor dat we onze eigen Cliniclowns waren.
Nu is het vier jaar later. De kanker is terug. Ik heb weer medicijnen. Ik ga weer wekelijks naar het ziekenhuis. Ik kom kilo’s aan door het feit dat ik vocht vasthoud. Voor mijn gevoel staat mijn kop op ontploffen en lijk ik steeds meer op Fester van de Adams Family. Na mijn diepflap operatie was het me gelukt om in een jaar tijd elf kilo af te vallen. Ik voelde me zo geweldig in mijn nieuwe lichaam!
Vol trots had ik maat 38 gekregen. Dat was sinds mijn tienerjaren niet meer gebeurd. Met behulp van mijn boulimia nervosa* (niet meer in uitvoering maar gedachte) heb ik mijn gewicht altijd wel in stand gehouden, maar tegen welke prijs?
De chemo’s en hormoontherapie maken een einde aan de door mij zo gedroomde kledingmaat. Ik sport me een slag in de rondte en toch voel ik me een plofkip. Wat een ieder ook denkt of zegt, ik blijf natuurlijk een obsessief aanhanger van slank zijn. Ik ben jaloers op mensen die zich helemaal senang voelen in hun lichaam ongeacht de maat. Ik zit nog steeds gevangen in de geest van een persoon met een eetprobleem. Zo, dat is eruit. Daarmee is het niet opgelost, maar wel misschien beter te begrijpen voor de buitenwereld.
Gister kreeg ik van mijn geliefde begeleidster ‘Shirley Temple’ een tussenevaluatie op de sportschool. Na acht weken sporten wordt er een soort balans opgemaakt. Mijn gewicht was inderdaad gestegen. Dat gegeven was geen verrassing , maar wat zou er met mijn spiermassa, vetmassa en ,mijn conditie zijn gebeurd na acht weken sporten en elf chemo’s?
Mijn spiermassa was iets toegenomen, mijn vetmassa iets gedaald en mijn conditie was licht gestegen! Wow, ik heb het voor elkaar, ik heb de afbraak staande weten te houden. Ik ga niet opgeven, ik ga door. Morgen zit ik weer op de hometrainer en fiets in gedachten weer naar de mooiste plaatsen, ik ren (stiekem) op de loopband en roei langs de rivier. En tussen de zonnebank (het is een staand model) sta ik te dansen op mijn muziek en zing ik lekker mee. Pearl Jam: Ohoohoo , I’m still alive!

*Boulimia nervosa is een eetstoornis. De belangrijkste kenmerken van boulimia nervosa zijn eetbuien met controleverlies, gedrag gericht op gewichtscontrole en extreme overbezorgdheid over lichaamsvorm en gewicht.

Vrede met het verleden

Posted on 15/3/2013 at 15:42

Gister heb ik bijna de hele dag doorgebracht met mijn vader. Als je me jaren geleden gevraagd had om dat vrijwillig te doen had ik het voorstel waarschijnlijk afslagen. Dat klinkt hard maar daar ben ik eerlijk in. Ik had toen nog teveel onverwerkte bagage bij me.
Als kind ben ik (net als mijn zus) beschermd opgevoed met veel structuur en regels. Nee had ik, ja kon ik misschien, heel misschien krijgen. Daarnaast werd er van mij verwacht dat ik gemiddeld vier keer per week naar het geloof ging waar mijn vader zich na zijn komst in Nederland bij had aangesloten. De structuur en het dwingende karakter van het geloof riep verzet bij mij op. Waarschijnlijk ben ik om die reden al jong mijn fantasie gaan ontwikkelen om mij in gedachten op andere plaatsen te wanen. Ik kon en kan mij helemaal verliezen in mijn ideeën en daar volledig in op gaan.
In de loop der jaren zijn zowel mijn ouders als ikzelf gegroeid en in positieve zin veranderd. Mijn vader heeft zijn dogmatische levensstijl ingeruild voor een flamboyante manier van doen. Hij is bijzonder meelevend, emotioneel en gul. Hij denkt aan alles en iedereen en geeft cadeaus bij de vleet.  Hij spreekt zijn waardering uit voor werkzaamheden en loopt met een doos Merci onder zijn arm voor het verplegend personeel die een goede vriendin van hem verzorgd. Hij is ook (net als ik) het type ‘een compliment denken, is een compliment zeggen’. En laten we eerlijk zijn, als iedereen dat eens zou doen, dan zou de wereld er toch leuker uitzien?
Goed, even terug naar het dagje uit van gisteren. Eerst gingen we naar de garage (mijn vader had alweer een vlaai bij zich voor het personeel). Natuurlijk had hij de 35% korting sticker er al afgepeuterd, want in onze familie gaan we dood voor korting. Na de garage naar de Makro, even naar het ziekenhuis en de Sligro, ook weer voor de aanprijzingen. Samen hebben koffie gedronken, elkaars handen vastgehouden en gehuild. Hij wordt over twee jaar tachtig, hij wil mij niet kwijt. Ik word dit jaar vijftig, ik wil hem niet kwijt. Met een servet van de Makro droogt hij zijn tranen. Ik kijk naar zijn doorleefde handen, zijn nog grotendeels blonde haren en bedenk hoeveel deze man voor mij betekent. Voor hem is het idee geliefden te verliezen ondragelijk. Zijn verdriet raakt me,  ik had het graag anders voor hem gewild.
Afgelopen zondag was er een speciale dienst bij het geloof waar ik vroeger zoveel last van had. Ik had toen geen moeite met het gedachtengoed, ik had last van de uitvoering. Ik hoopte op emancipatie, dat mannen en vrouwen door elkaar zouden zitten, dat ik een broek aan zou mogen (ik zat niet naakt, maar had verplicht een rok aan), dat we zouden praten over zaken die mij toen bezig hielden. Maar ik was mijn tijd vooruit. Nu blijken alle ideeën die ik toen had, te zijn uitgevoerd. Niet met revolutie maar door evolutie. Ik heb de dienst niet alleen bijgewoond om mijn vader een plezier te doen, maar ook om vrede te sluiten met de spoken uit het verleden. Het nieuwe gebouw dat volgens de architect een omarming moet voorstellen ,voelde zo. Ik werd geknuffeld, kreeg een aai over mijn bol en een ieder was oprecht geïnteresseerd. Ook Arnout was aangenaam verrast door de eigentijdse uitvoering van het geloof. Op weg naar huis  in de auto voelde we ons tevreden met de ochtend.
Ik weet nu hoe vergeven voelt. ‘Loslaten is vinden’ zeg ik vaak. Schijnbaar is een wijze Chinees Loa Tzu me duizenden jaren voor geweest met de uitspraak ‘When I let go of what I am, I become what I might be’. Ik ben blij met mijn gevoel van warmte en geluk als ik mijn vader aankijk. Wat een rust om zaken te laten gaan…….

 

Vlees op de botten

Posted on 12/3/2013 at 20:53

Op mijn werk zijn we gek op metaforen. Ikzelf ben misschien wel de grootste aanhanger als echte beelddenker. Ik heb gister een prachtige aubade gekregen van mijn collega’s. Ik wil het geen afscheid noemen, ik leg slechts het grootste deel van mijn werkzaamheden neer.
‘Afscheid nemen bestaat niet’ zingt Marco B. ‘maar doe het toch maar wel’ zegt de rouwkalender. Dat is ook wel weer waar, dus dit is wel weer een deel van het pad ernaartoe. Ik probeer er alleen woorden voor te zoeken die meer als een pleister werken dan  prikkende jodium (metafoor 1). Wat ben ik mijn collega’s intens dankbaar voor alle mooie woorden, voor het maken van een herinneringsboek voor mij, Owen en natuurlijk ook Arnout.
Wat fijn om nu te weten wat mijn rol was. Bijna niet te geloven dat het allemaal goed gekomen is met me. Dat ik een fijn mens wordt genoemd en nederig word ik als ik hoor hoeveel impact ik schijn te hebben op mijn omgeving. Ik heb vaak mijn rol te negatief beoordeeld, aangestuurd door een generatie van ‘doe maar gewoon, dan doe je gek genoeg’. Ik heb altijd een schijthekel gehad aan dat gezegde. Ik heb leerkrachten vorige week nog toegeroepen om alsjeblieft een keer gek te doen en met humor de leerlingen te benaderen. Loop niet de gebaande paden omdat je dat altijd al doet en omdat je ouders dat al deden. Loop de paden die je zelf kiest te lopen.
Misschien maakt deze visie mij apart, anders, moeilijk of boeiend. Mijn collega’s hebben blijk gegeven van waardering. Ik hou ook van mijn collega’s. Ben dankbaar voor alles dat ik in bijna drie jaar tijd heb geleerd. Ik heb mezelf zien groeien in mijn rol als onderwijsadviseur. Een hele eer om dat te mogen zijn. Adviseur ben je bij gratie van de goodwill van de leerkracht. Ik ben nooit leerkracht-af geweest en dat was volgens mij het succes van de onderlinge samenwerking.
Vandaag had ik een gesprek mijn manager. Zij is een oprecht mensen-mens, in haar kracht, in haar kwetsbaarheid. We hebben vooral over mijn pad, over mijn visie op kanker en over mijn kracht gesproken. Bij het verlaten van de werkkamer wilde ik graag nog iets over haar zeggen. Ik heb mijn bewondering uitgesproken voor haar kracht, haar invoelingsvermogen.
Later op de middag werd het me helder, zij (mijn manager) heeft vlees op haar botten. De botten zijn metafoor (nummer 2) voor de organisatie die steeds meer moet werken met ‘targets’ met concreet haalbare doelen, met registratiesystemen etc. Een ‘ratrace’ waar je ongemerkt harder gaat lopen in een tijd die harder lopen verlangt. Toch heeft zij nog vlees. Zij heeft de kracht om empathisch te zijn.
Je kunt als bedrijf (welk bedrijf dan ook) steeds meer  bezig zijn met het skelet, de botten. Maar vergeet het vlees niet. Het onderwijs is een mensenbedrijf. Dat vraagt om vlees en botten. Wie alleen nog botten heeft wordt te kwetsbaar, en dat kan ik weten…..


Jubileumchemo?

Posted on 9/3/2013 at 11:48

Topfit kwam ik gister stuiterend  van energie de afdeling  aflopen voor mijn jubileumchemo. De tiende keer alweer in drie maanden. Voor het verplegend personeel en natuurlijk ook de altijd aardige receptioniste had ik gezonde paaseitjes meegenomen: cherrytomaten.
Omdat iedereen zo aardig is, en dat zijn ze stuk voor stuk, verheug ik me eigenlijk altijd op een weerzien. Ik weet niet of er een selectie gemaakt wordt in het ziekenhuis per afdeling. Maar mij is opgevallen dat naarmate je een ergere diagnose hebt, de mensen aardiger worden. Dit heeft wel tot gevolg dat aardigheid voor mij nu betekent dat ik denk dat ze weten dat ik kanker heb of dat ik iets ergs mankeer. Maar dit terzijde.
Het eerste middel dat ik kreeg toegediend is duivels: Dexamethason.  Even een opsomming van de bijwerkingen waar ik regelmatig last van heb.
Dexamethason bijwerkingen:
-Maag- en darmklachten: Hieronder vallen buikpijn, diarree en maagkramp.
- Verminderde afweer
- Toename eetlust en gewicht
- Vochtophoping: Vooral in het gezicht en de onderbenen, alleen bij langdurig gebruik.
-
Stemmingswisselingen
- Dunne en zwakke huid: Bij langer gebruik
-
Slecht slapen
Natuurlijk wordt het middel niet gegeven om me te pesten en zitten er meer voordelen aan dan nadelen. Maar wat er niet bijstaat is het feit dat het slaperigheid veroorzaakt op het moment van toedienen. En ook al neem ik me voor dat het me niet gaat overkomen binnen vijf minuten voelde ik mijn luiken zakken. Gelukkig was Arnout mee en voelde ik me niet bezwaard dat ik moest toegeven aan het Doornroosje-effect. Misschien kwam de klap zo hard aan omdat ik gesport had (ik had een pr van 4 km of de crosstrainer in 15 minuten) of omdat ik de week ervoor een chemo-vrije week had. Ik weet het niet maar ik voelde me overvallen en beroofd van mijn kostbare energie.
Na tweeënhalf uur intraveneuze sappen liep ik naast Arnout als een Zombie naar buiten. Ik ben thuis gekomen en heb meteen een plek op de bank gezocht. Dan is geen contact met mensen even het meest waardevolle contact. Er stond me echter nog een visite van de thuisapotheker  te wachten. Eens in de maand krijg ik Xgeva (ook weer zo’n heerlijk middel). De vrouw die het me toedient is een geweldig mens, ze is direct en grappig. Ze is zo leuk dat ik me op haar komst nog wel kon verheugen. Helaas heeft het gebruik van Xgeva weer gevolgen voor mijn gebit en ging ze onverrichte zaken naar huis. Zij wilde eerst informatie inwinnen bij de oncoloog alvorens het middel zonder relatie te leggen met andere klachten, toe te dienen. Kijk dat vind ik nog eens visie!
Na haar vertrek heb ik mijn als door een truck geraakte lichaam op de bank weg laten zakken.


Last Page | Page 1 of 3 | Next Page

Meer dan verhalen

CONVIVA
Links Facebook
Vrienden Arnout Voogt
Hosting door HQ ICT Systeembeheer