Weblog maken?


MaakEenWebsite.nl (tip)
Totaal slechts 10 euro per maand incl. domeinnaam en gratis overzetten van uw bestaande weblog bij Bloggers.nl 100 MB ruimte
emailadres
Lees meer..... en bestel
Gratis geld verdienen met e-mails lezen? Meld je aan bij
Zinngeld, Surfrace, Qassa en Euroclix !

Op zoek naar God?

Mijn gekke hoofd


Mijn dagelijkse worsteling met de drukte in mijn hoofd. Een adhd diagnose.

Home | My Profile | Archives | Friends

Een gedichtje

Posted at 01:16 on 11/3/2014
Zie je die storm dan niet?
Ik ben bang dat ik niet verder kan
Kan het stoppen alsjeblieft
Het stormt zo hard
Ik kan niet verder
Het water stijgt
Ik verdrink
 
Hij zag het niet want het was te donker
Zo donker dat hij niet meer wist wat hij moest doen
Hoe stop je deze duisternis?
Ik maak er een eind aan
 
Donker
 
Ik wil je zien
Mijn vingers zien je gezicht
Jou vingers zien mijn gezicht
Mijn vingers zien je lippen
Ik wil je zoenen
Mag dat?
 ---------------------------------------------------
Can’t you see the storm?
I’m afraid I can’t move on
Please make it stop
This storm is really bad
I can’t move on
The water is rising
I’m drowning
 
He couldn’t see because it was too dark
It was so dark, he didn’t know what to do anymore
Can this darkness be stopped?
I’m going to end it
 
Darkness
 
I want to see you
My fingers see your face
Your fingers see my face
My fingers see your lips
I want to kiss you
Is that allowed?
Comments (0) | Post A Comment! | Permanent Link

Mislukt

Posted at 07:00 on 7/1/2014

'Ik ben mislukt' klonk het vijf keer. Waarna ik elke keer antwoordde met 'wat?' De eerste keer omdat de woorden verloren gingen in de zee van dekens voordat ze mijn oren bereikte, de keren daarna vol ongeloof. De reden van deze woorden waren mij niet duidelijk. Jij bent perfect in mijn ogen. Maar we sliepen en het gesprek ging verloren in de nacht. 
Die ochtend herinner jij je niks meer. Waren het woorden die uit je onderbewustzijn kwamen? Woorden die gevangen zitten in je hoofd waarvan je niet weet dat ze daar 's nachts rondspoken en je zelfvertrouwen steeds een stukje afbreken voordat ik ze volledig heb opgebouwd. 
Een heleboel kusjes was mijn antwoord na de vijfde keer 'wat?!'. Ik geloofde niet wat je zei. Jij bent perfect voor mij. 
Maar misschien verwoordde je mijn gedachten en voerde ik een gesprek met mezelf. Als ik met jou liefde naar mezelf kon kijken had ik onophoudelijk 'wat?!' geroepen tot ik me zou bekeren van deze veronderstelling. 
Gek hoe ik er glashard van overtuigd kan zijn dat jij niet mislukt ben terwijl het oordeel over mezelf verre weg van positief is. Kon ik maar jou ogen lenen om mezelf te zien zoals jij dat kan. Dan zou jij mijn ogen mogen lenen zodat je ziet hoe perfect je bent. 

Comments (0) | Post A Comment! | Permanent Link

Grenzen

Posted at 14:00 on 12/12/2013
Sinds mijn diagnose zijn er positieve veranderingen opgetreden. Het was een opluchting eindelijk te ontdekken waarom sommige dingen mij niet lukte. Niet lukte zoals andere mensen dat wel deden. Hoewel de oorzaak nu bekend is zal het nog steeds een kwestie zijn van vallen en opstaan. De afgelopen periode ging goed, ik had minder moeite mijn schoolwerk bij te houden en ik zag mijn opleiding wel zitten zo. Ik kon mijn hoofd boven water houden en probeerde langzaam weer te gaan zwemmen. Als het een dag wat slechter ging kon ik dat relativeren en ik bleef goede moed houden. Dit ging zo door tot vorige week.

Het was Sinterklaastijd. Geen slechte tijd zou je denken, gezellig sinterklaas vieren met familie. Geen probleem, moet lukken. Het feit was alleen dat ik die week vier keer sinterklaas zou gaan vieren. Erg vermoeiend maar van te voren was ik optimistisch. Ik had immers alles onder controle en ik zag niet in hoe het fout zou kunnen gaan. Zonder moeite gingen de avondjes een voor een voorbij tot en met de laatste op zaterdagavond.

Zondag:

Ik had nog even willen uitrusten en bijkomen maar het feest was nog niet afgelopen. Ik moest nog een laatste rit maken van het huis van mijn vriend naar mijn kamer. Die week er voor was ik regelmatig bij hem over de vloer geweest omdat we samen bezig waren geweest met surprises maken en er lag nogal wat zooi van mij in zijn huis verspreid. Natuurlijk kon ik me zo voorstellen dat hij dat niet helemaal prettig vond en probeerde ik die zondagmiddag zoveel mogelijk spullen mee te nemen. Ik zag er tegenop naar huis te gaan en besloot nog even uit te rusten.

Tegen de avond nam ik zwaar beladen de bus naar huis. Onderweg probeerde ik een planning voor mezelf te maken:

-Eten: Ik was eigenlijk te moe om nog eten te maken voor mezelf. Gelukkig was er een huisgenootje thuis die ook moest eten anders had ik het avondeten waarschijnlijk overgeslagen.
-Huiswerk: Ik wilde die avond nog even huiswerk maken want op maandag had ik een les waar ik al achterliep omdat ik wat lessen had gemist omdat ik moest wennen aan mijn medicijnen en wat bijwerkingen had. Maar wacht, ik was mijn boek vergeten bij mijn vriend thuis.

Verder kwam ik dus niet met mijn to do lijstje. Ik was mijn boek vergeten en ik baalde daar ontzettend van. Dit hield me de rest van de reis bezig.

Toen ik vermoeid thuis aankwam, met lamme armen van het sjouwen werd ik eraan herinnerd dat er maandag een monteur zou komen voor de boiler. Ik had geen verwarming en warm water op mijn verdieping. Omdat de boiler op mijn kamer zit moest daar ruimte zijn. Het huisgenootje die op mijn verdieping zit was zo aardig geweest om mijn kamer vrij te maken.(Ik moet toegeven dat mijn kamer een bende was en dat er van alles op de vloer lag enzo.) Maar wat mijn huisgenootje dus had gedaan was, ze had alles wat op mijn bureau en vloer lag op mijn bed gelegd. Later zei ze dat ze het goed bedoeld had maar ik irriteerde me er ontzettend aan op dat moment. Het is mij kamer en mijn spullen. Ik weet dat ik het moet opruimen maar dat wil ik graag zelf doen en op mijn manier. Ik wist dat ik zo snel mogelijk mijn kamer ook moest opruimen want later deze week kwamen er 2 meiden kijken die mijn kamer over willen nemen. Ja dat ook nog. Ik ga ook nog verhuizen in januari.

Na het eten werd ik dus gedwongen nog mijn bed leeg te ruimen, terwijl ik al uitgeput was, terwijl het niet warm was in mijn kamer omdat de verwarming het niet deed en terwijl ik eigenlijk huiswerk had willen maken wat al niet kon. Het zat allemaal tegen.

Met mijn kamer half opgeruimd ben ik in bed gekropen.

Maandag:

Die ochtend was ik vroeg opgestaan. Ik had om twee uur les maar ik wilde nog mijn kamer opgeruimd hebben voor de monteur kwam. En ik kon sowieso niet in bed blijven liggen als de monteur kwam want hij moest op mijn kamer zijn. Gedwongen moest ik dus vroeg opstaan en opruimen terwijl ik eigenlijk nog aardig moe was.

De monteur kwam en maakte de boiler, daarna kon ik douchen en wilde ik toch nog wat voor mijn les proberen te doen. Het ging niet helemaal lekker want ik had mijn boek niet en ik verweet mezelf dat ik beter had moeten nadenken voordat ik bij mijn vriend weg ging. Ik wist dat ik het boek moest halen maar eigenlijk zag ik er tegenop om naar buiten te gaan. Daarnaast was mijn vriend niet thuis want hij moest werken. Dan zou ik contact moeten zoeken met zijn huisgenootjes en eigenlijk was ik helemaal niet in de stemming om met iemand contact te hebben. Dat zijn prikkels die ik er niet bij kon hebben. Met dat allemaal in mijn gedachte twijfelde ik of ik wel naar mijn les moest gaan. Ik voelde me mislukt omdat ik eigenlijk die opdrachten al ingehaald had willen hebben deze week. Ik mag mijn leraar voor dit vak en ik wilde hem niet teleurstellen. Hij had me gezegd dat ik hoewel ik niet altijd aanwezig was hij wel kon zien dat ik mijn best ervoor wilde doen.

Toen belde mijn zusje dat ze eerder uit was en dat ze langs wilde komen. Ik vond het een mooi excuus om thuis te blijven want sinds ik op kamers ben zie ik haar zo veel minder. Ik voelde me somber maar probeerde dat niet te zijn voor mijn zusje. Ze hielp me plaatjes knippen voor schoolopdrachten en zorgde voor een beetje afleiding. Op een gegeven moment wilde ik echt alleen zijn. Ik merk de laatste tijd steeds dat er een grens zit aan mijn aandacht voor mijn zusje. Op een gegeven moment ga ik me aan dingen irriteren. Ze veroorzaakt net als alle andere mensen prikkels die ik na een tijd niet meer aan kan. Die avond voelde ik het aankomen. Een enorme huilbui. Het gebeurde niet, misschien omdat ik het automatisch onderdruk of dat ik wil ontkennen dat het niet lekker gaat, dat ik probeer positief te blijven en niet mezelf in een neerwaartse spiraal wil helpen.

Ik wilde positief blijven maar ik zat ook in de stress voor een interview die ik de volgende dag voor school ging afnemen. Ik werd angstig dat alles mis zou gaan. Ik kon er niet tegen dat ik gedwongen sociaal geïnteresseerd zou moeten doen. Waar ik altijd bang voor ben als ik me niet prettig voel is dat mensen dwars door me heen prikken. Daarom wil ik op dat soort momenten ook niet naar de winkel toe. Stel je voor dat het kassameisje me opeens dringend aankijkt en ik in huilen uitbarst. Als ik me somber voel wil ik het liefst mensen ontwijken. Misschien omdat ik het niet prettig vind om me kwetsbaar op te stellen tegenover mensen. Ik haat het als mensen mij zien huilen.

Mijn vriend belde me gefrustreerd op. Hij was boos omdat ik hem het idee gaf dat hij het voor mij moest oplossen. Het feit is namelijk zo dat ik rustig wordt als ik bij hem ben. Dan kan ik me concentreren op hoe veel ik van hem hou en dat wat wij samen hebben zoveel belangrijker is dan wat dan ook. Dat alles wat mij niet lukt geen zier uitmaakt als ik hem maar heb. Als ik bij hem ben voelt het als het oog van een orkaan. Hij is mijn oase. Het probleem is dat hij er niet altijd voor me kan zijn. Hij heeft een jaar studievertraging opgelopen en krijgt geen stufi meer. Hij moet keihard zijn best doen zijn studie te halen dit jaar en daarnaast werkt hij om zijn huur te kunnen betalen. Hij vind het vreselijk als ik niet lekker in mijn vel zit en voelt zich dan meteen verantwoordelijk om mij blij te maken.

Toen hij mij belde was hij denk ik wel boos. Hij wilde dat ik stopte met negatief denken en de moed erin moest houden. Hij kon niet langskomen en ik wilde dat ook eigenlijk niet. Het voelt ontzettend benauwend om zo afhankelijk van iemand te zijn. Hij is mijn drugs. Ik wil ook niet dat ik een hoopje ellende ben als hij niet bij me is. Ik ben dat zat. Hij beloofde dat hij me de volgende ochtend zou wakker bellen zodat ik het interview rustig kon voorbereiden en weer vol goede moed kon beginnen.

In een poging tot rust te komen heb ik toen een disney films gekeken tot ik zo moe was dat ik wel moest slapen.

Dinsdag:

Vroeg in de ochtend ging mijn telefoon. Maar hij kon niet lang praten want hij was onderweg naar school toen hij me belde. Het was fijn om met zijn stem wakker te worden. Maar ik was nog zo moe dat ik weer in slaap was gevallen. Toen mijn wekker ging voelde ik me moedig genoeg om vandaag aan te kunnen. Ik was nog steeds bang. Ik voelde de angst in mijn binnenste tegen mijn borst duwen maar ik wilde het niet en dwong mezelf te geloven dat het goed zou komen. Ik had de vragen nog even voorbereid, uitgezocht waar ik heen moest, en daar ging ik. Eerst met de metro, toen met de trein, toen met de bus. Ik heb geen telefoon met internetabonnement dus ik moest het goed van te voren opzoeken. Vanaf de bushalte was het maar twee minuten lopen. Dat moest goed gaan. Gewoon rechtdoor met het verkeer mee en een zijstraat aan mijn rechterhand nemen. In de bus ging het fout. Door een halte die qua naam op mijn halte leek was ik te vroeg uitgestapt. Na een tijdje kwam ik er pas achter. Toen ik op de volgende bus stond te wachten was ik al een kwartier te laat. Ik verloor de moed niet. Ik had geen telefoonnummer dus kon niet laten weten dat ik wat later kwam maar ik dacht als ik het uitleg als ik aankom zal het geen probleem zijn. Ondertussen al wat zenuwachtiger stapte ik deze keer wel bij de goede halte uit. Tenminste dat dacht ik, op het moment weet ik nog steeds niet wat er fout was maar ik kon de straat nergens vinden. Ik heb daar rondgelopen tot ik verkleumt was van de kou en niet anders kon bedenken dan maar weer naar huis te gaan. Ik schaamde me ontzettend want ik had ondertussen geen contact gehad met de mensen waar ik naar op weg was. Ze zaten waarschijnlijk nog steeds op me te wachten. Ik weet van mezelf dat ik geen kaart kan lezen en dat ik geen richtingsgevoel heb, ik verdwaal daarom ook regelmatig maar het heeft me nog nooit zo dwars gezeten. Ik voelde me ontzettend tekort schieten.

Ondertussen wilde ik de goede moet niet helemaal laten varen en kocht ik onderweg een nieuw tekenboek waardoor ik thuis verder kon met mijn opdrachten. Toen ik moest overstappen op de metro kreeg ik te horen dat ze niet reden. Dus moest ik met een omweg naar huis. Tegen de tijd dat ik thuiskwam kon ik wel janken. Maar ik deed het niet want ik wilde niet. Ik wilde niet dat zielige meisje zijn die huilt omdat niks lukt. Want mislukt voelde ik me.

Die avond heb ik het laat gemaakt. Ik vond dat ik wel een avondje afleiding en gezelligheid had verdient. Ik heb niet veel gedronken maar ik ben wel zo lang gebleven dat ik mijn laatste metro had gemist. Dat maakte niet uit want ik kon achterop bij mijn huisgenootje mee naar huis. Eigenlijk was haar band te zacht waardoor ik uiteindelijk een fiets bij een junkie heb gekocht voor zeven euro. Dit kwam wel mooi uit want de fiets van mijn vriend was toch kapot en hij had een nieuwe nodig om naar zijn werk te komen.

Eenmaal thuis aangekomen schoot ik in de stress. Het was denk ik drie uur snachts maar ik moest voor de volgende les 2 artikels hebben geschreven. Daarom zou ik dat interview afnemen. De artikels hoefden niet in definitieve vorm maar er moest iets zijn. Ik had niks. Ik was keihard gefaald. Het was niet gelukt.

Die nacht heb ik onderwerpen gezocht tot ik zo moe was dat ik niks anders kon dan slapen.

Woensdag:

Mijn wekker ging om negen uur. Ik had elf uur les. Ik stuurde mijn leraar een mail en liet mijn projectgroepje weten dat ik niet kon komen wegens persoonlijke omstandigheden. Mijn decanaat en studiebegeleider weten van mijn situatie dus ik kan dit doen, hoewel het altijd voelt alsof ik mijn omstandigheden misbruik. Ik voel me niet prettig als ik moet aangeven dat het niet lukt, dat ik niet in staat ben te kunnen doen wat ik zou moeten doen. En ook al is er ruimte in mijn schoolsysteem die mij toelaat steekjes te laten vallen om die vervolgens weer op te pakken kan ik er geen vrede mee sluiten. Ik loop weer eens aan tegen het feit dat ik niet kan functioneren zoals dat zou moeten. Zoals dat verwacht wordt in deze maatschappij. Zoals anderen dat op mijn leeftijd doen. Natuurlijk stellen alle studenten dingen uit tot op laatste momenten. Maar het probleem is dat ik het wel wil en weet dat ik het kan maar dat het niet lukt. Ik weet dat ik niet dom ben en dat ik mijn school makkelijk zou kunnen halen maar het lukt niet. Ik kan het niet aan. Elke dag is een worsteling om mezelf in het systeem te passen. Het systeem van deze maatschappij. Een gevecht met mezelf die veel teleurstelling met zich mee brengt. En op sommige momenten is deze teleurstelling zo groot dat ik niks meer zie zitten.

Die avond kwam mijn vriend bij me eten. Hij wist dat er iets mis was op het moment dat hij me boven aan de trap zag staan toen hij aan kwam. Tijdens het eten heb ik zijn blik ontweken. Ik wist dat ik in huilen zou uitbarsten als ik hem aan zou kijken maar dat kon niet want we zaten niet alleen aan tafel. We aten samen met twee huisgenootjes en een vriendin van een van de twee. Ik voelde de bui al hangen maar ik wilde niet huilen. Ik wilde hem niet aankijken want zijn blik prikt dwars door me heen.

Toen we eenmaal alleen waren gebeurde het. Ik voelde mijn ogen nat worden maar ik probeerde het nog steeds tegen te houden. Tranen rolde over mijn wangen en ik zei dat ik niet wilde huilen. Hij vroeg:  “Waarom nu?” Ik zei dat ik het de hele week al had tegengehouden en dat het nu kwam. Hij zei: “Huil dan maar even lekker door.” En dat heb ik gedaan. Er kwamen een hoop tranen uit. Hij hield me vast en knuffelde me. Ik was zo dankbaar dat hij er was. Ik wilde dit niet. Ik wilde nooit meer op dit punt aankomen en nu ben ik er weer. Mijn breekpunt. Hij heeft me gedwongen een mail te sturen naar mijn psycholoog om uit te leggen wat er was gebeurd. Die avond toen hij weg was kreeg ik al spijt. Het voelde alsof ik had overdreven, alsof ik mezelf dingen wijs maak die er niet zijn. Met een ongerust hart keek ik weer films tot ik zo moe was dat ik moest slapen.

Donderdag:

Vandaag is het donderdag. Ik kreeg een mailtje van mijn psycholoog dat het niet raar was. Ze vermoed dat ik flink over mijn grenzen ben gegaan en dat ik daarom enorm ben ingezakt. Op advies mag ik niet teveel meer van mezelf eisen en alleen dingen doen die ik overzie. Dat ik dit weekend maar alles op een rijtje moet zetten zodat ik volgende week weer met goede moed kan beginnen.

Ik vind het moeilijk om na al die vooruitgang te accepteren dat het mis ging en dat ik weer opnieuw moet beginnen. Ik kan het idee niet loslaten dat ik gefaald heb. Er is misschien ruimte om weer op te staan nadat ik ben gestruikeld maar er is geen garantie dat ik op een gegeven moment niet weer struikel. Het is en blijft een gevecht.

De opdracht die ik vandaag van mijn vriend kreeg was: maak een foto van jezelf in het zonnetje in het park.

Ik beschouw dat als mijn enige verplichting voor vandaag en ik mag trots op mezelf zijn als me dat is gelukt. Dan kan ik het gevoel hebben dat vandaag is geslaagd.

Comments (1) | Post A Comment! | Permanent Link

Hosting door HQ ICT Systeembeheer