Weblog maken?


MaakEenWebsite.nl (tip)
Totaal slechts 10 euro per maand incl. domeinnaam en gratis overzetten van uw bestaande weblog bij Bloggers.nl 100 MB ruimte
emailadres
Lees meer..... en bestel
Gratis geld verdienen met e-mails lezen? Meld je aan bij
Zinngeld, Surfrace, Qassa en Euroclix !

Op zoek naar God?
organisatiecommunicatie

Description

opdrachten organisatiecommunicatie


My Links

* Home
* My Profile
* Weblog Archives
* Friends
*My Photo Album

eindopdracht 6 'Casus Shell'

 

Inleiding 

 

Dit is mijn laatste opdracht op de weblog. De eindopdracht geeft het meest inzicht in hoe ik mijn kennis over organisatiecommunicatie heb verwerkt. Het is een casus over de multinational Shell, die in 1995 met het afgeschreven olieplatform Brent Spar zich de woede op de hals haalt van de milieuorganisatie Greenpeace  en het grote publiek. Het imago van Shell loopt wederom een grote deuk op. Met deze casus wil ik hier nader op in gaan. Hoe is het nu mogelijk dat het zo gelopen is?

 

1.Hoe komt het dat de identiteit en imago van Shell niet overeenkomen? Ik maak bij deze vraag gebruik van het model van Birkit en Stadler en van de hoofdstukken 3.2 en 3.3. van het communicatiehandboek van Michels.

 

                                          

 

De volgende factoren vormen de invloed op het imago van Shell:

 

  • Eigen ervaring: Mijn ervaring met Shell is dat het een grote multinational met veel macht  omdat het product olie is . Olie heeft met geld en milieu verontreiniging te maken en met onze heilige koe 'de auto'. Deze ervaring wordt gevoed door informatie van Greenpeace een milieuorganisatie.
  • Informele, interpersoonlijke communicatie: de ervaringen van anderen b.v. van een verjaardag of discussies met vrienden zijn van grote invloed in de beeldvorming, dit zal vooral spelen als Shell in het nieuws is zoals met de Brent Spar affaire dan wil iedereen zich een mening vormen aan de hand van de informatie die via de media naar buiten komt.
  • Journalistieke uitingen: Dit noemde ik bij het voorgaande punt al, een artikel van Greenpeace over de Brent Spar affaire heeft de beeldvorming en imago van Shell negatief beinvloed. Shell heeft hier niet goed op gereageerd. Shell kwam naar buiten met technische rapporten die het niet konden winnen van een oneliner van Greenpeace. Shell ging pas na politieke druk reageren en kwam met andere oplossingen.
  • Betaalde communicatie: Zoals advertenties in de krant. Shell heeft met deze affaire juist een tijdje erg weinig gereageerd wat negatief heeft doorgewerkt in de beeldvorming.

2. Hoe zou Shell zijn persbeleid kunnen verbeteren?

 

De antwoorden geef ik aan de hand van hoofdstuk 11 van het communicatiehandboek van Michels.

 

  • Er moet een duidelijke regie zijn. De volgende punten moet duidelijk zijn:
  • Wie is er belast met de perscontacten? Dit is nu veel duidelijker. De perscontacten zijn op de website van Shell goed terug te vinden.
  • Een open en transparante houding vooral op internet met veel links naar andere organisaties.
  • welke medewerkers mogen welke informatie verstrekken?Dit moet duidelijk terug tevinden zijn op de website.
  • Welke medewerkers worden op de hoogte gehouden over perszaken?Directie en aandeelhouders.
  • Het principe 'niet communiceren is dodelijk' is bij Shell over deze affaire duidelijk aan de orde. Ze hadden meer dialoog moeten hebben met de betrokken instanties. Dit heeft onvoldoende plaatsgevonden waardoor de boycotten van benzinestations van Shell door het publiek verergerden.
  • Shell heeft zijn geschiedenis ook niet mee, hun arrogante houding in voorgaande kwesies b.v. een rol in Zuid-Afrika heeft hun imago verslechterd.Journalisten zijn hier gevoelig voor en nemen dit mee in hun beeldvorming van Shell.

 

3.  Het public affairs beleid van Shell had beter gekund. Aan de hand van een actoren/factoren analyse geef ik antwoord op de volgende vragen:

  • Welke actoren(instanties, organisaties en/of personen) zijn betrokken bij het besluit om de Brent Spar af te laten zinken. Wat zijn hun belangen?posities.

Stap 1

  • Directie: Hun belang is een zo goedkoop mogelijke en snelle afhandeling om de aandeelhouders e.a. betrokkenen tegemoet te komen.
  •  Aandeelhouders: Omdat er veel belangen zoals geld op het spel staan en het zinken van het platform de snelste en goedkoopste oplossing is.
  • Smit/Tac een scheepsmaatschappij die zich heeft gespecialiseerd in het opruimen van schadelijke wrakken op zee: Voor hun is de opdracht van Shell gelijk aan veel werkgelegenheid en geld.

Stap 2

  • Welke medestanders zou Shell hebben kunnen zoeken?

 

  • De politiek:Zowel in Nederland als Europees. Deze hadden ze van te voren goed kunnen informeren om hun besluit te ondersteunen dit had veel kamervragen achteraf gescheeld.
  • De milieuorganisaties: Door Greenpeace e.a. milieuorganisaties van te voren in te lichten met goede informatie over het besluit, vooral op het gebied van de belasting van het milieu ondersteund met onderzoeksresultaten had minder protest opgeleverd en meer samenwerking.
  • De pers: Door een open en transparante houding naar de pers toe, had de pers  de berichten over de Brent Spar naar waarheid naar buiten kunnen brengen.

4. Als laatste geef ik op basis van hoofdstuk 8.5. van Michels vijf concrete aanbevelingen voor Shell hoe ze deze crisis moeten aanpakken.

 

Aanbevelingen Crisisplan

  1. Ten eerste moeten er een aantal personen binnen Shell aangewezen zijn om bij een crisis bijelkaar te komen en adequate beslissingen te nemen. Deze personen moeten vooraf een gedegen perstraining krijgen e.a. coaching hoe met crisisinterventies om te gaan.
  2.  De communicatie tussen deze groep personen moet duidelijk in een draaiboek vermeld zijn incl. checklisten van alle adressen en telefoonnummers waar het crisisteam te bereiken is op dat moment.
  3. De rollen van het crisisteam moeten van te voren duidelijk verdeeld zijn zodat iedereen weet wat zijn taak is bij de crisis.Er moet in ieder geval een persvoorlichter/communicatiedeskundige, jurist en een directielid in zitten.
  4. Maak een crisiscode die voor het crisisteam het signaal is om bij elkaar te komen.
  5. Er moet een centrale persruimte beschikbaar zijn.En een intern en extern calcenter voor telefonische vragen.
  6. De toon van het crisisteam is erg belangrijk. Het moet van te voren worden afgesproken hoe de toon en houding is naar de buiten wacht/ pers.
  7. Mijn advies is om Simon May de engelse journalist aan te stellen binnen het crisisteam. hij is dan verantwoordelijk voor de crisiscommunicatie op internet.

 

Bronvermelding

 

Communicatiehandboek van Michels.

www.communicatiecoach.com

www.shell

www.energie.nl

http://www.xs4all.nl/~evel/brentned.htm

Artikel Brent Spar van Henrieke van Assen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Posted: 09:38, 19/3/2006
Comments (0) | Add Comment | Link

Opdracht 5 Uitvoering van communicatie

 

   

 

 

  

Opdracht 5 uitvoering van communicatie  Leida de jongh deeltijdstudent CO1DT

 

 

Doel:

Doel van deze opdracht is dat ik een reclamebureau kan 'briefen' over te ontwikkelen communicatiemateriaal

 

Inleiding

 

Met deze opdracht laat ik zien hoe een algemene briefing en een communicatiebriefing er uit ziet voor een reclamebureau.Deze briefs maak ik met de richtlijnen van het communicatiehandboek van W.J.Michels.

 

Algemene briefing

 

Omvang en prestaties van het fonds Kinderstem

 

Het is een kleine stichting  die afgesplitst is van de moederorganisatie Cordaid . Het is een vestiging in den Haag en bestaat uit ong. 10 betaalde medewerkers.

Er is geen sprake van omzet want het geld komt van donateurs die vrijwillig geld storten voor de stichting die hulp bied aan kinderen in sloppenwijken over de hele wereld.

 

 

 

 

 

 

Visie en missie

 

 

'Kinderstem gaat uit van de kracht van de kinderen zelf. Want we willen niet alleen iets voor kinderen doen, maar samen met hen aan een betere toekomst werken.
Daarom werkt Kinderstem wereldwijd samen met zo?n 70 lokale hulporganisaties. Zij zijn het beste op de hoogte van de situatie ter plaatse. Ze spreken de taal. Ze kennen de cultuur.
We leveren niet alleen financi묥 steun. We helpen de kinderen en hun plaatselijke begeleiders ook bij de opzet en uitvoering van allerlei projecten.
Zodat ze op eigen kracht hun doel bereiken.'

 

Organisatiedoelstellingen en strategie

 

Cordaid de moederorganisatie is een van de grootste internationale ontwikkelingsorganisatie.

Cordaid richt zich op op 4 belangrijke thema's binnen hun organisatie: stedelijke leefbaarheid, gezondheid,hiv.en aids, vrede en conflict en toegang tot markten.Kinderstem richt zich op de stedelijke leefbaarheid van kinderen. Er wordt geen tijdstip in het jaarverslag genoemd voor het bereiken van deze 4 themadoelstellingen.

 

 

Welke communicatiedoelstellingen moeten worden bereikt voor Kinderstem?

 

Nederlanders tussen de 35-55 jaar

 

Kennis Op 31 maart 2007 kunt 70% vna de doelgroep Kinderstem

 

Houding Op 31 maart 2007 staat 40% positief tegenover Kinderstem

 

Gedrag Op 31 maart 2007 is 25% donateur van Kinderstem

 

 

 

Strategie

 

 Kinderstem is een organisatie met een transparante communicatiestructuren een zeer kleine overhead. Zo kunnen donaties met  zeer beperkte kosten op de plaatsvan bestemming komen. Omdat de behoefte aan hulp voor kinderen groeit en donateurs willen dat hun geld een goede bestemming krijgt.Kinderstem kan hier goed gebruik van maken om de positie te verstevigen en eventueel te vergroten.

 

Met aanwezigheid van talloze organisaties in de wereld, welke actief zijn op het gebied van kinderderrechten en een te klein aanbod van donateurs, heeft kinderstem goed rekening gehouden. Door de zeer kleine overhead gaat bijna al het geld rechtstreeks naar de projecten.

 

Kinderstem is een jonge organisatie met weinig naamsbekendheid.Overal in de wereld groeit behoefte aan hulp voor kinderen. Om de kinderen in de sloppenwijken te blijven helpen moet Kinderstem zorgen voor voldoende financiele middelen. Dit kan door de naamsbekendheid te vergroten.

 

Structuur en cultuur

 

De structuur van de organisatie is open en transparant.

De cultuur is een kleine organisatie met weinig overheadkosten om zoveel mogelijk geld rechtstreeks naar de projecten te storten. De middelen worden zo goedkoop mogelijk uitgevoerd om kostenbesparend te werken. De cultuur is verder direct met weinig omhaal van woorden .

 

Huidig imago en identiteit

 

Hun huidig imago komt overeen met hun identiteit en deze is een kleine organisatie die zegt waar het op staat. Dit is directe hulp voor kinderen in sloppenwijken over de hele wereld in de vorm van plaatselijke projecten.

Hun gewenste imago zijn dezelfde kernwaarden maar wel meer naamsbekendheid omdat ze een jonge organisatie zijn.

 

Hun identiteit komt overeen met hun imago.Dus een kleine organisatie die zegt waar het op staat. Directe hulp aan kinderen in sloppenwijken in de vorm van kleine projecten,waarbij geen geld aan de strijkstok blijft hangen. Vooral dat laatste moet bekender worden.

 

Hun kernwaarden zijn :eerlijk, open direct en transparant ook zijn ze creatief in hun middelen.

 

SWOTanalyse

 

 

 

 

INTERNE ANALYSE KINDERSTEM

 

 

EXTERNE ANALYSE KINDERSTEM

Sterke punten

Niet groot qua organisatieomvang.

 

 Kinderstem heeft transparante             

  communicatie met de donateurs.

 

 Er wordt gebruik gemaakt van directe 

  lijnen.

 

Goed gemotiveerd personeel.

 

 Non-profit organisatie.

 

Bezig op gedreven en creatieve manier.

 

Zwakke punten

Richt zich voornamelijk tot een beperkte

   doelgroep.

 

 Bij toenemende groei van de organisatie is

   er tekort aan goed opgeleid personeel.

 

 Beschikt over beperkte financiële middelen.

 

Door kort bestaan van de organisatie is er

   nog geen duidelijk imago opgebouwd.

 

Onvoldoende naamsbekendheid.

 

Kansen

 Achterstand van de hulp in de

   sloppenwijken.

 

Behoefte van donateurs aan persoonlijk

   contact.

 

 Groeiende behoefte aan hulp voor

   kinderen.

 

Toenemende individualisering.

 

 Mogelijkheden om in nieuwe delen van de

   wereld werkzaam te zijn.

 

Bedreigingen

 Aanwezigheid van talloze organisaties in

  de wereld die actief zijn op het gebied  van

   kinderrechten.

 

Groei van concurrentie.

 

Te klein aanbod van donateurs.

 

Criminaliteit en geweld in de derde wereld

   landen.

 

 

 

 

 

Communicatie briefing

 

Het probleem van kinderstem is de geringe naamsbekendheid, en de werving van donateurs.

De opdracht is om de naamsbekendheid te vergroten door het inzetten van communicatiemiddelen om op deze wijze meer donateurs te werven.

 

Communicatiedoelgroepen

 

De communicatiedoelgroepen zijn mensen tussen de 35-55 jaar en kinderen in de basisschoolleeftijd alle leeftijden

 

Communicatiedoelen

 

Communicatiedoelstellingen

    Nederlanders tussen de 35-55 jaar

 

    Kennis:

    Op 31 maart 2007 kent 70% van de doelgroep Kinderstem.

 

Houding:

Op 31 maart 2007 staat 40% van de doelgroep positief tegenover Kinderstem.

 

Gedrag:

    Op 31 maart 2007 heeft 25% van de doelgroep geld overgemaakt naar Kinderstem.  

 

Kinderen van alle leeftijden van de basisschool

 

Kennis:Op 31 Maart 2007 kent 70% van de kinderen Kinderstem

 

Houding: Op 31 maart 2007staat 40% van dekinderen positie tegenover Kinderstem.

 

Gedrag: Op 31 maart 2007 heeft 255 van de kinderen deelgenomen aan schoolprojecten over Kinderstem

 

Propositie

 

De belofte die Kinderstem aan zijn doelgroep doet is dat het geld wat ze geven rechtstreeks naar de plaatselijke projecten gaat om kinderen in sloppenwijken te helpen om hun eigen krachten te vergroten.. En dat hun er niets ...voor terug krijgen zoals geschenken.

 

Randvoorwaarden

 

De tijd die voor de opdracht geldt is tot december 2006. Het budget is beperkt, dit komt rond de 5000 euro. Het personeel is 2 FTE die voor de communicatie worden ingezet.

 

De onderdelen van de campagne die moeten blijven zijn de flyers en de tv.journaals met Isa Hoes de ambassadeur van Kinderstem en de nieuwsbrieven en documantaire over een plaatselijk project in India.

 

De regels omtrent huisstijl zijn eenvoudig en sober. De kleuren zijn zwart, wit, grijstinten en roze als accent.

 

Planning

De flyers moeten op 1 mei klaar zijn.

De deadlines voor de t.v.journaals zijn in de tweede week van april,  juni, september en november.

De nieuwsbrieven moeten 1 keer aan het begin van de   maand verstuurd worden aan de donateurs.

 

Rapportage

 

Er wordt gerappoteerd aan de projectgroep die de opdrachten verzorgd.

Dit gebeurd via de projectleider, zijn telefoon en e-mailadres worden doorgegeven.

De projectleider is eindverantwoordelijk.

 

 

Mijn tweede en laatste opdracht is het zoeken van een geschikt reclamebureau

 

Waar en hoe ik ga zoeken is aan de hand van de eerst 4 stappen van het selectieproces van  Michels.

 

 

  • Het bepalen van het doel van de selectie

 

Het gaat om een bureau die drukwerk verzorgt en audiovisueel materiaal heeft om opnamen te maken.

 

 

 

  • Opstellen van criteria

 

Het moet geen groot bureau zijn.

De prijzen moeten voldoen aan het budget

Het moet betrouwbaar overkomen, met weinig medewerkers

De locatie moet in de randstad zijn

Het bureau moet geen opdrachten hebben voor andere stichtingen die donateurs werven voor kinderen in sloppenwijken.

 

  • Maken van een short list

http://www.businesstales.nl/us.html

 

http://www.komplot.com/site.php

 

http://www.boomcommunicatie.nl/

 

Ik heb deze drie bureau's gekozen om hun persoonlijke karakter  en hun creatieve karakter wat naar mijn idee aansluit bij Kinderstem. Ik miste een startpunt waar je je drecte wensen aan kunt geven om gerichter te zoeken dit bemoeilijkte mijn keuze.

  • opstellen van een checklist voor de gesprekken
  1. Wat is de visie op de organisatie
  2. Wat is de werkwijze van de bureau's
  3. Wat is de visie op hun vakgebied

Bronvermelding

 

De bronnen die ik heb gebruikt zijn:

  • Het communicatiehandboek van Michels
  • De internetsite www.kinderstem.nl
  • Het projectplan van GĂ© Bouma, Harriet van Veen, Marjan Terpstra, Lisa de Boer en Leida de Jongh
  • De startpagina van reclamebureau's

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

   

 

 

 

 

 

 

 

 

    

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Posted: 14:56, 15/3/2006
Comments (0) | Add Comment | Link

organisatiecommunicatie opdracht 4

D

opdracht 4

 

Het  beoordelen van tekstueel en/ of audiovisueel materiaal

 

De doelen die  ik met deze opdracht wil bereiken zijn de volgende:

  • J e kunt van de verschillende communicatie-middelen de voor en de nadelen noemen.
  • Je kent de communinicatieve (on)mogelijkheden van verschillende communicatiemiddelen.

Inleiding

Mijn opdracht van Igor is om een folder/brochure te onderzoeken. Ik heb gekozen voor een brochure over terrorisme omdat ik deze door de brievenbus kreeg. Het thema spreekt  me ook erg aan, het is momenteel zeer actueel. Maar ik heb wel vraagtekens over de manier van verspreiding.

 

 

Algemeen

 

De volgende punten hebben betrekking op algemene kenmerken van een brochure.

 

  • Het bereik van de brochure  is zeer groot. Het is huis aan huis verspreid door heel Nederland. De folder is via de post verspreid dus alle Nederlanders vallen onder de doelgroep. Er is geen sprake van waste, dit komt door de boodschap die is verspreid. De boodschap is veiligheid en is onderdeel van een thema vanuit de overheid. Voor meer informatie is de site www.nederlandtegenterrorisme.nl te zien op internet.
  • De ontvanger kan de brochure gelijk weggooien als de boodschap hem niet bevalt, je hebt niet om de folder gevraagd. Dit komt door de wijze van verspreiding en door de boodschap.
  • Er is sprake van external pacing omdat de de ontvanger de boodschap op zijn eigen tempo kan doorlezen, en eventueel later nog eens lezen.
  • De binding met het middel is niet groot omdat het ongevraagd en gratis in de bus valt.
  • De media voor dit soort brochures van de overheid kan op het gewenste moment ingezet worden zoals op dit moment vlak voor de verkiezingen.

Folder/Brochure

 

Onder dit kopje beantwoordt ik de vragen die specifiek voor het communicatiemiddel brochure gelden. Dit doe ik aan de hand van de volgende punten:

  • Er is sprake van een brochure omdat het een drukwerk is van acht pagina' s. Het heeft een minder vluchtig karakter dan een folder en dient meer als een naslagwerk.
  • De brochure is als volgt opgebouwd:Er is op pagina 1 een hoofdstukindeling die precies aangeeft waar je wat kan vinden. Je kunt de onderdelen ook los van elkaar lezen, als het ene onderwerp je meer interreseert dan de andere. De illustraties  koppelen de tekst met het onderwerp. er is in de strategie van de brochure duidelijk voor de doelstelling samenwerking van verschillende organisaties gekozen.Ik geef hier een voorbeeld van een illustratie:
  • Hier volgt een beschrijving en beoordeling aan de hand van de vaste onderdelen uit het communicatieboek van W.J. Michels blz. 282, 283.

cover: Die trekt de aandacht door de felle kleur oranje en de button met de slogan; 'Nederland tegen terrorisme' en de vragen die worden gesteld op de cover.

tekst: De tekst bestaat uit afgeronde tekstblokjes en ze zijn los van elkaar te lezen. Wat me opvalt is de goede verdeling van tekst en illustraties, deze is steeds om en om zodat het geheel heel overzichtelijk wordt.

kopjes:De kopjes zijn op pagina 1 duidelijk vermeld en beantwoorden de vragen die al op de cover gesteld zijn.

pay-offs:De pay-offs worden apart van de tekst vermeld , en zorgen ervoor dat je je aandacht bij de tekst houd.

illustraties: De illustraties vormen een belangrijk onderdeel van de brochure, ze verduidelijken de inhoud, en geven aan wie wat doet tegen terrorisme en dat de maatschappij samenwerkt om het terrorisme te bestrijden.

feedbackstimulans:Op de achterkant van de folder worden alle belangrijke telefoonnummers en adressen, websites gegeven. dit zijn tevens de gegevens van de organisatie en organisatie stichting makkelijk lezen die vermeld staan.

colofon:Er is geen colofon aanwezig.

huisstijl:de huisstijl is terug te vinden bij postbus 51, 'nederland tegen terrorisme' is een onderdeel van postbus 51. De stijl is pakkend het duidelijke vragen de kleuren zijn fel oranje met zwarte dikgedrukte teksten met wit als ondergrond.

  • De tekst is tijdloos in die zin dat een periode tijdloos is. Het is wel een actueel onderwerp die voor de aanslag op 11 september nog niet zo actueel was. Het kan zijn dat de tekst minder actueel wordt als de dreiging van aanslagen minder wordt.
  • De tekst is kort en bondig, voor iedereen begrijpelijk gemaakt, mede door de verklaring van moeilijke woorden.
  • De productie is zo opgebouwd dat het belang van de lezer voorop staat, de afzender van de brochure wordt op de achterkant van de folder vermeld.
  • De 'tone of voice' is informatief en probeert geruststellend over te komen in die zin dat de overheid het terrorisme bestrijd en ook onder controle heeft.
  • De visuals en tekst vindt ik heel goed op elkaar afgestemd, ze kunnen niet zonder elkaar, ze verduidelijken veel van de tekst. De verschillende beroepsgroepen worden duidelijk afgebeeld door de bedrijfskleding en de situatie die wordt afgebeeld.
  • Er is samenhang met eerdere publicaties over dit onderwerp, ditzelfde onderwerp is ook te zien op de website, en spotjes op t.v. van postbus 51.

 

Bronnen

 

Communicatiehandboek van W.J. Michels

De websites: www.nederlandtegenterrorisme.nl

www.postbus51.nl

 

 

 

 

 

 


Posted: 13:43, 5/3/2006
Comments (1) | Add Comment | Link

organisatiecommunicatie opdracht 3

Opdracht 3    Communicatiespecialismen

 

De opdracht wordt uitgevoerd door Leida de Jongh eerstejaars student communicatie. Ik probeer met deze opdracht zoveel mogelijk inzicht te verkrijgen waar je rekening mee moet houden bij het organiseren van een evenement. De doelen die in deze opdracht bereikt moeten zijn;

 

1.      Een indruk krijgen van de (on) mogelijkheden van een evenement als communicatie instrument.

                                                                                      

 

2.      Een eenvoudig communicatieplan kan opstellen voor een evenement.

Ik beantwoord eerst een aantal vragen om een goede indruk te krijgen van de mogelijkheden van de Open Monumentendag in Zwolle op 10 september 2005. De tweede opdracht is een mini communicatieplan schrijven voor dit evenement.

 

 

 (bron www.openmonumentendag.nl)

 

 

Opdracht 1

Vraag A: Wat betekent de term ' community relations'?


De term betekent dat het belang van het onderhouden van contacten in de nabije omgeving van een bedrijf of een evenement. doelgroepen zijn oa. de gemeente, omwonenden,onderwijs, plaatselijke verenigingen en instellingen.

 

Vraag B: Wat is het verschil tussen een publieksgroep en een doelgroep?

Het verschil is heel kort aangegeven in het communicatiehandboek van Michels:

'Publieksgroepen heb je, doelgroepen kies je'. Dus je richt je niet automatisch met je doelstelling op alle publieksgroepen dit doe je wel bij je gekozen doelgroepen.

 

Vraag C: Noem 5 publieksgroepen en formuleer voor iedere doelgroep een SMART geformuleerde doelstelling.

 

Doelstelling SMART geformuleerd:Specifiek Meetbaar Ambitieus Realistisch Tijdsgebonden.

 

1. Buurtbewoners rondom de evenementen

Doelstelling: 95 % van alle geselecteerde buurtbewoners d.m.v. hun postcode binnen 200 meter  worden in juni 2005  hebben kennisgenomen van de Open monumentendag per direct mail.

   

2.Ondernemers bij de monumenten

Doelstelling: 95% van Alle ondernemers binnen 500 meter van het desbetreffende monument hebben kennisgenomen van de Open Monumentendag. Doormiddel van een direct mail.

 

3.Beheerders en stichtingen van monumenten

Doelstelling:95 % van alle beheerders  hebben kennisgenomen van de Open monumentendag en er wordt een jaar ervoor telefonisch contact opgenomen met de beheerders en stichtingen van de monumenten.

 

4.De gemeente

Doelstelling: 85 % van de gemeenteraad heeft in een half jaar te voren kennis genomen van de Open Monumentendag.

 

 

5.Vaste bezoekers van religieuze monumenten zoals de kerken.

Doelstelling:85% van de vaste bezoekers zijn een maand ervoor ingelicht. Doormiddel van folders verspreid bij de monumenten.

 

Vraag D

Noem minstens 5 communicatiemomenten waarbij er sprake is van contact met de deelnemers tijdens de open dag.

  1. De ontvangst
  2. De sprekers bij de opening
  3. De rondleiding
  4. De aankleding van de gebouwen (bloemen en voorwerpen met het thema religie)
  5. De keuze van de muziek
  6. Het uitdelen van de programmering / foldering
  7. Koffie en thee schenken, dranken en hapjes uitdelen.
  8. Aankleding van de gidsen aan de hand van het thema (middeleeuwse kledij)

Opdracht 2

 

Doelgroepen

 

Primaire doelgroep:

Bezoekers van de Open Monumentendag

 

Secundaire doelgroep

  1.  Omwonenden
  2. Beheerders plus stichtingen behoud monumenten
  3. Belangrijke gasten (Vips) Open Monumentendag

Communicatiedoelstellingen op (kennis, houding, gedrag). SMART op campagneniveau.

Afgeleid van de ondernemingsdoelstellingen en marketingdoelstellingen.

 

Primaire doelgroep: Bezoekers Openmonumentendag 2005:

 

Kennis:           In januari 2005 kent 70% van de doelgroep de OpenMonumentendag

Houding:         In juni 2005 staat 70% van de doelgroep positief tegenover de Open Monumentendag.

Gedrag:           In augustus 2005heeft 60 % van de doelgroep beslist dat ze naar de Open Monumentendag op 10 september gaan. 

Secundaire doelgroepen:

  1. Omwonenden

Kennis: In juni 2005 is 90% van de omwonenden in kennis gesteld van het evenement.

Houding: In begin augustus staat 80% van de omwonenden positief tegenover het evenement.

Gedrag: In begin september heeft 50% van de omwonenden beslist of ze ook naar het evenement gaan.

 

2. Beheerders plus stichtingen van de Open Monumentendag

 

Kennis: In september 2004 kent 90% het thema van de Open Monumentendag 2005

Houding: In december 2004 staat 80 % positief tegenover het evenement.

Gedrag: In januari 2005 is bij 80% van de doelgroep bekend of ze actief gaan meewerken aan het evenement.

 

3. belangrijke gasten (Vips) Open Monumentendag

 

Kennis: In mei 2005 is 100% van de doelgroep uitgenodigd en kent het programma van die dag.

Houding: In augustus 2005 staat 80% van de doelgroep positief tegenover de uitnodiging.

Gedrag: In augustus 2005 is van 80% van de gasten bekend of ze een bijdrage leveren aan het programma.

 

                       

 

Strategie

 

Primaire doelgroep:

 

1.bezoekers Open Monumentendag

 

Secundaire doelgroep:

 

2. De omwonenden.

3. De beheerders en stichtingen van de monumenten

4. De belangrijke gasten.(Vips)

 

Benader ik de hele groep of een deel ervan?

 

1.Ik probeer zoveel mogelijk bezoekers te bereiken en doe dat op een creatieve wijze.

2.Ik benader alle omwonenden in een cirkel van 200 meter van het betreffende monument

3 Ik benader alle beheerders en stichtingen van de te bezoeken monumenten

4.Ik benader alle belangrijke gasten (VIP').

 

Wat is de boodschap voor de verschillende doelgroepen?:

1.U wordt verrast met mooie monumenten die 'gebouwd zijn op geloof'.

2.Hou rekening met het evenement van de Open Monumentendag en kom kijken bij uw monument.

3.Verleen uw medewerking om samen met het comité er een bijzondere dag van te maken met veel naamsbekendheid.

4. Verleen uw medewerking met een persoonlijke bijdrage om naamsbekendheid te bevorderen.

 

Laat ik de informatie uitwisseling direct of indirect verlopen?

 

1.Zowel indirect via internet, de website van de open monumentendag als direct door flyers en vrijwilligers in kerken mensen persoonlijk benaderen en te informeren over de dag. Mond tot mond reclame.

2.Direct mail, mond tot mond reclame.

3.Direct telefonisch en per post.

4.Direct mail

 

 

 

Kies ik voor een of meer communicatiemiddelen?

 

1. Meerdere communicatiemiddelen.

2. Een communicatiemiddel

3.Twee communicatiemiddelen

4.Twee of meer communicatiemiddelen

 

Welke komen het meest in aanmerking? Waarom zijn deze het meest geschikt?

 

1.Website, flyers, informatieboekjes, spotjes regionale radio en tv, vrijwilligers in middeleeuwse kledij.

Omdat ik heb gekozen om de primaire doelgroep op creatieve wijze te benaderen en verschillende middelen hiervoor wil inzetten.

2.Direct mailing

Per post is het meest direct voor de omwonenden, het is ook persoonlijk. De direct mail moet er heel aantrekkelijk uitzien, en mensen moeten kunnen reageren door e-mail adres te geven.

3.telefoon, e-mail

Deze doelgroep moet ook direct benaderd worden omdat zij ingezet worden in de organisatie samen met het comité daarom is de telefoon en e-mail het meest doelgericht.

4.Direct mail, e-mail

Ook deze doelgroep heeft een persoonlijke benadering nodig, het belang van de juiste uitstraling van de organisatie is groot, daarom moet de uitnodiging heel zorgvuldig gemaakt zijn, de e-mail moet gebruikt worden om vragen te beantwoorden.

 

 

Kies ik voor een informatief-zakelijke of voor een meer emotionele tone-of-voice?

 

1. Ik kies voor een meer emotionele tone-of-voice omdat het thema religie is en dat is een thema wat emoties oproept bij mensen.  De boodschap is om mensen bewust te maken  van de geschiedenis van de religie.

2. Licht zakelijke benadering vooral informatief.

3. Persoonlijke informatieve benadering.

4. Persoonlijke informatief zakelijke benadering.

 

 

Kies ik voor een korte campagne of voor een langere periode?

 

1. Een periode van een half jaar met per maand de aangewezen communicatiemiddelen.

2. Een periode van 4 maanden waarin de uitnodiging per post wordt verstuurd.

3. Een periode van een jaar ervoor zodat de beheerders en stichtingen genoeg tijd hebben om zich te verdiepen in het thema en hun medewerking te verlenen.

4. Een periode van 5 maanden waarin de uitnodiging wordt verstuurd en de bevestiging ervan ontvangen kan worden, eventueel kan de uitnodiging herhaald worden.

 

E. Bedenk een plan voor een 'follow-up'' actie. Hoe kun je je publieksgroep achteraf bereiken?

 

Ik heb drie verschillende manieren bedacht om de primaire doelgroep te bereiken.

 

1. De primaire doelgroep kun je achteraf bereiken door gastenboeken in de Kerken op centrale plaatsen neer te leggen waar ze hun adres en evt. hun telefoon en e-mailadres kunnen opschrijven.

2. Een fotowedstrijd organiseren: wie brengt het monument het mooist in beeld met het thema religie. De adresgegevens van de mensen die meedoen, kunnen gebruikt worden voor een follow-up actie.

3. De primaire doelgroep de bezoekers benaderen om lid te worden van de vereniging behoud van monumenten doormiddel van folders met antwoordkaarten.

 

 

Bronnen

 

Handboek communicatie van Michels

 

Websites: www.openmonumentendag.nl

 

 

http:/home.hetnet.nl/~harry.vrielink/com

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Posted: 14:06, 20/2/2006
Comments (0) | Add Comment | Link

organisatiecommunicatie opdracht 2

Opdracht 2 Organisatiecommunicatie Leida de Jongh

 

Inleiding

 

In deze opdracht komt de perscommunicatie aan de orde. Ik vergelijk de verschillende nieuwsfactoren aan de hand van theorieë® en vergelijk het nieuws in de dagbladen.

In het tweede gedeelte worden de functies/rollen van het journalistieke proces beschreven.

En als laatste beschrijf ik de nieuwsbronnen van de journalist.

 

Nieuwswaarden

 

Dit zijn de nieuwswaardefactoren van Galtung en Ruge  die ik heb gevonden op Internet.

 

"Het uitgangspunt van het onderzoek van deze scriptie is gebaseerd op de baanbrekende studie van Galtung en Ruge, waarin men veronderstelt dat de wereld bestaat uit zowel individuele als nationale actoren en dat de internationale activiteit bepaald wordt door het beeld van de internationale realiteit [3] (zie hoger).

Hun werk [4] wordt algemeen beschouwd als een van de meest waardevolle bronnen voor verder onderzoek en bevat aspecten van zowel de socio-culturele als de psychologische benaderingswijze.

De nieuwsfactoren die in de studie naar voren worden gebracht als de voornaamste beinvloedingsfactoren die het (politieke) selectieproces van internationaal nieuws bepalen kunnen als volgt samengevat en ingedeeld worden [5]:

1.  Frequentie: de herhaalbaarheid van een gebeurtenis.

2.  Drempelwaarde: hoe omvangrijker en sensationeler de gebeurtenis, des te groter de kans op publicatie.

3.  Ondubbelzinnigheid: gebeurtenissen die duidelijk interpreteerbaar zijn worden verkozen boven gebeurtenissen met meerdere mogelijke betekenissen.

4.  Betekenis: hoe meer voorkennis en culturele verwantschap er is, hoe gemakkelijker publicatie volgt. Betekenis kan op verschillende manieren ingevuld worden.

5.  Harmonie: naarmate gebeurtenissen meer overeenstemming vertonen met een bepaald verwachtingspatroon, zullen ze sneller worden verspreid.

6.  Uitzonderlijkheid: onverwachte en zeldzame gebeurtenissen bevatten een grotere nieuwswaarde.

7.  Continueteit: eenmaal verschenen in de krant, zullen de artikelen daar een periode blijven.

8.  Compositie: het nieuws wordt voorgesteld in een bepaalde samenstelling, bijv. in een vaste verhouding binnen- en buitenlands nieuws.

9.   Elitelanden: gebeurtenissen in elitelanden worden sneller nieuws;

10. Elitepersonen: activiteiten van dergelijke personen kunnen grote gevolgen hebben voor grote groepen mensen; hoe meer de gebeurtenissen betrekking hebben op elitepersonen, hoe groter de kans dat deze gebeurtenissen in het nieuws worden opgenomen.

11. Personificatie: nieuws dat terug te voeren is tot bepaalde personen maakt meer kans vermeld te worden dan gebeurtenissen over instanties, zaken of processen.

12. Negativiteit: gebeurtenissen met negatieve inhouden komen eerder in het nieuws dan positieve (omdat het ondubbelzinnig is of meer onverwacht).

Hierbij worden de hoofdfactoren, die de selectie van buitenlands nieuws bepalen, ge拉ntificeerd en met elkaar in verband gebracht. Er bestaan drie soorten factoren:

1.  genregebonden factoren (hier: buitenlandse berichtgeving);

2.  psychologische of  organisatorische factoren (factoren 1?8);

3.  socio-culturele factoren. De eerste zijn het meest universeel, het gemakkelijkst opspoorbaar en bevatten een aantal ideologische gevolgen (factoren 9-12).

 

"Galtung stelt dat gebeurtenissen die als nieuws worden voorgesteld product zijn van een specifiek (politiek) selectieproc餩, dat zowel psychologisch als cultureel bepaald is. De psychologisch perceptieve factoren spelen een belangrijke rol in het verklaren van dit proces. Cultuurgebonden factoren kunnen heel verschillende resultaten opleveren naargelang van de geografische plaats van analyse (Oost-West, Noord-Zuid, Centrum-Periferie)."

Wat zijn de overeenkomsten en vergelijkingen met de ABABA-formule van Michels?

De ABABA_formule bestaat uit de volgende punten:

Actualiteit↔Dit zie ik niet vergelijkbaar terug bij Galtung en Ruge, het verschil is de snelheid van het bericht.

Belang↔ Dit is op een andere manier terug te vinden bij Galtung en Ruge, die omschrijven het belang als de omvangbaarheid van het nieuws, terug te vinden bij de drempelwaarde, de ondubbelzinnigheid geeft gaan dat nieuws duidelijk interpreteerbaar moet zijn wat weer overeenkomt met dat je concreet moet zijn en de reikwijdte van het probleem moet zien.

Afwijking↔ Dit komt overeen met uitzonderlijkheid van Galtung en Ruge.

Belangstelling↔ Harmonie komt het meest overeen omdat ze beiden uitgaan van een bepaald verwachtingspatroon gekoppeld aan de gebeurtenissen. Het verschil is dat de belangstelling vooral kijkt naar de emoties.

Autoriteit↔ komt het meest overeen met personificatie en elitepersonen omdat belangrijk nieuws terug te voeren is naar belangrijke personen, dus vergelijkbaar met autoriteit.

Vergelijk het nieuws van de telegraaf en de Volkskrant met elkaar aan de hand van de ABABA formule

      De Telegraaf 11 februari www.detelegraaf.nl

(bron telegraaf oud artikel)

 

      De Volkskrant 11 februari www.devolkskrant.nl  

 

    

(bron: Volkskrant)

 

  1. 2 artikelen voorpagina

    Kop Endstra rapporteerde politie

Subkop: Dagboek over afpersing door Willem Holleeder

Volkskrant 11 februari

Kop: Dopingrel aan begin van de Winterspelen

Hoofdnieuws van beide kranten vergelijk ik met elkaar:

      Actualiteit

De actualiteit is bij de Volkskrant groter omdat de spelen net zijn begonnen en er nu al een dopingschandaal is.

      Belang

Bij beide artikelen staat een reputatie op het spel bij de telegraaf de politie en bij de volkskrant de atleten.

     Afwijking

De Telegraaf gebruikt meer afwijkend nieuws omdat Endstra al een tijdje geleden vermoord is en er nu nieuwe informatie is dat hij al bedreigd werd en dat moest bijhouden voor de politie.

      Belangstelling

Bij beide artikelen is het onderwerp in. Het is beide op emotie geschreven. Al is het onderwerp van de telegraaf ?harder? en minder inhoudelijk.

      Autoriteit

Het gaat in beide artikelen over belangrijke mensen die aanspreken bij de lezers.

2.      artikelen met foto

Beide kranten hebben gebruik gemaakt van grote foto?s

Telegraaf

Kop: Jacht op medailles is geopend

Volkskrant

Kop:Terschelling hoeft noot meer schoenen  te kopen

     Actualiteit

Beide artikelen zijn actueel.

      Belang

Het probleem wordt in beide artikelen niet belicht

     Afwijking

De Volkskrant komt met meer afwijkend nieuws, wat boeiender is.

     Belangstelling

De Olympische Spelen zijn in vooral door de grote foto spreekt het mensen aan, de Volkskrant pakt origineel nieuws wat daardoor aanspreekt ook door de grote foto.

     Autoriteit

De Telegraaf gebruikt in zijn artikel het belang van het hoge koninklijke bezoek wat bij de opening aanwezig was. De Volkskrant gebruikt geen autoriteit in dit artikel.

3.      Kleinere artikelen voorpagina

Telegraaf

Kopje: Oppassen voor digitale kaart Valentijnsdag

De Volkskrant

Kopje: Media komen met eigen spelingregels

      Actualiteit

De Telegraaf heeft het meest actuele artikel omdat Valentijnsdag op komst is en leeft bij de mensen.

      Belang

Er staat bij beide artikelen iets op het spel alleen de belangen liggen heel verschillend. De Telegraaf vindt het belangrijk om de consument te waarschuwen op Internet, de Volkskrant vindt het belang van de nieuwe spelling groot en toont het verzet aan van de media en is concreet met de reikwijdte van het probleem, de Telegraaf gebruikt getallen om de grootte van het probleem aan te geven.

      Afwijking

Het artikel van de Telegraaf is meer afwijkend door het onderwerp.

      Belangstelling

De belangstelling voor internetcriminelen is groot omdat iedereen daarmee te maken heeft. De nieuwe spelling leeft bij een groep die er veel mee te maken heeft zoals de Media.

     Autoriteit

De Volkskrant gebruikt een directeur als autoriteit, de Telegraaf gebruikt in dit artikel geen autoriteiten.

Het verschil in nieuwswaarde is zichtbaar aan de volgende kenmerken. De Telegraaf heeft meer hard, sensationeel nieuws, de Volkskrant gaat meer op de inhoud in en is preciezer met zijn informatie. De Telegraaf gebruikt veel kleur en schreeuwende koppen, de Volkskrant is meer ingetogen met zijn lay-out.

Het werken op de redactie

 

Hierbij geef ik de bijdrage aan van de verschillende functies/rollen in het journalistieke proces

  • Eindredacteur

Hij of zij bepaald welke nieuwsfeiten in de krant/televisie/radio komen.

  • Verslaggever

 Een verslaggever is een redacteur die met een cameraploeg of met een fotograaf op pad gaat om interviews af te leggen. De verslaggever stelt de vragen en doet verslag. Op de redactie werkt hij/zij het verslag uit.

  • Fotoredacteur

 Een fotoredacteur verricht werkzaamheden ten behoeve van het vervaardigen en verkrijgen van beeldmateriaal. Ze verzamelen foto?s, dia?s, tekeningen en andere illustraties in overleg met de hoofdredactie. En het verstrekken van opdrachten aan fotografen en illustratoren.

  • Bureauredacteur

Een bureauredacteur maakt onderwerpen voor de krant of uitzendingen op televisie, hij/zij kan op pad gaan met een fotograaf of filmploeg en werkt onderwerpen op de redactie uit.

  • Vormgever

 De vormgever verricht de uitvoerende lay-out en/of opmaakwerkzaamheden volgens de richtlijnen.

  • Hoofdredacteur

 De hoofdredacteur ontwikkelt en bewaakt de redactionele formule, en zorgt voor de samenstelling en het behouden van het redactionele team. Ook is de hoofdredacteurverantwoordelijk voor de budgetten, en maakt een jaarbegroting.

  •     Uitgever

De uitgever zorgt ervoor dat de krant of het tijdschrift er zo goed uitziet dat het goed verkoopt en dat het product winstgevend is. Een vormgever houdt ook de financië® in de gaten en maakt marketingplannen.

  • Correspondent

 Is een medewerker van de redactie met een specifieke rapportagetaak. De correspondent onderhoudt contacten met personen. Zo heb je bijv. Een buitenlandse correspondent die gebeurtenissen vanuit het buitenland rapporteert.

 

Zo heb je ook nog de collomnist die maakt aparte artikelen die iedere week terugkomen met een persoonlijke mening en de journalist  is een algemene benaming is voor het werk wat er op een redactie gebeurt .

Nieuwsbronnen

De nieuwsbronnen van een journalist zijn er vele, ik ga de volgende noemen:

  1.  Het onderhouden van vaste contacten met persvoorlichters van organisaties en instellingen,
  2.    Internet
  3.    Correspondenten in binnen en buitenland b.v. een financiele correspondent die een specialisme heeft om informatie te vergaren.    
  4.  Netwerken van personen bij b.v. de politie, de overheid
  5.  Persberichten
  6.  Interviews
  7.  Persconferenties

 

Als laatste beantwoord ik de vraag wat ?hoor/ wederhoor? inhoud.

Dit houdt in dat een journalist het verhaal van twee kanten belicht, dus de journalist zal ook andere partijen benaderen  voor informatie, en zal uitspraken van personen willen checken of dit klopt. Dit laatste is een heel belangrijk feit waar je als communicatiemedewerker rekening mee moet houden.

Bronnen

Communicatiehandboek  van W.J. Michels  

De theorie van ABABA

De vraag over hoor en wederhoor

Websites: http://www.ethesis.net/oost_timor/oost_timor_deel_3_hfdst_2_stuk_1.htm

Over Galtung en Ruge

http://nl.wikipedia.org/wiki/Correspondent

Over de inhoud van de redactionele functies

http://www.uitgeverijbedrijf.nl/vak/vak2003/vakb01.htm

Over de inhoud van redactionele functies

De kranten De Volkskrant en De Telegraaf van 11 februari

 

 

 

 

 

 

 

 

 

-

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Posted: 11:48, 15/2/2006
Comments (0) | Add Comment | Link

organisatiecommunicatie opdracht 1

Opdracht 1 Organisatiecommunicatie 

 

Inleiding:

 

Ik heb gekozen voor de non-profitorganisatie Greenpeace omdat ik mijn idealistische idealen daarin kan verwerken, ook de acties van Greenpeace spreken mij enorm aan. Zelf werk ik in de geestelijke gezondheidszorg De Meregaard in Almere, ook een organisatie waar het niet om winst draait maar om de mensen.,

 

De informatie komt van: de website www.greenpeace.nl

 

De   theorie van de corperate identitymix van Birkit en Stadler uit het communicatiehandboek van W.J.Michels.

Greenpeace heeft een duidelijk ideaal en doel met zijn organisatie. Ik ga dit beschrijven aan de hand van de corperate identitymix van (Birkit en Stadler)

 

De opdracht bestaat uit de volgende onderdelen:

  • Algemeen
  • Persoonlijkheid
  • Communicatie
  • Gedrag
  • Symboliek
  • Huisstijl
  • Visuele identiteit

 

 

Algemeen:

 

In dit stuk beschrijf ik in het kort de organisatie van Greenpeace. De start van de organisatie was in 1971. N.a.v. een atoomproef op het eiland Amchitka voor de kust van Alaska. Het bijzondere was dat een groepje wetenschappers en natuurbeschermers zelf naar de plaats des onheils gingen. Daarmee vestigden zij de aandacht van de wereld op het enorme geweld dat de natuur werd aangedaan. Met een oude vissersboot zijn ze op weg gegaan. Hun tocht werd een succes ondanks dat ze het eiland nooit bereikt hebben. Het eiland is nu een vogelreservaat en Greenpeace was geboren.

 

De kernactiviteiten:

Greenpeace is een actiegerichte organisatie. Zij willen op de plaats des onheils zijn om de milieuproblemen aan de wereld te laten zien volgens het bearing witness-principe. Dat betekent zijn op de plaats des onheils. Maar ze doen nog meer; onderzoek, overleg, actie.

 

Organisatiestructuur en kerncijfers:"Greenpeace is een internationale organisatie. Elk landenkantoor stuurt een afgevaardigde naar de jaarlijkse algemene vergadering van Greenpeace. Deze groep afgevaardigden benoemt en controleert het beleid van het internationale Bestuur. Dit bestuur benoemt de internationale directeur. Alle directeuren komen regelmatig bij elkaar om hun activiteiten goed op elkaar af te stemmen.

 

Greenpeace Nederland besteedt via Greenpeace International jaarlijks een flink deel van haar inkomsten aan internationale activiteiten: 35,5 procent.

 

Voor haar inkomsten is Greenpeace afhankelijk van donaties, giften en legaten van particulieren. In 2004 waren er in totaal 611.952 donateurs.

De donateurs worden voor 10 euro lid en ontvangen informatie over greenpeace

 

Het personeel van Greenpeace Nederland bestaat uit 93 mensen: 57 vrouwen en 36 mannen. De vaste bezetting bestond uit 72,5 formatieplaatsen, daarnaast zijn er tijdelijke medewerkers ingezet. Bijna 65 %van de werknemers werkt in deeltijd.

Sinds 15 september 2003 is Liesbeth van Tongeren algemeen directeur van Stichting Greenpeace Nederland. Zij ontving een brutosalaris van 80.473 euro.

De organisatiestructuur bestaat uit: het bestuur, algemeen directeur, co?nator beheerraad; personeel en organisatie interne dienst/receptie, network control, financi뮬 co?nator Campagneraad, actieteam, persvoorlichting, klimaat _en energie, toxics, biodiversiteit, vrijwilligers en educatie, communicatie, fondsenwerving=servicedesk."

 

 

Persoonlijkheid:

 

Dit zijn de kernwaarden van de organisatie + de persoonlijkheid, de ziel van de organisatie, het binnenste van de corperate /identitymix.

   Bron: website greenpeace                 

 

"Greenpeace is een internationale milieuorganisatie die door onderzoek, overleg en acties werkt aan een duurzaam evenwicht tussen mens en milieu.

Greenpeace heeft vertegenwoordigingen in 40 landen. Overal ter wereld laat Greenpeace milieuproblemen zien en zoekt en stimuleert de organisatie oplossingen. Greenpeace doet onderzoek, overlegt met bedrijven en overheden en voert actie. De acties van Greenpeace zijn vaak spectaculair en altijd geweldloos. "

Visie
"Greenpeace vindt de vitaliteit van de aarde fundamenteel voor al het leven en strijdt daarom voor een snelle realisatie van een duurzaam evenwicht tussen mens en milieu."

Missie
"Greenpeace is een onafhankelijke internationale milieuorganisatie. Door geweldloze en inventieve confrontaties stellen we milieuproblemen aan de kaak en stimuleren we oplossingen voor een gezond en duurzaam evenwicht tussen mens en milieu."

 

Communicatie

 

De donateurs, de belangrijkste achterban ontvangt vier keer per jaar het Greenpeace Magazine. De website van Greenpeace  is naast het Greenpeace Magazine / het belangrijkste communicatiekanaal van de organisatie. Maandelijks trekt Greenpeace.nl zo? n 120.000 bezoekers. Ongeveer tweewekelijks gaat er bovendien een e/mailbrief uit naar 44.000 abonnees. Elk jaar publiceert Greenpeace het jaarverslag. Bureau Berenschot onderzoekt in de ?Transparantie Benschmark ? hoe goede doelen organisaties zijn.

 

 

 

Gedrag

 

Een aantal van de duidelijkste gedragsnormen die zijn genoemd:


Geweldloos -
Leidraad voor Greenpeace is een wereld waarin mensen elkaar en het milieu geen geweld aandoen. Geweld lokt geweld uit en zorgt niet voor verandering en veiligheid. Daarom is é©® van de belangrijkste principes van Greenpeace: geweldloosheid.

Voorzorgprincipe - Als het vermoeden bestaat dat iets schadelijk kan zijn voor mens of milieu is het credo: niet doen! Ook voor het milieu geldt dat voorkomen beter is dan genezen.

 

Symboliek

 

De symbolen die Geenpeace gebruikt zijn erg zichtbaar in hun persoonlijkheid. Ik zal er een aantal tonen:

 

 

 

 

Deze symbolen laten zien waar Greenpeace voor staat; Geweldloze acties, het redden van dieren, onderzoek .

Greenpeace gebruikt deze elementen veelvuldig in hun website. Het wordt gebruikt als visuele identiteit.

 

 

Huisstijl:

 

Bij dit zichtbare onderdeel zal ik het logo van Greenpeace beschrijven.

Dit is een onderdeel van het logo;

Er wordt gebruik gemaakt van een beeldmerk. Het beeld spreekt voor zich: De natuur, zee, dolfijn, en het beschermen van deze elementen.

De kleuren zijn blauw met het woord Greenpeace groen. Groen staat voor natuur, betrouwbaar, milieu, blauw staat voor helder, duidelijk en transparant, zee.

 

De typografie die gebruikt wordt is het woord Greenpeace: Dikke onregelmatige letters, goed leesbaar, maar onvoorspelbaar als de natuur. Het lijkt op AlphaMack AOE.

De rest van de engelse tekst is een regelmatiger lettertype, helder, goed leesbaar, regelmatig. Het lijkt op Georgia dikgedrukt.

 

 

  Bron: Greenpeace

 

 

De visuele identiteit

 

De organisatie maakt gebruik van de volgende elementen:

 

  Extra elementen: De dieren die gebruikt worden in de fotografie, zoals de dolfijn die hoort echt bij de symboliek van Greenpeace, de vele acties op zee.

  Fotobeleid: Zoals je kunt zien maakt Greenpeace veel gebruik van intense foto's die tot de verbeelding spreken.

  Verpakking: Greenpeace maakt gebruik van milieuvriendelijke verpakkingen zoals afbreekbaar plastic bij het boekje' MOOI''. Deze informatie komt uit een ingezonden brief uit de Volkskrant waar Greenpeace op reageerde.

    Kleding: is functioneel voor de acties, straalt avontuurlijkheid uit.

 

 

Tot slot

 

Ik hoop dat deze opdracht duidelijk heeft gemaakt maar Greenpeace voor staat, en hoe ze de Corperate identytymix toepassen.

 

Bronvermelding

 

Communicatiehandboek     W.J. Michels   Noordhoff Wolters

 

Jaarverslag 2004 Greenpeace

 

Website Greenpeace Nederland; www.greenpeace.nl

 


Posted: 11:29, 15/2/2006
Comments (0) | Add Comment | Link

Hosting door HQ ICT Systeembeheer