|
Bijverdienen?
Zinngeld (tip!) Surfrace (tip!) MoneyMiljonair Euroclix Gratis Korting Zorgpremie goedkoper? |
![]() |
Dag 238Posted on 5/8/2006 at 03:52 - 0 Comments - Post Comment - LinkDinsdag, 1 augustus 2006.
Uyuni zelf heeft niets te bieden, tenzij enkele kleine restaurantjes, een overtal aan reisorganisatoren en ook nog een wasserij. Deze laatste komt goed van pas. We hebben drie dagen onder het stof en zand gezeten en besteden onze was uit. In afwachting genieten we van de zon die overdag haar best doet, maar tegen de avond wordt het weer bitter koud. We kopen nog snel een busticket voor morgen. Sucre wordt de nieuwe bestemming. Dag 237Posted on 5/8/2006 at 03:41 - 0 Comments - Post Comment - LinkMaandag, 31 juli 2006.
Vroeg dag en met afgrijzen verlaten we het warme nest. Ons drinkwater is bevroren, er is geen ontbijt of warme thee. We laden de jeep in en vertrekken om 5u30. Het is nog donker, de zon verlicht langzaam de horizon wat mooie beelden oplevert. Eerste stop aan een geiserveld. Enorme wolken en hete modderpoelen. Spectaculaire beelden. Na een half uur zien we ons verplicht beschutting te zoeken tegen de kou. We kruipen in onze jeep en trekken verder tot we warmwaterbronnen bereiken waar we ons niet in wagen. We zien er tegenop om onze kleren uit te trekken in de ijzige wind. We trekken verder en rijden voorbij grillige rotsformaties die omwille van hun surrealistische vormen de naam "rocas de Dali" hebben gekregen. Onze medereizigers nemen onderweg een bus naar Chili en wij maken ons op voor de lange terugreis naar Uyuni. Totnogtoe zijn moeilijkheden uitgebleven, maar nu beginnen technische problemen de kop op te steken. Onze chauffeur moet een eerste maal onder de motorkap duiken en na een oponthoud van een klein half uur kunnen we de weg vervolgen. Niet voor lang want kort daarop moet er een tweede probleem opgelost worden. Net voor zonsondergang krijgen we de laconieke mededeling dat we zonder benzine gaan vallen. In een eerste dorpje is het enige benzinestation gesloten. Met een bang hart kunnen we ook nog het volgende dorpje bereiken, maar dan staat de teller op nul. Na lang zoeken is een particulier bereid ons te depanneren en verkoopt ons tien liter brandstof. Met de nodige vertraging bereiken we rond negen uur Uyuni. We hebben een prachtige driedaagse achter de rug. Geweldige natuur heeft ons drie volle dagen in zijn ban gehouden. Onvergetelijk. Dag 236Posted on 5/8/2006 at 01:27 - 0 Comments - Post Comment - LinkZondag 30 juli 2006.
Opstaan om 5u45, in de kou een snel ontbijt en op weg voor een lange dag. We laten de zoutvlakte achter ons en rijden, rijden, rijden. Het landschap verrast steeds weer en je weet eigenlijk niet waar eerst te kijken. Prachtige gekleurde bergen, afwisselende begroeiing (met uitsluiting van bomen, we zitten constant boven 4000 meter). Ook urenlang woestijnland waarin we even stoppen om de "Arbol de Piedra" te bekijken. Een gril van de natuur, een rotsblok uitgesleten tot hij de vorm van een heuse boom heeft gekregen. We rijden langs verschillende laguna's, meren in alle kleuren en maten. Laguna's zonder naam, Laguna Verde, Laguna Blanca, Laguna Colorado. Dit laatste een prachtig rood meer waar honderden roze flamingo's worden aangetrokken door de rode algen. Het is aan de oever van dit laatste meer dat we overnachten. We krijgen ditmaal een bijzonder primitieve hut ter beschikking. Geen electriciteit, geen waterleiding. Het is bitter koud en we zijn blij dat we na een eenvoudig avondmaal en een ultieme groet aan de sterrenhemel en schitterende melkweg in onze slaapzak kunnen duiken. Morgen loopt de wekker af om vijf uur. Dag 235Posted on 5/8/2006 at 01:00 - 0 Comments - Post Comment - LinkZaterdag, 29 juli 2006.
We vertrekken voor een driedaagse rondrit in de zoutvlakte van Uyuni (de Salar de Uyuni). Twee Belgen, twee Zweden, twee Australiers (die slechts een dag meegaan) en nog een Duitser nemen plaats in een Toyota Landcruiser. De Duitser denkt de ideale plaats te hebben gevonden naast de chauffeur, maar vooraleer het dorp te verlaten wordt er nog een kookmoeder opgepikt (blijkt de echtgenote te zijn van de chauffeur) en met haar geschatte 120 kilo is de pret er af voor de arme man. Hij raakt in verdrukking op de voorste bank en heeft de meeste last van de minder aangename geuren die zij (en onze chauffeur) afgeeft. Even buiten Uyuni wordt er gestopt aan wat ze hier een openluchtmuseum noemen. Een verzameling oude locomotieven en treinstellen. Alles zit onder het roest. Ik denk dat ze de hele troep beter als oud ijzer verkopen aan de Chinezen, zo heeft iedereen er nog wat aan. En na korte tijd bereiken we de immense, 12000 km2 grote zoutvlakte. Deze vlakte maakte deel uit van een enorm voorhistorisch meer dat deels opdroogde. Met schop en houweel worden lagen zout op vrachtwagens geladen. Per 100 kg krijgen ze er welgeteld een Boliviano (0,4 euro) voor. Zover je kan kijken een witte vlakte, ongelooflijk mooi. Na enkele uren lunchen we aan de voet van de vulkaan Tunupa, 5500 meter om de tocht te vervolgen tot Isla de Pescadores. Een eiland in de zoutvlakte. Het speciale aan deze massieve rotsblok is de begroeiing. Tot twaalf meter hoge cactussen staan indruk te maken en zorgen voor ongelooflijke kiekjes. Tegen vijf uur bereiken we ons eerste onderkomen. Het is een hotelletje, volledig in zout opgetrokken. De muren, plafonds, het dak, alles in zout. Geeft een speciale sfeer binnenin en isoleert uitstekend. De kookmoeder is in actie geschoten en bij kaarslicht genieten we van een eenvoudig maar lekker avondmaal.
Dag 233Posted on 2/8/2006 at 03:47 - 1 Comments - Post Comment - LinkDonderdag, 27 juli 2006.
De bus van negen uur, die om tien uur vertrekt, voert ons naar La Paz. We volgen nog even de boorden van het meer en blijven in bewondering voor de prachtige natuur. Naarmate we La Paz naderen, krijgen we weer meer bergen en in de verte de besneeuwde toppen van 6000-ers die de stad omringen. Maar we krijgen ook weer de schrijnende armoede, de vervuiling en de deprimerende sfeer die de buitenwijken van La Paz kenmerken. We stappen over op een andere bus die ons naar Oruro brengt. We hebben daar niets te zoeken, maar het is zowat de enige mogelijkheid om op onze uiteindelijke bestemming, Uyuni, te geraken.
Dag 232Posted on 2/8/2006 at 03:37 - 0 Comments - Post Comment - LinkWoensdag 26 juli 2006.
Terug naar Bolivie. Iets in ons achterhoofd (kennen we die naam van een of ander bekend lied?) maakt ons nieuwsgierig en wij beslissen om Copacabana te bezoeken. Een gezellig klein dorpje aan het Titicacameer waar we heerlijke trucha (forel) eten, rondkuieren in de sympathieke straatjes waar jonge mensen van allerlei slag juweeltjes, armbanden, en andere snuisterijen fabriceren en proberen te verkopen. Dit plaatsje is maar een tussenstop, maar een langer verblijf had ons zeker kunnen bekoren. Dag 231Posted on 2/8/2006 at 03:20 - 0 Comments - Post Comment - LinkDinsdag, 25 juli 2006.
Na een ontbijt met pannenkoeken nemen we de boot naar een naburig eilandje. Taquile, een kilometer breed en zes lang. We wandelen van het ene eind naar het andere en krijgen prachtige panorama's te zien van het meer. Halverwege houden we halt op de Plaza waar de voor dit eiland typische gebreide mutsen worden verkocht maar vooral kleur geven , terwijl folkloristische groepen in kleurrijke klederdracht het plein onveilig maken met hun primitieve dans en verschrikkelijke muziek, voortgebracht door pan- en andere fluiten. Volgens ons moet er nog veel geoefend worden.
Vanop het hoogste punt van het eiland bewonderen we het meer met alle schakeringen blauw, terwijl we genieten van een lekkere Titicaca-forel. Een moeilijke afdaling naar de boot en weg zijn we voor nog eens 3,5 uur varen onder een ongenadige zon. We bereiken Puno rond 17 uur waar ons een onaangename verrassing wacht. Onze hotelkamer is doorverhuurd en we kunnen op zoek naar een alternatief. Dag 230Posted on 2/8/2006 at 02:53 - 0 Comments - Post Comment - LinkMaandag, 24 juli 2006.
Eerste dag op het Titicacameer. Het Titicacameer ligt op een hoogte van 3800 meter en is daarmee het hoogstgelegen bevaarbare meer ter wereld. Een immense waterplas van 230 op 100 km. Het vormt voor een deel de grens tussen Peru en Bolivie, een denkbeeldige lijn die het meer ongeveer middendoor snijdt. Onze vrij trage boot meert na ongeveer een uur varen aan op het eerste Isla Flotante (Wynipa Totora). Zo zijn er een vijfentwintigtal waarop in totaal ongeveer 2.000 mensen leven.
Het was de Uros stam die eeuwen geleden zijn vlottend bestaan is begonnen in een poging zich te isoleren van de agressieve Collas en Incas. Vandaag leven ze van de jacht op watervogels en van visvangst, maar vooral van toerisme. Om de eilandjes te bouwen wordt gebruik gemaakt van de wortelbasis die in de uitgestrekte rietvelden in blokken worden gezaagd. Die blokken worden met touw aaneen gebonden en daarop worden de rietstengels (geschranst) gelegd tot er een stevige dikke mat ontstaat. Het eilandje wordt op de vier hoeken met lange stokken "verankerd". De mensen leven in kleine hutten, van hetzelfde riet gemaakt. Ook hun bootjes zijn gemaakt van hetzelfde totora-riet en moeten om de zes maand vervangen worden, zoals ook de rieten bodem waarop ze een "verend" bestaan leiden regelmatig aan vervanging toe is. Het is een zeer primitieve en harde manier van leven.
Na een kort bezoek aan deze mensen, gaat de tocht verder naar eiland Amantani (een echt eiland), waar we ontvangen worden door mevrouw Sebastiana, die ons naar haar huisje en familie leidt waar we de volgende nacht zullen doorbrengen. We zijn plotseling 100 jaar terug in de tijd. Er is geen electriciteit, de keuken is een donker hol met open haardvuur dat alle muren zwartgeblakerd heeft. Bij aankomst begint zij het vuur op te stoken om het avondmaal te kunnen bereiden, maar het is er (voor ons) niet uit te houden van de rook. Er is geen deftige schouw en de rook moet zich een weg zoeken langs de deur en enkele uitsparingen in de muren. Als avondmaal krijgen we een bord voorgeschoteld waarop vijf soorten (ongeschilde) aardappelen en wat groenten. Niet direct onze voorkeur, maar de groentesoep die er aan voorafging was uitzonderlijk lekker. We trekken ons terug in onze slaapkamer waar we bij kaarslicht nog genieten van een lekkere kruidenthee en voor het slapengaan trotseren we de kou om de uitbundige sterrenhemel met melkweg te bewonderen. Een fenomeen waar we thuis spijtig genoeg van verstoken blijven. Dag 234Posted on 2/8/2006 at 01:56 - 0 Comments - Post Comment - LinkVrijdag, 28 juli 2006.
Oruro is een ongelooflijk drukke stad, maar we worden vooral getroffen door de armoedige omstandigheden. Op en rond de klassieke "Mercado", verdringt de menigte zich rond armtierige kleine winkeltjes terwijl in lompen gehulde mensen de hopen vuil proberen wegwerken. Met moeite vinden we een deftig restaurantje waar we in de late voormiddag ontbijt kunnen nemen. Het is hier zo koud dat vele zaken niet voor 11 uur de deuren openen. Om 15u30 vertrekt er een trein. Christa heeft genoeg van de gammele bussen en de urenlange ritten. Bestemming is Uyuni.
De Expresso Del Sur trekt zich langzaam op gang en in slakkengang kruist hij een aantal onbewaakte overwegen tot hij een deprimerend Oruro achter zich laat. De drukte van de stad wordt bruusk vervangen door een onmetelijke vlakte. Van begroeiing is nauwelijks sprake. Verspreide dotten verdroogd, ruw gras geven het oppervlak een gelige schijn. Aan de horizon maken ronde heuvelruggen een einde aan deze troosteloze vlakte. Kilometers verder gaat deze droogte langzaam over in waterland. Eerst enkele plassen, dan grotere, tot de trein tenslotte door een heus meer rijdt. Eenden en andere watervogels vluchten in immense rietvelden. Hele zwermen prachtige flamingo's schrikken op en vluchten naar veiliger oorden. Even plotseling als deze ondiepe plas verscheen, gaat hij terug op in droogte en dorheid. Kleurloze graspollen komen in de plaats en worden wat later verdrongen door plakken mos. De heuvelruggen komen dichterbij, de vallei wordt smaller. De Expresso vermindert zijn snelheid, een dorpje komt in zicht. Een nederzetting zonder betekenis. Een paar tientallen armtierige huisjes, opgetrokken in de hier zelf gefabriceerde modder-met-stro stenen. Rieten daken benadrukken de armoede. De snelheid gaat weer de hoogte in. Opnieuw droogte, troosteloze eentonigheid. Kudden schapen en koeien geven enige kleur aan het landschap. Dan weer een dorpje, nog armoediger, troostelozer. Wat zouden mensen in dit niemandsland komen zoeken? Urenlang hetzelfde scenario tot we om 10 uur Uyuni bereiken. Snel een hotel opzoeken en vluchten voor de kou. Dag 228Posted on 28/7/2006 at 19:30 - 0 Comments - Post Comment - LinkZaterdag 22 juli 2006.
Een rustige dag in Arequipa. Zonnen op de Plaza, drukke straatjes bewandelen waarbij we een prachtig, modern winkelcentrum ontdekken. Staat vol met kunstige en oogverblindende ambachtelijke creaties: keramiek, wandtapijten, beeldhouwwerken, textiel.... Een geweldig mooi interieur dat fel contrasteert met de armoede buiten.
Morgen gaan we naar Puno. Dag 227Posted on 28/7/2006 at 19:14 - 0 Comments - Post Comment - LinkDonderdag, 20 juli 2006.
We nemen de vroege trein van 5u45 tot Ollantaytambo. Daar is het rond acht uur vliegensvlug overstappen op een gammele bus die twee uur later in Cusco arriveert. Laat ontbijt, nog enkele uren van de mooie stad Cusco genieten en om 20 uur nemen we de bus naar Arequipa. De krappe ruimte belet ons de slaap te vatten en het wordt een lastige rit naar Arequipa waar we om vijf uur 's morgens toekomen. Enkele vooropgestelde hostals zitten vol en we zien ons genoodzaakt een donker en ongezellig alternatief te betrekken. Terwijl Christa nog enkele uren slaap inhaalt, houd ik het bij wat thee en lectuur tot de stad volledig is ontwaakt.
Ik wil haar enkele bijzondere plaatsen niet onthouden en we bezoeken achtereenvolgens het "Museo Santuarios Andinos" waar Juanita nog steeds bevroren ligt, de kathedraal, de Iglesia de La Compania en om af te sluiten de "Monasterio de Santa Catalina". Nog altijd even mooi en stil. Volgens een gidse, werden in de vroegste jaren van het bestaan van dit klooster enkel de dochters van kapitaalkrachtigen aanvaard. Er moest dus goed afgedokt worden om van je dochter af te raken, maar vanaf het tweede kind werd er een forse korting toegekend en bovendien werden je zonden (ook de toekomstige?) vergeten en vergeven. Het was dus een geruststellende investering die je toeliet om vanaf dan de teugels te vieren. Dag 229Posted on 28/7/2006 at 02:36 - 0 Comments - Post Comment - LinkZondag, 23 juli 2006.
De bus van acht uur voert ons naar Puno waar we om 13 uur toekomen. Een eerder vuil, onverzorgd stadje aan het Titicacameer. Een (1) winkelstraatje waar alle reisagentschappen en restaurantjes zich groeperen moet Puno enig cachet geven, maar het is een troosteloze boel.
Wij boeken hier een tweedaagse naar het Titicacameer en wachten verder verveeld op het einde van de dag.
Dag 224Posted on 22/7/2006 at 21:49 - 1 Comments - Post Comment - LinkMaandag, 17 juli 2006.
In de voormiddag bezoek aan het "Museo de Arte Precolombino". Een nog recent opgericht museum, ondergebracht in een prachtig wit koloniaal gebouw, dat een overzicht geeft van kunst- en gebruiksvoorwerpen van over heel Peru en de opeenvolgende culturen. Het betreft een 500-tal stukken die overgebracht zijn van het al even interessante Larco Museum in Lima (zie vroeger). In de namiddag laten we ons rondleiden naar diverse bezienswaardigheden in en rond Cusco. Eerste halte is Coricancha. Een inca-ruïne waarvan de fundamenten zijn gebruikt om de "Iglesia Santo Domingo" op op te richten. Coricancha betekent "Gouden Tuin". Oorspronkelijk een inca-tempel die volledig met goud was bekleed. Maar de Spanjaarden hebben ook deze tempel niet gespaard en enkel een aantal fundamenten zijn gevrijwaard gebleven en laten zien op welke perfecte manier de inca's hun gebouwen optrokken. Alle stenen passen precies ineen zonder gebruik te maken van mortel of cement. Met moeite zie je waar de ene steen overgaat in de andere. Indrukwekkende techniek.
Vandaar gaat het naar de kathedraal. Een reusachtig pompeus gebouw in alle mogelijke stijlen, waarvan alleen het in cederhouten koor kan bekoren.
Veel interessanter is de immense ruïne van "Sacsayhuaman", een moeilijke naam die door toeristen gemakshalve wordt vertaald als "sexywoman". Het ganse complex is opgetrokken met reusachtige, doch weer nauwkeurig afgewerkte stenen. De grootste weegt niet minder dan 300 ton. God mag weten hoe de inca's er in geslaagd zijn om die tot hier te brengen en op te stapelen.. Het kan niet anders of het moet bloed, zweet en tranen gekost hebben. Cusco werd oorspronkelijk gebouwd in de vorm van een poema, een van de inca-symbolen. Sacsayhuaman was een fort dat het hoofd van de poema voorstelde. Deze plaats was ooit het strijdtoneel tussen inca's en Spanjaarden, waarbij Manco Inca de strijd verloor en zich moest terugtrekken naar Ollantaytambo. Deze slag eiste duizenden doden, waaraan zwermen condors zich tegoed kwamen doen. Uit dankbaarheid (?) voor hun opruimingswerk heeft Cusco acht condors opgenomen in het wapenschild van de stad. Dag 225Posted on 22/7/2006 at 21:24 - 0 Comments - Post Comment - LinkDinsdag, 18 juli 2006.
Met beperkte bagage vertrekken we voor wat een van de hoogtepunten moet worden. Een toeristenbus voert ons door de "Valle Sagrado" met een eerste stop in Pisaq. We zijn geïmponeerd door een mooie mercado waar in talloze kleine winkeltjes de grootste verscheidenheid aan textiel en snuisterijen te koop worden aangeboden. Christa kijkt met afschuw naar de "cuy", de guinese biggetjes die in al hun glorie aan het spit worden geroosterd. De club van vegetariërs ziet zijn ledenaantal groeien. 600 meter boven Pisaq, op een steile heuvel, torent de Inca-citadel. Een complex van terrassen, tempels, watersystemen en ceremoniële baden. Niet te vergeten de onvermijdelijke "Intihuatana", de tempel van de zon. In de buurt van dit complex lagen honderden graven, allemaal leeggeroofd en nu deel uitmakend van prive-collecties en/of verkocht op de zwarte markt.
Vandaar gaat het over Urubamba naar Ollantaytambo. Boven Ollantaytambo ligt een massief en spectaculair Inca-complex. Reusachtige terrassen (+/- 200 meter hoog). Ernaast een trap die leidt naar de forten erboven. Ook hier hebben duizenden arbeiders reusachtig grote stenen naar boven gesleept om deze prachtige tempels en forten te bouwen. Aan de overkant van de smalle vallei, op een steile rotswand, staan graanschuren, uitkijkposten en zelfs een gevangenis, practisch nog volledig intact. Het dorpje zelf dateert uit de 13e eeuw en is een voorbeeld van hoe inca's hun dorpen bouwden. Smalle straatjes met nog allemaal oorspronkelijke inca-gevels. Zeer, zeer mooi en pittoresk. Maar de armoede druipt er af. We voelen ons een beetje gluurders, indringers. 's Avonds nemen we de trein naar Agua Calientes, de poort naar Machu Picchu. Dag 223Posted on 22/7/2006 at 18:38 - 0 Comments - Post Comment - LinkZondag, 16 juli 2006.
Een goede nachtrust en een hoogteverschil van ongeveer 600 meter (La Paz 4000, Cusco 3400) doen wonderen. De patiënt is er helemaal bovenop. De voormiddag wordt besteed aan de voorbereiding en afspraken van en voor de komende dagen. In de namiddag kuieren we rond in Cusco, genieten van de zon en de rust op en rond de Plaza de Armas. Een ruim, mooi open plein dat discreet omringd is door mooie koloniale gebouwen en een imposante kathedraal, die we niet bezoeken. We brengen wel een bezoek aan de "Iglesia de la Compania", die ook uitkijkt op de Plaza. Een met goud(blad) overladen interieur waarmee de Jezuieten indruk wilden maken op de toenmalige bisschop van Cusco. Bij ons pakt dat niet. 's Avonds wandelen we omhoog naar San Blas, een gezellige wijk met smalle, originele straatjes. Tientallen gevels van gebouwen zijn gebouwd op de oorspronkelijke Inca-fundamenten, ttz grote ongelijke en veelhoekige stenen die perfect in mekaar passen en onverwoestbaar zijn, zelfs aardbevingen trotseren. Vanaf het hoogste punt op San Blas krijgen we een prachtig panorama van Cusco by night. Samen met Johan Verminnen hebben we er eerst nog de zon zien ondergaan. Dag 226Posted on 22/7/2006 at 18:36 - 0 Comments - Post Comment - LinkWoensdag, 19 juli 2006.
Machu Picchu, het mekka van Peru. Diegenen onder jullie die ons zijn voorgegaan zullen het kunnen beamen: ontroerend mooi. Hoog in de bergen, op 2.400 meter boven zeeniveau, sta je perplex bij de eerste aanblik. En ook nog daarna, de ganse dag verwondering, bewondering! Een prachtig complex, gebouwd op een plateau omringd door steile bergen. De perfecte plaats om te wonen, de inca's hebben het geweten. Machu Picchu is zo mooi dat woorden tekortschieten, dus....
Over Machu Picchu is weinig of niets bekend. Aangezien de inca's het schrift niet kenden en de Spaanse veroveraars deze plaats nooit ontdekt hebben, blijft het gissen omtrent het ontstaan en de geschiedenis van deze nu wereldberoemde en alomgekende mini-stad. Sommigen denken dat Machu Picchu op het einde van de incadynastie is gebouwd in een poging om de inca-cultuur onder Spaans bewind in stand te houden, terwijl anderen van mening zijn dat deze plaats reeds verlaten en vergeten was, lang voor de Spanjaarden binnenvielen. Maar iedereen is het er over eens dat deze plaats een belangrijk ceremonieel centrum moet geweest zijn. Dit leidt men af uit de uitzonderlijke en bijzondere manier waarop alle afzonderlijke bouwwerken zijn geconstrueerd. Het was in 1911 dat de Amerikaan Hiram Bingham de overwoekerde ruïne heeft ontdekt. Gedurende vele jaren daarop werd de site blootgelegd en gerestaureerd en kreeg Machu Picchu zijn prestige en grandeur terug. Machu Picchu is bereikbaar via de al even beroemde Incatrail waar fitte en moedige stappers vier dagen over doen. Inmiddels bestaan er al alternatieve routes die evenveel tijd in beslag nemen. Het is zelfs mogelijk om Machu Picchu te bereiken vanaf die andere - en in de toekomst misschien wel even beroemde site - nl. Choquequirao. De combinatie van deze twee inca-ruïnes moet enig zijn, maar enkel weggelegd voor de echte fanatiekelingen.
Wij kunnen ons moeilijk losmaken van deze betoverende omgeving en aangezien het verboden is om hier te kamperen, keren we in de late namiddag terug naar Agua Calientes. Agua Calientes bestaat enkel bij de gratie van Machu Picchu. Een pleintje, en de enkele straten waar je niets dan winkeltjes, restaurants en hostalletjes vindt. Niet te vergeten het treinstation, de enige mogelijkheid om dit plaatsje te verlaten richting Cusco via Ollantaytambo. Dag 222Posted on 17/7/2006 at 18:12 - 0 Comments - Post Comment - LinkZaterdag, 15 juli 2006.
Het is onze bedoeling terug te keren naar Peru en daar Cusco, Valle Sagrado en Machu Picchu te gaan bezoeken. De bus vertrekt met enige vertraging om 8u30 a.m. en voor Christa zal het een lange lijdensweg worden die pas zal eindigen om 21u30 in Cusco. Het genezingsproces duurt blijkbaar langer dan door de dokter vooropgesteld. Van eten kan geen sprake zijn, zelfs de medicijnen zijn niet binnen te houden en een "kotszakje" bewijst gouden diensten. Zo kan dit absoluut niet blijven duren en wij hopen dat er snel een kentering optreedt. Terwijl Christa onmiddellijk een warm bad en bed opzoekt, doe ik mij tegoed aan een eenzaam doch uitgebreid avondmaal. De bagage is quasi verdubbeld, dus ik zal maar voor twee eten. Dag 218Posted on 17/7/2006 at 01:57 - 0 Comments - Post Comment - LinkDinsdag, 11 juli 2006.
Er zit niets anders op dan wachten en nog wat rondkuieren in mijn favoriete straatjes in La Paz. Vanaf morgenvroeg komt Christa mij gedurende een maand gezelschap houden in Bolivie, zodat deze dag er een is van wachten en 's avonds op tijd onder de wol. Haar vlucht uit Miami komt nl. toe om 5u30 a.m. Dag 219 tot 221Posted on 17/7/2006 at 01:01 - 0 Comments - Post Comment - LinkWoensdag 12 tot vrijdag 14 juli 2006.
Stipt om 5u30 sta ik in de luchthaven, maar de vlucht heeft een klein half uur vertraging. Het is koud op dit vroege uur en een sterke koffie houdt me wakker en warm. Na aankomst en installatie in het hotel, beperken we ons tot het langzaam en voorzichtig verkennen van de omliggende straatjes. Alles gaat blijkbaar naar wens, maar tegen 's avonds steken de eerste tekenen van hoogteziekte de kop op. Christa heeft geweldige hoofdpijn gekregen, kan ook geen eten binnenhouden en het wordt voor haar een zeer lastige nacht. 's Anderendaags, donderdag, is er enige beterschap te bespeuren, maar het betreft een kortstondige opflakkering, want het gaat van kwaad naar erger. Uiteindelijk zien we ons verplicht er een dokter bij te roepen. Blijkt dat deze sympathieke man, geboren in Bolivie, de dubbele Boliviaanse-Belgische nationaliteit heeft en graag een boompje opzet over Brugge en omstreken. En last but not least, er alles aan doet om de inmiddels fel verzwakte patient er weer snel bovenop te helpen. Hij verzekert ons dat we tegen zaterdag zonder problemen onze reis kunnen aanvatten. Dag 210-215Posted on 11/7/2006 at 22:37 - 2 Comments - Post Comment - LinkMaandag 3 juli tot zaterdag 8 juli 2006.
En dan vertrek ik uit La Paz naar Sorata, voor een busrit die vijf uur zou mogen duren, maar door busdefecten allerhande, acht uur in beslag neemt. De bus zelf zal er wel debet aan zijn, maar de archi-slechte weg (in aanleg nota bene) zal er ook wel voor veel tussengezeten hebben. Twee elementen waar ik in Bolivië mee zal moeten leren leven. Iedere verplaatsing heeft hier zo zijn onverwachte obstakels. Sorata is een klein bergdorpje in een wondermooie omgeving. Zo ruig en wijds heb ik het nog nergens gezien. Het dorpje ligt op 2.700 meter, omringd door talloze besneeuwde bergtoppen, allemaal uitstijgend boven de 6.000 metergrens. Rust, rust, rust.
Die rust is meegenomen, maar daarvoor ben ik niet gekomen. Er staat een vijfdaagse bergtocht op het programma. Een zestal Israeli's hebben op dezelfde dag hetzelfde plan opgevat, maar het agentschap raadt mij af om mij daar bij aan te sluiten. Later zal hun grote gelijk bewezen worden. Dus ben ik alleen met Samuel, mijn gids en zijn muilezel. Een wondermooie, eenzame en intens zware tocht brengt ons van 2.700 meter naar 4.200, naar 5.000 en tenslotte langs bergmeren en gletsjers tot een voor mij ongekende hoogte van 6.380 meter. Het hoogste dat ik ooit zal bereiken? De laatste etappe is werkelijk slopend, maar ik heb een gids die het tempo perfect regelt. Dank zij zijn raadgevingen en motiverende woorden ben ik nooit in al te grote problemen, maar het doet pijn. De hoogte eist zijn tol en het is een lange dag evenwicht houden tussen tempo en ademhaling. De muilezel is in het kamp op 5.000 meter achtergebleven, waar we zelf ook onmiddellijk na het bereiken van de top naar terugkeren. Dalen is uiteraard minder vermoeiend, maar knieën en enkels krijgen het zwaar te verduren. 's Avonds, vanaf vijf uur wanneer de zon ondergaat, wordt het vrieskoud. Van de kou en de vermoeidheid kan ik de door Samuel bereide soep amper naar mijn mond krijgen. Met al mijn kleren aan kruip ik in mijn ijskoude slaapzak waar ik nog een uur lig te rillen. 's Nachts word ik wakker voor een sanitaire uitstap (ik heb weer wat diarree opgedaan, waarschijnlijk van water uit het bergmeer) en mijn slaapzak is bedekt met fijne ijsdruppels. En in uw bloot gat buiten, nodigt allerminst uit om lang te blijven zitten, de vele sterren en schitterende melkweg aan de hemel ten spijt. 's Morgens doet alles zeer, voeten en knieën van de voorbije dag, mijn rug en heupen van de weinig confortabele slaaphouding 's nachts. Dag vier en vijf dalen we af naar Sorata waar ik onmiddellijk de zeer warme douche opzoek en minstens een half uur geniet. Nooit meer, denk ik. Maar eens het stof en de vermoeidheid is weggespoeld, is er weer plaats voor nieuwe uitdagingen. Maar niet voor morgen aub. |
![]() |
| Geld verdienen met je website ? - Meer bezoekers via Autosurf - Zelf ook een weblog maken? - Cursus verhalen schrijven - Statistieken gratis proberen |