|
Bijverdienen?
Zinngeld (tip!) Surfrace (tip!) MoneyMiljonair Euroclix Gratis Korting Zorgpremie goedkoper? |
| Daan Kogelmans |
De stratenmakerWij zitten op onze knieën in het warme zand. Geluid van rubber hamers en van schurende betontegels. De zon brandend op onze ruggen en de geur van ons verse zweet. De meisjes lopen zonder kijken langs ons heen, zij zien ons niet zwoegen en wij zien alleen hun naaldhakken wankelend in de losse grond. Soms spugen wij naast ons. Het knarst tussen onze kiezen. Het lijkt zo makkelijk: met je vingers het zand oprullen, een tegel van de stapel pakken. de tegel op zijn plaats leggen. Vastkloppen. Dat lijkt zo makkelijk, iedereen denkt het te kunnen. Maar het is niet makkelijk. Als wij aan het eind van de dag klaar zijn en wij kijken langs de stoep, dan zien we twee helften, precies tot aan het midden: de helft van Jimmy en de helft van mij. Zijn tegels liggen strak in het gelid, alsof ze altijd zo gelegen hebben. Mijn tegels liggen onwennig, scheef en ongemakkelijk. Alsof ze er niet horen. Ik stop en kijk hoe hij het doet: zijn handen, die twee keer zo groot zijn als de mijne, werken vlug en soepel. Hij kreunt als hij de tegel van de stapel trekt. Hij legt hem in één keer, zonder aarzelen goed. Hoe kan dat toch? De tien meter die wij vandaag deden ligt er al net zo in tweeën gedeeld bij als die van gisteren. Ik weet niet of Jimmy het ziet, maar hij zegt er nooit iets over. Ik sta op uit het zand en ga op een van de stapels zitten, trek mijn handschoenen uit en draai een shaggie. Ik kijk toe hoe hij doorgaat, snel als een machine. Zijn gouden kettinkje bungelt om zijn stierennek. Steen na steen, na steen, na steen, na steen. En elke steen perfect. Ik staar naar de lucht. Gisteren stond er in de krant dat er elke veertig seconden ergens op aarde iemand zelfmoord pleegt. Veertig seconden! Wij doen gemiddeld veertig seconden over een tegel. Ik kijk de stoep langs, kijk naar de tegel aan mijn voet: misschien een jong meisje in Azie, wiens vriendje het uitgemaakt had, of een manager in Amerika, die ontslagen is. Er is zoveel lijden op de wereld en iedereen is ongelukkig. Jimmy kreunt. Ik draai mij terug om. Zijn spieren werken soepel, moeiteloos. Hoe perfect hij is. Hij is als een jagende leeuw, als een zen-monnik. "Jimmy?" zeg ik. Hij kijkt verstrooid op, met zijn pols veegt hij het zweet van zijn voorhoofd. "Ja?" kreunt hij. "Waar denk je aan?" Zijn wenkbrauwen gaan omhoog. "Waar ik aan denk?" "Ja, als je tegels legt, waar denk je dan aan?" Hij haalt zijn schouders op. "Nergens aan, hoezo?" Ik trek aan de sigaret en kijk naar hem. Zijn ogen gaan onzeker heen en weer. "Hoezo?" zegt hij. "Gewoon," zeg ik. Hij klakt met zijn tong, buigt zich terug naar de tegels en gaat door met werken. "Ik hoef toch niet te denken, godverdomme," mompelt hij. Ik zie zijn rugspieren rollen onder zijn T-shirt. "En schiet jij maar op, je ligt al twee rijen achter." "Ik kom zo, effen roken." "Ja, ja, hij komt zo, gisteren zei je dat ook." Hij kruipt iets naar achteren, vlakt de grond met het vlakhout, gaat weer door met leggen. Het is een genot om te zien. Achter hem ligt nog driehonderd meter stoep open en als wij daar klaar zijn, volgt er nog driehonderdduizend kilometer stoep. Wij zijn ons leven zeker van inkomen. Ik kijk naar de lucht die strak blauw is en rook langzaam. De rook maakt me rustig. "Ben je eigenlijk gelukkig, Jimmy?" zeg ik na een tijdje. "Hoezo gelukkig, wat een onzin," bromt hij, klopt een tegel vast. "Nee, ik meen het, ik wil het graag weten." Weer stopt hij en kijkt me aan. Als een gorilla leunt hij met zijn knokkels op de juist gelegde tegels. "Zeg, wat heb je vandaag? Je ligt al drie rijen achter." Het kettinkje glinstert in de zon. "Ik kom zo, zeg ik toch, maar ik wil weten of je gelukkig bent." "Waarom wil je dat weten?" "Gewoon." "Pff, wat een vraag," hij kruipt weer verder naar achteren en vlakt de grond voor de volgende rij. De hoofdhuid tussen zijn haren is roodverbrand, zie ik. Tegel na tegel na tegel in alle perfectie. Ik weet dat hij gelukkig is. Je ziet het aan de manier waarop hij 's avonds een biertje uit de koelkast trekt, aan de manier waarop hij 's ochtends met half dichte ogen vloekend in de auto zit, aan de manier waarop hij 's middags zijn boterhammen eet. En ik? Ik neem een laatste hijs van het shaggie. De rook is warm in mijn longen, de shag gloeit tegen mijn lippen. Dat is wat mij gelukkig maakt, maar het is een kort, uitwendig geluk. Ik ben niet op mijn plaats. Ik zou nooit op mijn plaats kunnen zijn. Niet zoals Jimmy. Ik druk het peukje uit tegen de stapel, sta op en trek mijn kniekappen iets omhoog. Ik ga weer zitten, pak een tegel en leg hem neer. Hij ligt net een millimeter scheef. Met de hamer klop ik tegen de zijkant, maar hij schuift teveel door. "Verdomme," zeg ik. Achter mij kreunt Jimmy. Een tegel schuurt over een andere tegel. Ik hou van dat geluid. Een meisje met slanke benen en glimmende pumps wankelt aan ons voorbij. Ik kijk achterom. Jimmy heeft het niet eens gezien. 12:15 - 15/9/2008 - post comment
|
Description Korte Verhalen
Home RSS User Profile Archives Friends NinoQ Recent Entries - De ziel van de stad - Een beeld voor Herostratos - Het meisje in de roeiboot - De stratenmaker - De dromer van het afvoerputje - Catharsis van een papegaai - Resort # 827.3a - Bloemenvaas in mei - De getemde dichters - De watermeloentijger Friends |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Geld verdienen met je website ? - Meer bezoekers via Autosurf - Zelf ook een weblog maken? - Cursus verhalen schrijven - Statistieken gratis proberen |