6/12/2006 - woensdag, 6 december 2006.
Voor dag en dauw opstaan is hier wat te veel gevraagd, maar om vijf uur is toch vroeg uit de veren. De ondervinding leert dat je je hier beter zeer vroeg kunt verplaatsen om lange wachttijden te vermijden.
We begeven ons naar Ambalavao, een onbeduidend stadje dat wel typische architectuur herbergt. Er heerst een gezellige marktdrukte maar we brengen eerst een bezoek aan een artisanaal papierfabriekje. Ik krijg een demonstratie van hoe de binnenkant van de boomschors van een bepaalde boom tot papier wordt verwerkt. Het is monnikenwerk met inclusief de verwerking van echte bloemen in behangpapier. Kunstig.
We nemen een taxi-brousse naar een natuurpark dat beheerd wordt door de plaatselijke dorpsbewoners. Daar vindt mijn eerste ontmoeting met lemuren plaats. Het zijn de ringstaartlemuren die hier leven in groepjes van 10 tot 20 leden. Inclusief de lange geringde staart zijn zij ongeveer 1,20 lang. Hun vacht is afwisselend wit en bruin gekleurd met nogal wat zwart op hun aangezicht. Mooie exemplaren.
Een grote kameleon is ook van de partij. Ongeveer 40 cm. lang en quasi onzichtbaar op de donkere tak waarop hij uitrust. Er liggen ook enkele slangetjes op de grond met een lengte van 80 cm. die zich blijkbaar nog niet te veel storen aan onze passage en voor mensen vrijwel ongevaarlijk zijn.
Maar vrij indrukwekkend zijn de bomen waaronder we lopen. Iedereen zal wel de namen herkennen als Buddleia, Ficus, Euphorbia, Rubia (familie van de koffieplant), Aster, Mimosa.
Geen enkele boom die het zich permitteert om minder dan 10 meter hoogte te halen.
Een mooi park is dit, dat we bezoeken om even uit de stadsdrukte weg te zijn. We hadden gepland vandaag de trein te nemen naar Manakara, maar hij reed niet uit. Morgen dus.
|