Weblog maken?


MaakEenWebsite.nl (tip)
Totaal slechts 10 euro per maand incl. domeinnaam en gratis overzetten van uw bestaande weblog bij Bloggers.nl 100 MB ruimte
emailadres
Lees meer..... en bestel
Gratis geld verdienen met e-mails lezen? Meld je aan bij
Zinngeld, Surfrace, Qassa en Euroclix !

Op zoek naar God?

ArgentiniŽ, van Iguazķ tot Ushuaia

Provincie San Luis

19:59, 5/4/2008 .. 0 comments .. Link
volgt later...

Provincie Santiago del Estero

19:58, 5/4/2008 .. 0 comments .. Link
Historisch gezien is Santiago del Estero een belangrijke provincie. De eerste culturele, juridische en religieuze instellingen hadden hier hun wieg. Maar reeds lang voor de komst van de Spanjaarden in 1543 was het één van de belangrijkste verblijfplaatsen van de Inca´s. Tot de dag van vandaag is Santiago del Estero een erkende tweetalige provincie nl. Spaans-Quechua. Door het landelijk karakter van de provincie gaan vele kinderen pas voor het eerst naar school op hun zesde. Leraren in de basisscholen moeten dan ook tweetalig zijn vermits deze kinderen opgevoed werden in Quechua.

In het zuiden van de provincie leeft de bevolking van de landbouw. In het westen vormt het toerisme door de termale wateren de belangrijkste bron van inkomsten. In de rest van de provincie vind je een woestijnachtig landschap. De temperaturen lopen in de zomer op tot 50 graden waardoor landbouw vrijwel onmogelijk is.

Belangrijkste steden en gemeenten:

1. Santiago del Estero-capital: hoofdstad van de provincie, en bakermat van de meeste officiële instellingen van de republiek. 450 jaar geleden werden vanuit deze stad alle steden in het centrum en het noorden van Argentinië gesticht. De bevolking is voor een groot deel nauw verwant met de aboriginals. Handwerk en folklore zijn dan ook de uithangborden van de stad.

2. La Banda: slechts gescheiden door de rivier Rio Dulce van de hoofdstad. Ook hier leeft de folklore en het handwerk.

3. Termas de Río Hondo: gelegen aan de stuwdam van de Rïo Dulce, is deze stad het toeristisch centrum van de provincie. In de winter en in de weekends het hele jaar door moet je lang op voorhand je hotelkamer boeken wil je aan de bak komen. De aanwezigheid van het stuwmeer met zijn watersportmogelijkheden en de termale wateren lokken toeristen vanuit heel Argentinië.



Provincie La Pampa

19:58, 5/4/2008 .. 0 comments .. Link
volgt later...

Provincie Tierra del Fuego

19:51, 5/4/2008 .. 0 comments .. Link

Tierra del Fuego dankt zijn naam aan Magelhaes die in 1520 met zijn schip voorbijvoer. Men veronderstelt dat hij die naam bedacht door de vele rookpluimen van de kampvuren van de toenmalige Indiaanse bevolking. Het is de jongste provincie van Argentinië, is 3,5 keer groter dan België en heeft slechts 100.000 inwoners die zo goed als allemaal in één van de 2 steden, Rio Grande en Ushuaia wonen. Tierra del Fuego is een eiland en kan over land alleen via een oversteek met een veerboot EN via Chili bereikt worden. Eveneens behoren de Sandwicheilanden, de Georgias-eilanden en de Islas Malvinas(Falklands, maar voor de Argentijnen nog steeds Argentinië) tot het territorium. Ook het Argentijnse gedeelte van Antartica valt onder de jurisdictie van de provincie.

De provincie kan je opdelen in 3 stukken: het noorden is de verlenging van de Patagonische steppe waar veeteelt voor het inkomen van de mensen zorgt. Het midden is bebost en naganoeg onbewoond. De schaarse bevolking leeft meestal van de productie van houtskool. Het zuiden, grenzend aan het Beaglekanaal, is dan weer één groot natuurreservaat en beschikt over het magische Ushuaia, de meest zuidelijke stad van de wereld. Hier is het toerisme de grootste bron van inkomsten.

Ga je op vakantie naar Tierra de Fuego vergeet dan niet je zwembroek, maar ook niet je winterjas. Kleed je als een ajuin, in laagjes dus, want in enkele uren kan je vaak genieten van een zonnetje van 25 graden, een onweersbui, een sneeuwbui, een hagelstorm. Vergeet in geen geval je paraplu, want regenen doet het elke dag, ook al vertrek je met stralend weer.

Vergeet vooral niet om in Ushuaia centolla of ,king crab´ te eten. In de wintermaanden van mei tot september vers te verkrijgen, in de zomermaanden van oktober tot april enkel diepgevroren maar nog steeds niet te versmaden.

Belangrijkste steden en gemeenten in Tierra del Fuego:

1. Rio Grande: het is met 55.000 inwoners de grootste stad van de provincie en ligt aan de monding van de Rio Grande. Waar het vroeger als handelshaven voor vooral gouderts diende, heeft het zich nu omgevormd tot het centrum van de forelvisserij.

2. Ushuaia: mythisch door zijn ligging, nog steeds aanzien als de meest zuidelijke stad ter wereld. Iets zuidelijker en op Chileens grondgebied ligt de legerbasis annex dorp Puerto Williams met 2000 inwoners maar het dorp stelt niet veel voor. Door zijn ligging en de onherbergzame omgeving was  Ushuaia vroeger een gevangeniskolonie. De gevangenis, waarvan het grootste gedeelte nog in originele staat, is ingericht als museum en een bezoekje zeker waard. In het bijbehorende zeevaartmuseum vind je tal van documenten terug in het Nederlands.  De stad is gebouwd op de heuvels rond een baai van het Beaglekanaal. Behalve de rondvaart op het Beaglekanaal is een bezoekje aan het natuurreservaat van Vuurland een absolute must. Ushuaia is tevens vaste ankerplaats van de meest luxueuze cruiseschepen ter wereld. Ook voor een reisje naar Antartica vertrek je vanuit de haven van Ushuaia. 

 

 

 

 

 



Provincie Santa Cruz

18:49, 5/4/2008 .. 0 comments .. Link
De provincie Santa Cruz is het uiterste zuiden van het Argentijnse vasteland, Tierra del Fuego is immers een eiland, en is 7 maal groter dan België. Zoals overal in Patagonische provincies woont de bevolking van slechts 200.000 inwoners in de steden aan de Atlantische Oceaan of aan de voet van de Andes. De Patagonische steppe blijft daardoor een onaangeroerd stuk natuur waar slechts hier en daar een estancia voorkomt. In de steppe blijft de schapenteelt één van de voornaamste bezigheden alhoewel je voor het fokken van één schaap 2 hectaren grond nodig hebt. De estancias in Patagonië hebben dan ook vaak 80.000-100.000 hectaren land.

DE sterren van de provincie zijn echter de gletsjers, met voorop de Perito Moreno, de enige gletsjer ter wereld die niet kleiner wordt. Met zijn oppervlakte van 195km2, een lengte van 30 km en een hoogte van 60 meter biedt de gletsjer een onvergetelijk schouwspel. Vast en zeker heeft iedereen al de beelden gezien van het neerstortend ijs. Een wandeling op de Perito Moreno met zijn blauwe, krakende ijs is een onvergetelijke ervaring. Behalve de Perito Moreno bevinden zich nog 47 andere gletsjers in het park van 600.000 ha.

Al deze gletsjers monden uit in het Lago Argentino, met 1600 km2 het grootste meer van Argentinië. Het water van het meer heeft dan ook de typische lichtblauwe kleur van gletsjerwater en heeft een temperatuur van 2-3 graden. 

Hoog boven al dat natuurschoon zweeft majestueus de condor.

Belangrijkste steden en gemeenten van Santa Cruz:

1. El Calafate: het stadje, aan de rand van het Lago Argentino, werd speciaal gebouwd als uitvalsbasis voor een bezoek aan de Perito Moreno en de andere gletsjers en leeft dus van het toerisme. Zijn naam dankt het aan een struik ´de calafate´ die in de streek voorkomt en waarvan men de vrucht gebruikt voor het maken van confituur, likeuren...

2. El Chaltén: een typisch dorp in de Andes dat als uitvalsbasis dient voor trekkings in het gletsjergebied. Ook voor het beklimmen van de Mount Fitzroy vertrek je het best vanuit El Chaltén.

3. Rio Gallegos: provinciehoofdstad, gelegen aan de Atlantische kust. Alle goederen, zoals vlees en schapenwol, werden vroeger met paard en kar naar de haven van de stad gebracht om verscheept te worden. Nog steeds is het handelspunt nummer één van de provincie, voornamelijk als distributiepunt voor de bevoorrading van de toeristische zones in de Andes. 



Provincie Chubut

18:48, 5/4/2008 .. 0 comments .. Link
Chubut, een provincie net zo groot als Frankrijk, heeft 400.000 inwoners en is net als Santa Cruz een typisch Patagonische provincie. Ook Chubut heeft 3 verschillende gezichten, gaande van de Andes, waar regelmatige regenval zorgt voor groene weiden en bossen, over de typische steppe, waar schijnbaar geen mens woont, tot aan de toeristische, geindustrialiseerde Atlantische kust, waar de meeste mensen wonen.

Chubut, en dan vooral de Atlantische kust, heeft een sterke Welshe cultuur. Het waren immers de Welshmen die in 1541 de streek kolonialiseerden. Het jaarlijkse feest van de ´Dia de Desembarco´, het ontschepingsfeest en  Welshe dorpen zoals Gaiman zijn overblijfselen uit die tijd. De dames in de typisch Engelse theehuizen, zijn wel afstammelingen van de Welsh en kleden zich in traditionele klederdracht maar spreken enkel Castellano.

Behalve de schapenteelt in de steppes is toerisme de belangrijkste bron van inkomsten. De Atlantische kust zorgt uiteraard voor badgasten maar de meeste toeristen komen voor een prachtig schouwspel van enerzijds walvissen, de southern right whale en anderszijds pinguïns. Maar ook hele kolonies zeehonden, zeeleeuwen, zee-olifanten, scholen met dolfijnen en met wat geluk af en toe een jagende orca zorgen voor onvergetelijke momenten.

De baaien van het Peninsula Valdés, Valdés-schiereiland, is de geliefkoosde verblijfplaats van walvissen, zeehonden, zeeleeuwen en zee-olifanten. Ze komen hier om hun jongen te baren en te zogen voor ze weer vertrekken naar Antarctische gebieden.  Op het schiereiland zelf bevinden zich enkele estancias die schapen kweken. Tot de uitgebreide fauna hoort ook de ´Mara´ of de Patagonische haas, de Ñandu, een kleine struisvogel en de guanaco.

Punta Tombo is dan weer de broedplaats van een half miljoen Magelhaes-pinguïns. Een drukte van jewelste heerst wanneer de eieren uitgebroed zijn en de ouders de weg van de nestplaats naar de visplaats, de Atlantische oceaan, meermaals per dag al waggelend afleggen om hun jongen te kunnen voeden. Sommige nesten bevinden zich meer dan één km van het water.

Belangrijkste steden en gemeenten in Chubut:

1. Comodoro Rivadavia: grootste stad van Chubut gelegen aan de Atlantische kust. Was vooral bekend tijdens de Falklandoorlog als uitvalsbasis van de Argentijnse marine.

2. Gaiman: een Welsh dorp dat gesicht werd door de tweede golf migranten in de 19de eeuw. Verschillende Teahouses met typische, goed verzorgde Engelse tuinen, zorgen voor de inkomsten van de plaatselijke bevolking.

3. Puerto Madryn: bad- en havenstad, centrum van watersporten in Argentinië. De stad dient voor de meeste toeristen als uitvalsbasis voor een bezoek aan peninsula Valdés en Punta Tombo.

4. Peninsula Valdés: het enige dorpje op het schiereiland is Puerto Piramides, naam die het dankt aan de piramidevormige bergen die oprijzen achter de huizen van de 500 inwoners. Het strand is de vertrekplaats van mei tot december voor het bezichtigen van de walvissen en hun jongen. Het mag gerust gezegd worden dat de bereidwilligheid en vooral de nieuwsgierigheid van de walvissen zelf voor een adembenemende show zorgen. De haren staan recht overeind als zo een kolos van 40 ton naast je bootje uit het water komt om te kijken wie hem bezoekt. Na het vertrek van de walvissen worden de rotsen aan de kust ingenomen door hele horden zeehonden die hier hun jongen komen baren. Op de stranden van het schiereiland vind je dan de kolonies zee-olifanten en zeeleeuwen. De mannetjes bewaken er hun harem die de kroost zoogt. Met wat geluk zie je een gevecht, tot bloedens toe met een concurrerend jonger mannetje dat een wijfje probeert te stelen.

5. Punta Tombo: natuurgebied dat geschonken werd aan de provincie door de eigenaars van de estancia waarin de zone zich bevindt. Een half miljoen Magelhaes-pinguïns komen hier jaarlijks van september tot april samen om te nesten en hun jongen groot te brengen. Punta Tombo geldt als grootste continentale broedplaats van pinguïns ter wereld. In april vertrekt de hele kolonie weer naar de Braziliaanse kusten, waar ze verblijven zonder aan land te gaan.

6. Rawson en Trelew: 2 steden die gesticht werden door de Welshmen en die het geindustrialiseerde gedeelte van Chubut vormen. In Trelew bevindt zich overigens de internationale luchthaven.



Provincie RŪo Negro

18:46, 5/4/2008 .. 0 comments .. Link
Río Negro is een van de 4 provincies van Patagonië en grenst in het westen aan de Andes en in het oosten aan de Atlantische Oceaan. De streek van Bariloche wordt vaak omschreven als klein Zwitserland door het prachtige hooggebergte van de Andes, de vele groene valleien en de meren, waar menig watersporter en visser vertier vindt. 

In het oosten, aan de Atlantische kust die 400 km lang is, zijn vele badplaatsen met stranden met fijn zand. De aanwezigheid van zeedieren maakt de streek voor een bezoek alleen maar aantrekkelijker.

In de Alto valle del Río Negro vind je de door de pioniers en Spaanse bezetter, handgegraven irrigatiekanalen die van de vallei de ideale plaats maken voor de teelt van fruit en groenten. De uiterst vruchtbare streek maakt dat Alto Valle de dichtsbevolkte streek van Patagonië is.

Belangrijkste steden en gemeenten:

1. El Bolsón: het centrum van de hopteelt maar ook verblijfplaats van vele artiesten zoals schilders, beeldhouwers, poppenspelers, jazzgroepen, rockgroepen,... . De kwaliteit van het handwerk is befaamd in heel Argentinië.

2. San Antonio Oeste: gelegen in de golf van San Mátias beschikt het over een vissershaventje.

3. Las Grutas: belangrijkste badplaats van Río Negro en Patagonië.

4. San Carlos de Bariloche: door de prachtige omgeving Klein Zwitserland genoemd. De stad is een trekpleister voor nationaal en internationaal toerisme.

5. Viedma: hoofdstad van de provincie, gelegen aan de Atlantische kust.



Provincie Neuquen

18:45, 5/4/2008 .. 0 comments .. Link
volgt later

ArgentiniŽ in cijfers

18:42, 5/4/2008 .. 0 comments .. Link
-Oppervlakte: 3.761.274 Km2 waarvan 2.791.810 Km2 vasteland en 969.464 Km2 Antartica. In totaal is Argentinië dus 115 x groter dan België en 107 x groter dan Nederland.

-Inwoners: officieel ongeveer 40.000.000 maar er wordt geschat dat er 8.000.000 illegalen zijn

-Bevolking: 99% van de bevolking is blank en stamt af van de Spanjaarden en Italianen. 1% stamt af van de Indianen. Zwarten zijn er nagenoeg niet.

-Spreiding van bevolking: 88% van de bevolking leeft in de steden. Ongeveer 12.000.000 mensen wonen in Gran Buenos Aires.

-Munteenheid: de peso, waarvan het teken,$, is, wat voor buitenlanders voor verwarring zorgt, is de nationale munt. Ook wordt nog steeds gerekend in US$, vooral in de vastgoedwereld en bij de verkoop van ingevoerde producten. De waarde van de munt op dit moment: 1 euro = 4,95 peso en 1 dollar = 3,15 peso.

-Provincies: Argentinië is onderverdeeld in 23 provincies en Capital Federal(Buenos Aires). Dichtstbevolkt is de provincie Buenos Aires met 18 milj inwoners, dunstbevolkt is de provincie Tierra del Fuego met 100.000 inwoners.

-Politiek: Argentinië is een republiek met aan het hoofd een president. De provincies worden bestuurd door een gouverneur.

-Afstanden: Noord-Zuid 3799 km en Oost-West 1423 km.

-Klimaat: alle klimaten, behalve tropisch, zijn in Argentinië vertegenwoordigd.

-Landbouw: Met de Pampa beschikt Argentinië over de derde grootste vruchtbare oppervlakte ter wereld. Landbouw en veeteelt zijn dan ook voornaamste bron van inkomen in Argentinië.

-Sport: voetbal, polo en hockey zijn de voornaamste sporten in Argentinië. In Gran Buenos Aires alleen staan 17 stadions met een capaciteit van 40.000 of meer toeschouwers.

-Cultuur: de cultuur beperkt zich meestal tot de (grotere) steden.

-Transport: de meeste transportmogelijkheden zijn vrij modern en goed georganiseerd. 

-Verkeer: jaarlijks sterven op de Argentijnse wegen tussen de 6000 en 8000 mensen. De oorzaken: slecht onderhouden voertuigen, vaak zonder verlichting, overdreven snelheid, alcohol- en druggebruik, gebrek aan moderne infrastructuur waardoor alle verkeer, inclusief traag goederenverkeer over dezelfde weg van punt A naar punt B moet. Frontale botsingen bij slecht ingeschatte inhaalmaneuvers zijn niet zelden.

-Toerisme: door de dure dollar blijven de meeste Argentijnen in eigen land tijdens de vakantie. Mar del Plata(Atlantische kust) en Villa Carlos Paz en omgeving zijn bestemmingen bij uitstek voor nationaal toerisme. Internationaal toerisme neemt gestaag toe en stijgt elk jaar.

Economie: met 93,7% eigen productie gaat het Argentinië momenteel voor de wind. 

Wetenswaardigheden en eigenaardigheden

18:40, 5/4/2008 .. 0 comments .. Link
Ik zal in deze rubriek dingen vermelden die in Argentinië dagelijkse kost zijn, maar toch op z´n minst raar te noemen zijn. Deze rubriek zal dan ook regelmatig bijgewerkt worden in de toekomst.

1. In Argentinië is de verkoop van tweedehandsauto´s, zoals in vele landen, dagelijkse kost. Maar de manier van aangeven dat een auto te koop is, is toch wel uniek. Een auto die particulier verkocht wordt, wordt aangeboden door er een fles bovenop te zetten. Vanwaar dit gebruik komt, kon ik nog niet achterhalen.

2. Op 30 december 2007 besloot de regering de klok 1 uur vooruit te zetten, voor het eerst in meer dan 30 jaar, om energie te sparen. Zo gezegd, zo gedaan. Maar 3 weken later besloot de gouverneur van de provincie San Luis éénzijdig om de klok terug te zetten naar het oude uur, officieel omdat de energiebesparing te verwaarlozen viel. In de volksmond heet het echter dat de overwegend oudere bevolking zich niet kon aanpassen aan het nieuwe uur. Dus had Argentinië op dat moment een enclave in het midden van het land van om en bij de 400.000 inwoners waar de klok één uur achteruit liep op de rest van het land.

3. In de maaltijden van de Argentijn neemt vlees, vooral rundsvlees, een zeer belangrijke plaats in. Het versnijden van het vlees is compleet anders dan in Europa en er wordt letterlijk geen grammetje van een koe weggegooid. Meestal wordt het vlees op de asador, de barbecue, gebakken. In een doorsnee asado vind je dan ook alle stukken van een rund terug, tot alle maar dan ook alle ingewanden toe. Maar ook van een geitje, chivito, wordt letterlijk alles opgegeten, tot het uitsoppen van de gebakken ogen met brood, toe. Schapenvlees, cordero, is dan weer meer een specialiteit in Patagonië, het zuiden van Argentinië. Bij het vlees hoort een typisch Argentijns sausje, chimichurri. Het bevat, azijn, olie, look en peterselie. De prijs van het vlees wordt door de regering gecontroleerd, verschilt wel van streek tot streek, maar is overwegend goedkoop. Een kilo lomo, het duurste rundvlees, te vergelijken met de filet pure, kost momenteel 22 pesos per kilo, zo´n 5 euro.

4. De nationale drank in Argentinië is de maté. Het is een soort thee, dat gedronken wordt uit de maté, een bekertje dat alle maten en vormen kan hebben, met een metalen rietje, de bombilla. Afkomstig is het gebruik van de indiaanse bevolking verdergezet door de gaucho´s, rondzwervende cowboy´s die op zoek waren naar werk in het uitgestrekte Argentinië. Vermits Argentinië nog steeds een macholand is, drinken de meeste mannen de maté zonder suiker. Het is dan ook vrij bitter. De vrouwen drinken meestal met suiker of gearomatiseerde kruiden. Zelden wordt maté alleen gedronken. Meestal zit men in groep rond de tafel en gaat de maté rond, iedereen drinkt dan ook van hetzelfde rietje. Niet overal in het land wordt de maté evenveel gedronken. Koplopers zijn de provincies Entre Rios, Corrientes en Missiones, waar de maté gekweekt en verwerkt wordt.

5. Een treinreis in Argentinië is een hele onderneming en als je niet gek bent, doe je het beter niet. Vermits ik de reis al maakte met de auto, het vliegtuig en de bus, wilde ik nu eens de laatste mogelijkheid proberen, de trein. Het traject bedraagt 723 km, vertrekt in Cordoba-capital, en rijdt via Rosario naar Buenos Aires. Door de slechte staat van de sporen kan de trein een topsnelheid rijden van 60 km per uur, waarbij je door mekaar geschud word zodat geen van je ingewanden nog op z´n plaats zit. Bij het vertrek uit Cordoba, het rijden door Rosario en de aankomst in Buenos Aires rijd je door de sloppenwijken, de ´villa miseria´ van die steden, waar je als je geluk hebt vergast word op een regen van stenen van de kinderen van de buurt. De ramen zijn dan ook beveiligd met een plaat uit plexiglas. Het raam dat dient als nooduitgang wordt voor de doortocht afgesloten met een stalen luik. Als net de laatste kreten van de kinderen uitgestorven zijn en iedereen slaapt, stopt de trein in het station van Rosario. Niet zo erg, ware het niet dat de trein uit het station vertrekt in tegenovergestelde richting, dus komt een vriendelijke bediende van de spoorwegen iedereen wakker maken om de zetels van de trein te draaien zodat iedereen in de richting zit waarheen de trein rijdt. Je ziet dus iedereen sleuren met handbagage om deze operatie mogelijk te maken. Uiteraard zijn alle kinderen weer lekker wakker en gaat het gehuil nog een paar uur door. Als je uiteindelijk 15,5 uren na vertrek in Buenos Aires aankomt, ben je niet alleen doodmoe, maar ook nog geradbraakt door het geschud. Het ticket voor de terugreis heb ik ingeruild voor een 1 uur durende vlucht naar huis. Voor de liefhebbers de prijs van een ticket; gaande van 15 pesos(3,5 euro) tot 45 pesos(10 euro). Een vliegtuigticket kost voor een Argentijnse ingezetene 110 peso(25 euro)  

6. Het Quechua, de eeuwenoude taal van de Inca´s wordt momenteel nog gesproken door 8 miljoen mensen. Ongeveer 150.000 van die mensen wonen in de provincie Santiago del Estero. Onderwijzend personeel in deze provincie moet dan ook tweetalig zijn om kinderen die voor het eerst naar school de nodige opvang te geven, vermits het officiële onderwijs Spaanstalig is. Ook zijn vele Quechua woorden in het Castellano achtergebleven, bvb. een aardappel is papa en niet patata. De poes roep je met het woord mischi, het Quechua voor poes.

 

7. Het is in Argentinië verboden om verse groenten, fruit of vlees in te voeren. Ook zaden en bloembollen worden geweerd om ziektes te voorkomen. Maar het gaat zelfs veel verder dan dat in de meeste provincies. Aan vele provinciegrenzen word je opgewacht door personeel van de douane gespecialiseerd in fyto-sanitaire ontsmetting. Niet alleen wordt je bagage gecontroleerd maar ook je auto wordt ontsmet. Alle passagiers moeten met de schoenen door een ontsmettingsbad, vooraleer de reis verdergezet kan worden. Reis je met het vliegtuig binnen de grenzen van Argentinië, hou er dan rekening mee dat mensen in witte jassen willekeurig bagage van de bagageband plukken en aan een controle onderwerpen. Is je bagage niet op slot, jammer, er wordt niet gewacht tot je er bent vooraleer ze ijverig aan hun zoektocht beginnen. 

Politiek ArgentiniŽ

18:19, 5/4/2008 .. 0 comments .. Link
 

In Argentinië duren de perioden van rust altijd maar kort. Het land blijft verscheurd door ruzie over de verdeling van de rijkdom.

 

Tot 1943: Van barbarij tot beschaving

Het prikkeldraad en de koelhuizen hebben tegen het einde van de negentiende eeuw de stoot gegeven tot een enorme bloei van Argentinië. Hierdoor werd het mogelijk de veestapels uit te breiden en om vlees van de pampa's naar Europa te transporteren. Argentinië werd de graan- en vleesleverancier van Europa. Het vrijwel maagdelijke land had een grote aantrekkingskracht op arme of landloze boeren uit Zuid-Europa. Rond 1900 bedroeg de immigratie 100.000 mensen per jaar. Argentinië was een frontier-samenleving in Zuid-Amerika, de grens tussen 'beschaving en barbarij' werd steeds verder verlegd. In korte tijd behoorde Argentinië tot de welvarendste landen van de wereld en Buenos Aires deed in pracht en praal niet onder voor Barcelona of Milaan.

Uit die tijd stamt het conflict dat Argentinië de hele twintigste eeuw heeft verscheurd: de strijd om de toe-eigening van de rijkdommen die de landbouw opbracht. Tegenover elkaar stonden de oligarchie van grootgrondbezitters en exporteurs, de industriëlen, de arme rurale en stedelijke bevolking en de arbeiders. De staat als herverdeler van de welvaart begunstigde dan weer de ene, dan weer de andere groepering, zonder een duurzaam sociaal compromis te bereiken. Het conflict werd uitgevochten met politieke en militaire middelen en het werd bemoeilijkt doordat vanaf het midden van de jaren dertig sprake was van een vrijwel onafgebroken periode van afnemende welvaart.

1943-1952: Het nationalisme van Perón

In 1943 kwam een militaire regering aan de macht met kolonel Juan Domingo Perón als minister van Arbeid. Daardoor kreeg hij greep op de vakcentrale CGT. Perón, toen 49 jaar, was de leider van een groepje nationalistische en antidemocratische legerofficieren. Zij koesterden nauwelijks verholen sympathieën voor Hitler, Mussolini en Franco.

Nadat Perón in 1945 kortstondig in de gevangenis was beland, en was vrijgekomen dankzij massale straatprotesten waartoe was opgeroepen door een jonge radio-omroepster, Eva Duarte, werd hij in 1946 met overweldigende meerderheid tot president gekozen. Korte tijd later trouwde hij met 'Evita'. De vakcentrale CGT werd hét bolwerk van het 'peronisme', terwijl Eva Perón de leiding kreeg over liefdadigheidsstichtingen waarmee ze het arme volk (de 'descamisados', de 'hemdlozen') van sociale voorzieningen voorzag. Geld was er in overvloed in de naoorlogse jaren: de agrarische exporten naar hongerend Europa bloeiden. Totdat de Verenigde Staten met hun Marshall-hulp het Argentijnse graan en vlees van de markt verdrongen.

Perón noemde zijn politieke beweging 'justicialismo' (de beweging voor rechtvaardigheid) waarvan hij de caudillo (leider) was. Het peronisme was een extreme vorm van populisme, een mengeling van ideologieën, anti-Amerikaans en anti-Brits (Perón nationaliseerde de omvangrijke Britse infrastructuur), anticommunistisch, antisemitisch, anti-elitair, anti-oligarchisch en in het algemeen vóór het volk. Het peronisme steunde op het staatsapparaat. Met de inkomsten van de agrarische exporten zette Perón een beschermde nationale industrie, een snel uitdijende staatssector en een uitgebreid welvaartsstelsel op.

1952-1974: Chaos en geweld

In 1952 overleed Evita aan kanker, 33 jaar oud. Dit was het begin van het einde van Peróns bewind. Midden jaren vijftig was Argentinië bankroet, Perón werd afgezet in 1955 en vluchtte via Paraguay naar franquistisch Spanje.

Opeenvolgende burgerpresidenten en militairen van de jaren vijftig en zestig slaagden er niet in Argentinië politiek en economisch te hervormen. Perón wachtte in ballingschap af tot hij terug zou kunnen keren, terwijl in Argentinië zijn politieke beweging radicaliseerde en de populariteit van Evita mythische proporties aannam.

Uit erkenning dat Argentinië niet mét, maar evenmin zónder Perón bestuurd kon worden, besloot president generaal Lanusse in 1973 dat Perón met zijn (derde) vrouw, de nachtclubpianiste Maria Estela (Isabel) Martínez, mocht terugkeren.

De triomfantelijke intocht eindigde in een bloedbad. Linkse en rechtse aanhangers van de caudillo, voor- en tegenstanders van Perón namen elkaar onder vuur. Er vielen honderden doden. Het was het begin van een periode van gewelddadigheid die zelfs in de bloedige Argentijnse geschiedenis haar weerga niet kende.

Argentinië werd begin jaren zeventig in een veelkoppige burgeroorlog gezogen. Op het platteland in het noorden, het enige gebied waar in Argentinië sprake is van kleingrondbezit, was de trotskistische guerrillabeweging ERP (Ejercito Revolucionario del Pueblo) actief. In de steden richtten de Montoneros, ontstaan uit de geradicaliseerde jeugdbeweging van de peronisten, zich op een gewapende machtsovername. Ze legden zich toe op ontvoeringen en moordaanslagen. Verder vormde de vakbeweging CGT eigen gewapende ordediensten. Het leger liet zich evenmin onbetuigd in de repressie en trad eigenhandig op.

1974-1976: Militaire staatsgreep

Perón overleed in 1974, Isabel volgde hem op als president. Zij stond onder sterke invloed van een drugshandelaar, sterrenwichelaar en oprichter van de Triple A, (Argentijnse Anticommunistische Alliantie), José López Rega. De guerrillastrijd hield het land in zijn greep, de straat werd geregeerd door knokploegen van de vakbonden, de autoriteiten hadden iedere invloed op het bestuur verloren. In series stakingen kwam de economie tot stilstand. Vanaf de zijlijn sloegen de strijdkrachten de teloorgang van de peronistische regering gade en intussen roeiden de militairen in Tucumán de guerrillastrijders van de ERP uit.

Eind 1975 staken vertegenwoordigers van de oligarchie, de zakelijke elite en de grootgrondbezitters de hoofden bij elkaar om een politiek en economisch reddingsplan op te stellen. Daarvoor was de steun van de strijdkrachten onmisbaar om de orde in het land te herstellen.

Op 24 maart 1976 nam een militaire junta, bestaande uit generaal Videla, luchtmachtgeneraal Agosti en admiraal Massera de macht over. Isabel Perón kreeg huisarrest. Een meerderheid van de bevoking juichte de staatsgreep toe.

Na de populistische staat van Perón vestigden de militairen de terroristische staat. Aanhangers en sympathisanten van de guerrillabewegingen, van de peronistische jeugdbeweging en studentenbonden, vakbondsleden, intellectuelen en kunstenaars, politici, priesters, activisten voor de rechten van de mens, maar ook individuen die geen enkele politieke rol hadden gespeeld, werden opgepakt. Met stilzwijgende goedkeuring van het overgrote deel van de bevolking voerden de militairen hun 'smerige oorlog tegen de subversie' uit. Concentratiekampen, gevangenissen en martelcentra waren overvol. De strijdmachtonderdelen concurreerden met elkaar in meedogenloosheid. Alle mensen die zonder vorm van proces werden opgepakt, stonden 'ter beschikking van de president van de republiek' en waren van de buitenwereld afgesloten. Naar officiële schatting tienduizend mensen, en mogelijk vijftienduizend of meer, verdwenen voorgoed.

1976-1981: Herstel en verzet

Terwijl de militairen hun terreur uitoefenden, probeerde het economische team onder leiding van 'superminister' José Alfredo Martínez de Hoz de economie te saneren. Martínez de Hoz, voorstander van economische liberalisering, stelde zich ten doel de macht van de vakbeweging te breken, de verliesgevende staatsbedrijven te ontmantelen en de door hoge tolmuren beschermde nationale industrie bloot te stellen aan concurrentie.

Protest tegen de dictatuur kwam mondjesmaat op gang. Deels door de repressie, deels doordat de Argentijnse communisten het militaire bewind steunden omdat de communisten, net als de militairen, fel gebeten waren op de peronisten. Bovendien deed de Sovjet-Unie uitstekende zaken met het Argentijnse regime, ondanks de anticommunistische retoriek van de militairen. In 1980, toen de Verenigde Staten onder president Carter een graanboycot tegen de Sovjet-Unie instelden - als represaille voor de inval in Afghanistan - sloot Argentinië een miljardenakkoord om graan aan de Sovjet-Unie te leveren.

Het meest in het oog springende verzet tegen de dictatuur werd vanaf november 1977 gevormd door de wekelijkse stille omgang van de 'Dwaze Moeders van de Plaza de Mayo'. Zij demonstreerden iedere donderdag om vier uur, met witte hoofddoekjes om en zakdoeken met de namen van hun verdwenen kinderen, voor het presidentiële paleis. In 1980 kreeg Adolfo Pérez Esquivel, leider van een kleine organisatie voor de rechten van de mens, de Nobelprijs voor de vrede als symbool van het verzet tegen de dictatuur.

De junta kwam intussen in steeds grotere moeilijkheden. Na het wereldkampioenschap voetballen (1978), waarbij gastland Argentinië het Nederlandse elftal in de finale versloeg, kwam de internationale kritiek op het bewind op gang. In 1979 zond de Organisatie van Amerikaanse Staten, op Amerikaans initiatief, een missie naar Buenos Aires om de situatie van de rechten van de mens te onderzoeken. Het werd een aanklacht tegen het regime.

Het economische beleid was een fiasco - de marktliberalisering en overwaardering van de peso leidden tot een ineenstorting van de nationale industrie die niet tegen de buitenlandse concurrentie bestand was. De buitenlandse schuld begon alarmerend op te lopen.

1981-1982: De Falkland-oorlog

Begin 1981 werd Videla afgezet en vervangen door generaal Viola. Ook Martínez de Hoz met zijn team trad af, nadat een devaluatie van de peso onafwendbaar was. Eind 1981 werd Viola aan de kant geschoven om plaats te maken voor generaal Galtieri. De sociale en politieke onrust namen toe.

Op 2 april 1982 voerden Argentijnse troepen onder leiding van generaal Mario Menéndez een verrassingsaanval uit op de Falkland-eilanden in de zuidelijke Atlantische oceaan. Deze eilandengroep, door de Argentijnen Las Malvinas genoemd, waren in de negentiende eeuw door Groot-Brittannië in bezit genomen en sindsdien door opeenvolgende Argentijnse regeringen geclaimd. Tot verrassing van de Argentijnse machthebbers besloot de Britse premier Thatcher de eilanden te heroveren en kreeg ze daarvoor de steun van de Verenigde Staten.

Na vijf weken kwam de Britse expeditiemacht bij de eilanden aan en in een korte oorlog werden de Argentijnse troepen verslagen. Aan Britse zijde sneuvelden ongeveer 200, aan Argentijnse kant 800 militairen. Veel materieel - een Argentijnse kruiser, een aantal Britse fregatten en andere schepen alsmede ruim zestig Argentijnse gevechtsvliegtuigen - gingen verloren. Daags na de capitulatie op de Falkland-eilanden (16 juni 1982) viel het militaire bewind in Buenos Aires.

1982-1990: Burgers aan de macht

Na een kort overgangsbewind kwam een burgerregering onder leiding van Raúl Alfonsín aan de macht. De regering had te kampen met drie erfenissen van de militaire dictatuur: de kwestie van de rechten van de mens, de aanpak van de militairen en de sanering van de economie. Argentinië was, evenals vrijwel alle andere Latijns-Amerikaanse landen, bankroet en het land kon zijn buitenlandse schulden (40 miljard dollar) niet aflossen. Het ene na het andere saneringsprogramma onder toezicht van het Internationale Monetaire Fonds werd geïntroduceerd, waaronder de introductie van een nieuwe munt (de austral, in 1985) en bezuinigingsmaatregelen, maar deze bleven zonder duurzaam resultaat.

De schendingen van de rechten van de mens werden onderzocht door een commissie onder leiding van de schrijver Ernesto Sábato. Deze kwam met een rapport waarin de 8.426 gevallen van vermissingen waren gedocumenteerd. Het werkelijke aantal vermisten ligt waarschijnlijk hoger, maar is niet bekend.

In 1985 werden negen juntaleden veroordeeld tot gevangenisstraffen, maar andere militairen die verantwoordelijk waren geweest voor de terreur, bleven buiten schot. Eind 1986 - terwijl de vakbonden weer massaal de straat op gingen, in de kazernes de onrust groeide en hier en daar militairen (de zogenoemde carapintados ofwel 'camouflagegezichten') in opstand kwamen - kondigde Alfonsín een amnestiewet aan, Punto Final. Nadat nieuwe militaire onrust met moeite was onderdrukt, volgde in 1987 de wet op de obediencia debida (figuurlijk: de 'bevel-is-bevel'-wet), waardoor alle lagere militairen werden gevrijwaard van verdere vervolging.

Alfonsín bleek niet in staat de economische problemen op te lossen. Het land verviel opnieuw in economische en politieke chaos. Gedemoraliseerd droeg Alfonsín in 1989 de macht over aan zijn gekozen opvolger, de peronist Carlos Saul Menem.

1990-heden: Korte bloei

Na een jaar van militaire dreigingen verleende Menem eind 1990 gratie aan alle juntaleden die in de gevangenis zaten, alsmede aan Mario Firmenich, de verbannen voormalige leider van de Montoneros.

Nadat de inflatie was opgelopen tot meer dan 1.000 procent per maand, kondigde de minister van Economische Zaken van de regering Menem, Domingo Cavallo, begin 1991 een drastisch, orthodox saneringsprogramma aan. In feite was het een radicale versie van het oude plan van Martínez de Hoz, maar het werd nu - zonder politieke tegenstand - door een peronistische president uitgevoerd, die aldus de economische erfenis van het peronisme om zeep hielp. Staatsbedrijven werden geprivatiseerd, de begroting werd op orde gebracht, de koers van de munt (opnieuw de peso) werd gekoppeld aan die van de dollar. Met aartsrivaal Brazilië (en Paraguay en Uruguay) sloot Argentinië het Mercosur-verdrag, de oprichting van een Zuid-Amerikaans vrijhandelsgebied. Het ongelooflijke gebeurde: voor het eerst in vijftig jaar maakte Argentinië een periode van stabiliteit en economische bloei door.

Ondanks beschuldigingen van corruptie, schandalen en een flamboyante levensstijl werd Menem op de golf van economisch optimisme herkozen als president (in 1995). Zijn tweede periode was minder succesvol. Het parlement verklaarde de twee amnestiewetten (uit '86 en '87) ongeldig, maar Menem sprak hierover een veto uit. De economie belandde weer in een recessie.

Eind 1999 won Fernando de la Rúa, kandidaat voor een coalitie van niet-peronistische partijen, de presidentsverkiezingen. Een jaar later kreeg Argentinië een noodkrediet van het IMF. Toen het IMF in 2000 een begin van terugbetaling eiste en Argentinië liquiditeitsproblemen had, liet de la Rúa alle bankrekeningen van de burgers blokkeren. Dit gebeuren kreeg de naam ´coralito´. Een nooit geziene volksopstand was het rechtstreekse gevolg van deze ´georganiseerde diefstal´. Begin 2001 trad het kabinet af, te midden van schandalen over corruptie en kapitaalvlucht. Een federale rechter verklaarde de amnestiewetten ongrondwettig en opende zo de juridische weg om alsnog militairen wegens schendingen van de rechten van de mens tijdens de jaren van de dictatuur aan te pakken. De nationale munt werd losgekoppeld van de dollar en devalueerde meteen 400% om later te stabiliseren op ongeveer één derde van de waarde van de dollar. Er kwamen opeenvolgende presidenten die één voor één aftraden na enkele dagen of weken. Nestor Kirchner kreeg de situatie uiteindelijk weer onder controle en zo kwamen opnieuw de Peronisten aan de macht



Chileens PatagoniŽ

18:14, 5/4/2008 .. 0 comments .. Link

wordt aan gewerkt



About Me

Home
My Profile
Archives
Friends
My Photo Album

Links


Categories


Recent Entries

Provincie San Luis
Provincie Santiago del Estero
Provincie La Pampa
Provincie Tierra del Fuego
Provincie Santa Cruz

Friends

Hosting door HQ ICT Systeembeheer