Weblog maken?


MaakEenWebsite.nl (tip)
Totaal slechts 10 euro per maand incl. domeinnaam en gratis overzetten van uw bestaande weblog bij Bloggers.nl 100 MB ruimte
emailadres
Lees meer..... en bestel
Gratis geld verdienen met e-mails lezen? Meld je aan bij
Zinngeld, Surfrace, Qassa en Euroclix !

Op zoek naar God?

Sprookjes en Verhalen 

Lelijk (1)

22:12, 18/5/2011  ..  Posted in Verhalen  ..  0 comments  ..  Link

Ik voelde me net zoals ik eruit zag. Ik voelde me lelijk, ik was en ben ook lelijk. Alles in mij zei dat het gevoel klopte. Niks of niemand hield me tegen om dat te denken. Ik keek in de spiegel, mijn grootste vijand. Maar toch stond er een op mijn kamer. Het was van lang geleden, toen ik nog niet zo heel lelijk was. Toen ik dacht dat ik nog niet zo heel lelijk was. Maar ik ben het altijd al geweest. Ik zag mijn gezicht en schrok van mezelf. Elke dag werd ik lelijker. Ik kon er niet meer tegen. Ik voelde me beroerd en iets in me zei dat ik iets moest doen. Wat dat iets was wist ik niet. Ik zuchtte diep, met mijn lelijke hoofd en mijn lelijke ogen keek ik naar de grond. Ik liep voorzichtig de trap af. Niemand mocht mij horen. Niemand mocht weten wat ik zou doen. Ik wilde stoppen met lelijk zijn, ik wilde me niet lelijk en beroerd voelen. Ik moest iets doen, dus deed ik iets. ik opende langzaam de deur en stapte de keuken in.......

Wat gebeurd er verder? Wat gaat het meisje doen.. Schrijf nu zelf mee, hoe denk jij dat het verder gaat?

Over een paar dagen kun je het vervolg lezen.. Elke keer zal ik het originele deel wat er achter aan hoort plaatsen. Onder een nieuw kopje bijv. lelijk (2). uiteindelijk als het hele verhaal af is en jullie mee hebben voorspeld zet ik het complete verhaal erop, zodat je het nog eens terug kunt lezen.

Ik ben benieuwd.



Het laatste kusje

22:01, 17/5/2011  ..  Posted in Verhalen  ..  0 comments  ..  Link

Het laatste kusje is een verhaal die ik op dit moment schrijf. Het verhaal plaats ik niet op mijn weblog.

Jessica de Jong heeft een prachtig leven. Ze heeft een man, Nick en twee dochters; Sarah en Esmee. Maar als Esmee anderhalf jaar oud is krijgt ze een vreselijke diagnose. Esmee heeft een hersentumor. Het is als een klap in het gezicht van Jessia en de rest van de familie. Hoe slaan ze zich er door heen en overleeft Esmee de kanker, of wint de kanker van het kleine kindje?

Een klein stukje van het verhaal:

De twee dagen waren om. Noor paste thuis op onze kinderen en ik zat naast Nick tegenover Nina en een andere dokter die zichzelf voor stelde als dhr. Ter Brugge. Hij pakte de uitslag van de scan erbij. ‘Het ziet er niet goed uit,’ zei de dokter. Ik kreeg tranen in mijn ogen en kneep in Nicks hand. Ik keek hem aan en zag dat hij ook tranen in zijn ogen had. Ter Brugge liet ons de scan zien. ‘Als u goed kijkt ziet u hier een verdikking bij de hersenstam,’ vertelde hij. Ik zag het, maar niks in me zei dat het heel erg fout zou zijn. Dus knikte ik. ‘Bij iedereen is die verdikking er niet,’ ging hij verder. Ik dacht alleen maar; zeg nou wat er is. Verlos ons uit de onwetendheid. Daar kon ik namelijk echt niet tegen. ‘Jullie dochter huilt waarschijnlijk omdat deze verdikking voor een enorme druk op de schedel zorgt,’ vertelde ter Brugge.
‘Is het kanker?’ vroeg ik. Ik moest het weten. De dokter knikte. Mijn wereld stortte in. Het was als een klap in mijn gezicht, alleen dan honderd keer erger. Ik geloofde niet dat het waar was, maar ik wist wel dat het waar was. Ik begon te huilen en Nick volgde mijn voorbeeld. We omhelsde elkaar en ik pakte zijn hand nog steviger vast.
‘Aangezien de symptomen gaan we er vanuit dat het een ponsglioom is,’  vertelde Nina, die al de hele tijd stil was. ‘Alleen met een operatie weten we het zeker, maar die is te riskant.’ We knikte.
‘Wat is een ponsglioom eigenlijk?’ vroeg ik voorzichtig.
‘Het is een kwaadaardige hersentumor die bij 1 op de 250 000 kinderen voor komt. Meestal zien we het bij 6-7 jarige, maar op uw dochters leeftijd kan het ook,’ vertelde ter Brugge. Ik was versteend, ten minste het voelde alsof ik versteend was. Ik was vreselijk bang. Mijn meisje had kanker. Ons meisje was ernstig ziek. Ons meisje moest vechten voor haar leven. De tranen begonnen nog sneller over mijn wangen te stromen. ‘Gaat ze dood?’ vroeg ik. De dokter gaf geen antwoord. ‘Gaat ze dood?’ vroeg ik nogmaals. Nick en ik keken Nina en de dokter vragend aan. Ter Brugge haalde zijn schouders op, ‘de kans is groot. Maar weinig kinderen overleven dit. Een op de vijf kinderen is na twee jaar nog in leven. Maar ze kan het overleven. Uw dochter is sterk, ik weet het zeker,’ antwoordde hij ten slotte. Ik knikteen leunde tegen Nick aan.

Ik zal hier af en toe nog wat stukjes aan toe voegen, dus hou het in de gaten asl je meer wilt lezen!



De draak, de heks en het prinsesje

19:17, 17/5/2011  ..  Posted in Sprookjes  ..  2 comments  ..  Link
Er was eens een meisje die heette Sharonalda. Het was een heel gelukkig, maar klein meisje. Ze was een prinsesje van Mongolia. Ze werd daar benoemd tot oppermongool. Op een dag kwam er een draak die de macht wou overnemen. Maar de draak had een heel groot probleem. Hij was namelijk nog kleiner dan Sharonalda, de oppermongool. Hij wist niet wat hij tegen haar moest beginnen dus ging hij weg. Onderweg naar zijn schuilplek, een oude grot, kwam hij een heksje, Ploonalda tegen. De heks was ook al heel klein, nog kleiner zelfs dan de draak. Maar de heks was heel aardig voor de draak, ook al was de draak heel eng. Het kleine draakje was groen en had twee rode mini vleugels op zijn rug. Het heksje was totaal niet bang, maar vond de draak zelfs nog lachwekkend. De draak vroeg: ‘Kunt u mij helpen? Ik ben zo klein.’ Het heksje twijfelde geen seconde en deed een spreuk: ‘Draakje draakje o zo fijn, was jij nu maar niet zo klein. Muizenstaart en drakenpoot, floeps dan word jij toch zo groot.’ Na de spreuk gebeurde er helemaal niks met het draakje. Hij werd niet groter, maar ook niet kleiner. Het draakje was teleurgesteld en liep verder richting zijn schuilplek, die ijskoude grot. Daar ging hij verdrietig op zijn bedje liggen waar hij zichzelf in slaap huilde. De volgende ochtend stond het draakje die trouwens Linonaldo heette voor de spiegel. Daar schrok het draakje zich dood. Het was nog kleiner geworden dan ie al was. Het draakje begon weer te huilen. Hij was heel verdrietig want hij wilde zo graag groot zijn en opperdraakmongool worden van Mongolia. Maar zo zou hij Sharonalda nooit kunnen verslaan.

De volgende dag ging Linonaldo op zoek naar het heksje, Ploonalda. Alleen het heksje was er niet. Ze was ook zo klein, dat ze moeilijk te vinden was. Toen de draak net de moed had opgegeven kwam het heksje uit het niets te voor schijn. Eerst schrok Linonaldo even en begreep hij  niet waar het heksje zo snel vandaan kwam. En hij schrok nog meer toen het heksje ineens begon te groeien. De draak keek Ploonalda vreemd aan. ‘Hoe kan het nou dat jij groeit en ik krimp?’ vroeg hij.
‘Het is de spreuk, het is fout gegaan,’ zei Ploonalda. Het draakje begon weer te huilen en zei: ‘Hoe kan ik dan ooit groot en machtig worden, als ik zo klein ben?’ Het heksje probeerde hem te troosten. Maar het lukte niet, het draakje was ontroostbaar. Hij rende weg de stad in. Hij was zo klein geworden dat hij toch niet op zou vallen. Hij ging richting het paleis van Sharonalda. Het was een groot paleis met wel tien hoge torens, ten minste dat dacht het draakje, hij kon namelijk niet zo goed tellen. En voor het draakje was alles heel groot, omdat hij zo klein was. Het draakje kon ongezien langs de poortwachters sluipen, niemand zag Linonaldo, hij was namelijk te klein. Toen hij binnen kwam wist hij niet wat hij zag. Het paleis was reusachtig. Hij zag wel 20 deuren en had geen idee waar hij heen moest. Het konden ook minder deuren zijn, of nog veel meer, het draakje kon namelijk niet zogoed tellen. Hij keek met grote ogen om zich heen. Hij zag een trap met rood vloerkleed. Hij liep er naar toe en telde de treden. ‘Een, twee, vier, zes, drie, negen, twaalf, vijftien, dertien, achttien, vijfentwintig, dertig, drie, achtentwintig,’ telde Linonaldo. Linonaldo had nog nooit zoveel treden op een trap gezien. Toen hij boven kwam was het draakje heel moe. Hij probeerde met zijn rode mini vleugeltjes op de leuning te vliegen zodat hij even kon rusten. Hij steeg een klein stukje op, maar viel toen weer naar beneden. Het draakje kon helemaal niet vliegen. Het draakje werd verdrietig en ging even liggen. Toen kwam het heksje, Ploonalda. Ze was nog groter geworden. En het draakje nog kleiner. ‘We moeten dit oplossen, ik kan me niet meer verschuilen,’ jammerde het heksje.
‘Niemand merkt me op, ik wil angstaanjagend zijn. ik wil dat mensen me eng vinden. Ik wil d macht, maar door jouw stomme spreuk heb ik dat niet,’ zei Linonaldo. Hij keek het heksje verdrietig aan. Ze was nu veel groter dan het draakje. En dat was eerst niet zo. ‘Ik ga een spreuk zoeken. En ik moet het snel vinden, anders groei ik steeds mee en zul jij verdwijnen,’ vertelde Ploonalda. Linonaldo schrok. ‘Ik wil niet verdwijnen! Ik wil groot, sterk en machtig zijn,’ riep hij. Het heksje knikte en verdween weer toen er iemand de trap op liep. Het was een vrouw die er arm uit zag, een soort assepoester dacht het draakje. Het draakje liep richting een lange gang. Hij besloot alle deuren te tellen die hij zag en vervolgens te luisteren of hij Sharonalda zou horen. Daar zou hij dan naar binnen gaan. ‘Één,’ telde het draakje. Linonaldo legde zijn groene oor tegen de deur en luisterde. Het draakje hoorde een hele harde stem. Hij vond het eng klinken en wist zeker dat het niet Sharonalda was. Snel ging Linonaldo door naar de volgende deur. ‘Drie,’ telde hij. Weer legde hij zijn oor tegen een deur aan. Hij hoorde iemand heel hard boeren dus van de schrik rende hij weg. ‘Zeven,’ zei hij bij de volgende deur. Hij luisterde naar het geluid waar hij een beer hoorde schreeuwen, ten minste zo leek het. Hij ging naar de volgende deur die opstond. Hij hoopte zo dat het die van Sharonalda was, maar die was het niet. Voorzichtig liep Linonaldo het kamertje in. Het was een hele grote kamer met een heel groot tweepersoons bed. Maar Linonaldo zou er wel een miljoen keer inpassen, zo klein was hij. De assepoester die hij eerder in het paleis had gezien maakte het bed op. Linonaldo bewonderde haar, ze was zo groot. Dat wou hij ook wel, dan pas kon hij opperdraakmongool worden. En dat wou hij zo ontzettend graag. De draak liep de kamer weer uit en liep naar de volgende deur. Hij was de tel kwijt, dus stopte hij met tellen. Bij de volgende deur hoorde hij allemaal water kletteren en een vrouw heel hoog zingen. Het was vreselijk vals dus Linonaldo’s oren deden pijn. Hij rende naar de volgende deur uit de oneindige gang. De deur stond op een kier. Hij keek naar binnen en zag Sharonalda op een koninklijkoppermongoolstoel zitten voor haar spiegeltje. Linonaldo liep voorzichtig naar binnen. Hij was nu nog kleiner geworden. Hij keek naar het kleine prinsesje die nu nog veel groter was dan hem. Ze had een mooi zilver kroont op haar hoofd. Hij was jaloers op haar. Zij was op zo’n jonge leeftijd al oppermongool. En hij niet, terwijl het zijn droom was. Hij liep voorzichtig naar het prinsesje toe. ‘Hallo,’ zei Linonaldo. Het prinsesje keek op, maar zag hem niet. ‘Hier beneden ben ik,’ zei hij. Sharonalda zag het draakje en begon te gillen. ‘Stil, stil, alsjeblieft ik doe niks, dat kan niet met mijn lengte,’ zei hij snel. Het prinsesje stopte met gillen. En keek het draakje aan. ‘Wie en wat ben jij?’ vroeg ze.
‘Ik ben Linonaldo en ik ben een draak,’ zei hij. Het meisje begon te lachen.
‘Wat een grappige naam, maar een draak dat kan niet. Die zijn toch heel groot en sterk?’
 ‘Het komt door de heks en haar spreuk. Ik zal langzaam verdwijnen als er niet snel iets gebeurd,’ legde hij uit. Sharonalda knikte. Ze scheen het te begrepen.
‘Het heksje ook altijd met haar mislukte spreuken,’ zei ze.
‘Gebeurd het vaker dan?’ vroeg Linonaldo. Het prinsesje knikte.
‘Ik ben zo klein door haar,’ zei ze. Het draakje knikte. Hij begon het te begrijpen. ‘Maar wat kom je hier eigenlijk doen,’ vroeg het prinsesje toen.
‘Ik wil oppermongool worden,’ zei de draak. Sharonalda begon te lachen.
‘Jij, oppermongool? Laat me niet lachen. Dat is mijn werk. Oppermongool zijn zit in je bloed. Dat kun je niet zomaar worden. Vooral niet als je zo klein bent als jij bent,’ zei ze lachend. De draak begon te huilen en rende de kamer uit. Het viel de prinses nauwelijks op, het draakje was namelijk zo klein dat niemand hem meer goed zag. Hij rende alle treden weer af en rende langs de poortbewakers naar buiten, zo richting zijn schuilplaats. Toen hij op zijn blauwe bankje lag te huilen als een heel maar dan ook echt heel klein mannetje verscheen Ploonalda weer. Linonaldo keek verschrikt op. ‘Ik kan de spreuk niet vinden, echt niet. Het spijt me zo. Maar heksenland is zo groot, ik kan niet alle spreuken in mijn eentje bekijken om te kijken welk de goede is,’ zei het heksje. Linonaldo knikte en begon nog harder te huilen. Het draakje wilde geen draakje meer zijn, maar een grote machtige draak. Het kon alleen niet, omdat die stomme heks een fout maakte. ‘Hoe lang heb ik nog te leven?’ vroeg het kleine draakje.
‘Één dag. Ik zal doorzoeken, maar ik ben bang dat ik nog meer zal groeien en dan zal jij krimpen. Je moet volhouden. Maar het wordt heel moeilijk,’ zei ze.
‘Ik help je zoeken in heksenland, er moet toch iets zijn waardoor we het kunnen vinden,’ zei Linonaldo.‘Dat is een geweldig idee,’ riep Ploonalda. ‘Ik maak de spinnen graag van kant, floeps wij zijn in heksenland,’ ging ze verder. En inderdaad, Linonaldo en Ploonalda stonden in heksenland. Heksenland was klein en er waren alleen maar heksen. Er stonden een paar bomen en een paar kleine huisjes voor de kleine heksjes. En er stonden overal kasten, met toverboeken. ‘Die kasten heb ik al gehad, maar die moeten nog,’ zei het heksje. De draak knikte en rende er gelijk op af. Er was geen tijd meer te verliezen.
Linonaldo vond spreuken zoals: Knibbel knabbel knuistje, bouw nu snel een huisje. En muggenbloed, spinnenpoep, ruim nu op al die troep. Maar geen spreuk om te groeien of juist te krimpen.
Een halve dag was voorbij. Het draakje werd steeds kleiner. En de tijd begon nu echt te dringen. Wanhopig zocht hij alle boeken langs en kwam nog heel wat spreuken tegen; Spinnensnot, slakkenhuis en een brandnetel, maak een wat soep in een grote ketel. Wat waren die heksen toch lui, dacht het Draakje toen hij al die spreuken as. Het groene draakje was nu zo klein geworden dat een letter bijna net zo groot was. Toen kwam de heks die echt groot begon te worden naar hem toevliegen op haar bezempje, die al te klein werd, met een groot toverboek. Ze opende het boek op bladzijde 245 en liet de spreuk aan Linonaldo zien. Linonaldo zei dat ze het mocht proberen. ‘Kippenvlees en tonijn, maak mij nu maar klein, slakkenslijm, hazelnoot maak hem nu maar groot,’ riep de heks zwaaiend met haar toverstaf. Het draakje was wel een beetje bang dat het fout zou gaan. Toen de heks de spreuk zei gebeurde er niks, net als de vorige keer. Linonaldo en Ploonalda gingen weer naar het gewone land, zodat het draakje lekker kon slapen. Natuurlijk hoopte hij dat hij er de volgende dag nog zou zijn. En het liefst een heel stuk groter dan nu.

De volgende ochtend werd Linonaldo wakker. Hij stond op en stootte zijn hoofd aan het plafond. Hij was blij, de spreuk heeft geholpen. Zonder iets te eten rende hij naar buiten gelijk richting het paleis. Het draakje viel op want veel mensen begonnen te gillen van angst. Het draakje was nu namelijk wel heel eng. Hij kwam bij het paleis aan. Daar werd hij tegen gehouden door de bewakers. ‘Stop, wat denk jij hier te doen?’ vroegen ze aan hem. Hij begon boos te worden, want het draakje wou naar binnen. Hij stampte drie keer met zijn voet hard op de grond, de grond begon te trillen en de bewakers vlogen opzij. En de draak kon naar binnen. Hij wist nog waar de kamer van de prinses was dus rende daar gelijk heen. Toen hij binnenkwam begon Sharonalda gelijk te gillen. ‘Nu ben ik niet lief meer, je hebt mij kwaad gemaakt met je opmerking. Ik zei toch dat ik groot en sterk zou zijn, ik kan weldegelijk een oppermongool worden. Zonder moeite zelfs,’ zei de draak kwaad. Het prinsesje liep naar achter zover mogelijk tegen de muur aan. Linonaldo kwam dichterbij. ‘Ik wil oppermongool worden, ik ben daar voor geboren, het zit in mijn bloed. En dat was alles wat nodig was,’ zei de draak nog bozer. Het prinsesje knikte. Toen kwam de vader van de oppermongool het kamertje in lopen. ‘Papa! Help me,’ riep Sharonalda.
‘Ik roep het leger op,’ riep de Arinaldo, de koning. De koning rende de kamer uit. Een paar minuten lager kwam het leger dat speciaal voor deze familie was opgesteld de kamer in rennen. Ze probeerde op de draak te schieten. Maar Linonaldo draaide zich woest om en bracht daar gelijk verandering in. Hij probeerde zijn vlammenwerper uit, die het tot zijn grote ergernis niet deed. Arinaldo kwam ook de kamer weer in, samen met zijn vrouw Maralda. Maralda begon te huilen, want haar kind, het kleine prinsesje en oppermongool was in gevaar. Sharonalda stond nog steeds tegen de muur aangedrukt en bewoon zich niet meer. Ze was namelijk heel bang. Linonaldo was verder alleen maar bezig met het leger. Hij wou zo graag opperhoofd worden, dat hij vergat dat iedereen hem zo zou haten. Hij stampte keihard op de vloer. Iedereen viel door het getril op de grond. Sharonalda gaf een gil, ze was echt heel bang. Toen kwam het kleine heksje. De spreuk was ook bij haar gelukt. Ze zei een spreuk: ‘Spinnenkwat, grote draak, hou nu op met je wraak, oude sok en oude dief, iedereen vind elkaar nu lief. Draakje draakje o zo fijn, wordt nu maar weer klein,’ zei de heks. Het draakje begon ineens te krimpen en had zijn oude lengte weer.

De volgende dag had het draakje vreselijk veel spijt van wat hij had gedaan. Hij ging weer als de echte Linonaldo van het begin naar het paleis. Hij glipte stiekem naar binnen door een van de ramen. Hij sloop naar de kamer van Sharonalda en zei: ‘Hoi, het spijt me heel erg.’ Sharonalda knikte. ‘Het spijt mij ook. Ik had nooit zulke stomme dingen tegen je moeten zeggen,’ zei ze. Het draakje knikte.
Vanaf toen kwam de draak vaak in het paleis. De spreuk van de heks was zelfs zo goed dat de draak en de prinses verliefd werden op elkaar. De koning en koningin vonden dit helemaal niet goed, maar uiteindelijk mochten ze trouwen. Linonaldo en Sharonalda werden met zijn tweeën oppermongolen van Mongolia en kregen nog twee draakmenskinderen; Lisonalda en Robinaldo. Ploonalda hebben ze niet meer gezien. Het enige wat iedereen wist is dat ze terug naar school ging, zodat er nooit meer een spreuk fout zou gaan.

En Linonaldo, Sharonalda en hun kinderen leefde nog lang en gelukkig.       

   

 



About Me

Home
My Profile
Archives
Friends
My Photo Album

Links


Categories

Overig
Sprookjes
Verhalen

Recent Entries

Lelijk (1)
Het laatste kusje
De draak, de heks en het prinsesje

Friends

Hosting door HQ ICT Systeembeheer