Weblog maken?


MaakEenWebsite.nl (tip)
Totaal slechts 10 euro per maand incl. domeinnaam en gratis overzetten van uw bestaande weblog bij Bloggers.nl 100 MB ruimte
emailadres
Lees meer..... en bestel
Gratis geld verdienen met e-mails lezen? Meld je aan bij
Zinngeld, Surfrace, Qassa en Euroclix !

Op zoek naar God?
Organisatie Communicatie

Home - Profile - Archives - Friends

Opdracht 6: Eindopdracht ‘Casus Shell’

Posted on 31/3/2006 at 13:28 - 0 Comments - Post Comment - Link

Eén van de problemen in deze casus is het imago van Shell. Shell wil een milieu- en mensvriendelijk zijn (gewenste identiteit) en probeert door middel van bijvoorbeeld gedrag, kiezen voor de milieutechnisch beste oplossingen, een zo gunstig mogelijk imago te krijgen. Toch lukt dat hier niet. Hoe zou het kunnen komen dat identiteit en imago niet overeen komen? Maak bij het beantwoorden van deze vraag gebruik van het model van Birgkit en Stadler (p. 46 MIchels) en van hoofdstuk 3.2 en 3.3.




Volgens het model van Birkigt & Stadler heeft de corporate identity mix  van een organisatie invloed op het imago:

  1. Symboliek
  2. Communicatie
  3. Gedrag
  4. Persoonlijkheid
Het imago is deels een afspiegeling van de identiteit van het bedrijf.
Verder zijn er nog een aantal factoren die invloed hebben op het vormen van een imago:

Eigen ervaring
Mijn ervaring met Shell als een bedrijf zijn goed te noemen. Ik kom er dan ook alleen om af en toe een pakje cigaretten te kopen aangezien ik niet in het bezit ben van een auto (en dus niet hoef te tanken)

Informele, interpersoonlijke communicatie
De laatste tijd hoor je steeds vaker dat Shell te duur is, teveel invloed heeft op de benzineprijzen, etc. Niet erg positief dus.

Journalistieke uitingen
Het is vaak "Shell verhoogt de benzingeprijzen" wat in de krant staat. Ook niet positief.

Betaalde communicatie
De commercials op televisie laat een heel milieubewust en klantvriendelijk concern zien.



Eén van de redenen waarom de (niet correcte) boodschap van Greenpeace eerder werd overgenomen door het publiek dan de boodschap van Shell heeft te maken met perscommunicatie. Greenpeace weet de pers beter te bespelen dan Shell. Hoe zou Shell haar persbeleid kunnen verbeteren? Maak bij het antwoord gebruik van hoofdstuk 11 (omgaan met de pers) van Michels.


Shell zou om te beginnen duidelijk en optijd melden van dit soort gebeurtenissen. Ze zouden moeten weten dat een organisatie als Greenpeace er alles aan zal doen om een concern als Shell in het kwade daglicht te krijgen. Daarnaast is het zaak dat het algehele persbeleid aangepast wordt: meer interviews geven e.d.




Eén van de redenen waarom het afzinken van de Brent Spar zo uit de hand is gelopen is dat Shell te weinig de dialoog heeft gezocht met consumenten- en actiegroepen. Het public affairs beleid van Shell had kortom beter gekund. Maak op basis van hoofdstuk 8.3 een actoren / factoren analyse door een antwoord te geven op de volgende vragen (stap 1 en 2 uit het stappenplan Public Affairs):

  • Welke actoren (instanties, organisaties en/of personen) zijn betrokken bij het besluit om de Brent Spar af te laten zinken?
  • Wat zijn hun belangen / posities?
    • Overheid: De Engels overheid heeft besloten om de Brent Spar te laten zinken. Daarnaast maakt het ook de milieuwetten.
    • Aandeelhouders: Deze willen geld verdienen. Door dit schandaal is de koers van het aandeel Shell aanzienlijk gedaald.
    • Werknemers: Die staan onder druk.
    • Media: Dit levert veel nieuws, op welke manier dan ook. Door de toon van de media kan de publieke opinie dusdanig gevormd worden dat een bedrijf als Shell een aardige "deuk" kan oplopen.

  • Welke medestanders zou Shell hebben kunnen zoeken?
  • Welke strategische allianties (samenwerkingsverbanden) zijn mogelijk?
    • De overheid had Shell meer kunnen steunen. Zij maken de milieuwetten.


Nu de consumenten zo negatief reageren op het afzinken van de Brent Spar is het tijd dat er een crisiscommunicatieplan wordt opgesteld. Geef op basis van hoofdstuk 8.5 van Michels vijf concrete aanbevelingen voor Shell over hoe zij deze crisis moeten aanpakken.

  1. Maak een crisisbeleid om toekomstige schandalen te voorkomen
  2. Zorg voor een goede persvoorlichter, eentje die een positieve uitstraling heeft en ook af en toe positief nieuws naar buiten brengt.
  3. Zorg dat positief nieuws vaker naar buiten komt (verlagen benzineprijzen, etc.)
  4. Doorgaan met reclamecampagnes: Negatieve reclame is ook reclame!
  5. Uiteindelijk komt alles weer op z'n pootjes terrecht. Kalm blijven dus!


Bronnen

Internet:
  • www.shell.nl
Literatuur:
  • Communicatie Handboek, Michels, 2001


Opdracht 4: Het produceren van tekstueel en audiovisueel materiaal

Posted on 30/3/2006 at 15:54 - 0 Comments - Post Comment - Link

Analyse van de website www.FEYENOORD.nl



Oplage / bereik / dekking: wat is de oplage van het middel?
Het gaat hier om een website die één maal wordt gemaakt om vervolgens regelmatig "ge-update" te worden.

Wat is het bereik?
Dat is niet geheel duidelijk. Het is natuurlijk wel zo dat Feyenoord over de hele wereld fans heeft, en de website dus duizenden "hits" per dag heeft.

I
s er sprak van ‘waste’?
Weinig. Iedereen die de site bezoekt doet dit met een doel.

Is de doelgroep met het middel nauwkeurig te bereiken?
Ja. Het betreft hier tenslotte een voetbalclubsite die alleen bezocht wordt door voetbalfans.

Communicatievermogen:
    • Confrontatiesituatie: in hoeverre wordt de ontvanger ‘gedwongen’ de boodschap te vernemen?
      • De informatie die op de site staat is puur informatief. Wel zijn er flitsende banners van sponsoren die de aandacht opeisen. De inhoudelijke informatie zijn ingedeeld in duidelijke nieuwsberichten met koppen.
    • Is er sprake van ‘internal’ of ‘external pacing’?
      • Internal pacing. De ontvanger van het medium kan de boodschap in eigen tempo en volgorde bekijken.
    • Binding met het middel.
      • De site wordt elke dag ge-update. Veel bezoekers zullen de site dus ook iedere dag raadplegen.
    • Beschikbaarheid van het medium: is het middel altijd beschikbaar?
      • De website is in principe altijd beschikbaar, behalve bij overbelaste server of het niet aanwezig zijn van een internetaansluiting.

Is de tekst van de website aangepast aan de ‘zappende’ lezer? (zie blz. 285 Michels).

      • Ja.

Kun je op de site voorbeelden vinden van een startpagina, indexpagina, inhoudspagina’s, invulpagina’s en resultaatpagina’s en interactieblokken?

      • Ja.

Beschrijf de site aan de hand van de praktische tips die genoemd worden op blz. 286 en 287 van Michels?

      • De inhoudelijke informatie zijn ingedeeld in duidelijke nieuwsberichten met koppen.
      • Er is een duidelijke opzet met banners en foto's aan de linkerkant en de tekst aan de rechterkant.
      • Er worden veel hyperlinks gebruikt.


Navigatie en structuur: is het altijd helder hoe je terugkunt naar de indexpagina of naar andere (belangrijke) onderdelen van een site?

      • Ja.

Is het duidelijk naar welke informatie / onderdelen de afzonderlijke knoppen leiden?

      • Ja.             

Kan men zich op grond van de knoppen een duidelijk beeld vormen van de structuur van de inhoud van de site?

      •  Ja.

Biedt de hoofdpagina een overzicht van alle (belangrijke) op de site te vinden informatie?

      • Ja.


Interactiviteit: hoeveel controle heb je als gebruiker over de site?

      • Heel veel. Je bepaalt zelf wat je leest en wat niet.


Bepaal je zelf wat je ziet of wordt in je in hoge mate gestuurd?

      • Bepaal je zelf.


Is steeds duidelijk wat men moet doen om bepaalde handelingen te verricht?

      • Ja.


Wordt niet onnodig of te snel om registratie gevraagd (te snel = eerder dan uiterlijk noodzakelijk)?

      • Nee.


Snelheid: is de site ook goed te bekijken als de ontvanger gebruik maakt van een (analoge) modem?

      • Waarschijnlijk niet. Er wordt gebruik gemaakt van veel afbeeldingen en een flash-menu.


Met andere woorden zijn er veel afbeeldingen of wordt er gebruik gemaakt van flitsende animaties?

      • Redelijk wat ja.

 



Bronnen

Internet:
  • www.feyenoord.nl
Literatuur:
  • Communicatie Handboek, Michels, 2001


Opdracht 3: Communicatiespecialismen

Posted on 30/3/2006 at 15:42 - 0 Comments - Post Comment - Link


Ook de Open Monumentendag in Zwolle op 10 september staat in het teken van het landelijk thema: ‘Religeus erfgoed’. Extra aandacht zal worden besteed aan de ‘gebouwen van religeus erfgoed’ in de binnenstad.
Daarbij heeft de gemeente zich vooral gericht op de publieksgroepen die zich in de directe omgeving van deze Zwolse monumenten bevinden. Aan jou de opdracht om de Open Monumentendag in Zwolle vanuit communicatie-perspectief te analyseren. Deze analyse doe je door een antwoord te geven op de volgende vragen:



Wat betekent de term ‘community relations’?
Deze term beslaat alle doel- en publieksgroepen die in de directe omgeving van een organisatie wonen, werken of geplaatst zijn en de manieren van het behouden van een goede "relatie" hiermee. Denk hierbij aan de gemeente, onderwijs, etc.


In de literatuur wordt een onderscheid gemaakt tussen doel- en publieksgroepen. Wat is het verschil tussen beide groepen? Geef een definitie en geef aan in welke bron je deze gevonden hebt.
"Publieksgroepen heb je, doelgroepen kies je" (Michels, 2001). Dus je richt je niet automatisch met je doelstelling op alle publieksgroepen. Dit gebeurt wel bij je gekozen doelgroepen.


Noem 5 publieksgroepen en formuleer voor iedere doelgroep een SMART geformuleerde doelstelling.

1. Gemeente: 90% van de medewerkers van de Gemeente Zwolle is 3 maanden voor aanvang van het evenement op de hoogte gebracht van de  Open Monumentendag.

2. Omwonenden: 99% van de omwonenden is een jaar voor aanvang van het evenement op de hoogte gebracht van de Open Monumentendag.

3. Verenigingen: 80% van alle kunst- en cultuur-georienteerde verenigingen zijn een half jaar voor
aanvang van het evenement op de hoogte gebracht van de  Open Monumentendag.

4. Onderwijs: 25% van alle onderwijsinstellingen in Zwolle brengen een bezoek aan de Open Monumentendag.

5. Beheerders van monument: 90% van alle monumentbeheerders in Zwolle
zijn een half jaar voor aanvang van het evenement op de hoogte gebracht van de  Open Monumentendag.

De Open Monumentendag kent veel ‘communicatiemomenten’. Het is de uitdaging om de momenten waarbij er sprake is van contact met de deelnemers optimaal te benutten. Of het nu gaat om de ontvangst, de rondleiding, de aankleding, bij al deze gelegenheden krijgen bezoekers een indruk van datgene wat (de gemeente) Zwolle te bieden heeft. Maak een inventarisatie van deze momenten. Noem minstens vijf communicatiemomenten op een open dag (hoe meer hoe beter).

1. Opening evenement.
2. Rondleidingen.
3. Verkoop van merchandise / boeken.
4. Uitdelen van flyers.
5. Verkoop van eten en drinken.
6. Informatie verstrekken via stands.
 

De Open Monumentendag trekt jaarlijks vele bezoekers. Maar hoe zorg je dat ook dit jaar mensen de open dag bezoeken? Hoe geef je bekendheid aan een dergelijk evenement? Welke communicatieactiviteiten moet de landelijke Stichting Open Monumentendag ondernemen en wat dient het Comité Open Monumentendag Zwolle afzonderlijk te doen? Schrijf vanuit het perspectief van de landelijke Stichting Open Monumentendag een (mini) communicatieplan voor de Open Monumentendag 2005. Dit doe je door:
  • Minstens één primaire en drie secundaire doelgroepen vast te stellen
    • Primaire doelgroep:
            1. Kunst- en cultuurliefhebbers.
    • Secondaire doelgroepen: 
            1. Inwoners van Zwolle. 
            2. Familie van sponsoren.
            3. Gemeentemedewerkers / Ambtenaren van Zwolle
  • Voor elke doelgroep een communicatiedoel te formuleren op het niveau van zowel kennis, houding als gedrag.
            1. 25% van de geregistreerde kunst- en cultuurliefhebbers (d.m.v. verenigingen, abonnees op bladen, etc.) uit Zwolle brengt een bezoek aan het evenement.
            1. 20% van de inwoners brengt op de Open Monumentendag een bezoek aan minimaal één kerk.
            2. 40% van de familie van de sponsoren brengt een bezoek aan het evenement.
            3. 10% van de gemeentemedewerkes / ambtenaren van Zwolle brengt een bezoek aan het evenement.
  • Voor elk van deze doelgroepen een strategie en een boodschap te formuleren. Let op: het gaat hier niet om een strategie op organisatieniveau (zoals in Michels staat beschreven), maar om een strategie op campagneniveau.
            1. En zekere mate van zakelijkheid, veel vaktermen en uitnodigend.
            1. "Normal" taalgebruik, geen moeilijk vakjargon en uitnodigend.
            2. "Normal" taalgebruik, geen moeilijk vakjargon en uitnodigend.
            3. Flyer met gratis koffiecoupon.
  • Voor elke doelgroep een communicatiemiddel te kiezen. Geef aan waarom dit een geschikt middel is.
            1. Tijdschriften: Veel liefhebbers abonneren zich op een gespecialiseerd tijdschrift.
            1. Huis aan Huis folder: Duidelijk en kan een hoog bereik hebben.
            2. Internet / Mailing: Via het bedrijf waar voor gewerkt word kan een mailing verzonden worden. Heeft hoog bereik
            3. Intranet: Veelvuldig gebruikt door ambtenaren.
  • Bedenk een plan voor een ‘follow up’-actie: hoe kun je je publieksgroepen achteraf bereiken?
            • Via een nieuwsbrief kan men de bezoekers bereiken en op de hoogte houden van "upcomming events". Door middel van een flyer kan het adres verspreidt worden.



Bronnen

Internet:
  • www.openmonumentendag.n
Literatuuur:
  • Communicatie Handboek, Michels, 2001

Opdracht 5: Uitvoering van communicatie

Posted on 30/3/2006 at 12:30 - 0 Comments - Post Comment - Link

Maak aan de hand van hoofdstuk 13 en de checklist op blz. 332 een briefing voor het ontwikkelen van (één of een aantal van) de communicatiemiddelen die je in gaat zetten in het project 1C (‘Trek de aandacht’). Doel van de briefing is op een efficiënte manier het externe bureau voorzien van belangrijke informatie en concreet aangeven wat de communicatiedoelen zijn.

Volgens Michels bestaat er geen ‘standaardbriefing’ die voor elke situatie geschikt is. Wel zijn er volgens hem richtlijnen te geven. Michels doet dat door drie niveaus te onderscheiden (p. 306 ev.): de algemene briefing, de marketingbriefing en de communicatiebriefing.

Voor een middel dat je gaat (laat) ontwikkelen maak je een briefing. Gebruik hiervoor hoofdstuk 13.1 van Michels. Je maakt een algemene briefing en een communicatiebriefing. De marketingbriefing is minder relevant in dit project. Maar het is echter wel handig om in te gaan op de ‘concurrentie’: wie is er nog meer actief op hetzelfde terrein? Hoe positioneer je jezelf ten opzichte van deze concurrentie?




ALGEMENE BRIEFING

Omvang en prestaties

Kinderstem zet zich in voor kinderen in sloppenwijken. Door Kinderstem hebben deze kinderen een uitzicht op een betere toekomst en voor de generaties na hen. Kinderstem doet dit door in samenwerking met lokale organisaties hulp te bieden. Kinderstem zorgt ervoor dat kinderen in sloppenwijken naar school kunnen. Waar nodig verzorgen ze onderdak en voedsel, schoon drinkwater, beroepsopleidingen, sport en spel of geven ze steun aan kinderen die slachtoffer zijn van huiselijk geweld.
Cordaid heeft 280 werknemers waarvan er een hand vol zich op Kinderstem richten.


Visie en missie

Kinderstem zegt:" We willen niet alleen iets vóór kinderen doen, maar sámen met hen aan een betere toekomst werken."
Kinderstem werkt wereldwijd samen met zo’n 70 lokale hulporganisaties. Kinderstem levert niet alleen financiële steun, maar ze helpen de kinderen en hun plaatselijke begeleiders ook bij de opzet en uitvoering van allerlei projecten.

De motto van Kinderstem is : "Kinderstem zegt waar 't op staat". Giften worden puur en alleen gebruikt ten behoeve van de kinderen in sloppenwijken.


Organisatiedoelstelling en strategie
De doelstelling is om zoveel morgelijk donateurs te werven. De strategie die ze daarbij toepassen is die van met zo weinig mogelijk middellen zoveel mogelijk hulp bieden.


Structuur en cultuur
Er is een Raad van Bestuur, een directie en een Raad van Toezicht, allen gevestigd bij de overkoepelende organisatie Cordaid. Kinderstem heeft een hand vol medewerkers in Nederland en een aantal in het buitenland. Verder is er een ambassadeur in de persoon van Isa Hoes.


Huidig en gewenst imago en identiteit
Kinderstem wil als een daadkrachtige non-profit organisatie ten boeke staan. Omdat Kinderstem zich nog "moet bewijzen" is het imago nu simpel: de zoveelste hulporganisatie die zich inzet voor kinderen in Derdewereld landen.


SWOT

Intern

 

Sterkte:

  • Een bekende Nederlander is nu ambassadeur. Isa Hoes, zij is open en direct en dat is het  imago dat de organisatie uitstraalt. Omdat het om kinderen gaat kun je beter op het gevoel van mensen inspelen.
  • Inschakelen studenten om communicatie en evenementenplan te maken.
  • Met minimale middelen toch een goed rendement behalen.
  • Direct contact met lokale partners.
  • Doordat Kinderstem een onderdeel is van Cordaid kan er geprofiteerd worden van knowhow en goede naam.

Zwakte:

  • Organisatie heeft nog niet genoeg naamsbekendheid om bij de grote organisaties te horen.
  • Budget is erg laag.

 

Extern


Kansen:

  •      Aantrekken economie.
  •      Toename kinderen in sloppenwijken.

Bedreigingen:

  • Er is een overkill aan organisaties.
  • Het gaat slecht met de economie hierdoor zijn mensen minder genegen om geld uit te geven aan goede doelen.


COMMUNICATIE BRIEFING


Concrete omschrijving probleem
Kinderstem is nog niet bekend bij het volk.


Communicatiedoelgroep

Ouders van 35-55 jaar.


Communicatiedoel

Kennis: wat moet de doelgroep weten?

De doelgroep moet op de hoogte gebracht worden over het bestaan van Kinderstem en over de doelen en de activiteiten van deze organisatie. Binnen het jaar kent 60% de organisatie Kinderstem.

 

Houding: wat moet de doelgroep vinden?

De doelgroep moet een positieve instelling ontwikkelen en zich bereid voelen om Kinderstem te steunen.Binnen het jaar voelt 50% van de doelgroep zich bereid om Kinderstem te steunen.

 

Gedrag: wat moet de doelgroep doen?

Van de doelgroep worden er 18% lid en geeft er 15% een eenmalige gift.


Propositie
Help kinderen in sloppenwijken


Randvoorwaarden
Deadline voor eind van het jaar.
Beperkt budget.
Weinig personeel en vrijwilligers
Huiststijl is te vinden op www.kinderstem.nl.


Planning

Deadline voor eind van het jaar.


Rapportage
Er wordt aan de communicatiemedewerker van Kinderstem verslag uitgebracht.



De briefing die je hierboven hebt opgesteld moet je uiteindelijk aan een communicatie adviesbureau voorleggen. Het selecteren van een communicatiebureau is echter niet gemakkelijk. Om tot een weloverwogen keuze te komen heeft Michels een procedure ontwikkeld (hoofdstuk 13.4.4.). In deze opdracht zet je de eerste vier stappen in het selectieproces. Bij stap 3 moet je ook daadwerkelijk via het internet een aantal reclamebureaus selecteren.

 

Om deze opdracht uit te kunnen voeren is het verstandig om eerst eens wat op internet rond te kijken naar sites van verschillende bureaus. Welke bureaus zijn op de markt actief, Wie zijn hun klanten? Welke opdrachten voeren zij uit?



Bepalen doel van de selectie

We zijn opzoek naar een reclamebureau voor het ontwerpen van flyermateriaal en audiovisueel materiaal.


Opstellen van criteria

Het moet een klein tot middelgroot  bureau zijn. We hebben een klein budget, maar het moet kwalitatief wel goed in elkaar zitten. Verder moet het bureau zich in het verleden niet ingelaten met andere non-profit hulporganisaties.


Maken van een shortlist

  • Hart voor de Zaak: http://www.hvdz.nl/
  • Punchline Advertising: http://www.punchline.nl
  • Get Set Design & DTP: http://www.getset.nl/



Opstellen van een checkclist voor de gesprekken

  • Wat is de visie op de organisatie
  • Wat is de werkwijze
  • Wat is de visie op het vakgebied


Bronnen

Internet:
  • www.kinderstem.nl
  • http://reclame-advies.startpagina.nl
Literatuur:
  • Communicatie Handboek, Michels, 2001
  • Communicatieplan Windesheim







Opdracht 2: Perscommunicatie

Posted on 28/3/2006 at 12:54 - 0 Comments - Post Comment - Link

Nieuwswaarden

Om te bepalen wat nieuwswaarde heeft, en wat niet, kan men twee rijtjes hanteren om dit te controleren. Het eerste rijtje is van de onderzoekers Galtun en Ruge, het tweede rijtje is van Michels, auteur van het "Communicatie Handboek".

Galtung & Ruge


Frequentie: de herhaalbaarheid van een gebeurtenis.

Drempelwaarde: hoe omvangrijker en sensationeler de gebeurtenis, des te groter de kans op publicatie.

Ondubbelzinnigheid: gebeurtenissen die duidelijk interpreteerbaar zijn worden verkozen boven gebeurtenissen met meerdere mogelijke betekenissen.

    Betekenis: hoe meer voorkennis en culturele verwantschap er is, hoe gemakkelijker publicatie volgt. Betekenis kan op verschillende manieren ingevuld worden.

Harmonie: naarmate gebeurtenissen meer overeenstemming vertonen met een bepaald verwachtingspatroon, zullen ze sneller worden verspreid.

Uitzonderlijkheid:  onverwachte en zeldzame gebeurtenissen bevatten een grotere nieuwswaarde.

Continuïteit: eenmaal verschenen in de krant, zullen de artikelen daar een periode blijven.

Compositie: het nieuws wordt voorgesteld in een bepaalde samenstelling, bijv. in een vaste verhouding binnen- en buitenlands nieuws.

Elitelanden: gebeurtenissen in elitelanden worden sneller nieuws;

Elitepersonen: activiteiten van dergelijke personen kunen grote gevolgen hebben voor grote groepen mensen; hoe meer de gebeurtenissen betrekking hebben op elite-personen, hoe groter de kans dat deze gebeurtenissen in het nieuws worden opgenomen.

Personificatie: nieuws dat terug te voeren is tot bepaalde personen maakt meer kans vermeld te worden dan gebeurtenissen over instanties, zaken of processen.

Negativiteit: gebeurtenissen met negatieve inhouden komen eerder in het nieuws dan positieve (omdat het ondubbelzinnig is of meer onverwacht).

Hierbij worden de hoofdfactoren, die de selectie van buitenlands nieuws bepalen, geïdentificeerd en met elkaar in verband gebracht. (www.ethesis.net)


Michels


Actualiteit: Nieuws bederft nog sneller dan vis. Een krant van gisteren is niet interessant. Wees dus altijd actueel.
Belang: Er staat iets op het spel. Wees concreet met cijfer en laat de reikwijdte van het probleem zien.
Afwijking: Hoe ongewoner, hoe boeiender.
Belangstelling: Het onderwerp is "in". Denk daarbij dat mensen meer interesse hebben in emoties dan in beeld.
Autoriteit: Hoe belangrijker de woordvoerder of het slachtoffer, hoe boeiender.(Michels, 2001)



Verschillen en overeenkomsten tussen beide rijtjes
Om te beginnen bevat het rijtje van Galtung & Ruge meer aandachtspunten. Tevens zijn deze beter uitgewerkt. Het rijtje van Michels is korter en bondiger. Inhoudelijk lijken beide opsommingen erg veel op elkaar, al is het rijtje van Galtung & Ruge

 



Vergelijk het nieuws van twee nationale kranten. Gebruik hiervoor de nieuwswaardefactoren van Galtung en Ruge of de ABABA-formule (maak een keuze). Geef van de drie belangrijkste berichten (gebruik als indicator voor de belangrijkheid de puntgrootte van de kop) op de voorpagina van elke krant de nieuwswaarde aan. Analyseer dus in totaal 6 artikelen (bijv. 3 van de Volkskrant en 3 van de Telegraaf). Het is niet de bedoeling dat je de voorpagina van de Metro en de Spits met elkaar gaat vergelijking. Eén van deze twee kranten mag je wel in de vergelijking met een ander landelijk dagblad betrekken.


Telegraaf 31 maart 2006



  1. Operaties fataal door ruzie: In het Maasziekenhuis te Boxmeer zijn vorig jaar 3 operatiepatienten om het leven gekomen als gevolg van verwijtbare medische fouten.
  2. Topzes in de Arena: De toppers Gerard Joling, Rene Foger en Gordon gaan optreden met Idols-finalisten Floortje, Raffaella en Ellen.
  3. Relletje op eerste dag staatbezoek: President Néstor Kirchner slaat het cadeau van Koningin Beatrix ter gelegenheid van het bezoek aan zijn land af.



Volkskrant 31 maart 2006


  1. Beatrix spreekt over mensenrechten: Koningin Beatrix bekijkt tijdens haar staatsbezoek aan Argentinie, dat donderdag officieel begon, een tentoonstelling van de Anne Frank Stichting.
  2. Wordt het IJzeren Rita of allrounder Mark: VVD-Kamerleden voorspellen een "spannende strijd" om het partijleiderschap tussen Rutte en Verdonk.
  3. 'Nederland criminele vrijstaat':  Criminologen: Onderwereld vecht zich naar boven.






Functieniveaugroep B

Functieniveaugroep B heeft betrekking op werkzaamheden van meer gecompliceerde en/of gespecialiseerde aard. Van de betrokkene wordt een gerichte theoretische kennis en/of bredere algemene kennis vereist en enige praktijkervaring. Betrokkene dient de dagelijkse problemen binnen het eigen functiegebied te onderkennen en op te lossen. De werkzaamheden worden volgens bepaalde richtlijnen met een ruime mate van zelfstandigheid verricht, gepaard gaande met een directe voortgangscontrole.

VOORBEELDFUNCTIE-OMSCHRIJVINGEN

Bureauredacteur, redacteur

Functie: Bureauredacteur, redacteur

Functietypering: Schrijven, bewerken en persklaar maken van kopij, volgens richtlijnen en instructies

Aard van het werk/verantwoordelijkheden: Schrijven van nieuwsberichten en korte artikelen. Samenstellen van informatierubrieken met een niet overwegend specialistisch karakter. Verrichten van nieuwsgaring via telefoon en schriftelijke bronnen. Eveneens 'buiten de deur': bezoeken van persconferenties en vakbijeenkomsten en afnemen van eenvoudige interviews.
Maken van voorselecties uit algemene en specialistische nieuwsbronnen. Afhandelen van minder specialistische vragen en tips van lezers en belanghebbenden; gericht kunnen doorverwijzen.
Redigeren van kopij voor wat betreft spelling, zinsbouw en vocabulaire (dus niet inhoudelijk)
Verrichten van correctiewerk op gezette kopij.
Bestellen van illustratiemateriaal.
Voorbereiden van de opmaak van standaard pagina's; ordenen van kopij en deze op lengte corrigeren.
Volgen van de productieplanning en signaleren van afwijkingen.
Verrichten van documentatietaken voor de redactie, freelancers en lezers.

Vormgever, opmaakredacteur

Functie: Vormgever, opmaakredacteur

Functietypering: Verrichten van uitvoerende lay out- en/of opmaakwerkzaamheden volgens richtlijnen en instructies.

Aard van het werk/verantwoordelijkheden: Verrichten van uitvoerende vormgevingswerkzaamheden vooréén of meer tijdschriften. Geven van zetinstructies aan kopij. Binnen vastgestelde kaders (basis lay-out) verzorgen van de lay out van rubriekspagina's en artikelen.

Beeldmateriaal voorzien van instructies voor reproductie. In concept aangeleverde (info-)grafieken en tabellen uitwerken. Opgemaakte pagina's gereed maken voor levering aan drukkerij. Controleren van het eigen aandeel in de stroom van kopij en opgemaakte pagina's en signaleren van afwijkingen ten opzichte van de productieplanning.

Functieniveaugroep C

Functieniveaugroep C heeft betrekking op werkzaamheden van zeer gespecialiseerde aard. Van de betrokkene wordt een grondige specialistische theoretische kennis, aangevuld met een ruime praktijkervaring. Betrokkene dient binnen het vak- en/of functiegebied voorkomende problemen te onderkennen, te analyseren en op te lossen en zo mogelijk hierop te anticiperen, zonder daarbij altijd op de opgedane kennis en ervaring te kunnen terugvallen. De werkzaamheden worden volgens algemene binnen het vakgebied geldende voorschriften met een grote mate van zelfstandigheid verricht, gepaard gaande met voortgangscontrole of steekproefsgewijze controle op de resultaten.

VOORBEELDFUNCTIE-OMSCHRIJVINGEN

Bureauredacteur, redacteur, verslaggever

Functie: Bureauredacteur, redacteur, verslaggever

Functietypering: Binnen de redactionele formule en planning van het blad initiëren, schrijven en bewerken van kopij in een aantal journalistieke genres.

Aard van het werk/verantwoordelijkheden: Schrijven in verschillende journalistieke genres (in de regel niet opiniërend).
Maken van lay-out voorbereidingen, overleggen met de vormgever, suggesties doen voor visualisatie. Instrueren van fotografen en illustratoren.
De verschillende genres in aangeleverde kopij weten te herkennen en de kopij dienovereenkomstig beoordelen.
Redigeren van berichten en minder gezichtsbepalende kopij, zowel taalkundig als inhoudelijk; controleren van het in de kopij verwerkte feitenmateriaal op grond van materiekennis; zorgen voor aanvullingen en correcties.
Verrichten van bronnenonderzoek. Verwerven van vakgerichte informatie en vaknieuws via relaties en nieuwe contacten. Op eigen initiatief nieuwe relaties aanknopen in het vakgebied en entree weten te verkrijgen bij voor het blad belangrijke personen en instanties. Bedenken van onderwerpen, thema's en rubrieken, zowel om zelf uit te voeren als voor het blad in het algemeen.
Vertegenwoordigen van het blad bij externe gebeurtenissen die voor het vakgebied relevant zijn (congressen, persconferenties, vakbeurzen, recepties etc.). Bij zulke gelegenheden actieve nieuwsgaring verrichten en zonodig redactionele bijdragen werven van specialisten.
Inzetbaar zijn voor alle voorkomende bureauredactionele taken, zoals nieuwsselectie, documentatie, nieuwsgaring, opmaakbegeleiding, productiecoördinatie etc.

Vormgever, opmaakredacteur

Functie: Vormgever, opmaakredacteur

Functietypering: Verrichten van ontwerp-, lay out- en/of opmaakwerkzaamheden en adviseren van de (hoofd)redactie(s) hierover.

Aard van het werk/verantwoordelijkheden: In nauw overleg met betrokken redactie(s) verrichten van vormgevingswerkzaamheden voor één of meer tijdschriften. Bedenken van vormgevingstechnische oplossingen voor redactionele wensen. Adviseren van (hoofd)redactie(s) over gewenste wijzigingen in basisvormgeving.
Geven van zetinstructies aan kopij. Verzorgen van de lay out van artikelen en rubrieken. Vormgeven van omslagpagina's. Beeldmateriaal voorzien van instructies voor reproductie. Controleren van litho's en andere reproducties van beeldmateriaal op kwaliteit.
Vervaardigen van schetsen en werktekeningen voor specifieke onderdelen als covers, logo's en vignetten. Opzetten en uitwerken van ideeën voor tabellen, infografieken en illustraties. Begeleiden van de productie naar drukkerij en signaleren van afwijkingen ten opzichte van de planning.

Fotoredacteur, beeldschermredacteur

Functie: Fotoredacteur, beeldredacteur

Functietypering: Verrichten van werkzaamheden voor het vervaardigen en/of verkrijgen van beeldmateriaal.

Aard van het werk/verantwoordelijkheden: In overleg met redactie(s) uitvoeren van het foto- en/of beeldbeleid voor één of meer tijdschriften. Verzamelen van foto's, dia's, tekeningen en andere illustraties in overleg met (hoofd)redactie(s). Verstrekken van opdrachten aan fotografen en illustratoren. Zoeken van locaties, attributen en modellen voor het maken van foto's en regelen van de vereiste voorbereidingen.
Beheren van archief voor beeldmateriaal. Onderhouden van contacten met fotografen en stockbureaus. Beheren van fotobudgetten. Zorgdragen voor tijdige ontvangst van aangevraagd danwel in opdracht vervaardigd materiaal en dit controleren op kwaliteit.

Functieniveaugroep D

Functieniveaugroep D heeft betrekking op:
a. werkzaamheden van zeer gespecialiseerde aard, waarbij van de betrokkene een grondige specialistische theoretische en vakgerichte kennis wordt vereist, verkregen hetzij door een gerichte beroepsopleiding en praktijkervaring, hetzij door een zeer ruime praktijkervaring, alsmede een brede algemene kennis; ófwel
b. werkzaamheden van leidinggevende aard, waarbij afstemming van de werkzaamheden op activiteiten van andere afdelingen is vereist.
Betrokkene dient de binnen het vak- en/of functiegebied voorkomende problemen volledig te kunnen afhandelen en er op te anticiperen, zonder daarbij altijd op opgedane kennis en ervaring te kunnen terugvallen. De werkzaamheden worden volgens algemene voorschriften met een zeer grote mate van zelfstandigheid verricht. Controle vindt steekproefsgewijze plaats op de resultaten.

VOORBEELDFUNCTIE-OMSCHRIJVINGEN

Vakredacteur

Functie: Vakredacteur

Functietypering: Binnen de redactionele formule en planning van het blad produceren en/of redigeren van kopij en beeld met een overwegend vakspecialistisch karakter.

Aard van het werk/verantwoordelijkheden: Informeren van hoofdredactie en mederedacteuren over de ontwikkelingen op een voor het blad essentieel (deel)vakgebied waarvoor gespecialiseerde kennis vereist is. Adviseren van de hoofdredactie over de wijze en het tijdstip waarop dit specialisme in het blad aan bod komt of dient te komen.
Leggen en onderhouden van contacten met (belangrijke) specialisten op vakinhoudelijk niveau en volgen van relevante vakliteratuur. Verwerven van nieuws binnen het specialisme om vroegtijdig op de hoogte te zijn en primeurs te kunnen binnenhalen.
Schrijven van nieuwsberichten en openingsartikelen gerelateerd aan het vakspecialisme. Schrijven van gezichtsbepalende artikelen die bijdragen aan de autoriteit van het blad. Schrijven van opiniërende artikelen. Aandragen van ideeën en concreet materiaal voor de beeldinvulling van artikelen en overleggen met vormgevers en fotografen hierover.
Zoeken, werven en instrueren van freelance auteurs en conform richtlijnen dan wel in overleg met de hoofdredactie uitzetten van opdrachten. Beoordelen van aangeleverde kopij op inhoud en zonodig (laten) herschrijven.

Eindredacteur

Functie: Eindredacteur

Functietypering: Binnen de vastgestelde tijdsplanning produceren van ‘schone' kopij en beeld en/of complete pagina's op basis van aangeleverd ‘ruw' materiaal en zelf uitgezette opdrachten; bewaken dat de productie in de drukkerij conform de contractuele afspraken verloopt.

Aard van het werk/verantwoordelijkheden: Beoordelen van kopij van de redactie en van externe medewerkers op plaatsbaarheid. Bewerken en redigeren van artikelen in verschillende genres; ook gezichtsbepalende artikelen.
Maken van koppen, intro's, streamers en fotobijschriften.
Plannen van producties met schrijvende journalisten, vormgevers, fotografen en illustratoren en zorgen voor een goede samenwerking van betrokkenen.
Leiding geven aan een of meer redactieleden voor wat betreft de dagelijkse voortgang van het werk.
Opdrachten uitzetten bij externe auteurs, fotografen en illustratoren en hen begeleiden. Verrichten van beeldresearch om passend beeldmateriaal te genereren.
Vaststellen van de indeling en begeleiden van de opmaak van (een deel van) het blad. Zorgdragen voor de aanlevering van kopij, beeld en opgemaakte pagina's aan de drukkerij volgens de overeengekomen planning.
Facturen van free-lancers controleren en accorderen. Bewaken van productiekosten en voorkomen van budgetoverschrijdingen.
Bijdragen aan de ontwikkeling van de redactionele formule en aan de opstelling van het redactionele jaarplan.
Suggesties doen voor organisatorische verbeteringen op de redactie.

Rubriekschef, chefredacteur

Functie: Rubriekschef, chefredacteur

Functietypering: Binnen de redactionele formule van het blad met vaste regelmaat een groter onderdeel, katern of supplement van het blad (laten) produceren.

Aard van hetwerk/verantwoordelijkheden: Geroutineerd schrijven in verschillende genres, ook opiniërend; begeleiden en adviseren van minder ervaren collega's.
Maken van productieplanningen en bewaken van de productievoortgang en de deadlines. Zorgen voor voldoende kopijvoorraad en tijdig oplossen van eventuele stagnatie van de productie.
Onderhouden van vaste contacten met vormgeving en drukkerij; coördineren van de tijdige aanlevering van materiaal aan deze partijen.
Beoordelen van kopij, ook van derden, op bruikbaarheid.
Bewerken van kopij in laatste instantie (dus als eindredacteur); gezichtsbepalende artikelen redigeren.
Plannen van producties met schrijvende journalisten, vormgevers, fotografen en illustratoren en zorgen voor een goede samenwerking van betrokkenen.
Leiding geven aan een of meer redactieleden voor wat betreft de dagelijkse voortgang van het werk.
Opdrachten uitzetten bij en begeleiden van externe medewerkers en fotografen.
Begeleiden van de opmaak van (een deel van) het blad.
Bewaken van de productiekosten en signaleren/voorkomen van budgetoverschrijdingen.
Bijdragen aan de ontwikkeling van de redactionele formule en aan de opstelling van het redactionele jaarplan.
Doen van suggesties voor organisatorische verbeteringen op de redactie.
Vervullen van representatietaken namens het blad.

Beeldredacteur

Functie: Beeldredacteur

Functietypering: Binnen redactionele formule(s) en planning ontwikkelen en uitvoeren van foto- en beeldbeleid.

Aard van het werk/verantwoordelijkheden: In overleg met (hoofd)redactie(s) bepalen van het foto- en beeldbeleid vooréén of meer tijdschriften. Meedenken over de inhoud en planning van te produceren nummers en over een bij de onderwerpen passende (beeld)aanpak. Voorstellen doen voor een integrale aanpak van series en fotoreportages. Op basis van vakinhoudelijke kennis meebepalen welke informatie in tekstvorm en welke in beeldvorm zal worden overgedragen. Aangeven op welke wijze voorstellen in deze zullen worden uitgevoerd.
Bedenken, voorbereiden en uitvoeren van ideeën voor beeldvervaardiging. Verstrekken van opdrachten aan fotografen en illustratoren. Zoeken van locaties, attributen en modellen voor het maken van foto's. Als producent, zonodig op locatie, leiding geven aan de vervaardiging van foto- en beeldmateriaal. Zorgdragen voor tijdige ontvangst van in opdracht vervaardigd danwel aangevraagd materiaal en dit controleren op kwaliteit.
Beheren van archief beeldmateriaal, signaleren van specifieke tekortkomingen en nemen van maatregelen voor aanvulling. Opzetten en onderhouden van een netwerk voor contacten met fotografen en stockbureaus in binnen- en buitenland. Beheren van budgetten voor beeldmateriaal.

Vormgever, chef vormgeving

Functie: Vormgever, chef vormgeving

Functietypering: Binnen redactionele formule(s) en planning ontwikkelen en realiseren van het vormgevingsbeleid; leiden van een afdeling vormgeving.

Aard van het: werk/verantwoordelijkheden: In nauwe samenwerking met betrokken redactie(s) verzorgen van de grafische vormgeving vanéén of meer tijdschriften. Adviseren van (hoofd)redactie(s) over te kiezen vormgevingsmiddelen en over soort en kwaliteit van het beeldmateriaal. Ontwikkelen van normen en richtlijnen voor basis lay-outs. Op grond van grafische vakkennis adviseren van (hoofd)redactie(s) over technieken en processen voor reproductie en vervaardiging.
Ontwerpen van covers, logo's en vignetten. Voorbereiden en begeleiden van het proces van (re)styling van tijdschriften door derden, danwel dit zelf verzorgen. Ontwikkelen en (laten) uitvoeren van ideeën voor tabellen, infografieken en illustraties. Instrueren van fotografen en andere producenten van beeldmateriaal. Verzorgen van de indeling van tijdschriften.
Leiding geven aan één of meer vormgevers voor wat betreft de dagelijkse gang van zaken van het werk. Controleren van productie tussen redactie en drukkerij op kwantiteit, kwaliteit en tijdige levering.

Functieniveaugroep E

Functieniveaugroep E heeft betrekking op:
a. werkzaamheden van een zodanig karakter en niveau dat vanuit het eigen vakgebied, een bijdrage wordt geleverd aan het bestuur en beleid van de onderneming. Deze werkzaamheden vereisen een volledige beheersing van het eigen vakgebied, enige kennis van aangrenzende vakgebieden en een brede bedrijfservaring; en/of
b. werkzaamheden van leidinggevende aard, waarbij afstemming van de werkzaamheden op activiteiten van andere afdelingen is vereist.
Binnen het kader van de gestelde beleidslijnen wordt een zelfstandige behandeling respectievelijk behartiging van veelal gecompliceerde en in breder verband doorwerkende zaken respectievelijk belangen vereist, veelal gepaard aan een wel overwogen eigen aanpak en gedragsbepaling. De zelfstandigheid wordt evenwel nog beperkt door enerzijds een in beleidslijnen gesteld raamwerk, waaraan functionaris de resultaten van zijn werkzaamheden moet toetsen en anderzijds een plicht tot regelmatig rapporteren.

VOORBEELDFUNCTIE-OMSCHRIJVINGEN

Vakredacteur

Functie: Vakredacteur

Functietypering: Binnen de redactionele formule en planning van het blad (laten) produceren van vakspecialistische kopij en beeld die mede toonaangevend zijn op het betreffende vakgebied en mede gezichtsbepalend voor het blad; adviseren van de hoofdredactie over de redactionele dekking van bepaalde (deel)specialismen.

Aard van het werk/verantwoordelijkheden: Als onder D (vakredacteur), maar dan op een hoog niveau. Kenmerken:
– Benutten van specialistische kennis die is opgebouwd door middel van voortdurende studie en uitgebreide werkervaring binnen een voor het blad essentieel vakgebied.
– Mede vervullen van de rol van klankbord, vraagbaak en adviseur binnen (en regelmatig ook buiten) de redactie op grond van dit specialisme
– Weten te behouden van het aanzien van het blad in vakkringen door middel van trendsettende en vernieuwende bijdragen.

Eindredacteur/chefredacteur

Functie: Eindredacteur/chefredacteur

Functietypering: Binnen de redactionele formule verzorgen van de productie van een dagelijks of wekelijks verschijnend blad of van een minder frequente uitgave waarvoor geen aparte hoofdredacteur is aangesteld.

Aard van het werk/verantwoordelijkheden: Als onder D (chefredacteur, eindredacteur), maar dan met een groter redactioneel team en/of met een bredere verantwoordelijkheid. Kenmerken:
– verzorgen van het gehele productietraject van de betrokken uitgave, lopend van het maken van deelplanningen en het uitzetten van opdrachten tot het beoordelen van kopij en beeld en het begeleiden van de opmaak
– leiding geven aan enkele redactieleden, inclusief het voeren van functioneringsgesprekken, het doen van salarisvoorstellen, het regelen van de onderlinge taakverdeling etc.

Functieniveaugroep F

Functieniveaugroep F heeft betrekking op:
a. werkzaamheden van een zodanig karakter en niveau, dat een directe invloed wordt uitgeoefend op het bestuur en beleid van de onderneming, leidende tot de conceptie van beleidsbeslissingen. De werkzaamheden vereisen een volledige beheersing van het eigen vakgebied, kennis van aangrenzende vakgebieden en bestuurlijke ervaring; én
b. werkzaamheden gericht op het zelfstandig ontwikkelen en realiseren van een deel van het bestuur en beleid van de onderneming, waarbij leiding wordt gegeven aan medewerkers, belast met functies van leidinggevende en/of specialistische aard.
Betrokkene zal de realisering van de genoemde beleidsbeslissingen dienen te plannen, te bewaken en te evalueren. Binnen het kader van de doelstelling van de onderneming wordt een zelfstandige vakbeoefening en een eigen oordeelsvorming vereist, rekening houdend met interne en externe ontwikkelingen op diverse terreinen (commercieel, financieel, economisch en sociaal) en hun onderlinge samenhang. De resultaten van de werkzaamheden worden met het management geëvalueerd tegen de achtergrond van de doelstellingen van de onderneming.
c. De zeer gezaghebbende en gezichtsbepalende redacteuren, die tevens de naaste medewerkers van de hoofdredacteur zijn en met hem het algemene beleid binnen de redactionele formule van het blad bepalen. De journalisten zijn veelal door hun specifieke functie van zeer uitzonderlijke betekenis voor het blad en bezitten een grote mate van gezaghebbende deskundigheid binnen het vakgebied waarin zij werkzaam zijn.

VOORBEELDFUNCTIE-OMSCHRIJVINGEN

Vakredacteur

Functie: Vakredacteur

Functietypering: Binnen de redactionele formule en planning van het blad (laten) produceren van vakspecialistische kopij en beeld die toonaangevend zijn op het betreffende vakgebied en gezichtsbepalend voor het blad; adviseren van de hoofdredactie over de redactionele dekking van bepaalde (deel)specialismen.

Aard van het werk/verantwoordelijkheden: als onder E (vakredacteur) maar dan op een zeer hoog niveau. Kenmerken:
– Benutten van specialistische kennis die is opgebouwd door middel van voortdurende studie en uitgebreide werkervaring binnen een voor het blad essentieel vakgebied.
– Vervullen van de rol van klankbord, vraagbaak en adviseur binnen en buiten de redactie op grond van dit specialisme.
– Ontwikkelen en versterken van het aanzien van het blad in vakkringen door middel van trendsettende en vernieuwende bijdragen.
– Het onderhouden en het uitbreiden van een netwerk van deskundigen op het vakgebied, zowel nationaal als internationaal.

Hoofdredacteur, adjunct-hoofdredacteur

Functie: Hoofdredacteur, adjunct-hoofdredacteur

Functietypering: Binnen de aangegeven uitgeefdoelstellingen de toevertrouwde titel en eventuele afgeleide produkten (verder) ontwikkelen en deze met behulp van een capabel en gemotiveerd team op tijd en binnen de vastgestelde budgetten produceren.

Aard van het werk/verantwoordelijkheden: Ontwikkelen en bewaken van de redactionele formule. Zorgen voor de samenstelling en instandhouding van het redactionele team; opleiden en ontwikkelen van redactieleden en zorgen voor de onderlinge taakverdeling en samenwerking. Opstellen van de redactionele jaarbegroting en deze bij de uitgever verantwoorden en verdedigen. Beheren van de redactionele budgetten en voorkomen van overschrijdingen.
Representeren van het blad als ‘autoriteit' in vakkringen (bijvoorbeeld in panels, forums) en tegenover de pers. (Laten) signaleren van alle voor het vak belangrijke ontwikkelingen en trends. Vertalen van vakontwikkelingen naar de redactionele invulling met als uitgangspunt de lezersdoelgroep(en) van het blad. Werven van freelance auteurs; bepalen wanneer auteurs/columnisten afscheid moeten nemen.
Prioriteiten stellen in de redactionele invulling; bepalen van de keuze voor openings- en andere beeldbepalende artikelen; zorgen dat het blad een herkenbare uitstraling krijgt naar de lezers en bewaken van de toon en wijze van presentatie van de artikelen. Voortdurend beoordelen van de uitgave op tekstuele en visuele kwaliteiten; samen met de redactie (schrijvende redactieleden en vormgevers) ontwikkelen van kwaliteitsnormen en richtlijnen voor visualisatie. Zorgen dat de redactie handelt binnen de gedragscode en beroepsethiek van journalisten. Het redactionele concept vertalen in concrete opdrachten aan redacteuren, vormgevers en externe auteurs.
Een blad kunnen restylen en de gekozen vernieuwingen in het redactionele team geaccepteerd weten te krijgen. Eventueel vervullen van productietaken, bijvoorbeeld (een deel van) de eindredactie.

Functieniveaugroep G

Functieniveaugroep G heeft betrekking op:
a. werkzaamheden van een zodanig karakter en niveau, dat een directe invloed wordt uitgeoefend op het bestuur en beleid van de onderneming. Het betreft een blad of pakket bladen dat van substantieel belang is voor de strategie en het resultaat van de onderneming. Er is sprake van het bewerken van gecompliceerde en conjunctuur-gevoelige markten. De werkzaamheden vereisen kennis op gerijpt professioneel niveau gericht op toepassing/beheersing van veelomvattende werkwijzen, methoden en procedures, alsmede van de theoretische grondslagen van het vakgebied en de werkterreinen en de samenhang met andere vakgebieden en werkterreinen en inzicht in maatschappelijke ontwikkelingen; én
b. werkzaamheden gericht op het zelfstandig ontwikkelen en realiseren van een deel van het bestuur en beleid van de onderneming, waarbij leiding wordt gegeven aan medewerkers, belast met functies van leidinggevende en/of specialistische aard (intern en extern), met sterk uiteenlopende specialismen binnen het journalistieke en redactionele takenveld. Betrokkene is verantwoordelijk voor integratie en coördinatie van de werkzaamheden binnen de organisatorische eenheid.
Betrokkene zal de realisering van het overeengekomen beleid dienen te plannen, bewaken en evalueren. Voor de uitoefening van de functie zijn middelen en mogelijkheden slechts aangegeven in de vorm van beleidslijnen. Aan betrokkene worden dienovereenkomstige eisen gesteld met betrekking tot de vaardigheden om moderne tijdschriften te maken en/of andere gespecialiseerde eigentijdse informatie-media te (doen) produceren.
Binnen het kader van de doelstellingen van de onderneming is een zelfstandige oordeelsvorming vereist, rekening houdend met interne en externe ontwikkelingen op diverse terreinen (commercieel, financieel, economisch, sociaal) en hun onderlinge samenhang.
De resultaten van de werkzaamheden worden mede beoordeeld op merkbare consequenties voor de middellange en lange termijn.

VOORBEELD-FUNCTIEOMSCHRIJVING

Hoofdredacteur

Functie: Hoofdredacteur

Functietypering: Binnen de aangegeven uitgeefdoelstellingen de toevertrouwde titel(s) en afgeleide produkten ontwikkelen en deze met behulp van een capabel en gemotiveerd redactioneel team (van middelgrote omvang) op tijd en binnen de vastgestelde budgetten produceren.

Aard van het werk/verantwoordelijkheden: Als onder F (hoofdredacteur), maar met een zwaardere leidinggevende verantwoordelijkheid en een groter afbreukrisico. Dit afbreukrisico is te bepalen in relatie tot omzet en oplage, de beoogde of te verdedigen marktpositie (leider, volger, monopolist), de mate waarin de hoofdredacteur te maken heeft met strijdige belangen (lezersdoelgroepen, adverteerders, redactieraad, gelieerde vakverenigingen etc.), breedte van de redactionele formule en niveau en vereiste diepgang van de inhoud van de uitgaven.

Functieniveaugroep H

Functieniveaugroep H heeft betrekking op:
dezelfde werkzaamheden als genoemd onder G, maar is van toepassing op hoofdredacteuren van bladen die van substantieel belang zijn voor het resultaat en/of de strategie van de onderneming en die wat specialismen en redactionele omvang betreft tot de hoogste categorie vakbladen gerekend kunnen worden.

VOORBEELD-FUNCTIEOMSCHRIJVING

Hoofdredacteur

Functie: Hoofdredacteur

Functietypering: Binnen de aangegeven uitgeefdoelstellingen de toevertrouwde titel(s) en afgeleide produkten ontwikkelen en deze met behulp van een capabel en gemotiveerd redactioneel team (van grote omvang) op tijd en binnen de vastgestelde budgetten produceren.

Aard van het werk/verantwoordelijkheden: als onder G (hoofdredacteur), maar met een zwaardere leidinggevende verantwoordelijkheid en een groter afbreukrisico.



Zoek minstens vijf andere nieuwsbronnen en geef per bron aan hoe je als organisatie publiciteit kunt krijgen via deze bron (indien mogelijk).

1. Persbericht
2. Interview

3. Persconferentie

4. Persbezoek

5. Persbureau


Een van de belangrijkste journalistieke principes is ‘hoor / wederhoor’. Wat houdt dit principe in?

De informatie die een journalist publiceert moet niet uit de lucht gegrepen zijn, het moet ergens op gebasseerd zijn. De journalist moet alle informatie controleren.



Bronnen:

Internet:
  • http://www.uitgeverijbedrijf.nl/vak/vak2003/vakb01.htm
  • http://www.ethesis.net
Literatuur:
  • Communicatie Handboek, Michels, 2001



Opdracht 1: Kennismaken met (organisatie)communicatie

Posted on 25/3/2006 at 16:09 - 0 Comments - Post Comment - Link

Het bedrijf "Free Record Shop"
15 oktober 1971 opende de eerste Free Record Shop aan het Broersveld te Schiedam haar deuren. Sindsdien zijn de geel-blauwe winkels niet meer uit het winkelbeeld we te denken. Free Record Shop verkocht in eerste instantie alleen maar platen ("records") maar staat tegenwoordig garant voor een groot aanbod van alle entertainment: cd's, boeken, games, dvd's, etc.

Aan het hoofd van deze marktleider in muziek staat Hans Breukhoven met een groot team van inkopers, marketeers en natuurlijk verkopers. Met meer dan 180 winkels in Nederland, Belgie, Noorwegen en Finland heeft het meer dan 1600 werknemers, of zoals ze elkaar zelf noemen: "Samenwerkers" (www.frs.nl). Mede hierdoor heerst er intern een fijne werksfeer.

Mijlpalen voor dit concern zijn het opkopen van de muziekketen Disco Danser, waardoor Free Record Shop een landelijke dekking kreeg en het 25-jarig bestaan van Free Record Shop in 1996.




Persoonlijkheid van de winkelketen
Free Record Shop heeft verschillende kernwaarden. Eén daarvan is dat het de aanbieder is van de meeste en nieuwste soorten (home)entertainment..

Naast vernieuwend staat Free Record Shop ook voor het bieden van goede service. Vriendelijk personeel met kennis van zaken is nooit te beroerd te helpen met het vinden van een bepaald muzieknummer of dvd. Tevens is het zo dat er praktisch nooit moeilijk gedaan wordt over het retourneren van een product; vaak wordt er, in tegenstelling tot andere zaken, zelfs geld retour gegevens al het aangeschafte product niet geheel naar wens is.

De prijzen die Free Record Shop hanteert, zijn vaak scherp te noemen.

Verder verkoopt deze winkel alleen maar kwalitatief hoogwaardige producten, van originele oorsprong. Alleen de officiele uitgevers en producenten zijn te vinden en er zal nooit een illegale copy van iets aangetroffen worden in de schappen.

Communicatie
De bovengenoemde kernwaarden van Free Record Shop komen terug in de communicatiemiddellen. De folders die uitgegeven worden hebben altijd de nieuwste artikelen op de voorkant die  vaak vaak scherp geprijsd zijn.

Regelmatig komen er, meest op de muziekkanalen, commercials langs met aanbiedingen van bepaalde (nieuwe producten).

Tot slot is het winkelpersoneel altijd vriendelijk en behulpzaam

Gedrag
Free Record Shop heeft regelmatig primeurs van cd's en dvd's, wat inhoudt dat voor de officiele releasedatum van een bepaald product FRS het artikel al in de winkel heeft liggen. Er zijn zelf artiesten en uitgevers die hiervoor contracten hebben afgesloten met FRS. Hiermee komen ze de belofte (claim) na met betrekking tot het aanbieden van de nieuwste producten op (home)entertainment gebied
(www.frs.nl).

Symboliek
De inventaris van de winkels is jarenlang in de oude kleuren donkerblauw en geel geweest. Langzaam aan met het veranderen van het productaanbod van FRS (van alleen cd's en videobanden naar zowat elke manier van media)  verandert ook de inventaris. Het winkelbeeld is licht, modern, bij de tijd en uit zich wat meer in de kleuren lichtblauw / grijs en donkerblauw. Het gele aspect is wat afgezwakt en komt bijna alleen nog maar voor in het logo. Veel winkels zijn in het bezit van grote plasmaschermen waar de hele dag concerten of films op te zien zijn. De verschillende artikelen zijn gescheiden en in segmenten geplaatst (cd's bij cd's, games bij games, etc.) om zo de overzichtelijkheid te bewaren. Alle nieuwste uitgaven staan veelvuldig geplaatst op prominente plaatsen.

Verder loopt het personeel in normale kleding en niet in speciale bedrijfskleding. Dit bevordert de interactie tussen het personeel en de klanten.




Huisstijl
Het hoofdlogo van FRS is nog nooit veranderd. Het bestaat uit het beeldmerk van een witte hand met duim in een blauw kader. Hierbij is de tekst "Free Record Shop" geplaats in gele, dikke, ronde letters geplaats. Onder de winkelnaam staat  de tekst "that's entertainment", wat verwijst naar het aanbod in de winkels. De duim staat vanzelfsprekend voor het feit dat FRS een zeer goede winkel is en beslaat op die manier alle kernwaarden. De gebruikte kleuren zijn fel en helder en zorgen voor een duidelijke compositie tussen naam en beeldmerk. Dit zorgt ervoor dat mensen zich uitgenodigd voelen om een kijkje te gaan nemen in de winkel. Vaak wordt onder het eigenlijke logo nog een blauw kader geplaatst met daarin het adres van de internetsite. 
(www.frs.nl).





                                              


Naast dit logo maakt FRS gebruik van meerdere logo's. Eén daarvan is hetzelfde logo als hierboven besproken, maar dan in de kleuren zwart en wit. Dit is handig voor briefwerk en dergelijke. Daarnaast wordt er ook gebruik gemaakt van alleen een woordmerk met de tekst "Free Record Shop" in een modern, vet lettertype in aflopende kleuren (zwart - donkergrijs - grijs of donkerblauw - blauw - lichtblauw).

Visuele identiteit
Er zijn verschillende elementen die de visuele identiteit van FRS aangeven. Hieronder staan deze uitgewerkt:

  • Fotobeleid: De wijze waarop de foto's gemaakt worden voor de folders is frontaal en geheel belicht. Dit zorgt voor een duidelijke, scherpe aanbieding van het product.
  • Architectuur: Het hoofdkantoor van FRS in Cappelle a/d IJssel staat langs de snelweg. Je kunt er niet omheen, mede door het feit dat op het dat van het pand de privé-helikopter van Hans Breukhoven staat. Verder is het een strak, modern pand met veel glas.
  • Signering: Als een FRS winkel open is, is dit van een grote afstand te zien. De gehele voorpuit van de winkels is namelijk altijd in zijn geheel geopend wat zorgt voor een makkelijke in en uitloop. Het logo staat altijd boven de pui gepositioneerd.
  • Interieur: Dit punt staat beschreven onder het kopje "Symboliek".
  • Kleding: Het personeel bij FRS draagt geen speciale bedrijfskleding. Wel moet iedereen er verzorgd uitzien. Juist doordat het personeel geen bedrijfskleding draagt, is het contact tussen klant en personeel makkelijker te leggen.
  • Geluid: Er is altijd muziek te horen in FRS. Dit is logisch, aangezien de winkel een groot assortiment aan muziekdragers verkoopt. De muziek staat nooit te hard, zodat er wel normaal met elkaar gepraat kan worden.
  • Licht: De winkels van FRS zijn altijd goed verlicht. Op die manier zijn ook de kleine lettertjes op de achterkant van een cd-hoesje te lezen.
  • Verpakking: Het inpakpapier, tasjes en de hoesjes waar de waardebonnen in verkocht worden, zijn vormgegeven in de huiskleuren.

 In de buitenlandse vestigingen worden overigens in plaats van blauwtinten, rode tinten gebruikt.

 



Bronnen

Internet:
  • www.frs.nl

Hosting door HQ ICT Systeembeheer