Weblog maken?


MaakEenWebsite.nl (tip)
Totaal slechts 10 euro per maand incl. domeinnaam en gratis overzetten van uw bestaande weblog bij Bloggers.nl 100 MB ruimte
emailadres
Lees meer..... en bestel
Gratis geld verdienen met e-mails lezen? Meld je aan bij
Zinngeld, Surfrace, Qassa en Euroclix !

Op zoek naar God?
pleegouder worden?

Home - Profile - Archives - Friends

Posted on 28/3/2013 at 18:44 - 0 Comments - Post Comment - Link

Twee jaar lang, volgden we de bejegening die twee van de kinderen die wij in crisisopvang hebben gehad in hun definitieve pleeggezin kregen. Omwille van de privacy hebben we hieronder de namen van pleegouders niet genoemd en die van de kinderen gefingeerd. Na heel veel mondelinge klachten aan de pleegzorgbegeleider en anderhalf jaar speciale begeleiding van het gezin schreven wij onderstaande klachten aan de teamleider:

 

Toen de driejarige Floris en zijn zusje Astrid bij ons in crisisopvang kwamen was Astrid een 8-jarig meisje dat geen enkele volwassene vertrouwde; een hechtingstoornis van het ontwijkende type. En het jongetje had duidelijk een reactieve hechtingstoornis van het ontremde type. Hij was 3 jaar, nog aan de fles en niet zindelijk.
Zowel onze buren, vrienden als volwassen kinderen hebben met plezier gekeken naar de ontwikkelingen die ze hier doormaakten.

Astrid ging ons langzaam maar zeker vertrouwen. De “ergste” streken die ze uithaalden was los geld dat in huis lag ongemerkt in haar zak steken en op school een nieuw schriftje “wegpakken’ zonder dat te vragen of met sierraden aankomen waarvan niet duidelijk was hoe het vriendinnetje, waarvan ze dit kreeg, daar aan kwam.
Dat gedrag verminderde langzaam maar zeker omdat ik steeds na schooltijd samen met de juf er met haar over ging praten en als ze had toegegeven, uitlegden waarom dit gedrag niet kon en hoe het anders kon. Zo kon ze zonder gestraft te worden leren eerlijk te zijn, omdat we pas opstonden als de juf en ik het gevoel hadden dat ze eerlijk was en dat ook gecheckt hadden.
Ik vind de analyse die Jeugdzorg nu van Astrid, in het huidige pleeggezin, maakt dan ook pertinent onjuist. Volgens mijn man en mij (die de kinderen in dat gezin ruim twee jaar konden volgen) komt haar gedrag juist voort uit het feit dat zij eerlijk verteld hoe onheus en wreed zij bejegend wordt door haar huidige pleegouders. Pleegouders noemen het echter leugens, het meisje wordt gestigmatiseerd: zij zou liegen en daarmee manipuleren..

Floris veranderde in onze crisisopvang van een onaanraakbare, onaanspreekbare, drukke en agressieve peuter naar een handzame, leeftijdsadequate kleuter met een woordenschat die bij zijn leeftijd paste en die het heerlijk vond om op schoot te zitten om voorgelezen te worden of zomaar tegen je aan te liggen om over zijn bolletje geaaid te worden of samen een liedje te zingen.
Toen zich de huidige, perspectiefbiedende pleegouders voor deze kinderen aandienden hebben we ze dan ook vol vertrouwen uit handen gegeven en afgesproken dat we na een half jaar eens contact zouden opnemen om te vragen hoe het gaat met de kinderen.

Echter, na drie maanden belde pleegmoeder dat ze graag met de kinderen langs wilde komen en hebben we een afspraak bij ons thuis gemaakt. Tijdens een gesprek dat we toen hadden vertelde pleegmoeder dat het niet ging tussen het Astrid en haar, dat ze een hekel aan het kind had en het liefst zou willen dat ze haar aan ons kon terug geven omdat ze tijdens de overdrachtperiode wel gezien had dat wij wel liefdevol met het meisje om konden gaan.
Toen ik haar adviseerde om de problemen met jeugdzorg te gaan bespreken zei ze dat ze dat niet durfde omdat ze wel wilde dat Astrid uit haar leven verdween, maar bang was dat ze dan ook Floris bij haar weg zouden halen.
Vanaf dat moment heb ik gezorgd in contact met ze te blijven, te steunen waar ik kon en ben ik signalen van wat ik waarnam naar Jeugdformaat gaan uitzenden.
Helaas zonder resultaat: de pleegzorgbegeleidster wilde het niet horen en zei letterlijk dat ze niet meer wilde dat ik die zaken bij haar meldde. Vanaf dat moment heb ik onze eigen pleegzorgbegeleidster gevraagd de signalen door te geven. Ik geloof niet dat zij wel serieus genomen werd. In de loop van de tijd vertelden pleegouders meer over zichzelf wat zorgelijk was. Zo vertelde pleegvader, toen ik eens zei dat ik hem wel hard vond, dat hij zelf in een liefdeloos gezin is opgegroeid en hard zijn “normaal” voor hem was en hij er niet slechter van was geworden. Dat warmte en knuffelen voor hem ook abnormaal voelde en hij dat ook niet kon en er ter plekke van verstijfde.
Pleegmoeder vertelde, toen ik eens met haar alleen was, dat zij zich besefte veel problemen te hebben: ze had een eetprobleem, dronk teveel, weet dat alles aan haar slechte, liefdeloze jeugd en zou bij haar man weg gaan als ze wist waar ze dan van moest leven. Hij was hard en liefdeloos voor haar, vertelde ze. Ook dat hebben wij doorgegeven aan jeugdformaat.

Met lede ogen en pijn in ons hart moesten wij aanzien hoe wreed de kinderen behandeld werden en bleven we ongewenste signalen uitzenden naar Jeugdformaat. Het heeft heel lang geduurd voor er hulp kwam. Die kon alleen maar komen als ik te overstaan van pleegmoeder mijn zorgen uitte, wat uiteraard de vertrouwensbreuk tussen pleegmoeder en mij veroorzaakte.
Vervolgens heb ik zelf, bij de laatste keer dat pleegouders hier een hapje mee-aten, kritiek gegeven op wrede de manier waarop ze Floris aan tafel  behandelden, het was zó gemeen!
Sindsdien ontwijken ze ons en verzinnen ze steeds weer iets waardoor we de kinderen niet morgen zien.

(1) Waar wij bij waren. Astrid zat bij ons op paardrijles. Bij de overdracht van de kinderen, overhandigde ik haar paardrij- kleren enz. Pleegmoeder zei “die hoef ik niet. Bij ons gaat ze niet op paardrijden.” Ik zag Astrid’s gezicht betrekken bij deze boodschap.
(2) Waar wij bij waren. Ik vertelde dat Astrid niet kon zwemmen en wij haar niet op les hadden gedaan omdat ze niet lang bij ons zou blijven en ze dus nog wel op zwemles moest. “We zullen wel zien” zei pleegmoeder. Toen we vorig jaar zomer op dezelfde camping stonden mocht Astrid niet in het badje daar waar op stahoogte haar hoofd nog met gemak boven water kwam, terwijl alle kinderen die even groot of kleiner dan haar waren daar wel in mochten. Dat bad was 1.20 diep. Toen ik pleegvader vroeg waarom ze nog niet op zwemles zat, zei hij geïrriteerd: “ja Elly, júllie hebben pleegkinderen uit idealisme, maar wij zien ze als aanvulling op ons inkomen, daarom willen we ook een gezinshuis worden….
Ik vond het vooral raar omdat pleegouders al om 13.00 op de stoelen bij het bad lagen, waar pleegvader dan al bier stond te trakteren aan de familie “…..” waar ze ook tot 4 uur ‘s nachts mee zaten te drinken op het veld en wel eens tot stilte gemaand zijn.
(3) Waar wij bij waren. Op diezelfde camping gebeurde het dat pleegouders bij onze caravan aankwamen en Astrid even later op haar fiets aankwam met een vriendinnetje achterop “ja! Jij kan gelijk voor straf op het bankje daar gaan zitten”, snauwde pleegmoeder haar toe. Toen Astrid vroeg waarom, kreeg ze geen antwoord, wel de opdracht “zitten!”. Astrid ging helemaal verstijfd zitten en het vriendinnetje droop af. Na een uur mocht ze opstaan en weggaan. Toen ze vroeg waarom ze nou straf had, was het antwoord: “je weet best dat je geen kinderen achterop mag nemen!”. En toen Astrid zei “maar ik dacht dat het op de camping wel zou mogen”, was het antwoord: “dat heb je dan fout gedacht”.
Pleegouders vonden elke dag wel minstens 1 keer een reden om het kind voor straf ergens een uur te laten zitten. En kinderen die haar kwamen halen kregen te horen dat ze daar voor straf zat en niet mee mocht. En dan stonden ze daar naar Astrid te kijken…
(4) Waar wij bij waren. De laatste keer dat pleegouders bij ons meeaten, zaten we net vijf minuten aan tafel toen Floris (4jaar inmiddels) tegen pleegvader zei “ ik moet plassen…” Pleegvader: “dat had je dan voor het eten moeten doen!”. Floris met geklemde knietjes en afgeknepen stemmetje: “maar ik moet echt héél nodig”. Pleegmoeder: “je hoort toch wel wat pleegvader zegt, hád je het maar voor het eten moeten doen!”. De tranen biggelen over de wangen van het jochie, en helemaal in elkaar gedoken om het op te houden huilt hij: “Elly…ik hou het niet meer vol!”. En ik heb hem opgepakt, ben met hem naar de WC gegaan en heb tegen pleegouders gezegd dat ik dit niet vind kunnen. Waarop pleegvader woest zei dat ik zijn opvoeding zat te ondergraven.
(5) Waar wij bij waren. Pleegvader zaten ook eens vol trots te vertellen dat hij bezig was Astrid op straat expres te laten struikelen zodat ze op haar gezicht viel. En dat ze nog steeds niet door had hoe het kwam dat ze steeds viel. Bij de vraag waaróm hij zoiets deed, was het antwoord: “zo leert ze het af me voor de voeten te lopen”. Hoe wreed kan je zijn.
(6) Waar wij bij waren. Beide pleegouders zaten eens vol leedvermaak te vertellen hoe ze Astrid “te pakken hadden genomen”. Het verhaal was als volgt: toen Astrid eens stout was geweest hadden ze (volgens hun op advies van de pleegzorgbegeleidster) haar hele kamer leeggehaald op haar bed na. Ze moest een maand  lang laten zien dat ze goed kon luisteren en dan zou ze elke week 1 ding terug krijgen en mocht dan zelf kiezen welk ding. Toen Astrid eindelijk iets terug mocht kiezen vroeg ze om haar knuffel. Waarop ze te horen kreeg hoe ze zo egoïstisch kon zijn om haar knuffel te vragen. Dat ze haar wekker had moeten vragen omdat pleegouders haar nu een hele maand elke ochtend hadden moeten wakker maken. Ze kreeg wel haar wekker en niet haar knuffel. Pleegouders lachten erom. Hoe koud kan je zijn!
(7) Waar Elly bij was. Floris heeft een ontstoken teennagel en Astrid stond per ongeluk op zijn teen (ik zag het gebeuren). Pleegvader stond met zijn rug naar de kinderen om iets te drinken uit zijn auto te halen. Floris schreeuwt van pijn. Pleegvader draait zich om en snauwt:  “nou weer bedankt hoor Astrid, dat heb je weer fijn voor elkaar!”. Hij kijkt verder niet naar Floris om, die nog steeds staat te huilen van de pijn, maar geeft beide kinderen een pakje drinken uit de achterbak.
Hoe koud kan je zijn.
(8) Waar wij bij waren. Floris valt van behoorlijke hoogte van een klimrek, zijn knieën zijn  kapot en hij huilt hevig. Pleegouders staan op afstand te kletsen en verroeren geen vin. Als Frank naar Floris loopt, hem oppakt en wordt pleegvader woedend:” blijf van hem af!” brult hij tegen Frank. “Zolang hij niets gebroken heeft is er niets aan de hand.” Als Frank zegt: “maar hij mag toch wel even troost krijgen bijt pleegvader hem toe  “ ik bepaal zijn opvoeding en ik laat hem liggen!” Wij waren verbouwereerd van zoveel hardheid.
(9)Wat wij gezien hebben. Regelmatig zette pleegmoeder verhalen over haar aanvaringen met Astrid (ze noemde haar dan “Truus”, maar iedereen wist waar het over ging) op facebook.
Sinds ik daar wat van gezegd heb, zet ze alleen maar negatieve puffff, zwaar weer…..niet te genieten vandaag…etc op facebook. Maar nog steeds weet iedereen dan over wie het gaat.

(10) Wat wij en vrienden van ons gezien hebben.
Regelmatig verhaalt pleegmoeder op facebook over haar avondjes uit of drinken bij de “buuf”. En zet daar dan foto’s van zichzelf bij, waarop ze in duidelijk beschonken toestand is.
(11) Wat Elly gehoord heeft. Tot drie maal toe belt pleegvader naar Elly om te vragen of zij pleegmoeder kan kalmeren die hem op zijn werk belt omdat ze ruzie heeft met Astrid, in staat is haar wat aan te doen en het zat is. Elly zegt dat hij pleegmoeder zelf moet kalmeren en zeggen dat ze het kind niet moet uitschelden. Waarop pleegvader zegt “daar vraagt Astrid om”. Elly zegt dat hij dan beter jeugdzorg kan bellen, maar dat wil pleegvader niet ( de vuile was moet binnen blijven).

(12) Wat wij gezien hebben.
Als pleegouders de kinderen bij ons ophalen na een weekend vragen zei alleen aandacht voor zichzelf en zijn totaal niet geïnteresseerd in de kinderen.
(13) Wat wij gezien hebben.  Contactspelletjes zijn altijd agressief. Als Astrid haar armen om pleegvader slaat wordt ze altijd hardhandig gekieteld zodat ze het contact snel verbreekt. Pleegvader zegt dan steevast: “ja, dat vind je niet leuk hé?”
(14) Wat wij gehoord hebben van Astrid. Dat pleegvader vaak ’s avonds werkt en pleegmoeder vaak overdag en in de avond veel wijn zit te drinken. “En altijd als ze wijn gedronken heeft krijg ik ruzie met haar en gaat ze me uitschelden. Ze zegt dan dat ik een rotkind ben en dat als jeugdzorg wist wat een rotkind ik ben ze me dan in een tehuis zouden stoppen. En toen we een keer ergens heen gingen fietsen en ik niet meer kon, want het ging best hard toen gooide ze woest de fiets naar me toe”.
(15) Wat wij gehoord hebben. De voorlaatste keer dat de kinderen hier waren en achter in de tuin van buren aan het spelen waren kwam een van de buren (dochter van onze arts) vragen wat er met Floris gebeurt was. Op onze vraag ‘hoezo? antwoordde ze: “het is niet te geloven, hij is weer net zo agressief en onaanspreekbaar als toen hij net bij jullie geplaatst was”. We hebben gezegd dat we al heel lang onze zorgen over de kinderen naar Jeugdformaat ventileren.

Dit lijken ons wel genoeg voorbeelden om de ernst van de situatie duidelijk te maken.

 Wat wij gezien hebben bij het netwerkberaad. Bij het netwerkberaad beraad komen  pleegvader en pleegmoeder binnen en treden niet beschermend op voor de kinderen. Ze gaan op een hele andere plek zitten.  Astrid komt bij ons zitten.
Op het moment dat wij Astrid zagen verstijven en bang kijken, zagen wij dat haar blik die van pleegmoeder kruiste.
De aangedragen problematiek bij het netwerkberaad is echter het gedrag van Astrid, die op een bord mag lezen dat ze manipuleert en mensen er niet op in mogen gaan als ze anderen vertelt wat haar bij pleegouders overkomt. Het gaat niet over de problematiek van pleegouders. Sterker nog, er wordt alleen zeer heftig om aandacht gevraagd door pleegmoeder die heel hard ik,ik,ik schreeuwt terwijl ze met haar nagels haar gezicht zit open te krabben. Hoeveel aandacht wil en moet je hebben. Als je zo met jezelf bezig moet zijn, hoe kun je dan voor beschadigde kinderen zorgen? 
Volgens ons moet  deze situatie aangekaart worden bij Bureau Jeugdzorg omdat de situatie voor de kinderen niet stimuleren , onveilig en bedreigend is, zien wij dit als kindermishandeling.
Wij zijn van mening

Dat de pleegouders te weinig liefde in huis hebben om pleegkinderen op te voeden.
Dat deze pleegouders niet reageren op gedrag en behoeften van kinderen, maar vanuit eigen belang.
Dat pleegouders steeds weer een smoes hebben waarom Astrid nu nog steeds niet op zwemles zit.
Dat er niet op een kind eigen niveau met de kinderen wordt omgegaan.
Dat de eigen problematiek voorop staat en de kinderen zich daaraan moeten aanpassen.
Dat de behoeften van de kinderen niet wordt gezien of gehonoreerd.
Dat de opvoeding allesbehalve zorgzaam, warm, invoelend en veilig is.
Dat áls er al een hechting tot stand komt dit een onveilige hechting zal zijn.
Dat de kinderen in feite geen ontwikkelingsruimte krijgen.

Wij zijn van mening dat dergelijke pleegouders geen pleegouders mogen zijn.

Naar aanleiding van bovengenoemde klacht werden wij uitgenodigd bij Jeugdformaat om te horen wat ze met de klacht zouden doen.
We kregen te horen dat de klachten herkend werden, en er daarom verder werd gegaan met de begeleiding van de pleegouders. En de kinderen? Die moeten daar blijven en het zal pas beter met ze gaan als pleegouders geleerd hebben liefdevol met ze omgegaan.
Intussen groeit de rugzak die ze door hun traumatische jeugd al hebben, gestaag door.
We kregen nog wel een vermanend vingertje “dat wij wel onze verantwoordelijkheid moesten kennen en dit niet aan de grote klok mochten hangen”.
Wat we overigens wel gaan doen.




pleegouder worden?

Posted on 28/3/2013 at 18:07 - 0 Comments - Post Comment - Link

Twee jaar lang, volgden we de bejegening die twee van de kinderen die wij in crisisopvang hebben gehad in hun definitieve pleeggezin kregen. Omwille van de privacy hebben we hieronder de namen van pleegouders niet genoemd en die van de kinderen gefingeerd. Na heel veel mondelinge klachten aan de pleegzorgbegeleider en anderhalf jaar speciale begeleiding van het gezin schreven wij onderstaande klachten aan de teamleider:

 

Toen de driejarige Floris en zijn zusje Astrid bij ons in crisisopvang kwamen was Astrid een 8-jarig meisje dat geen enkele volwassene vertrouwde; een hechtingstoornis van het ontwijkende type. En het jongetje had duidelijk een reactieve hechtingstoornis van het ontremde type. Hij was 3 jaar, nog aan de fles en niet zindelijk.
Zowel onze buren, vrienden als volwassen kinderen hebben met plezier gekeken naar de ontwikkelingen die ze hier doormaakten.

Astrid ging ons langzaam maar zeker vertrouwen. De “ergste” streken die ze uithaalden was los geld dat in huis lag ongemerkt in haar zak steken en op school een nieuw schriftje “wegpakken’ zonder dat te vragen of met sierraden aankomen waarvan niet duidelijk was hoe het vriendinnetje, waarvan ze dit kreeg, daar aan kwam.
Dat gedrag verminderde langzaam maar zeker omdat ik steeds na schooltijd samen met de juf er met haar over ging praten en als ze had toegegeven, uitlegden waarom dit gedrag niet kon en hoe het anders kon. Zo kon ze zonder gestraft te worden leren eerlijk te zijn, omdat we pas opstonden als de juf en ik het gevoel hadden dat ze eerlijk was en dat ook gecheckt hadden.
Ik vind de analyse die Jeugdzorg nu van Astrid, in het huidige pleeggezin, maakt dan ook pertinent onjuist. Volgens mijn man en mij (die de kinderen in dat gezin ruim twee jaar konden volgen) komt haar gedrag juist voort uit het feit dat zij eerlijk verteld hoe onheus en wreed zij bejegend wordt door haar huidige pleegouders. Pleegouders noemen het echter leugens, het meisje wordt gestigmatiseerd: zij zou liegen en daarmee manipuleren..

Floris veranderde in onze crisisopvang van een onaanraakbare, onaanspreekbare, drukke en agressieve peuter naar een handzame, leeftijdsadequate kleuter met een woordenschat die bij zijn leeftijd paste en die het heerlijk vond om op schoot te zitten om voorgelezen te worden of zomaar tegen je aan te liggen om over zijn bolletje geaaid te worden of samen een liedje te zingen.
Toen zich de huidige, perspectiefbiedende pleegouders voor deze kinderen aandienden hebben we ze dan ook vol vertrouwen uit handen gegeven en afgesproken dat we na een half jaar eens contact zouden opnemen om te vragen hoe het gaat met de kinderen.

Echter, na drie maanden belde pleegmoeder dat ze graag met de kinderen langs wilde komen en hebben we een afspraak bij ons thuis gemaakt. Tijdens een gesprek dat we toen hadden vertelde pleegmoeder dat het niet ging tussen het Astrid en haar, dat ze een hekel aan het kind had en het liefst zou willen dat ze haar aan ons kon terug geven omdat ze tijdens de overdrachtperiode wel gezien had dat wij wel liefdevol met het meisje om konden gaan.
Toen ik haar adviseerde om de problemen met jeugdzorg te gaan bespreken zei ze dat ze dat niet durfde omdat ze wel wilde dat Astrid uit haar leven verdween, maar bang was dat ze dan ook Floris bij haar weg zouden halen.
Vanaf dat moment heb ik gezorgd in contact met ze te blijven, te steunen waar ik kon en ben ik signalen van wat ik waarnam naar Jeugdformaat gaan uitzenden.
Helaas zonder resultaat: de pleegzorgbegeleidster wilde het niet horen en zei letterlijk dat ze niet meer wilde dat ik die zaken bij haar meldde. Vanaf dat moment heb ik onze eigen pleegzorgbegeleidster gevraagd de signalen door te geven. Ik geloof niet dat zij wel serieus genomen werd. In de loop van de tijd vertelden pleegouders meer over zichzelf wat zorgelijk was. Zo vertelde pleegvader, toen ik eens zei dat ik hem wel hard vond, dat hij zelf in een liefdeloos gezin is opgegroeid en hard zijn “normaal” voor hem was en hij er niet slechter van was geworden. Dat warmte en knuffelen voor hem ook abnormaal voelde en hij dat ook niet kon en er ter plekke van verstijfde.
Pleegmoeder vertelde, toen ik eens met haar alleen was, dat zij zich besefte veel problemen te hebben: ze had een eetprobleem, dronk teveel, weet dat alles aan haar slechte, liefdeloze jeugd en zou bij haar man weg gaan als ze wist waar ze dan van moest leven. Hij was hard en liefdeloos voor haar, vertelde ze. Ook dat hebben wij doorgegeven aan jeugdformaat.

Met lede ogen en pijn in ons hart moesten wij aanzien hoe wreed de kinderen behandeld werden en bleven we ongewenste signalen uitzenden naar Jeugdformaat. Het heeft heel lang geduurd voor er hulp kwam. Die kon alleen maar komen als ik te overstaan van pleegmoeder mijn zorgen uitte, wat uiteraard de vertrouwensbreuk tussen pleegmoeder en mij veroorzaakte.
Vervolgens heb ik zelf, bij de laatste keer dat pleegouders hier een hapje mee-aten, kritiek gegeven op wrede de manier waarop ze Floris aan tafel  behandelden, het was zó gemeen!
Sindsdien ontwijken ze ons en verzinnen ze steeds weer iets waardoor we de kinderen niet mogen zien.

(1) Waar wij bij waren. Astrid zat bij ons op paardrijles. Bij de overdracht van de kinderen, overhandigde ik haar paardrij- kleren enz. Pleegmoeder zei “die hoef ik niet. Bij ons gaat ze niet op paardrijden.” Ik zag Astrid’s gezicht betrekken bij deze boodschap.
(2) Waar wij bij waren. Ik vertelde dat Astrid niet kon zwemmen en wij haar niet op les hadden gedaan omdat ze niet lang bij ons zou blijven en ze dus nog wel op zwemles moest. “We zullen wel zien” zei pleegmoeder. Toen we vorig jaar zomer op dezelfde camping stonden mocht Astrid niet in het badje daar waar op stahoogte haar hoofd nog met gemak boven water kwam, terwijl alle kinderen die even groot of kleiner dan haar waren daar wel in mochten. Dat bad was 1.20 diep. Toen ik pleegvader vroeg waarom ze nog niet op zwemles zat, zei hij geïrriteerd: “ja Elly, júllie hebben pleegkinderen uit idealisme, maar wij zien ze als aanvulling op ons inkomen, daarom willen we ook een gezinshuis worden….
Ik vond het vooral raar omdat pleegouders al om 13.00 op de stoelen bij het bad lagen, waar pleegvader dan al bier stond te trakteren aan de familie “…..” waar ze ook tot 4 uur ‘s nachts mee zaten te drinken op het veld en wel eens tot stilte gemaand zijn.
(3) Waar wij bij waren. Op diezelfde camping gebeurde het dat pleegouders bij onze caravan aankwamen en Astrid even later op haar fiets aankwam met een vriendinnetje achterop “ja! Jij kan gelijk voor straf op het bankje daar gaan zitten”, snauwde pleegmoeder haar toe. Toen Astrid vroeg waarom, kreeg ze geen antwoord, wel de opdracht “zitten!”. Astrid ging helemaal verstijfd zitten en het vriendinnetje droop af. Na een uur mocht ze opstaan en weggaan. Toen ze vroeg waarom ze nou straf had, was het antwoord: “je weet best dat je geen kinderen achterop mag nemen!”. En toen Astrid zei “maar ik dacht dat het op de camping wel zou mogen”, was het antwoord: “dat heb je dan fout gedacht”.
Pleegouders vonden elke dag wel minstens 1 keer een reden om het kind voor straf ergens een uur te laten zitten. En kinderen die haar kwamen halen kregen te horen dat ze daar voor straf zat en niet mee mocht. En dan stonden ze daar naar Astrid te kijken…
(4) Waar wij bij waren. De laatste keer dat pleegouders bij ons meeaten, zaten we net vijf minuten aan tafel toen Floris (4jaar) tegen pleegvader zei “ ik moet plassen…” Pleegvader: “dat had je dan voor het eten moeten doen!”. Floris met geklemde knietjes en afgeknepen stemmetje: “maar ik moet echt héél nodig”. Pleegmoeder: “je hoort toch wel wat pleegvader zegt, hád je het maar voor het eten moeten doen!”. De tranen biggelen over de wangen van het jochie, en helemaal in elkaar gedoken om het op te houden huilt hij: “Elly…ik hou het niet meer vol!”. En ik heb hem opgepakt, ben met hem naar de WC gegaan en heb tegen pleegouders gezegd dat ik dit niet vind kunnen. Waarop pleegvader woest zei dat ik zijn opvoeding zat te ondergraven.
(5) Waar wij bij waren. Pleegvader zaten ook eens vol trots te vertellen dat hij bezig was Astrid op straat expres te laten struikelen zodat ze op haar gezicht viel. En dat ze nog steeds niet door had hoe het kwam dat ze steeds viel. Bij de vraag waaróm hij zoiets deed, was het antwoord: “zo leert ze het af me voor de voeten te lopen”. Hoe wreed kan je zijn.
(6) Waar wij bij waren. Beide pleegouders zaten eens vol leedvermaak te vertellen hoe ze Astrid “te pakken hadden genomen”. Het verhaal was als volgt: toen Astrid eens stout was geweest hadden ze (volgens hun op advies van de pleegzorgbegeleidster) haar hele kamer leeggehaald op haar bed na. Ze moest een maand  lang laten zien dat ze goed kon luisteren en dan zou ze elke week 1 ding terug krijgen en mocht dan zelf kiezen welk ding. Toen Astrid eindelijk iets terug mocht kiezen vroeg ze om haar knuffel. Waarop ze te horen kreeg hoe ze zo egoïstisch kon zijn om haar knuffel te vragen. Dat ze haar wekker had moeten vragen omdat pleegouders haar nu een hele maand elke ochtend hadden moeten wakker maken. Ze kreeg wel haar wekker en niet haar knuffel. Pleegouders lachten erom. Hoe koud kan je zijn!
(7) Waar Elly bij was. Floris heeft een ontstoken teennagel en Astrid stond per ongeluk op zijn teen (ik zag het gebeuren). Pleegvader stond met zijn rug naar de kinderen om iets te drinken uit zijn auto te halen. Floris schreeuwt van pijn. Pleegvader draait zich om en snauwt:  “nou weer bedankt hoor Astrid, dat heb je weer fijn voor elkaar!”. Hij kijkt verder niet naar Floris om, die nog steeds staat te huilen van de pijn, maar geeft beide kinderen een pakje drinken uit de achterbak.
Hoe koud kan je zijn.
(8) Waar wij bij waren. Floris valt van behoorlijke hoogte van een klimrek, zijn knieën zijn  kapot en hij huilt hevig. Pleegouders staan op afstand te kletsen en verroeren geen vin. Als Frank naar Floris loopt, hem oppakt en wordt pleegvader woedend:” blijf van hem af!” brult hij tegen Frank. “Zolang hij niets gebroken heeft is er niets aan de hand.” Als Frank zegt: “maar hij mag toch wel even troost krijgen" bijt pleegvader hem toe  “ ik bepaal zijn opvoeding en ik laat hem liggen!” Wij waren verbouwereerd van zoveel hardheid.
(9)Wat wij gezien hebben. Regelmatig zette pleegmoeder verhalen over haar aanvaringen met Astrid (ze noemde haar dan “Truus”, maar iedereen wist waar het over ging) op facebook.
Sinds ik daar wat van gezegd heb, zet ze alleen maar negatieve puffff, zwaar weer…..niet te genieten vandaag…etc op facebook. Maar nog steeds weet iedereen dan over wie het gaat.

(10) Wat wij en vrienden van ons gezien hebben.
Regelmatig verhaalt pleegmoeder op facebook over haar avondjes uit of drinken bij de “buuf”. En zet daar dan foto’s van zichzelf bij, waarop ze in duidelijk beschonken toestand is.
(11) Wat Elly gehoord heeft. Tot drie maal toe belt pleegvader naar Elly om te vragen of zij pleegmoeder kan kalmeren die hem op zijn werk belt omdat ze ruzie heeft met Astrid, in staat is haar wat aan te doen en het zat is. Elly zegt dat hij pleegmoeder zelf moet kalmeren en zeggen dat ze het kind niet moet uitschelden. Waarop pleegvader zegt “daar vraagt Astrid om”. Elly zegt dat hij dan beter jeugdzorg kan bellen, maar dat wil pleegvader niet ( de vuile was moet binnen blijven).

(12) Wat wij gezien hebben.
Als pleegouders de kinderen bij ons ophalen na een weekend vragen zei alleen aandacht voor zichzelf en zijn totaal niet geïnteresseerd in de kinderen.
(13) Wat wij gezien hebben.  Contactspelletjes zijn altijd agressief. Als Astrid haar armen om pleegvader slaat wordt ze altijd hardhandig gekieteld zodat ze het contact snel verbreekt. Pleegvader zegt dan steevast: “ja, dat vind je niet leuk hé?”
(14) Wat wij gehoord hebben van Astrid. Dat pleegvader vaak ’s avonds werkt en pleegmoeder vaak overdag en in de avond veel wijn zit te drinken. “En altijd als ze wijn gedronken heeft krijg ik ruzie met haar en gaat ze me uitschelden. Ze zegt dan dat ik een rotkind ben en dat als jeugdzorg wist wat een rotkind ik ben ze me dan in een tehuis zouden stoppen. En toen we een keer ergens heen gingen fietsen en ik niet meer kon, want het ging best hard toen gooide ze woest de fiets naar me toe”.
(15) Wat wij gehoord hebben. De voorlaatste keer dat de kinderen hier waren en achter in de tuin van buren aan het spelen waren kwam een van de buren (dochter van onze arts) vragen wat er met Floris gebeurt was. Op onze vraag ‘hoezo? antwoordde ze: “het is niet te geloven, hij is weer net zo agressief en onaanspreekbaar als toen hij net bij jullie geplaatst was”. We hebben gezegd dat we al heel lang onze zorgen over de kinderen naar Jeugdformaat ventileren.

Dit lijken ons wel genoeg voorbeelden om de ernst van de situatie duidelijk te maken.

 Wat wij gezien hebben bij het netwerkberaad. Bij het netwerkberaad beraad komen  pleegvader en pleegmoeder binnen en treden niet beschermend op voor de kinderen. Ze gaan op een hele andere plek zitten.  Astrid komt bij ons zitten.
Op het moment dat wij Astrid zagen verstijven en bang kijken, zagen wij dat haar blik die van pleegmoeder kruiste.
De aangedragen problematiek bij het netwerkberaad is echter het gedrag van Astrid, die op een bord mag lezen dat ze manipuleert en mensen er niet op in mogen gaan als ze anderen vertelt wat haar bij pleegouders overkomt. Het gaat niet over de problematiek van pleegouders. Sterker nog, er wordt alleen zeer heftig om aandacht gevraagd door pleegmoeder die heel hard ik,ik,ik schreeuwt terwijl ze met haar nagels haar gezicht zit open te krabben. Hoeveel aandacht wil en moet je hebben. Als je zo met jezelf bezig moet zijn, hoe kun je dan voor beschadigde kinderen zorgen? 
Volgens ons moet  deze situatie aangekaart worden bij Bureau Jeugdzorg omdat de situatie voor de kinderen niet stimuleren , onveilig en bedreigend is, zien wij dit als kindermishandeling.
Wij zijn van mening

Dat de pleegouders te weinig liefde in huis hebben om pleegkinderen op te voeden.
Dat deze pleegouders niet reageren op gedrag en behoeften van kinderen, maar vanuit eigen belang.
Dat pleegouders steeds weer een smoes hebben waarom Astrid nu nog steeds niet op zwemles zit.
Dat er niet op een kind eigen niveau met de kinderen wordt omgegaan.
Dat de eigen problematiek voorop staat en de kinderen zich daaraan moeten aanpassen.
Dat de behoeften van de kinderen niet wordt gezien of gehonoreerd.
Dat de opvoeding allesbehalve zorgzaam, warm, invoelend en veilig is.
Dat áls er al een hechting tot stand komt dit een onveilige hechting zal zijn.
Dat de kinderen in feite geen ontwikkelingsruimte krijgen.

Wij zijn van mening dat dergelijke pleegouders geen pleegouders mogen zijn.

Naar aanleiding van bovengenoemde klacht werden wij uitgenodigd bij Jeugdformaat om te horen wat ze met de klacht zouden doen.
We kregen te horen dat de klachten herkend werden, en er daarom verder werd gegaan met de begeleiding van de pleegouders. En de kinderen? Die moeten daar blijven en het zal pas beter met ze gaan als pleegouders geleerd hebben liefdevol met ze omgegaan.
Intussen groeit de rugzak die ze door hun traumatische jeugd al hebben, gestaag door.
We kregen nog wel een vermanend vingertje “dat wij wel onze verantwoordelijkheid moesten kennen en dit niet aan de grote klok mochten hangen”.
Wat we overigens wel gaan doen.

Frank Hamers
Elly Hamers-Winkel


Hosting door HQ ICT Systeembeheer