|
Bijverdienen?
Zinngeld (tip!) Surfrace (tip!) MoneyMiljonair Euroclix Gratis Korting Zorgpremie goedkoper? |
![]() |
week 9Posted on 29/1/2010 at 12:50 - 0 Comments - Post Comment - Link20 januari: 25 januari: 26 januari: 29 januari: inleveren eindverslag (hier zijn we al langer mee bezig, iedereen doet een deel. Lotte-methode, Leonie: resultaten, Merel: discussie. We mailen het telkens naar elkaar om te zien of het goed gaat, en we verbeteren elkaar.) week 8Posted on 29/1/2010 at 12:46 - 0 Comments - Post Comment - Link13 januari: 18 januari:
week 7Posted on 29/1/2010 at 12:41 - 0 Comments - Post Comment - Link6 januari: 11 januari:
week 6Posted on 5/1/2010 at 16:57 - 0 Comments - Post Comment - Link16 december: 4 januari: 5 januari: week 5Posted on 5/1/2010 at 15:52 - 0 Comments - Post Comment - Link10 december: 14 december: 15 december: week 4Posted on 15/12/2009 at 16:00 - 0 Comments - Post Comment - Linkmaandag 7 december: dinsdag 8 december: WEEK 3Posted on 3/12/2009 at 10:51 - 0 Comments - Post Comment - LinkDeze week was de opdracht ambigue zinnen te construeren, en deze op twee manieren in te spreken: één met low- en een met high-attachment. Daarna moesten we deze zinnen beluisteren en analyseren met behulp van PRAAT. Vervolgens moesten we één neutrale zin (na aanleiding van onze conclusies) zo manipuleren dat er één high- en één low-attachment lezing uitkwam.Donderdag 26 november Leonie en Lotte hebben 6 homogene, ambigue zinnen geconstrueerd, die ze vervolgens zijn gaan inspreken in het lab van UIL-OTS. Ze zijn hier ongeveer 4 uur mee bezig geweest. Vervolgens hebben zij de zinnen beluisterd en geanalyseerd. Hierbij is gelet op: toonhoogte, frasering en klemtoonpatroon. Vervolgens is afgesproken dat ieder met praat een oscillogram en een pitch-contour maakt van haar eigen zinnen. Dit moet voor 30 november gedaan zijn. Dinsdag 1 december Leonie en Merel zijn begonnen met het analyseren van de de zinnen aan de hand van de oscillogrammen en de pitch-contouren. Later heeft Lotte zich bij hen gevoegd. De zinnen zijn op dezelfde manier geanalyseerd als tijdens het luisteren, en hier zijn conclusies uit getrokken. Vervolgens zijn deze conclusies vergeleken met de conclusies uit het luisteren, en konden we generaliseren. Deze generalisaties hebben we toen toegepast op de neutrale zin, waar we een high- en een low- attachment lezing van hebben gemaakt. Dit hebben we vooral gedaan door pauzes weg te halen en toonhoogte aan te passen. Woensdag 2 december Presentatie van onze bevindingen door Leonie. WEEK 2Posted on 23/11/2009 at 16:19 - 0 Comments - Post Comment - LinkDeze week hebben wij corpusonderzoek gedaan naar relatieve bijzinnen met high- en low-attachment. Onze hoofdvraag hierbij is:
Vrijdag 20 november: Vandaag zijn we met zijn drieen in de prakticumruimte van het UIL-OTS gaan zitten, en hebben geprobeerd om een grep-expressie te maken die de correcte relatieve bijzinnen uit onze bestanden zou kunnen halen. We hebben een test-bestand gemaakt met een aantal simpele zinnen, en hiermee hebben we geoefend. De beste grep expressie die werkte was: work8 Desktop> grep -i '[de|het|een] [a-z*]* van [de|het|een]'
Als we deze als volgt wilden uitbreiden, werkten ze echter niet meer:
work8 Desktop> grep -i '[de|het|een] [a-z*]* van [de|het|een] [a-z*]* '
De expressie gaf geen output meer. We zijn toen gestopt, en hebben Frank Wijnen gemaild om hulp.
Maandag 23 november: Merel en Lotte zijn in de practicumruimte gaan zitten, en hebben zich weer gestort op de grep-expressie. Ondanks de tips van meneer Wijnen lukte het nog steeds niet, maar gelukkig zat groepje C ook in de prakticumruimte, en zij hebben ons geholpen.
grep -E -i ' de .* van .* die'
In deze vorm moeten we echter wel voor iedere verschillende zin (dus ook het.. van.. dat) een aparte expressie maken. We hebben dus een nieuwe expressie gemaakt:
grep -E -i '(de|het|een).* van .* (de|het|een).* (dat|die)'.
In ons testbestand vindt de computer hiermee alle relevante zinnen, maar ook zinnen die niet relevant zijn voor ons, zoals:
Dinsdag 24 november: We hebben alle drie een deel van de zinnen doorzocht naar zinnen van het type:
Daarna keken we naar zinnen met 'die'. Die kan syntactisch gezien terug slaan op 'de' en 'een'. We hebben één zin van de vorm 'de, een, die' en één met de vorm 'een, de, die'.
'Nu volgt een kort verslag van de bekendste Sofisten (...) die tot de Griekse en oosterse koloniën behoorden.'
'Een verhalenverteller gebruikt zulke woorden om de in de voorgaande minuten verstrekte informatie samen te vatten, maar voor de lezer van een roman, die deze informatie in een halve minuut tot zich neemt, is zo'n resumé overbodig'.
In deze zinnen is er steeds sprake van dat 'die' terug slaat op 'de'. Eén keer is dit high-, één keer is dit low attachment. Omdat we maar twee zinnen hebben van dit type, kunnen we hier geen conclusies over trekken. We kunnen wél zeggen dat 'dat' en 'die' nooit terugslaan op het onbepaalde lidwoord 'een'. Er lijkt dus een voorkeur te zijn om terug te verwijzen naar bepaalde lidwoorden.
Leonie Merel Lotte
WEEK 1Posted on 18/11/2009 at 17:30 - 0 Comments - Post Comment - LinkDe opdracht voor week 1 bestond uit het maken van een transcriptie van een stukje tekst. Deze tekst was ingesproken door een mevrouw met een Utrechts accent.Wij hebben dit als volgt aangepakt: Eerst hebben we alle drie voor onszelf het stuk getranscribeerd (deadline: maandag 16/11). Dit bleek nog best lastig te zijn. Ten eerste waren sommige stukken vrijwel onverstaanbaar, ten tweede bezaten wij nog niet zo veel transcriptie-ervaring om het stuk vlot te kunnen transcriberen. Dinsdag 17/11 zijn we samen gekomen en hebben we van al onze transcripties één definitieve transcriptie gemaakt. Dit duurde vrij lang, omdat we allemaal verschillende dingen meenden te hebben gehoord. Het eerste punt was meteen al duidelijk: welke [r'] gebruikt deze mevrouw? we wisten niet erg goed hoe de verschillende [r]-en klonken (tap, flap, enzovoorts) maar we vonden dat ze hem wel vrij voorin de mond uitsprak. We hebben uiteindelijk gekozen voor een tap-r. We denken dat deze het meest overeenkomt met wat we horen. Het volgende punt van discussie was de [g]. We hadden besloten wel de aanpassingen van het Utrechts aan te houden (dus gebruik te maken van de brabantse [g]'s, zowel stemhebbend als stemloos). Maar het is moeilijk te horen wanneer een stemhebbende dan wel een stemloze [g] gebruikt wordt. Uiteindelijk hebben we elke [g] apart besproken, maar meestal hebben we gekozen voor de stemhebbende variant. Ook bij de [a] hebben we besloten om de Utrechtse aanpassingen op het standaard-Nederlands aan te houden, wat betekent dat de korte a een lange a wordt, en vice versa. Soms was hier echter onduidelijkheid over, is het nu een lange of een korte a, of een lange korte a? Vooral in het geval van 'klaar' gaf de a aanleiding tot discussie. De [a] klonk niet echt echt als een korte a, hij neigde een beetje naar de korte o. Maar hoe moesten we dit opschrijven? Is het een a die verglijdt naar een o? Uiteindelijk hebben wij gekozen voor een korte a met extra lipronding, waardoor hij dus wat meer op een o gaat lijken. Leonie Merel Lotte |
![]() |
| Geld verdienen met je website ? - Meer bezoekers via Autosurf - Zelf ook een weblog maken? - Cursus verhalen schrijven - Statistieken gratis proberen |