Weblog maken?


MaakEenWebsite.nl (tip)
Totaal slechts 10 euro per maand incl. domeinnaam en gratis overzetten van uw bestaande weblog bij Bloggers.nl 100 MB ruimte
emailadres
Lees meer..... en bestel
Gratis geld verdienen met e-mails lezen? Meld je aan bij
Zinngeld, Surfrace, Qassa en Euroclix !

Op zoek naar God?
Digitale Themamap 'Hersenen in actie' Home | Profile | Archives | Friends

Toepassingskaart 8: Constructivistische les8/11/2011
0 Comments | Post Comment | Permanent Link

Toepassingskaart 9: Talenten8/11/2011

Basisschool Het Talent in Roosendaal

 

De basisschool het Talent in Roosendaal heeft een enthousiast team die zich heeft geschoold in een groot aanbod van didactische structuren, die behoren bij elk van de acht intelligenties van Gardner. Door dit grote aanbod van didactische structuren in te bouwen in de dagelijkse lessen speelt de school in op de diversiteit van de kinderen. Deze didactische structuren zijn toepasbaar op de gehele leerstof.

 

De school is bij elke dag van het jaar geopend van 07.00 tot 19.00. Leerling mogen al vanaf 07.00 naar school komen. Ouders kunnen de keuze maken of hun kind vier of vijf dagen naar school gaat en wanneer de vrije dagen en vakanties zijn. Verder is de school dit jaar gestart met een aanbod van culturele workshops voor de kinderen. Alle kinderen krijgen sowieso de basisvakken lezen, rekenen en taal.

 

De kinderen hebben niet zozeer een keuze in de vakken, maar de school speelt in op sterke en zwakke kanten van de kinderen. Wanneer een talent bij een leerling is ontdekt wordt het talent uitgediept en worden de minder sterke kanten versterkt. Ze doen dit door goed naar de leerresultaten van de leerlingen te kijken.

 

Ook de talenten van de ouders worden benut. Zij worden uitgenodigd te participeren en hun eigen talenten te etaleren. Ook kunnen ze na schooltijd of in de avonduren een cursus volgen die hen verder helpt in wat ze graag zouden willen.

0 Comments | Post Comment | Permanent Link

Toepassingskaart 7: Ontwikkelingsgericht onderwijs8/11/2011

Spelactiviteiten

In het speciaal onderwijs is het erg belangrijk voor kinderen om nog te kunnen spelen. Daarom is in elke klas veel speelmateriaal te vinden, inclusief een huishoek. De leerkracht kan dit ondersteunen door bepaalde situaties te bedenken waarin de kinderen kunnen spelen of ook zelf meespelen. Dit sluit allemaal bij de basisontwikkeling doordat de kinderen werken aan communiceren, voorstellingsvermogen en creativiteit, samen spelen en werken en de wereld verkennen.

 

Constructieve activiteiten

Door middel van de Knexx maken de kinderen constructies. Hier sturen de materialen het handelen. De leerkracht kan hier een opdracht geven om iets te maken, bijvoorbeeld een huis waarin de leerlingen later zouden willen wonen. Ook kan de leerkracht een opdracht geven om een bepaalde constructie op een foto na te bouwen. Dit draagt bij aan het uiten en vormgeven en het voorstellingsvermogen en creativiteit.

 

Gespreksactiviteiten

Hier heb ik geen foto van kunnen maken. Vorige week heb ik echter wel een gesprek met de leerlingen gehad over de herfst. Van te voren heb ik een mindmap met de kinderen samen op het bord gemaakt over wat er allemaal bij de herfst hoort. Vervolgens zijn we een filmpje van koekeloere gaan kijken en heb ik een werkblad gemaakt als verwerkingsactiviteit. Dit sluit bij de basisontwikkeling aan bij het communiceren, nieuwsgierig zijn en de wereld verkennen.

 

Lees- en schrijfactiviteit

De kinderen zijn hier bezig met het oefenen van de letters. De kinderen leren hier zelfvertrouwen hebben voor het echte schrijven door vaak te oefenen en uiten en vormgeven zich. De leerkracht kan dit ondersteunen door bijvoorbeeld spelletjes op het Digibord te doen waar kinderen letters moeten overtrekken.

 

Wiskundige activiteiten
Voor deze wiskundige activiteit is gebruik gemaakt van situaties uit het dagelijks leven, namelijk de lengte van de kinderen. Voor kinderen is het altijd erg leuk en spannend om te weten hoe lang te zijn en hoeveel ze dan wel niet groeien. De kinderen hebben dat hier gedaan door een groot blad op de deur te plakken en een streep te zetten bij hoelang zij zijn. Dit draagt bij aan het zelfvertrouwen, actief zijn en initiatieven nemen en de wereld verkennen. De leerkracht kan op deze activiteit terugkomen door bijvoorbeeld maandelijks de activiteit te herhalen en te kijken of de kinderen zijn gegroeid.

 

Hoe zijn de verschillende basale behoeften – de basisbehoeften – in het verslag van Peter omschreven?
Peter heeft weinig zelfvertrouwen. Hij haakt snel af met een werkje en wil vaak de hulp van de leerkracht erbij hebben. Emotioneel vrij zijn heeft hij nog moeite mee. Hij toont spontaan weinig emoties en is gauw koppig. Peter is nog erg afwachtend en toont weinig initiatieven, hij is niet erg nieuwsgierig.

Welke aspecten van de brede ontwikkeling staan in het verslag van Peter (cirkel van de basisontwikkeling)?
De communicatie gaat bij Peter nog erg stroef. De contacten die hij heeft zijn erg oppervlakkig, zijn verbale vermogens zijn beperkt en zijn inbreng is de kring is laag. Uiten en vormgeven kan Peter alleen in de bouwhoek, waar hij graag garages bouwt en met auto’s speelt. Het knutselen vindt hij niet leuk. Zoals net al werd vermeld is Peter erg afwachtend en neemt weinig initiatieven.

Welke aspecten van de specifieke kennis en vaardigheden (buitenste cirkel) staan in dit verslag beschreven?
Peter toont weinig creativiteit. Hij tekent eenvoudige figuren met weinig details. Samen spelen en werken komt nog niet voor bij Peter. Hij speelt alleen naast kinderen met zijn eigen werkje of kijkt wat de andere kinderen doen. Ook is Peter nog niet bezig met de wereld verkennen.

Is er in de verslaglegging een samenhang waarneembaar? Geef hiervan een voorbeeld.
Bij Peter gaat het al mis met de eerste basisbehoefte; zelfvertrouwen. Peter is erg onzeker. Dit uit zich in de slechte communicatie die hij heeft met zowel de kinderen als de leerkracht, zijn koppige houding, de uiting van emoties die minimaal zijn en het doorzettingsvermogen dat weinig aanwezig is tijdens het maken van een werkje. Doordat Peter één van de basisbehoeftes mist, mist hij ook veel aspecten van de brede ontwikkeling en van de specifieke kennis en vaardigheden.

0 Comments | Post Comment | Permanent Link

Toepassingskaart 6: Ontwikkelingsmaterialen8/11/2011

Beschrijvingskaarten ontwikkelingsmateriaal


Tel-wel

Kenmerken: kleurrijk, werken met vormen

Materiaalsoort: plastic, hout

Hanteerbaarheid: makkelijk, nodigt uit tot gebruiken

Uitvoering: koppelen van aantallen aan getal-symbool

Aantrekkelijkheid: goed, het is kleurrijk

 

Bedoeling van het materiaal:

-         zelfstandigheid

-         actief zijn en initiatieven nemen

-         waarnemen en ordenen

-         schematiseren en symboolvorming

-         hoeveelheden en bewerkingen

 

Gebruiksmogelijkheden
Doel: koppelen van aantallen aan getalsymbool

Dit materiaal kun je individueel of in tweetallen gebruiken en als toetsmateriaal. Er is een toelichting nodig bij het gebruik en het is niet zelfcorrigerend. Het is geschikt voor de jongste kleuters en oudere kleuters die moeite hebben met tellen.

 

Trio
Kenmerken: duidelijke afbeelding, heldere kleuren

Materiaalsoort: plastic

Hanteerbaarheid: makkelijk, maar kan onoverzichtelijk worden

Uitvoering: drie dingen bij elkaar zoeken die bij elkaar passen

Aantrekkelijkheid: goed, vrolijke kleuren, herkenbare afbeeldingen

 

Bedoeling van het materiaal:

-         zelfstandigheid

-         actief zijn en initiatieven nemen

-         verkennen van de wereld

-         waarnemen en ordenen

-         woorden en begrippen

 

Gebruiksmogelijkheden
Doel: verbanden en relaties leggen tussen voorwerpen uit het dagelijks leven

Dit materiaal kun je individueel of in tweetallen gebruiken en als toetsmateriaal. Er is een toelichting nodig bij het gebruik en het is niet zelfcorrigerend. Het is geschikt voor kleuters tussen 4 en 6 jaar oud.

 


Vouwen

Kenmerken: in alle kleuren

Materiaalsoort: papier

Hanteerbaarheid: makkelijk, je kan het papier vouwen in de vorm die je wil

Uitvoering: voorbeeld navouwen

Aantrekkelijkheid: goed

 

Bedoeling van het materiaal:

-         zelfstandigheid

-         actief zijn en initiatieven nemen

-         uiten en vormgeven

-         voorstellingen vormen en creativiteit

-         motorische vaardigheden

-         waarnemen en ordenen

 

Gebruiksmogelijkheden
Doel: ontwikkelen van de fijne motoriek en het ruimtelijk inzicht

Dit materiaal kun je alleen individueel gebruiken. Er is een toelichting nodig bij het gebruik, maar het is zelfcorrigerend. Het is geschikt vooral geschikt voor de onderbouw, maar het kan voor alle leeftijden.



Blokken

Kenmerken: één kleur door het hout, verschillende vormen

Materiaalsoort: hout

Hanteerbaarheid: makkelijk, nodigt uit tot gebruiken

Uitvoering: bouwen met blokken

Aantrekkelijkheid: kinderen worden snel uitgedaagd om ermee te spelen, kleurgebruik minder

 

Bedoeling van het materiaal:

-         zelfstandigheid

-         actief zijn en initiatieven nemen

-         waarnemen en ordenen

-         samen werken

-         voorstellingen vormen en creativiteit

-         uiten en vormgeven

-         motorische vaardigheden

-         woorden en begrippen

-         gereedschappen en technieken

 

Gebruiksmogelijkheden
Doel: ontwikkelen van ruimtelijk inzicht

Dit materiaal kun je individueel of met meerdere gebruiken. Er is een geen toelichting nodig bij het gebruik en het is zelfcorrigerend. Het is geschikt voor de onderbouw.


 

Mozaïek

Kenmerken: kleurrijk, werken met vormen

Materiaalsoort: plastic

Hanteerbaarheid: makkelijk, nodigt uit tot gebruiken

Uitvoering: mozaïekstukjes leggen tot een figuur

Aantrekkelijkheid: goed, het is kleurrijk

 

Bedoeling van het materiaal:

-         zelfstandigheid

-         actief zijn en initiatieven nemen

-         waarnemen en ordenen

-         voorstellingen vormen en creativiteit

-         redeneren en probleemoplossend

-         motorische vaardigheden

 

Gebruiksmogelijkheden
Doel: mozaïekstukjes leggen tot een figuur, ontwikkelen van ruimtelijke oriënatie

Dit materiaal kun je individueel gebruiken. Er is een geen toelichting nodig bij het gebruik en het is zelfcorrigerend. Het is geschikt voor de kleuters tussen 4 en 6 jaar oud.

 

 

 

Ringen

Kenmerken: verschillende vormen, één kleur

Materiaalsoort: ijzer

Hanteerbaarheid: makkelijk, nodigt uit tot gebruiken

Uitvoering: verschillende vormen ringen leggen om een figuur te maken

Aantrekkelijkheid: kleurgebruik minder, vormen goed

 

Bedoeling van het materiaal:

-         zelfstandigheid

-         actief zijn en initiatieven nemen

-         waarnemen en ordenen

-         voorstellingen vormen en creativiteit

-         redeneren en probleemoplossend

-         motorische vaardigheden

 

Gebruiksmogelijkheden
Doel: verschillende vormen ringen leggen om een figuur te maken, ontwikkelen van ruimtelijke oriënatie

Dit materiaal kun je individueel gebruiken. Er is een geen toelichting nodig bij het gebruik en het is zelfcorrigerend. Het is geschikt voor de kleuters tussen 4 en 6 jaar oud.

0 Comments | Post Comment | Permanent Link

Toepassingskaart 5: De 1- zorgroute: taal8/11/2011

Organisatie
Dit schooljaar is de Korte Vlietschool begonnen met de vernieuwing van taal. In plaats van klassikaal les te geven, zijn er niveaugroepjes gemaakt door verschillende klassen heen. De niveaus zijn vastgesteld aan het begin van het jaar.     Er is een vast tijdstip waarop de hele school in de taalgroepjes gaat werken. De groepjes zijn verdeeld door de hele school heen. Daar gaan ze aan de slag met opdrachten onder begeleiding van een leerkracht.
Ook wordt er voor het vak taal in de zogenoemde ‘taalkring’ gewerkt. Hier wordt de mondelinge taal geoefend. Ook hier gaan de kinderen weer in niveaugroepjes naar verschillende klassen toe. Er worden activiteiten gedaan onder begeleiding van een leerkracht, zoals de gebeurtenissen in de goede volgorde plaatsen.
Toetsen
Er worden eerst TBL toetsen afgenomen. Dit zijn toetsen om te kijken of de kinderen toe zijn aan het lezen, een soort van kleutertoetsen. Onderwerpen die hier behandeld worden zijn het rijmen, letterherkenning en woordherkenning. Wanneer een kind de TBL toetsen voldoende heeft (minder dan 6 fout per onderwerp) kan er begonnen worden aan de methode Veilig Leren Lezen. De toetsen die hiervoor worden afgenomen zijn de kerntoetsen na kern 3,6,8 en 10. Wanneer een kind de kerntoets niet heeft gehaald, blijft hij/zij in dit niveau. Vanaf kern 10 wordt er toets gedaan, waarbij er gekeken wordt of hij/zij avi kan gaan lezen.

Hieronder staan voorbeelden van de toetsen. Er zijn hier geen resultaten van de leerlingen op te zien wegens privacy.

TBL toetsen

Blad 1
- wijs een letter aan

- wijs een woord aan

- wijs een zin aan
- wijs het sterretje boven/beneden aan

Blad 2
Leerkracht zegt twee woorden en dekt de afbeeldingen af. Hierna moet de leerling de woorden die gezegd werden aanwijzen op de afbeelding.
Vb: ‘boom, vis’ Leerling wijst de boom en de vis aan.

Dit wordt steeds moeilijk door meer woorden en afbeeldingen te gebruiken.

Blad 3
Oefening auditieve synthese. Leerkracht zegt: ‘z-aa-g’. Leerling moet zeggen wat het woord is en aanwijzen.

Blad 4
Oefening voor de vergroting van de woordenschat.
Leerkracht wijst afbeelding aan en heeft de bijbehorende voorwerpen hiervan meegenomen. De leerling moet vertellen wat dit is.

 

Blad 5
Oefening voor de klankonderscheiding. Leerkracht noemt twee woorden achter elkaar en de leerling moet zeggen of de twee woorden hetzelfde of verschillend zijn.
Vb: bel-bal

 

Blad 5
Oefening voor het rijmen. De leerkracht noemt een woord en de leerling moet hier rijmwoorden op bedenken. Dit mag ook een onzin woord zijn.


 

Kerntoetsen
Wij hebben een voorbeeld genomen vanuit kerntoets 2. Hier moeten de leerlingen bijvoorbeeld letters verklanken of woorden voorlezen.

 

Onderwijsbehoeften
De leerlingen hebben:

-          Een leerkracht nodig die de kinderen een helpende hand geeft en de zelfstandigheid van de leerlingen stimuleert

-          Een instructie nodig die kort en bondig is, met voorbeeld erbij

-          opdrachten en activiteiten nodig die praktisch zijn

-          Groepsgenoten nodig die op hetzelfde niveau zitten, maar elkaar ook kunnen helpen

0 Comments | Post Comment | Permanent Link

Toepassingskaart 4: De 1-zorgroute: rekenen 8/11/2011

Organisatie
Tijdens de rekenlessen zijn er verschillende werkvormen waarmee er wordt gewerkt.
- De kinderen zijn per niveaugroepje aan het werk. Samen zitten ze in een groepje onder begeleiding van een leerkracht. De leerkracht stelt vragen en de kinderen geven antwoord.

- De kinderen zitten aan hun eigen tafel en werken uit hun eigen map. Hierin zitten werkbladen op het niveau voor de leerling. Wanneer de leerling een vraag heeft draait hij zijn stoplicht op rood en komt de leerkracht hem/haar hulp geven. 

Toetsen
Voor rekenen heeft de Korte Vlietschool eigen rekentoetsen. Dit gaat ook weer per niveau. Wij hebben niveau 6 als voorbeeld genomen. Voor elk niveau is een leerlijn opgesteld die de kinderen aan het eind van het jaar moeten kunnen aan de hand van de leerlijn van CED (cluster 3). Per doel wordt gekeken of het kind het wel of niet heeft gehaald. Vanaf januari gaat de Korte Vlietschool werken met de toetsen vanuit CED zelf.
Voor een voorbeeld van de leerlijn van CED van rekenen:
http://www.cedgroep.nl/sbo-en-samenwerkingsverbanden/so/leerlijnen/download-hier-de-leerlijnen.aspx (Cluster 3 ZMLK, vakspecifiek, rekenen)


Onderwijsbehoeften
De leerlingen hebben:

-          Een leerkracht nodig die de kinderen een helpende hand geeft en de zelfstandigheid van de leerlingen stimuleert

-          Een instructie nodig die kort en bondig is, met voorbeeld erbij

-          opdrachten en activiteiten nodig die praktisch zijn

-          Groepsgenoten nodig die op hetzelfde niveau zitten, maar elkaar ook kunnen helpen

0 Comments | Post Comment | Permanent Link

Zorgroutes taal & rekenen8/11/2011

Eefje van Elsen (ook plv3a) en ik lopen stage in het SO op de Korte Vlietschool in de middenbouw. De kinderen zijn tussen de 8 en 13 jaar. Voor de basisvakken taal en rekenen wordt er schoolbreed les gegeven. De kinderen in de middenbouwklassen zijn allemaal per niveau in groepjes verdeeld. Er zijn verschillende niveaus van 2 tot en met 7. Tijdens rekenen en taal krijgen de kinderen les in niveaugroepjes. Hier zitten dus ook leerlingen bij uit andere klassen die hetzelfde niveau hebben. Alles wordt op niveau gedaan. Omdat de klassen worden gemixt, zitten sommige leerlingen van mijn klas in Eefje haar klas. Maar sommige leerlingen uit Eefje haar klas zitten ook bij mij in de klas. Daarom hebben wij besloten deze opdracht samen te doen, omdat het organisatorisch hetzelfde is. Anders kan er twee keer hetzelfde gelezen worden.
Zo’n groepje leerlingen bestaat van 2 tot 6 leerlingen. Elk groepje heeft een leerkracht die hen meerdere keren per week lesgeeft.
Per niveau is er een leerlijn aanwezig die het kind aan het eind van het jaar doorlopen moet hebben, dit is het streefdoel. Deze leerlijn is gekoppeld aan de leerlijn van het CED (cluster 3). Het maken van de zorgroute zoals op de toepassingkaart staat beschreven is dus niet volledig mogelijk om bij ons uit te voeren op stage. Wij hebben om deze reden een eigen draai gegeven aan deze opdracht. Bij het vak taal is dit goedgekeurd. Wij hopen dat dit voor rekenen ook geldt.


0 Comments | Post Comment | Permanent Link

Toepassingkaart 3: Hersenvriendelijke les8/11/2011

Seizoenen

 

Inleiding
- Voorkennis activeren
- Doelen zichtbaar maken
- Kinderen meenemen in de doelen die je wilt bereiken

Vandaag gaan we het hebben over de seizoenen en oefenen wat bij elk seizoen hoort.
Hoeveel seizoenen hebben we ook alweer? Welke waren dat?
Ik neem een voorwerp voor elk seizoen mee en een afbeelding van elk seizoen. De kinderen moeten het voorwerp van het seizoen bij de juiste afbeelding leggen.

 

Kern
- Informatie op verschillende manieren aanbieden
- Open vragen stellen

Per seizoen ga ik aan de kinderen vragen wie er jarig is. Als een kind jarig is in dat seizoen, mag zij gaan staan. Ook ga ik dan per kind kijken of zij een kenmerk kan noemen van dat seizoen. Op deze manier worden de seizoenen geassocieerd met de eigen ervaringen die de kinderen hebben.

 

Vervolgens bied ik de informatie op een andere manier aan door middel van raadsels.
Wat hoort er niet bij elkaar?
* sneeuwpop, handschoen, slipper, vuurwerk
* dikke sokken, strand, zon vakantie
* blaadjes verkleuren, bikini, paddenstoelen
* lammetjes, vogels uit een ei, krokus, spinnenweb

 

Afsluiting
- Reflecteer met de leerlingen
- Sluit af met positieve energie


Aan het eind van de les ga ik reflecteren met de kinderen. Wat vond je van dit lesje? Wat ben je te weten gekomen over de seizoenen?
Als afsluiting ga ik een versje van de seizoenen voorlezen/opzeggen. Ik ga proberen of de kinderen dit kunnen onthouden en na zeggen.

Het mooiste van de winter is:

de sneeuwpop, de sneeuwpop
Het mooiste van de winter is:
de sneeuwpop,

met zijn mooie hoedje op

 

Het mooiste van de lente is:

De zon schijnt, de zon schijnt.

Het mooiste van de lente is:

de zon schijnt,
en de winter echt verdwijnt.

 

Het mooiste van de zomer is:

Het zwembad, het zwembad.

Het mooiste van de zomer is:

het zwembad

je wordt lekker bruin en lekker nat

 

Het mooiste van de herfst dat is:

De wind waait, de wind waait,

Het mooiste van de herfst dat is:

de wind waait

't most met bladeren bezaait.


Ik ben erg tevreden over deze les. De kinderen hadden er duidelijk plezier in en het sloot aan bij hun belevingswereld. Volgende keer zou ik gelijk de symbolen bij het liedje uitbeelden wanneer ik het voor de eerste keer ga zingen. Ik deed de eerste keren zonder symbolen en handgebaren, maar toen ik dit begon te doen konden de kinderen het liedje gelijk beter onthouden.

Het effect dat deze les op de kinderen had, was dat de kinderen spelenderwijs aan het leren waren. De kinderen hadden duidelijk plezier en wilden graag alle vragen beantwoorden. Het moeilijkst vonden de kinderen om uit zichzelf iets te noemen wat bij een bepaald seizoen hoorde.

0 Comments | Post Comment | Permanent Link

Workshop ontwikkelingsmaterialen8/11/2011

Wat was nieuw voor je en wat heb je daarvan geleerd?

Tijdens deze bijeenkomsten heb ik verschillende soorten ontwikkelingsmaterialen uitgeprobeerd. Deze waren echter allemaal niet nieuw voor mij. Ik heb al twee keer stage gelopen in de kleuters en ben al vaak in aanraking gekomen met deze ontwikkelingsmaterialen. Wat mij wel tot denken heeft gezet, zijn de achterliggende doelen die achter elk ontwikkelingsmateriaal liggen. Bij elk materiaal wist ik wel het voornaamste doel, maar dat je dan tegelijkertijd nog eens werkt aan veel andere doelen tegelijkertijd heb ik niet bij stil gestaan.

 

Wat ben je van plan met deze nieuwe kennis/inzichten te gaan doen?
Wanneer ik later mijn eigen klas heb en voor de kleuters sta, ben ik van plan veel met ontwikkelingsmaterialen te werken. Deze materialen vinden kinderen leuk om te gebruiken en zijn ook erg leerzaam voor ze. Om deze reden vind ik dit ook belangrijk om later in mijn klas te hebben. Ik zal dan de kinderen zo veel mogelijk stimuleren om deze te gebruiken.

0 Comments | Post Comment | Permanent Link

Rekenen 3e college8/11/2011

Wegens persoonlijke omstandigheden van de docent ging deze les niet door.

0 Comments | Post Comment | Permanent Link

Rekenen 1e college8/11/2011

Wat was nieuw voor je en wat heb je daarvan geleerd?
In deze les hebben we vooral het gehad over de toepassingskaart en wat we hiervoor moeten doen. Ik heb geleerd dat je eerst moet observeren in de klas en de al bestaande groepsplannen moet bekijken. Vervolgens ga je een niveaugroepje samenstellen en een lessenserie hiervoor bedenken. Je maakt niet gelijk alle lessen, maar gaat eerst na de 1e les kijken of je het niveau goed heb ingeschat, waarna je pas de volgende les kan maken. Dit moeten wij doen voor in totaal drie lessen.

 

Wat ben je van plan met deze nieuwe kennis/inzichten te gaan doen?

Deze informatie ga ik gebruiken om het groepsplan te maken in mijn stageklas. Daarnaast vind ik het ook erg nuttige informatie voor later wanneer ik een groepsplan moet maken.

 

0 Comments | Post Comment | Permanent Link

Taal 3e college8/11/2011

Wat was nieuw voor je en wat heb je daarvan geleerd?
Voor dit college moest je de toepassingkaart van de zorgroute af hebben en een poster hiervan hebben gemaakt. Ik heb dit samen met Eefje gedaan, omdat wij stage lopen op dezelfde school en in een klas die bij taal door elkaar heen zit met de leerlingen vanwege de niveauverschillen. Om deze reden hebben wij de poster ook samen gemaakt. Wij konden de zorgroute niet volledig op onze school uitvoeren, maar alsnog was het erg leerzaam. Ik ben mij gaan verdiepen in de leerlingen en de verschillende niveauverschillen die er zijn. Ook was het interessant om te zien wat voor toetsen er werden afgenomen. Tijdens deze bijeenkomst van taal hebben Eefje en ik deze poster gepresenteerd aan ons groepje. De tips die we erbij kregen was dat we nog een kopje moesten maken met organisatie en een betere beschrijving moesten maken van de toetsen.

 

Wat ben je van plan met deze nieuwe kennis/inzichten te gaan doen?

De dinsdag in de bufferweek zijn Eefje en ik beide naar onze stageschool gegaan. Hier zijn we samen aan het werk gegaan om onze zorgroute te verbeteren en hebben nog een paar vragen gesteld aan onze ib-er op school. De tips van onze klasgenoten en docent hebben we meegenomen in het verbeteren van onze zorgroute voor taal.

0 Comments | Post Comment | Permanent Link

Rekenen 2e college8/11/2011

Wat was nieuw voor je en wat heb je daarvan geleerd?
Deze les vond ik één van de nuttigste college van de hele periode. Een prettige manier van leren voor mijzelf is wanneer ik veel aantekeningen maak. Dit deed de docent.

We hebben het gehad over de oplossingsmanier die ongewenst zijn bij het rekenen tot 100. Hier ging het over het splitsen en rijgen en de fouten die de kinderen hierbij snel geneigd zijn te maken, waardoor de leerlingen op een verkeerd antwoord komen. Ook is er in de les een onderverdeling gemaakt tussen ernstige fouten bij rekenen tot 100 en minder ernstige fouten. Vervolgens zijn we gaan kijken wat voor procedure er dan gevold moet worden.

Niet alleen hebben we ongewenste oplossingsmanieren bij het rekenen tot 100 geleerd, ook hebben we de leerlijn van bij het rekenen tot 100 bekeken en de stappen die hierin zijn te maken.
Ook hebben we het artikel ‘De Ijsbergmetafoor’ behandeld. Dit artikel ging over de begeleiding die je moet geven aan zwakke rekenaars. Hier hebben we tips voor gekregen hoe we hiermee moeten omgaan.

 

Wat ben je van plan met deze nieuwe kennis/inzichten te gaan doen?
Ik ben van plan om al deze kennis toe te passen in het lesgeven. Vroeger op de basisschool was ik iemand die zelf veel moeite had met rekenen en ook veel fouten maakte. Ik weet zelf alleen nooit waar ik precies de fouten in maakte en dit heb ik ook nooit te horen gekregen van mijn lerares. Dit wil ik voorkomen door als docent van de mogelijke fouten af te weten. Nu ik dat weet m.b.t. het rekenen tot 100 wil ik ervoor zorgen dat ik dit kan voorkomen en deze fouten kan voorzien bij de leerlingen die ik lesgeef. Ook ga ik de tips die ik heb gekregen over het begeleiden van zwakke rekenaars toepassen door verschillende oefeningen bij de leerlingen uit te proberen en te zien wat het beste voor deze leerlingen werkt.

0 Comments | Post Comment | Permanent Link

Taal 2e college8/11/2011

Wat was nieuw voor je en wat heb je daarvan geleerd?
Deze les ging voornamelijk over de opdracht die we voor taal moeten maken; de zorgroute. We hebben het met de docent erover gehad dat dit moeilijk uit te voeren is in het onderwijs vanwege de verschillende niveaus die er zijn. Zo zijn we samen tot de conclusie gekomen dat als je stage loopt in het SO je een individueel plan, dus voor 1 leerling, mag maken in plaats van een groepsplan. Daarnaast heeft de docent duidelijkheid geschept over wat de opdracht inhoudt en over de poster die we hiervoor moeten maken.


Wat ben je van plan met deze nieuwe kennis/inzichten te gaan doen?
Deze informatie die ik heb gekregen ga ik gebruiken om de opdracht goed te maken.

0 Comments | Post Comment | Permanent Link

Taal 1e college8/11/2011

Wat was nieuw voor je en wat heb je daarvan geleerd?
Deze les kregen we samen met de andere klassen in de grote collegezaal aan het einde van de dag. Om hier een les goed te kunnen volgen moet het hier heel stil zijn. Dit was het echter niet en iedereen was slecht geconcentreerd. Hierdoor vond ik het moeilijk om de les te volgen en heb ik ook niet bijsterend veel geleerd. Wanneer ik terug kijk naar mijn aantekeningen zijn er toch een aantal dingen die ik heb geleerd. Dit college ging over hoe we lezen met onze hersenen. Ik heb geleerd dat de klankherkenning in de occiptale kwab, de visuele contex, zit en de temporale kwab in de auditieve contex zit. Hier worden de klanken vertaald. Ook zijn er verschillende routes waarmee je kan lezen. De fonologische route waar de verklanking plaats vindt en de lexicale route waar de betekenis wordt toegekend.

Als laatste waar ik het meest van heb geleerd is de informatie die we kregen over spellende lezers. Ik heb geleerd dat je deze helpt door het lezen van wisselrijtjes en flitskaarten, herhalend lezen en het laten lezen samen met een bandopname.

 

Wat ben je van plan met deze nieuwe kennis/inzichten te gaan doen?
Wat ik met de informatie over de klankherkenning en de routes van lezen ga doen weet ik eigenlijk niet goed. Wat ik wel ga toepassen is de informatie over de spellende lezers. Wanneer er kinderen in mijn stage zijn die spellend lezen kan ik ze helpen door de oefeningen met ze te doen die ik heb geleerd.

0 Comments | Post Comment | Permanent Link

Themabijeenkomst 7: Help je hersenen7/11/2011

Welke leerbehoeften / leerdoelen had je bij aanvang van deze periode?
Deze periode wilde ik oefenen met niveaudifferentiatie, op de tijd letten tijdens het lesgeven, korte en krachtige instructies geven en oefenen met het maken van individuele plannen en groepsplannen.

Het op de tijd letten en het geven van korte en krachtige instructies heb ik behaald deze periode. Het oefenen van niveaudifferentiatie zal een groot doel van mij blijven dit jaar, maar gaat al stukken beter. Het is fijn dat ik hier goed mee kan oefenen op het SO vanwege de verschillende niveaus die er in mijn stageklas zijn.
Ik heb geoefend met de individuele plannen en groepsplannen door het maken van de opdrachten van de zorgroutes. Echter kon dit niet precies worden toegepast op mijn stage (uitleg bij toepassingskaarten 4 & 5), dus ik zou me erg nog verder in willen ontwikkelen.

 

Zijn jouw vragen / verwachtingen m.b.t. het thema ‘hersenen in actie’ beantwoord? Waarom wel / niet?
Mijn vragen m.b.t. dit thema zijn volledig beantwoord. Ik wilde graag informatie hebben over de hersenen en hoe dit werkt. Deze informatie is uitgebreid in de lessen aan bod gekomen en staat ook in de reader die we moeten leren voor het tentamen.

 

Hoe kijk je terug op het thema en meer specifiek: jouw eigen leerproces binnen het thema?
Zoals ik net al vermeldde ben ik veel te weten gekomen over de werking van de hersenen. Ook ben ik mij bewuster geworden van de verschillen tussen de leerlingen. Hierbij kan men denken aan de lessen die we gehad hebben over de meervoudige intelligenties en het sociaal constructivisme. Iedereen verschilt en heeft een andere manier van leren. Het is belangrijk dat in het onderwijs daarom gebruik wordt gemaakt van verschillende werkvormen en leerstijlen. Daarnaast heb ik ervaren hoe belangrijk het is dat een les hersenvriendelijk is. Wanneer ik een les had waar de leerkracht vooral aan het praten was, had ik niet veel onthouden van de les. In tegenstelling tot wanneer ik veel met opdrachten aan het werk was gegaan. Ook ging ik na elke les weer vrolijk naar huis wanneer er werd afgesloten met een positief filmpje of grapje. Hierdoor realiseerde ik hoe belangrijk het is om af te sluiten met iets leuks wat totaal anders is dan de lesstof, zodat je als leerling weer positief naar huis gaat. 

 

0 Comments | Post Comment | Permanent Link

Themabijeenkomst 6: Talenten7/11/2011

Wat was nieuw voor je en wat heb je daarvan geleerd?
Zoals de naam van de bijeenkomst het al zegt, ging deze les over talenten. In dit geval de talenten van de kinderen. Ik heb geleerd dat je talenten van leerlingen kunt stimuleren en inzetten om ervoor te zorgen dat ze beter leren.
Hiernaast ging de les over de meervoudige intelligenties van Gardner. Ik heb ontdekt dat de intrapersoonlijke intelligentie het meest bij mij past.


Wat ben je van plan met deze nieuwe kennis/inzichten te gaan doen?
Ik wil ervoor gaan zorgen dat ik meer vanuit de talenten van de kinderen gaan werken. Ik loop stage in het SO. Hier vind een jongen bijvoorbeeld het erg leuk om woordpuzzels te doen. Dit is een manier waarop hij goed leert. Toen ik een les over de herfst heb gegeven, heb ik hem als vervolgopdracht een kruiswoordpuzzel gegeven met allemaal woorden die met de herfst te maken te hebben.
De intrapersoonlijke intelligentie houdt in dat ik goede kennis over mijzelf heb en dat ik goed kan reflecteren. Dit wil ik gebruiken voor de reflectie van mijn lessen.

0 Comments | Post Comment | Permanent Link

Themabijeenkomst 5: Sociaal Constructivisme7/11/2011

Wat was nieuw voor je en wat heb je daarvan geleerd?
Deze les hebben we weer veel gedaan. Allereerst te beginnen met de leerstijlen van Kolb. Natuurlijk had ik al eerder geleerd van de leerstijlen doener, denker, dromer, beslisser. Echter wist ik niet goed welke bij mijzelf past. Dit zijn we gaan uitvinden in de klas door middel van een test. Uit deze test kwam dat ik een dromer was. Toen ik de beschrijving hiervan ging lezen klopte dit totaal niet. Ik ben de andere beschrijvingen gaan lezen en ben erachter gekomen dat ik eigenlijk twee soorten leerstijlen heb die bij mij passen; de doener en de denker. Soms kijk ik eerst de kat uit de boom, maar wil aan de andere kant ook veel dingen uitproberen en graag hulp hebben van andere mensen.
Verder heb ik geleerd wat sociaal constructivisme is. Dit houdt in dat leerlingen nieuwe informatie verbinden aan de informatie die ze al weten. Op deze manier hebben de leerlingen een actieve rol.


Wat ben je van plan met deze nieuwe kennis/inzichten te gaan doen?
Zelf ben ik vaak geneigd om mijn lessen te geven op de manier waarop ik leren fijn vind. Nu ben ik van plan meer rekening te houden met de leerstijlen van de verschillende kinderen. Daarnaast vind ik het belangrijk om de voorkennis van de kinderen te activeren en te koppelen aan de nieuwe kennis. Dit deed ik eigenlijk haast altijd wel bij mijn lessen, dus dit zal ik voortzetten.

0 Comments | Post Comment | Permanent Link

Themabijeenkomst 4: Cognitie en ontwikkeling7/11/2011

Wat was nieuw voor je en wat heb je daarvan geleerd?
Deze les heb ik veel geleerd over ontwikkelingsgericht onderwijs. Ik wist dat het bestond, maar heb mijzelf er nooit in verdiept en wist ook niet goed wat het was. Dit onderwijs gaat, zoals de naam al zegt, uit van de ontwikkeling van een kind. De leerkracht heeft hierbij de taak om er voor te zorgen dat het kind zich wil gaan ontwikkelen en dus nieuwsgierig wordt. Dit heeft ook alles te maken met de zone van de naaste ontwikkeling. Daarnaast heb ik geleerd wat het begrip ‘zone van de actuele ontwikkeling’ is. Het verschil tussen deze twee begrippen is, is dat de zone van de actuele ontwikkeling hetgeen is wat een kind presteert mét hulp en de zone van de naaste ontwikkeling wat een kind presteert zónder hulp.

Vervolgens hebben we het deze les gehad over het Ontwikkelingsmodel van Dick Memelink. Ik heb geleerd hoe ik dit model kan gebruiken aan de hand van een casus over het jongetje ‘Ward’.

 

Wat ben je van plan met deze nieuwe kennis/inzichten te gaan doen?
Het Ontwikkelingsmodel van Memelink ben ik van plan vaker te gaan gebruiken, ook nu al als stagiaire. Het model heb ik opgezocht op het internet en heeft duidelijke ontwikkelingslijnen. Dit kan ik gaan gebruiken om de ontwikkeling van de kinderen in mijn stageklas beter te gaan volgen.
Van het begin van het jaar was een leerdoel voor mijzelf om te zorgen dat de kinderen in mijn stageklas dichter bij de zone van de naaste ontwikkeling komen. Door deze les heb ik alleen maar meer het belang hier van ingezien en zal ik ermee doorgaan om aan dit doel te werken.

0 Comments | Post Comment | Permanent Link

Themabijeenkomst 3: Passend onderwijs16/9/2011

Wat was nieuw voor je en wat je daarvan geleerd?
Deze bijeenkomst hebben we het gehad over afkortingen in het onderwijs en over de zorgroute. Dit was allemaal nieuw voor mij. Een aantal afkortingen kende ik al, zoals S.B.O. en Z.M.L.K., maar daarnaast heb ik er heel veel nieuwe bijgeleerd. Een voorbeeld hiervan is bijvoorbeeld, I.O.B.K., W.P.O., J.R.K. en nog veel meer.
Verder heb ik het meest geleerd van de zorgroute, wat ook het belangrijkste van de les was. Bij de zorgroute gaat het om handelingsgericht werken, met andere woorden; kijken wat een kind nodig heeft qua onderwijs. Hier heb ik geleerd met wat voor een stappenplan ik dan kan gaan werken (waarnemen, begrijpen, plannen, realiseren)en waar ik dan naar moet kijken. Ook heb ik geleerd dat je intern kan gaan handelen door groepsbesprekingen en leerlingbesprekingen, via een oudergesprek en extern door consultatie, begeleiding en onderzoek.

 

Wat ben je van plan met deze nieuwe kennis/inzichten te gaan doen?
Ik loop stage op het speciaal onderwijs. Hier wordt voor elk kind een individueel handelingsplan gemaakt, maar ook groepsplannen. Door deze kennis die ik heb opgedaan, heb ik meer inzicht in de bestaande handelingsplannen die er op school zijn. Naast dat ik deze bestaande handelingsplannen beter zal begrijpen, zal ik deze nieuwe kennis ook gaan gebruiken wanneer ik zelf de handelingsplannen moet gaan maken. Op korte termijn voor de opdrachten die we voor taal en rekenen moeten maken, maar ook op lange termijn wanneer ik later mijn eigen klas heb en ik handelingsplannen voor de kinderen moet gaan schrijven.

0 Comments | Post Comment | Permanent Link

Page 1 of 2
Last Page | Next Page
Hosting door HQ ICT Systeembeheer