Weblog maken?


MaakEenWebsite.nl (tip)
Totaal slechts 10 euro per maand incl. domeinnaam en gratis overzetten van uw bestaande weblog bij Bloggers.nl 100 MB ruimte
emailadres
Lees meer..... en bestel
Gratis geld verdienen met e-mails lezen? Meld je aan bij
Zinngeld, Surfrace, Qassa en Euroclix !

Op zoek naar God?

Docent taalbeleid (ENNE-DTD)

logboek

21:12, 25/1/2012 .. 0 comments .. Link

Gisteren heb ik een vragenlijst ontwikkeld voor de leerlingen. Hierin staan vragen vermeld, die betrekking hebben op de huidige problematiek. Omdat ik de resultaten niet allemaal op internet mag publiceren, vervolg ik mijn onderzoek d.m.v. een logboek.

Vandaag heb ik alle vragenlijsten ontvangen van de eerstejaars klassen en heb ik de resultaten bekeken en uitgewerkt in een overzicht. Morgen ga ik naar de laatste bijeenkomst van de werkgroep taalbeleid. Daar zal het concept voor het nieuwe taalbeleid t/m 2015 worden uitgewerkt. De notulen hiervan zal ik toevoegen aan mijn onderzoek.

Morgen ben ik van plan om de laatste hand te leggen aan mijn portfolio, door te werken aan mijn bevindingen, aanbevelingingen, suggesties en de verantwoording van mijn onderzoek.



Verloop taalbeleid en huidige problematiek

11:18, 12/1/2012 .. 0 comments .. Link

Vandaag heb ik een gesprek gevoerd over het verleden, heden en de toekomstige plannen omtrent het taalbeleid op het Esdal college.

N.a.v. het gesprek heb ik de huidige problematiek geformuleerd en zijn er al enkele suggesties en aanbevelingen uit voortgekomen.



Definitie taalbeleid

09:45, 12/1/2012 .. 0 comments .. Link

Definitie van ‘taalbeleid’

 

Een duidelijke definitie van wat taalbeleid in het VO inhoudt, is volgens mij het volgende:

 

Het verbeteren van de organisatie en het taalonderwijs op scholen, afgestemd op een diverse leerlingenpopulatie en opleidingenaanbod. Met extra aandacht voor taal in alle vakken en taalgericht vakonderwijs.



Samenvatting taalgericht vakonderwijs

09:22, 12/1/2012 .. 0 comments .. Link
Samenvatting Taalgericht vakonderwijs:

Hoofdstuk 1:

Het uitgangspunt van taalgericht vakonderwijs is dat leerlingen bij alle vakken de taal van het vak onder de knie moeten krijgen. Taal, leren en denken zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Op deze manier leert een leerling kennis te verwerven, verwerken en krijgt de leerling de kans om te laten zien wat hij of zij ermee kan.

Vier vormen van inhoudgericht taalonderwijs:

-Inhoudgericht taalonderwijs; veel aandacht voor taalkennis en taalvaardigheden

-Geschakeld vakonderwijs; Aandacht voor specifieke vaktaal

-Taalbewust vakonderwijs; Oog voor mogelijke taalproblemen

-Taalgericht vakonderwijs; Vak- en schooltaalontwikkelingen

( Bij de inhoudgerichte benadering gaat het om 3 aspecten: inhoud, taal en hoe ze worden geplaatst in het kader van het uitvoeren van bepaalde taken.)

Andere vernieuwingen in het onderwijs:

-Actief leren; activerende didactiek die leerlingen inspirerende voorbeelden en aanwijzingen biedt.

-Zelfstandig leren; als fase tussen het zelfstandig leren en zelfverantwoordelijk leren

-Samenwerkend/ coöperatief leren

-Leerwerktrajecten/ krachtige leeromgeving en competentiegericht leren.

-Het nieuwe leren/ natuurlijk leren

-Onderwijsachterstanden, onderwijskansenbeleid

 

Hoofdstuk 2:

 

Je zult als een docent met te hoge verwachtingen van je leerlingen op het gebied van taalvaardigheden je vakdoelen niet behalen. Daarom is het belangrijk dat taalonderwijs en vakonderwijs samenwerken om steun te bieden aan de minder taalvaardige leerling en om deze te helpen het vak en de taal van het vak beter te hanteren.

 

-Alle leerlingen zijn in de vaklessen taalverwervers.

-Er bestaat geen gemiddelde leerling meer en er zal dus altijd gedifferentieerd moeten worden.

 

Verschillen tussen leerlingen:

 

-Achtergrond

-Welbevinden, motivatie, zelfstandigheid

-Leerstrategieën

-Leerstijl

-Taalvaardigheid

 

Het is niet de bedoeling dat de docenten iedere les rekening houden met alle verschillen, met het risico dat hij zich te veel aanpast en op een te laag lesniveau zich bevindt, maar dat hij streeft naar een hoger niveau.

 

Voorbeeld taalgericht vakonderwijs:

 

Leerlingen noteren de moeilijkste vaktermen en bedenken hierbij een korte, duidelijke omschrijving/ definitie van het woord. De duidelijkste en eenvoudigste omschrijving wordt gebruikt om een woordenlijst samen te stellen voor de klassen om op die manier sneller de vaktermen eigen te kunnen maken. Op deze manier wordt er gekeken naar vakinhouden en de daarmee verbonden taalvaardigheden. Ook zet deze oefening de leerlingen aan het werk en bevordert het begrip van nieuwe concepten en zet aan tot taalproductie, praten en schrijven over de lesstof.

 

Taalgericht vakonderwijs is contextrijk vakonderwijs, taalsteun en vol interactie.

 

Activerende didactiek:

 

-Open vragen stellen die denken stimuleren

-Veel visuele en tactiele ondersteuning

-Een ruim aanbod van verschillende teksten

-In de opdrachten een opbouw van begrijpen

-Met verschillende werkvormen veel interactie uitlokken

-Leerlingen aangeven waar hun taalprobleem zit en mee laten denken wat ze daar zelf aan kunnen doen

-Evaluatie als vast onderdeel van de lesopzet

 

Interactie is de sleutel om tot nieuwe concepten te komen.

 

Voorbeeld:

 

Een leerling kan een formulering uit het boek letterlijk overnemen voor het beantwoorden van een vraag, maar als een leerling het antwoord in eigen woorden probeert te formuleren is dit leerzamer. Want op dat moment komt de kennis die een leerling van een begrip heeft meer naar voren en als het iets letterlijk overneemt niet en kan de docent hem op dat moment aanvullen, corrigeren of slechts feedback geven hierop.

Taalproductie kan via praten, maar ook schrijven

Inzichten in leerprocessen

 

-Heel veel leerprocessen vinden plaats d.m.v interactie.

-Het tot stand komen van kennis d.m.v interactie noemt men het sociaal constructivisme.

-Het actief bedenken en verwoorden is belangrijk voor leerlingen om nieuwe kennis te verwerven. Als leerlingen dit samen trachten te verwoorden is er sprake van betekenisonderhandeling. Daarom is het belangrijk om nieuwe leerstof actief te laten aansluiten bij voorkennis en ook rekening te houden met eventuele verschillen tussen leerlingen en de mate waarin die beschikken over die benodigde voorkennis van bepaalde zaken.

 

Context vergroten:

 

-Levensecht te leren door ervaringen op te doen

-Formuleringen in schoolse taal vergelijken met alledaagse taal

-Het gebruik van voorwerpen en plaatjes

-Veel verschillende alledaagse voorbeelden te geven

-De voorkennis van leerlingen te activeren en eigen vragen te laten formuleren

-De inhoud persoonlijk te maken

-Spelachtige activiteiten te organiseren

-Het gebruik maken van verhalen

-Het werken met sleutelschema’s

 

Pygmalion effect; hogere verwachtingen, hoger rendement

Een bepaalde beeldvorming van docenten van leerlingen werken door in het onderwijs.

 

Meervoudige intelligentie aanspreken:

 

Er zijn meerdere processen in de hersenen tegelijkertijd actief bij het verwerven en verwerken van leerstof.  Het is belangrijk dat men weet dat alle mensen wel beschikken over de hieronder genoemde intelligenties, maar dat ze niet bij iedereen in dezelfde mate  zijn ontwikkeld. De aandacht ligt in het onderwijs vooral op de logische/mathematische intelligentie en de linguïstische intelligentie. De leerlingen die moeite hebben met de Nederlandse taal kunnen echter veel meer leren als er gedifferentieerd wordt en er een gevarieerd taalaanbod is. Door te variëren heeft een leerling ook meer aanknopingspunten om de nieuwe lesstof op te slaan.

 

Er zijn acht intelligenties te onderscheiden bij mensen nml de:

 

1.       Logische/mathematische intelligentie

2.       Linguïstische intelligentie

3.       Muzikale/ritmische intelligentie

4.       Visueel/ruimtelijke intelligentie

5.       Lichamelijke/kinesthetische intelligentie

6.       Interpersoonlijke intelligentie

7.       Intrapersoonlijke intelligentie

8.       Natuurgerichte intelligentie

 

Als het lastig wordt helpen strategieën:

 

De eerste stap bij het leren ontwikkelen van leerstrategieën is het bewust worden van het gebruik ervan.  De tweede stap is om te kijken welke er allemaal zijn. De derde en laatste stap is om te kijken welke strategieën er bij jou passen.

 

Aandacht voor passende strategieën:

 

Preferente leerstijl;comfort zone ; de manier waarop een mens het prettigst en gemakkelijkst leert.

 

Leerstijldimensies:

1.       Visueel, auditorisch, tactiel en kinesthetisch

2.       Analytisch – globaal

3.       Extravert, introvert, impulsief-reflectief

4.       Intuïtief – concreet, random-open – sequentieel- gesloten

 

Leerstijlconflicten; Een leerling kan een vak wel leren, maar er is een mismatch tussen de manier waarop het vak gegeven wordt en de preferente leerstijl van de leerling, waardoor deze moeite heeft met het verwerken van de lesstof.

 

(Taal)Leerstrategieën:

 

·         Dragen bij aan de vaktaalvaardigheid

·         Het zijn specifieke handelingen van de leerling

·         Ze maken de leerling zelfstandiger

·         Ze verruimen de rol van de docent

·         Het zijn probleemgeoriënteerde strategieën

·         Ze omvatten vele aspecten van de leerling

·         Ze ondersteunen het leren zowel direct als indirect

·         Ze zijn niet altijd waarneembaar

·         Ze zijn vaak bewust

·         Ze kunnen onderwezen worden

·         Ze zijn flexibel

·         Ze worden door een veelheid aan factoren beïnvloed

 

(een leerstrategie is dus geen leerstijl, maar een hulpmiddel.)

 

Leren in interactie:

 

-          Betekenisvolle interactie

-          Taalgebruik uitlokken

-          Voorbeelden van uitdagende opdrachten

-          Samenwerkend leren

-          Manier van leren

-          Van elkaar leren

 

Leren met taalsteun:

 

-          Laten zien van aanpakken

-          Voordoen

-          Voorbeelden geven

-          Gegeven taalaspecten bij teksten en opdrachten. (woorden, delen van zinnen etc.)

-          Monitoren en feedback geven

 

Leren in context

 

-          Gebruiken maken van alledaagse en vakspecifieke voorkennis

-          Via verschillende kanalen d.m.v variatie van tekstsoorten en media

-          KWL- schema zorgt voor een gerichte context.

 

Beoordeling taalgerichtheid:

 

Observatielijst op pagina 58 t/m 60.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Hoofdstuk 3   Start

 

Centrale aandachtspunten in de startfase van een nieuwe lessenserie:

 

-          Plaats het nieuwe thema of opdrachten in een herkenbare context. (context)

-          Organiseer interactie rond het onderwerp(interactie)

-          Roep de aanwezige voorkennis en taal op over de kernbegrippen en breid deze uit.(Taalsteun)

 

Een stevige basis voor nieuwe kennis:

 

Hoe steviger het fundament dat bij de start gelegd is, hoe beter de leerlingen toegang hebben tot de nieuwe leerstof. In de startfase moet je inzicht krijgen in:

 

Ø  de voorkennis van leerlingen

Ø  hun belangstelling prikkelen en uitdagen

Ø  hun eigen vragen rond het thema naar boven halen

Ø  hun het vertrouwen geven dat ze mee kunnen doen, ook al lijkt het thema lastig.

 

Interesse wekken en de aanwezige woordenschat oproepen, lijdt tot een beter beklijven van de stof.

Interactie uitlokken lijdt tot een uitwisseling van ideeën.

Naast feedback geven, bied je ook taalsteun tijdens de lessen door de leerlingen in de goede richting te sturen of aandacht te besteden aan passende taalleerstrategieën.

 

Didactische suggesties:

 

Taalsteun geven

 

Ø  Bepaal en werk met kernbegrippen

Ø  Maak sleutelschema’s

Ø  Geef een studiewijzer

Ø  Geef ondersteunende feedback

Ø  Geef aandacht aan passende taalleerstrategieën

 

Context aanbrengen

 

Ø  Maak het onderwerp zichtbaar en tastbaar

Ø  Inventariseer wat de leerlingen al weten

Ø  Geef opfris- en denkvragen

Ø  Kader een lessenreeks in

Ø  Gebruik schema’s

 

Interactie uitlokken

 

Ø  Werken in verschillende klassikale opstellingen

Ø  Alle leerlingen doen mee

Ø  Samenwerkend leren

 

 

 

 

 

Het onderwijsleergesprek:

 

Het inmiddels stokoude vraag en antwoordspel heeft verschillende valkuilen, waardoor een docent denkt dat hij het niveau van een klas heeft bepaald. Met de volgende aanwijzingen kun je die vermijden.

 

1.       Bedenk van tevoren kernvragen die bij de stof en het niveau van de leerlingen passen

2.       Stel korte en heldere vragen die de leerlingen steunen zich te richten op een kleine range aan antwoorden.

3.       Stel denkvragen van divers niveau.

4.       Stel eerst de vraag en dan degene van wie het antwoord wordt verwacht.

5.       Geef zowel de leerlingen die hun vinger opsteken, als zij die dat niet doen een beurt.

6.       Let per keer in het bijzonder op een paar leerlingen.

7.       Waardeer goede antwoorden en ga na waarom minder goede antwoorden gegeven worden.

8.       Geef de leerlingen enige tijd om een antwoord te formuleren.

 

Om het onderwijsgesprek meer op een gewoon gesprek te laten lijken zijn er de volgende tips:

 

Ø  Bedenk van tevoren welke discussievragen goed aansluiten bij de les.

Ø  Betrek de leerlingen bij de vraagstelling.

Ø  Gebruik het debat of de discussievorming om ervoor te zorgen dat zoveel mogelijk, vooral ook zwakkere leerlingen kunnen meedoen.

Ø  Verdeel de rollen in de discussie

Ø  Let erop dat het voor sommige leerlingen bedreigend kan zijn in het openbaar te laten zien wat ze kunnen.

Ø  Zorg ervoor dat ook leerlingen met een meer introverte leerstijl laten zien wat ze kunnen.

 

Voor de observatie en zelfbeoordeling van de start kun je kijken op het beoordelingsformulier.

 

Hoofdstuk 4      Verwerking en verdieping

 

Leerstof verwerken

 

Ø  Context; leerlingen moeten verbindingen kunnen leggen tussen de leerstof en de buitenwereld, evenals verbindingen tussen verschillende vakgebieden.

Ø  Interactie; Leerlingen worden aangezet tot gerichte interactie over de leerstof, zowel in duo’s, in groepjes als klassikaal.

Ø  Taalsteun; Leerlingen moeten voldoende taalsteun krijgen. De opdrachten mogen inhoudelijk complex zijn, maar moeten talig toegankelijk zijn.

 

Didactische suggesties:

 

Context aanbrengen

 

Ø  Verzamel aanvullende informatie

Ø  Geef de leerlingen inbreng in de keuze van de deelthema’s

Ø  Laat deelactiviteiten samenkomen in gezamenlijke uitwisseling en presentaties

 

Interactie uitlokken

 

Ø  Samenwerkend leren in groepen

Ø  De inzet van taalspellen in groepjes

Ø  Klassikale besprekingen

Ø  Hulpgesprekken met individuele leerlingen

 

Taalsteun organiseren

 

Ø  Pas de teksten zo nodig aan

Ø  Laat de teksten verwerken

Ø  Gebruik visuele weergaven en sleutelschema’s

Ø  Stel passende leerstrategieën aan de orde

Ø  Geef schrijfopdrachten met onder meer schrijfkaders (Schrijfkaders; woorden of zinsdelen om de leerlingen op weg te helpen met de schrijfopdracht.)

 

Zie het observatieformulier voor de zelfbeoordeling van de verwerking en verdieping

 

Hoofdstuk 5   De afronding

 

Dit hoofdstuk geeft het antwoord op de volgende vragen:

 

1.       Hoe kan de docent inhoudelijke, taalgerichte feedback geven?

2.       Hoe kan dit zonder dat daarvoor extra veel tijd nodig is?

3.       Welke beoordelingsvormen zijn geschikt voor taalgerichte vaklessen?

4.       Hoe kunnen leerlingen taalgericht voorbereid worden op de (eind)toets?

 

Toetsen en beoordelen in taalgerichte lessen:

 

Het belang van taalgericht toetsen en beoordelen is ook om te kijken of de leerling aan de exameneisen voldoet. Maar de belangrijkste reden is om waardering te geven voor de houding van de leerling en wat hij of zij doet, zegt of schrijft. Terugkijken op het leerproces en het resultaat zorgt ervoor dat de leerling zijn sterke en zwakke punten leert kennen en in staat is om deze ook te verwoorden om vervolgens een plan van aanpak te bedenken en zijn resultaten te verbeteren. Reflecteren is in het huidige onderwijssysteem dus onmisbaar.

 

Het is belangrijk om te onthouden dat elke leerling een calculerende leerling is. Ze schatten hun eigen positie in afhankelijk van de reacties uit hun omgeving en t.o.v hun klasgenoten en hun behaalde resultaten.

Een cijfer is te vaag voor leerlingen om te reflecteren op wat ze goed en fout hebben gedaan.

De leerlingen leren te leren door reflectie.

 

Effectieve beoordelingen:

 

Ø  zijn gekoppeld aan lesdoelen en methoden

Ø  zijn zo ontworpen dat leerlingen optimaal kunnen presteren

Ø  Passen bij de ontwikkeling van de leerlingen

Ø  zijn gebaseerd op heldere gedefinieerde criteria die duidelijk doorgegeven zijn aan de leerlingen

Ø  zijn authentiek, d.w.z dat de taken waarop ze beoordeeld worden door leerlingen gezien worden als waardevol voor het leven op school, in de maatschappij of het beroep

Ø  zijn niet incidenteel, maar vinden continu plaats

Ø  zijn gepland; d.w.z dat de leerlingen vooraf weten dat ze beoordeeld zullen worden

 

 Tabel 5.1 is bijgevoegd als bijlage. Deze laat de beoordelingsvormen zien inclusief een beschrijving en de voordelen ervan.

 

Didactische suggesties:

 

Beoordelingsinstrumenten ontwikkelen

 

1.       Selecteer nu waar u deze lessen op wilt gaan letten.

2.       Kies daarbij een passende beoordelingsvorm of instrument.

3.       Ontwikkel de vragen, beoordelingscriteria of schalen

4.       Betrek de leerlingen bij de instrumenten

 

Selecteer  lesdoelen om te toetsen

 

Ø  Vakkennis; de vakkennis is te beschrijven met begrippen en relaties tussen die begrippen.

Ø  Redeneren of problemen oplossen; de leerlingen moeten een vakspecifiek probleem oplossen

Ø  Vakspecifieke vaardigheden; praktijkopdracht

Ø  Producten maken

Ø  Houding, interesse motivatie

 

De meest voorkomende toetsen zijn met gesloten vragen. Vaak wordt de leerlingen ook gevraagd een schrijfproduct te maken of iets te presenteren. Een vierde type instrument in een persoonlijk gesprek met de leerling.(mondelinge toets)

 

Instrumenten kiezen:

 

Ø  Welke lesdoelen wil ik toetsen?

Ø  Wat zijn de voordelen van het instrument?

Ø  Is het instrument vaker te gebruiken?

Ø  Hoeveel tijd neemt het gebruik ervan?

Ø  Kan ik het werk samen met collega’s doen en verdelen?

 

Criteria voor beoordelingsinstrumenten

 

Ø  Transparantie; de leerling moet een helder beeld hebben van waar hij of zij op beoordeeld wordt.

Ø  Eerlijkheid; de leerling heeft er recht op dat de beoordelingen gebaseerd zijn op dingen die er toe doen.

Ø  Betrouwbaarheid; d.w.z dat een andere goede beoordeling op hetzelfde moment eenzelfde uitkomst gehad moet hebben.

 

Ontwikkelpunten:

Inzendopgave 1: Plan van aanpak

Naam: Kim Lusing

Studentnummer: s1004411

1.    Mijn persoonlijke leerdoelen

Mijn persoonlijke leerdoelen zijn een beter beeld van de definitie van taalbeleid. Een beter beeld van hoe deze zich manifesteert of aanwezig is op scholen. Bovendien wil ik graag een helder beeld hebben van de problemen in het onderwijs waardoor het gebied van taalgericht vakonderwijs noodzakelijk is. Na eerder in het MBO te hebben gewerkt heb ik enigszins kennisgemaakt met het onderwerp, maar nu tast ik in het VO weer in het duister.

2.    Welke activiteiten ga ik ondernemen om deze doelstellingen te kunnen behalen.

- Ik ga ‘Taalgericht vakonderwijs’ eerst lezen en de andere materialen op blackboard.

-  Een definitie formuleren van taalbeleid met behulp van Blackboard en andere informatie gevonden op Internet.

-  Een weblog produceren om mijn activiteiten bij te houden.

-  Daarna ga ik vooral onderzoek verrichten op het Esdal college naar hoe het taalbeleid daar is vormgegeven en hoe er daar aan het taalbeleid gewerkt wordt. Hier bedoel ik met name de speerpunten van de werkgroep mee, omdat ik niet alle problemen denk te kunnen behandelen.

- Bijeenkomsten van taalbeleid bijwonen.

-  Ik ga de problemen op een rijtje zetten en voor ieder probleem een oplossing proberen te bedenken of een plan van aanpak in samenwerking met de werkgroep taalbeleid en collega mevrouw Ten Vergert.

-  Reflecteren op mijn activiteiten en feedback vragen aan enkele docenten uit de werkgroep taalbeleid en mevrouw Ten Vergert t.a.v. de uitkomst en/of mogelijke oplossingen van mijn onderzoek.

- Ik ga kijken hoe we de leerlingen taalhulp kunnen bieden.

3.    Welke studenten collega’s, leerlingen, studenten ga je vragen om feedback te geven op jouw activiteiten?

Allereerst ga ik een middelbare school in mijn eigen omgeving hiervoor opzoeken. Dan ga ik contact leggen met minstens één taaldocent en bijeenkomsten omtrent het taalbeleid bijwonen.

4.    Welke bewijzen ga je in je portfolio opnemen?

-       Ik zal de problemen noteren en meenemen in mijn portfolio

-       Ik zal een plan van aanpak of mogelijke oplossing bij de problemen noteren en opnemen in mijn portfolio.

-       Notulen van de bijeenkomsten.

-       De feedback gegeven door docenten t.a.v. problemen en mogelijke oplossingen

-       Definitie van taalbeleid.

-       Een lijst van de problematiek omtrent taalgericht onderwijs op het Esdal college.

-       Een samenvatting van ‘Taalgericht vakonderwijs’.

-       De URL van mijn weblog.

 

5.    Een tijdpad

Ik vermoed dat de totale duur om deze opdrachten uit te voeren en uit te werken 5 á 7 weken duurt, afhankelijk van mijn lesuren. Ik zal eerst taalgericht vakonderwijs lezen. Vervolgens zal ik trachten een definitie van taalbeleid en een samenvatting van taalgericht vakonderwijs formuleren. Ik ga vervolgens de bijeenkomsten van de werkgroep taalbeleid bijwonen. In samenwerking met taaldocente mevrouw Ter Vergert, zal er worden gekeken naar de problemen in het taalbeleid op het Esdal college. Daarna ga ik de problemen/veranderingen proberen te omschrijven en mogelijke oplossingen hiervoor proberen te bedenken. Dit zal allemaal worden bijgehouden op mijn weblog. Bovendien zal ik de taalhulp binnen het Esdal college Borger bekijken en de mogelijkheden ter verbetering of aanvulling. Na alle onderdelen zoals in bij de activiteiten te hebben doorlopen, zal ik reflecteren en feedback vragen.

6.    De URL van mijn weblog.

  http://bloggers.nl/s1004411/



About Me

Home
My Profile
Archives
Friends
My Photo Album

Links


Categories


Recent Entries

logboek
Verloop taalbeleid en huidige problematiek
Definitie taalbeleid
Samenvatting taalgericht vakonderwijs
Inzendopgave 1:plan van aanpak

Friends

Hosting door HQ ICT Systeembeheer